20.3.2004   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

CE 70/74


(2004/C 70 E/077)

SCHRIFTELIJKE VRAAG E-2065/03

van Maurizio Turco (NI), Marco Pannella (NI), Marco Cappato (NI), Benedetto Della Vedova (NI), Gianfranco Dell'Alba (NI) en Olivier Dupuis (NI) aan de Commissie

(20 juni 2003)

Betreft:   Acties van de Belgische politie op Nederlands grondgebied

Op vrijdag 26 april 2003 werd in Roosendaal (Nederland) een Italiaanse burger, die woonachtig is in België op het spoorwegstation aangehouden door een man in burger die zich vluchtig presenteerde als politieagent (zonder aan te geven uit welk land). Deze vroeg de aangehoudene of hij over een vervoersbewijs beschikte en verdovende middelen (cannabis) bij zich had. Op zijn bevestigend antwoord werd de aangehoudene verzocht in de trein naar Antwerpen-Berchem te stappen. Op dat moment was de aangehoudene omringd door tenminste 5 personen, allen in burger; vervolgens werd hij in de laatste wagon 1e klasse van de trein geplaatst. Terwijl de trein nog in het station stond, namen de agenten alle persoonlijke bezittingen van de Italiaanse burger in beslag, met inbegrip van 13,2 gram cannabis die enkele uren tevoren waren gekocht in een coffee-shop in Roosendaal voor de som van 50 EUR. Vervolgens werd de aangehoudene geboeid. Bij aankomst van de trein in het station Antwerpen-Berchem, om ongeveer 19.15 uur, werd de Italiaan overgenomen door de Belgische Rijkswacht en naar het politiebureau op het station Antwerpen-Centrum gebracht voor fouillering en ondervraging. Terwijl hij in de wachtkamer zat van het politiebureau waar een ondervraging plaatsvond, kon hij binnen kreten horen en geluiden die wezen op een heftige worsteling. Na ongeveer 15 minuten zijn er verplegers naar binnen gegaan die na ongeveer 15 minuten zijn vertrokken met de ondervraagde, die buiten kennis was en op een brancard lag. Volgens sommige politieagenten was er een ongeluk gebeurd toen de ondervraagde een mes trok. De Italiaanse burger werd vervolgens naar binnen geleid, waar hij zag dat een vrouwelijke agent bezig was een met bloed besmeurd vertrek schoon te maken. De aangehoudene is om 21.00 uur vrijgelaten na opmaking van een proces-verbaal.

Kan de Commissie meedelen:

op grond van welke overeenkomst leden van de Belgische politie dit soort acties kunnen uitvoeren op Nederlands grondgebied?

Of het legaal is dat de Belgische politie, op Nederlands grondgebied, iemand dwingt in een trein naar België te stappen om hem daarna te beschuldigen van internationaal transport van verdovende middelen en of het legaal is dat de Belgische politie een buitenlandse burger aanhoudt op Nederlands grondgebied voor een overtreding die in België strafbaar is, en wel op grond van het vermoeden dat deze voornemens is een overtreding te begaan?

Of zij over informatie beschikt over het „ongeluk” dat op 26 april 2003, om ongeveer 20.00 uur in het politiebureau Antwerpen-Centrum heeft plaatsgevonden?

Antwoord van de heer Vitorino namens de Commissie

(5 augustus 2003)

De Commissie deelt de geachte parlementsleden mede dat zij niet op de hoogte is van de incidenten waarnaar zij verwijzen in hun schriftelijke vraag. Bijgevolg kan de Commissie hierop geen commentaar geven.

Aangezien de Belgische politie blijkbaar bij de zaak betrokken is, heeft de Commissie de Belgische federale overheid op de hoogte gebracht van de vraag. De Commissie is van oordeel dat de geachte parlementsleden zich het best tot de Belgische overheid kunnen richten om meer informatie over deze zaak te verkrijgen.

De enige informatie die de Commissie op dit ogenblik kan verstrekken, is dat er samenwerkingsakkoorden bestaan tussen België en Nederland, op grond waarvan de politie van beide lidstaten controles kunnen uitvoeren op het grondgebied van de andere lidstaat, in het bijzonder in verband met de strijd tegen de drugshandel.