92002E3514

SCHRIFTELIJKE VRAAG E-3514/02 van Paulo Casaca (PSE) aan de Commissie. Uitvoering Cohesiefonds in Portugal.

Publicatieblad Nr. 161 E van 10/07/2003 blz. 0099 - 0100


SCHRIFTELIJKE VRAAG E-3514/02

van Paulo Casaca (PSE) aan de Commissie

(10 december 2002)

Betreft: Uitvoering Cohesiefonds in Portugal

De Portugese krant Diário de Notícias publiceerde op 21 november informatie van de Portugese overheid betreffende de automatische schrapping van vastleggingen uit hoofde van de Structuurfondsen.

Vreemd genoeg bevat het artikel geen gegevens over de automatische schrapping van kredieten uit het Cohesiefonds.

Iedereen weet dat het Cohesiefonds een uitermate belangrijk communautair instrument is voor de economische en sociale samenhang. Het is bovendien onontbeerlijk voor een land als Portugal om de communautaire doelstellingen en voorschriften op milieugebied te kunnen realiseren.

Heeft de Commissie in 2002 voor Portugal de kredieten vastgelegd waartoe de Europese Raad van Berlijn in verband met het Cohesiefonds had besloten?

Zo niet, kan de Commissie mij meedelen hoeveel van het in Berlijn toegezegde quotum nog niet is vastgelegd, wat de kansen zijn dat deze vastleggingen er nog voor eind 2002 komen, wat de gevolgen ervan zijn en hoe zij de huidige situatie inschat?

Gecombineerd Antwoordvan de heer Barnier namens de Commissieop de schritftelijke vragen E-3514/02 en E-3613/02

(4 februari 2003)

De indicatieve grenswaarden tot vaststelling van de middelen van het Cohesiefonds voor elk land gelden voor de periode 2000-2006 en worden niet per jaar vastgesteld. In 2002 zijn alle in de begroting geboekte kredieten voor het Cohesiefonds volledig door de vier begunstigde lidstaten opgenomen. De vastleggingskredieten voor Portugal bedragen 297 miljoen euro. Dit bedrag ligt duidelijk onder het bedrag dat overeenstemt met het gemiddelde van de indicatieve marge voor dit begrotingsjaar. Dankzij de goedkeuring van extra projecten in andere lidstaten is het beperkte aantal Porugese projecten gecompenseerd kunnen worden. Het is uiterst belangrijk in 2003 een adequaat aantal geschikte projecten in te dienen. Het is immers weinig waarschijnlijk dat de andere lidstaten opnieuw voor compensatie zullen zorgen. Een verlies van in de begroting 2003 geboekte kredieten voor het Cohesiefonds zou bijgevolg zeer moeilijk kunnen worden vermeden.

Op 23 oktober 2002 heeft de Commissie de Portugese overheid een brief gestuurd waarin de overheid in gebreke wordt gesteld wegens het niet naleven van de bepalingen van het EG-Verdrag inzake openbare aanbestedingen. In het kader van de ontwikkeling van gemeenteoverschrijdende systemen voor water- en afvalbeheer zijn immers concessies gegund aan door Águas de Portugal SA gecontroleerde bedrijven.

Overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1164/94 van de Raad van 16 mei 1994 tot oprichting van een Cohesiefonds(1) moeten door het fonds gesteunde projecten bantwoorden aan de communautaire voorschriften inzake openbare aanbestedingen. De Commissie kan bijgevolg zelfs niet indirect bijdragen aan de uitvoering van nationale maatregelen die tegen het Gemeenschapsrecht kunnen indruisen. De Commissie kan dus geen steun van het Cohesiefonds toekennen aan projecten waarbij bedrijven betrokken zijn die door Águas de Portugal SA worden gecontroleerd. Er kan alleen opnieuw steun aan deze projecten worden toegekend als aan de inbreuk een einde komt.

De Commissie en Portugal zijn een referentiekader overeengekomen waarin gepreciseerd wordt welke milieu-investeringen prioritair in aanmerking komen voor medefinanciering uit hoofde van het Cohesiefonds.

De projecten van door Águas de Portugal SA gecontroleerde bedrijven maken deel uit van deze prioritaire investeringen. De projecten kunnen echter alleen worden goedgekeurd als het Gemeenschapsrecht wordt nageleefd.

De Commissie heeft de betalingen voor in het verleden goedgekeurde projecten niet opgeschort.

De Commissie deelt de bezorgdheid van het geachte parlementslid en begrijpt zijn argumenten. De Commissie hoopt dat een oplossing kan worden gevonden en de geplande investeringen in volledige overeenstemming met het Gemeenschapsrecht kunnen worden uitgevoerd.

(1) PB L 130 van 25.5.1994.