92003E0482

SCHRIFTELIJKE VRAAG E-0482/03 van Graham Watson (ELDR) aan de Commissie. Bijvangst van walvisachtigen.

Publicatieblad Nr. 242 E van 09/10/2003 blz. 0135 - 0136


SCHRIFTELIJKE VRAAG E-0482/03

van Graham Watson (ELDR) aan de Commissie

(20 februari 2003)

Betreft: Bijvangst van walvisachtigen

Is de Commissie op de hoogte van de penibele situatie van de walvisachtigen die bij het vissen op zeebaars met spannetten hoofdzakelijk in het Kanaal worden gevangen? Sinds begin januari zijn er al meer dan 120 dolfijnen aangespoeld op de stranden van mijn kiesdistrict.

Een beperkt observatieprogramma op initiatief van het Britse Ministerie van Milieu, Voedsel en Plattelandszaken in 2001 heeft aangetoond dat de dolfijnen vooral worden bovengehaald als bijvangst van zeebaars, als luxeproduct en niet als basisvoedingsmiddel.

Als er geen actie wordt ondernomen, zullen de walvisachtigen voor onze kusten uitsterven. Op dit moment worden zij onnodig gedood om aan de vraag naar luxevoedingsmiddelen te voldoen.

Tijdens mijn ontmoeting met de heer Fischler in het najaar verzekerde hij mij ervan dat de Commissie op het punt stond stappen te ondernemen. Welke maatregelen zijn sindsdien genomen? Welke stappen denkt de Commissie te ondernemen om het vissen op zeebaars met spannetten te reguleren? Als er geen aanvaardbare regeling komt, zal de Commissie dan het vissen met spannetten verbieden tot de nodige maatregelen zijn getroffen?

Wanneer zal de Commissie zorgen voor een observatieprogramma voor de spanvisserij in internationale wateren?

Antwoord van de heer Fischler namens de Commissie

(25 maart 2003)

De Commissie is zich sterk bewust van het probleem van dode dolfijnen die aanspoelen op de stranden van lidstaten, in het bijzonder in deze winterperiode in het zuiden van het Verenigd Koninkrijk.

Wat betreft zijn vragen met betrekking tot mogelijke maatregelen voor het reguleren van spannetvisserij op zeebaars, of, in breder opzicht, voor het aanpakken van het probleem van niet-bedoelde vangsten van walvisachtigen in de visserij, zou de Commissie het geachte parlementslid willen verwijzen naar haar antwoord op schriftelijke vraag P-0500/03 van de heer Davies(1).

De prioriteit van het optreden van de Commissie gaat uit naar het aanpakken van het probleem van de bijvangst van walvisachtigen in de zeewateren die grenzen aan het Europese grondgebied van de Unie. De geografische omvang van de in behandeling zijnde voorstellen zal afhankelijk zijn van de betrokken visserijactiviteit, de hoeveelheid beschikbare informatie over de mogelijke gevolgen ervan op walvisachtigen, en het soort maatregel dat wordt voorgesteld.

Op basis van de informatie die in dit stadium beschikbaar is over niet-bedoelde vangsten van walvisachtigen kent de Commissie echter geen hoge prioriteit toe aan het installeren van controleurs op communautaire vaartuigen die gebruikmaken van spantrawlers in internationale wateren. Indien een maatregel als deze zou worden overwogen, zou deze bovendien profiteren van internationale coördinatie in het kader van de regionale visserijorganisatie waaronder de betrokken open zee valt.

(1) PB C 222 E van 18.9.2003, blz. 209.