|
6.2.2004 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
CE 33/187 |
(2004/C 33 E/189)
SCHRIFTELIJKE VRAAG E-1901/03
van Carlos Ripoll y Martínez de Bedoya (PPE-DE) aan de Commissie
(11 juni 2003)
Betreft: Verwerkte tomaten
Naar mij is medegedeeld, heeft de Griekse regering in 2001 nationale middelen aangewend ter ondersteuning van producenten van verwerkte tomaten in het dorp Gastouni en in de prefectuur Ilias, ondanks het besluit van de EU om geen subsidies toe te kennen.
Is het de Commissie bekend dat er dergelijke subsidies zijn betaald?
Heeft de Griekse regering de Commissie officieel om een derogatie gevraagd?
Antwoord van de heer Fischler namens de Commissie
(28 juli 2003)
De Griekse autoriteiten hebben bij de Commissie geen staatssteunmaatregel over het door de geachte afgevaardigde genoemde onderwerp aangemeld.
De Gemeenschap verleent steun in verband met voor verwerking bestemde tomaten op grond van Verordening (EG) nr. 2201/96 van de Raad van 28 oktober 1996 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector verwerkte producten op basis van groenten en fruit (1), waarbij een steunregeling is ingesteld voor telersverenigingen die in de Gemeenschap geoogste tomaten leveren aan erkende verwerkers. Deze steunregeling is gebaseerd op contracten tussen, enerzijds, producenten verenigd in telersverenigingen die zijn erkend op basis van Verordening (EG) nr. 2200/96 van de Raad van 28 oktober 1996 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector groenten en fruit (1) en, anderzijds, verwerkers die door de bevoegde autoriteiten zijn erkend. De steun wordt betaald aan de telersverenigingen die deze op hun beurt betalen aan hun leden. De erkenning van telersverenigingen is een verantwoordelijkheid van de lidstaten die, overeenkomstig bovengenoemde verordeningen, een reeks criteria hebben vastgesteld waaraan telersverenigingen moeten beantwoorden om voor communautaire steun in aanmerking te komen.
De telersvereniging die in de vraag van de geachte afgevaardige wordt genoemd (A.S. Gastounis) is aanvankelijk door de Griekse autoriteiten erkend maar in een later stadium hebben de Griekse autoriteiten de Commissie ervan in kennis gesteld dat deze telersvereniging niet aan de minimumeisen voor erkenning beantwoordde. Het is in eerste instantie een taak van de Griekse autoriteiten om hieraan de nodige consequenties te verbinden.
Op het niveau van de Gemeenschap moeten de financiële consequenties van de niet-naleving van de voorwaarden, met name in verband met de betalingen door het Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de landbouw (EOGFL) aan de Griekse staat, nader worden onderzocht in de context van de goedkeuring van de rekeningen.
De Commissie is de geachte afgevaardigde zeer erkentelijk voor de verstrekte informatie. Naar aanleiding van de vraag heeft de Commissie ook ai contact opgenomen met de Griekse autoriteiten om na te gaan of de betrokken telersvereniging staatssteun ontvangt. De Commissie zal de geachte afgevaardigde over de uitkomst van dit vraagstuk op de hoogte houden.