6.2.2004   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

CE 33/232


(2004/C 33 E/238)

SCHRIFTELIJKE VRAAG E-2192/03

van Paulo Casaca (PSE) aan de Commissie

(2 juli 2003)

Betreft:   Zuivelanalysemethoden

Ik verzoek de Commissie om een bijgewerkte lijst van de bestaande communautaire wetgeving inzake analysemethoden en controletechnieken op het gebied van melk en zuivelproducten, in het bijzonder analysemethoden voor microbiologische opsporingen.

Antwoord van de heer Byrne namens de Commissie

(4 augustus 2003)

Bij analyses en tests die normaliter op melk en melkproducten uitgevoerd worden, worden enerzijds de veiligheid en anderzijds de kwaliteit en samenstelling gecontroleerd.

Voor de veiligheid van melk en melkproducten gelden momenteel de voorschriften van Richtlijn 92/46/EEG van de Raad van 16 juni 1992 tot vaststelling van gezondheidsvoorschriften voor de productie en het in de handel brengen van rauwe melk, warmtebehandelde melk en producten op basis van melk (1). Bepaalde referentiemethoden die bij de tests op de criteria uit de hierboven genoemde richtlijn te hanteren zijn, staan beschreven in Beschikking 91/180/EEG van de Commissie van 14 februari 1991 tot vaststelling van analyse- en testmethoden voor rauwe en voor warmtebehandelde melk (2). Nadat deze methoden in overeenstemming met de aanbevelingen van het communautair referentielaboratorium (CRL) voor de analyses en tests op melk en melkproducten in de beschikking voorgeschreven waren, is een aantal van deze methoden bijgesteld of door nieuwe technieken vervangen. Ter coördinatie van het onderzoek naar nieuwe analysemethoden en met het oog op de informatievoorziening over nieuwe ontwikkelingen op dit gebied moet dit laboratorium de nationale referentielaboratoria namelijk van gegevens en de meest actuele analysemethoden voorzien. De Commissie werkt momenteel tezamen met het communautair referen- tielaboratorium aan een voorstel tot wijziging van Beschikking 91/180/EEG, dat in de nabije toekomst ter goedkeuring aan de lidstaten zal worden voorgelegd. Dit voorstel wordt gebaseerd op de meest recente lijst van referentiemethoden, die door het communautair referentielaboratorium aanbevolen worden. Deze lijst wordt ter informatie naar de geachte afgevaardigde en het secretariaat van het Parlement gestuurd.

Exploitanten van levensmiddelenbedrijven mogen voorts bij routinetests met alternatieve analysemethoden werken, indien die methoden gelijkwaardige garanties opleveren en met behulp van de hierboven genoemde referentiemethoden gevalideerd zijn. Deze alternatieve methoden behoeven in de wetgeving van de Gemeenschap niet officieel geregistreerd te worden.


(1)  PB L 268 van 14.9.1992.

(2)  PB L 93 van 13.4.1991.