|
13.3.2004 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
CE 65/60 |
(2004/C 65 E/063)
SCHRIFTELIJKE VRAAG E-1156/03
van Roberta Angelilli (UEN) aan de Commissie
(1 april 2003)
Betreft: Aanwending door de gemeente Ancona van de subsidies uit hoofde van het Europees Oriëntatie-en Garantiefonds voor de Landbouw
In september 2002 heeft het Comité van toezicht van het Italiaanse Ministerie van Economische Zaken een verslag ingediend over de besteding van de door de EU beschikbaar gestelde middelen.
Dit onderzoek heeft o.a. de verontrustende traagheid en het gebrek aan efficiency aan het licht gebracht waarmee bepaalde plaatselijke overheden de projecten toewijzen.
Ook de EG-Commissie heeft herhaaldelijk haar bezorgdheid uitgesproken over de onderbesteding van de Europese subsidies door de plaatselijke overheden.
Sommige plaatselijke overheden, zoals b.v. de gemeente Ancona, hebben de Europese subsidies hard nodig voor de verwerking en verkoop van de landbouwproducten en voor de ontwikkeling van het platteland.
Kan de Commissie, gezien bovenstaande overwegingen, mededelen:
|
1. |
of de gemeente Ancona projecten heeft ingediend in het kader van het EOGFL; |
|
2. |
of de gemeente Ancona subsidies voor dergelijke projecten heeft ontvangen; |
|
3. |
of deze subsidies gebruikt zijn? |
Gecombineerd Antwoord
van de heer Fischler namens de Commissie
op de schritftelijke vragen E-1034/03, E-1038/03, E-1041/03 en E-1156/03
(24 april 2003)
De gestelde vragen betreffen de aanwending van de kredieten uit het Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de Landbouw (EOGFL) door de gemeenten Ancona, Macerata en Pesaro. Het geachte parlementslid vraagt de Commissie met name mee te delen of de betrokken gemeenten projecten bij het EOGFL hebben ingediend, of zij voor die projecten subsidies hebben ontvangen en of die subsidies gebruikt zijn.
In het gewest Marche neemt het EOGFL, afdeling Garantie, deel in de financiering van het plattelandsontwikkelingsprogramma voor de periode 2000/2006 dat is goedgekeurd bij Beschikking nr. C(2000)2726 van de Commissie van 26 september 2000. Het plattelandsontwikkelingsprogramma betreft het volledige grondgebied van het gewest, met uitzondering van twee steunmaatregelen die alleen ten uitvoer worden gelegd in de gebieden die niet in aanmerking komen voor steun in het kader van doelstelling 2. Het gaat om maatregelen betreffende de renovatie en de ontwikkeling van dorpen en de verbetering van de infrastructuur ten behoeve van de ontwikkeling van de landbouw, op grond waarvan de gemeenten Macerata en Pesaro projecten kunnen indienen aangezien zij niet vallen onder de gebieden van doelstelling 2. De gemeenten Ancona, Macerata en Pesaro kunnen projecten indienen in het kader van de overige maatregelen van het plattelandsontwikkelingsprogramma aangezien overheidsorganisaties wel in aanmerking komen voor die steun.
Het EOGFL, afdeling Oriëntatie, neemt deel in de financiering van het communautaire programma Leader+ voor de periode 2000-2006, dat is goedgekeurd bij Beschikking nr. C(2001)4144 van de Commissie van 13 december 2001. Voor de toepassing van dit programma heeft het gewest Marche een aantal criteria vastgesteld voor de selectie van plattelandsgebieden, overeenkomstig de bepalingen van de mededeling van de Commissie aan de lidstaten van 14 april 2000 (1): op grond van deze criteria komen de gemeenten Ancona, Macerata en Pesaro niet in aanmerking voor het communautaire initiatief Leader+, aangezien de bevolkingsdichtheid groter is dan op grond van de mededeling is toegestaan.
De Commissie heeft de hierboven vermelde programma's goedgekeurd nadat zij had geconstateerd dat aan de desbetreffende communautaire voorschriften was voldaan; het praktische beheer valt onder de verantwoordelijkheid van de lidstaten, op het daartoe meest geschikte geografische niveau. De bevoegde nationale en/of regionale autoriteiten moeten de programma's ten uitvoer leggen, waarbij zij met name moeten zorgen voor de selectie van de projecten die worden voorgesteld door potentiële begunstigden die aan de subsidiabiliteitsvoorwaarden voldoen en een steunaanvraag indienen. De Commissie wordt van de wijze waarop van het Fonds gebruik wordt gemaakt in het kader van het partenariaat, op de hoogte gehouden via de eindrapporten over de betrokken programma's en eventueel door de toezichtscomités waarvan zij deel uitmaakt. De inlichtingen die worden medegedeeld in de vorm van financiële en fysieke indicatoren betreffende het toezicht alsmede de elementen betreffende de evaluatie hebben evenwel geen betrekking op individuele gevallen van steunverlening, aangezien de Commissie op grond van het subsidiariteitsbeginsel niet bevoegd is om zich daarover uit te spreken.
De Commissie verzoekt het geachte parlementslid derhalve zich te wenden tot het gewest Marche, Assessorato all'Agricoltura, voor verdere inlichtingen over eventuele begunstigden van de steun in het kader van bovengenoemde programma's, in het bijzonder tot de gemeenten Ancona, Macerata en Pesaro.
(1) Mededeling van de Commissie aan de lidstaten van 14 april 2000 tot vaststelling van de richtsnoeren voor het communautaire initiatief voor plattelandsontwikkeling (Leader+), 2000/C 139/05, PB C 139 van 18.5.2000.