92002E3742

SCHRIFTELIJKE VRAAG P-3742/02 van Gabriele Stauner (PPE-DE) aan de Commissie. Belangenconflicten.

Publicatieblad Nr. 161 E van 10/07/2003 blz. 0136 - 0137


SCHRIFTELIJKE VRAAG P-3742/02

van Gabriele Stauner (PPE-DE) aan de Commissie

(12 december 2002)

Betreft: Belangenconflicten

Kan de Commissie bevestigen dat de in Luxemburg gevestigde onderneming Eurocost asbl betrokken is bij ernstige onregelmatigheden (balansmanipulatie, dubbele en drievoudige financiering van projecten, diefstal van computerapparatuur), die een schade van meer dan 1 miljoen euro ten laste van de communautaire begroting hebben veroorzaakt? Kan de Commissie bevestigen dat deze onregelmatigheden al begin 2000 zijn ontdekt bij een controle door ambtenaren van het Directoraat-generaal Audit van de Commissie, maar dat de Luxemburgse justitie pas in de zomer van 2002 is ingeschakeld?

Kan de Commissie meedelen wanneer het desbetreffende rapport van DG Audit precies is voorgelegd aan de voor de financiële controle verantwoordelijke commissaris en welke stappen zij naar aanleiding daarvan heeft ondernomen? Kan de Commissie een kopie van het rapport van DG Audit aan het Parlement doen toekomen?

Kan de Commissie bevestigen dat de directeur-generaal van Eurostat medeoprichter en voormalig voorzitter van Eurocost asbl was en dat hij ervoor heeft gezorgd dat Eurocost gedurende meer dan tien jaar subsidies uit de communautaire begroting heeft ontvangen?

Kan de Commissie meedelen of het actieve lidmaatschap van een directeur-generaal van de Commissie in een vereniging die aanzienlijke subsidies uit de communautaire begroting ontvangt, verenigbaar was met haar voorschriften inzake het vermijden van belangenconflicten? Zal de Commissie de voor de belastingbetaler ontstane schade verhalen op de directeur-generaal van Eurostat? Was de directeur-generaal van Eurostat ook betrokken bij andere ondernemingen of verenigingen die subsidies uit de communautaire begroting hebben ontvangen? Zo ja, welke?

Antwoord van de heer Solbes Mira namens de Commissie

(17 februari 2003)

Een audit die op gezamenlijk initiatief van de dienst Interne audit van Eurostat en DG Financiële controle (in die tijd DG Audit) is opgezet en in het eerste kwartaal van 2000

is uitgevoerd, heeft aangetoond dat diverse vermeende onregelmatigheden hebben plaatsgevonden in verband met de uitvoering van overeenkomsten inzake subsidies uit de Gemeenschapsbegroting voor de berekening van intracommunautaire en extracommunautaire correctiecoëfficiënten. Conclusie van de audit was dat de Commissie een inningsopdracht ten bedrage van 1 009 016 EUR moest verstrekken. De inningsopdracht is op 19 mei 2000 verstrekt. Zij staat nog steeds open omdat de vereffening van Eurocost asbl nog niet is beëindigd.

Het auditverslag van Eurostat is op 28 maart 2000 uitgebracht en op 31 maart 2000 door de directeur-generaal van Eurostat aan OLAF toegezonden.

Met het oog op het lopende strafrechtelijke onderzoek in Luxemburg wenst OLAF in dit stadium geen commentaar te leveren.

De procedures van DG Audit voorzagen in toezending van verslagen betreffende de controle op communautaire subsidies aan de bevoegde directeur-generaal en, in geval van vermoeden van fraude, aan OLAF. Er was geen voorschrift tot algemene toezending aan de voor de financiële controle verantwoordelijke commissaris. In het geval van het door DG Audit opgestelde Eurocostverslag heeft de toezending aan DG Estat en OLAF op 10 april 2000 plaatsgevonden.

De Commissie zendt verslagen van interne audits niet automatisch toe aan het Parlement, maar een formeel verzoek van het Parlement zou overeenkomstig de bestaande regels en procedures worden behandeld.

De Commissie bevestigt dat de directeur-generaal van Eurostat stichtend lid van Eurocost asbl was en gedurende het tweede semester van 1989 in zijn hoedanigheid van directeur-generaal van Eurostat voorzitter was.

Eurocost werd opgericht ingevolge het besluit van de Commissie om de correctiecoëfficiënten uit te breiden tot alle landen waar ambtenaren van de Commissie zijn aangesteld, zonder echter extra menselijke hulpbronnen voor deze taak beschikbaar te stellen.

Deze taak werd door middel van subsidies gefinancierd teneinde overeenkomstig het statuut de productie van intracommunautaire en extracommunautaire correctiecoëfficiënten te garanderen.

In een Mededeling van de Commissie van 22 juli 1998(1) werden de op dergelijke entiteiten toepasselijke regels gespecificeerd.

Eurostat volgde de mededeling van de Commissie op en in de begin 1999 met Eurocost gesloten subsidieovereenkomst werd uitdrukkelijk bepaald dat het de laatste jaarlijkse subsidie betrof.

Na een aantal risico's in verband met haar deelneming aan privaatrechtelijke organisaties te hebben onderkend, heeft de Commissie in haar op 16 november 1993 goedgekeurde mededeling(2) richtsnoeren goedgekeurd om een dergelijke deelneming te controleren. Na de goedkeuring van deze richtsnoeren werd een inventaris van de deelneming van de Commissie aan privaatrechtelijke organisaties opgesteld en werden alle bestaande situaties geval per geval onderzocht. Aan het eind van deze werkzaamheden heeft de Commissie enerzijds besloten de voortzetting van de deelneming van het Bureau voor de statistiek aan Eurocost toe te staan, en anderzijds ook deze deelneming geleidelijk te beëindigen (Besluit van de Commissie van 17 oktober 1995(3)). De directeur-generaal van Eurostat heeft in april 1997 zijn functie in Eurocost asbl neergelegd.

Op basis van de in dit stadium beschikbare informatie is er geen verband tussen de functie van de directeur-generaal van Eurostat en de vermeende onregelmatigheden die door Eurocost asbl zouden zijn gepleegd.

Als stichtend lid van Eurocost asbl werd de directeur-generaal van Eurostat tot 1997 uitgenodigd op en heeft hij deelgenomen aan de algemene vergadering van Eurostat asbl. Hij vervulde geen beheerstaak in Eurocost asbl.

De directeur-generaal van Eurostat was lid van CESD-Communautaire (Centre européen de formation des statisticiens économistes des pays en voie de développement) in zijn hoedanigheid van directeur-generaal van Eurostat, samen met de directeuren-generaal van de nationale statistiekbureaus van de lidstaten. Hij heeft tot 1997 aan de algemene vergadering van CESD-Communautaire deelgenomen. In diezelfde hoedanigheid van directeur-generaal van Eurostat was hij stichtend lid van en heeft hij tot 2000 deelgenomen aan CESD-Madrid, Lissabon en Rome.

(1) SEC(98) 1217.

(2) SEC(94) 389.

(3) SEC(95) 1684.