SCHRIFTELIJKE VRAAG E-2870/02 van Christopher Huhne (ELDR) aan de Commissie. Economische voorspellingen.
Publicatieblad Nr. 280 E van 21/11/2003 blz. 0012 - 0012
SCHRIFTELIJKE VRAAG E-2870/02 van Christopher Huhne (ELDR) aan de Commissie (11 oktober 2002) Betreft: Economische voorspellingen 1. Is de Commissie van mening dat de economische voorspellingen die bij de voorbereiding van de begrotingen en de stabiliteitsprogramma's van de lidstaten worden gebruikt zonder uitzondering een realistisch karakter dragen? 2. Welke maatregelen zouden er kunnen worden genomen om de getrouwheid van officiële economische voorspellingen te verbeteren? Antwoord van de heer Solbes Mira namens de Commissie (31 oktober 2002) Elk jaar dienen de lidstaten nieuwe of geactualiseerde stabiliteits- en convergentieprogramma's in. De lidstaten zijn zelf volledig verantwoordelijk voor de opstelling van deze programma's. De programma's worden door de Raad onderzocht op basis van een evaluatie van de Commissie en het Economisch en Financieel Comité. In haar evaluatie beoordeelt de Commissie het realisme van de economische aannames waarop het programma is gebaseerd, waarbij zij voornamelijk uitgaat van haar eigen prognoses. Indien er sprake is van afwijkingen in de economische scenario's, wijst de Commissie op de gevolgen daarvan voor de begrotingsstrategie. Er zijn verschillende maatregelen genomen om ervoor te zorgen dat de lidstaten hun programma's zoveel mogelijk baseren op realistische en transparante aannames. In de gedragscode voor de inhoud en presentatie van stabiliteits- en convergentieprogramma's wordt uiteengezet welke informatie de lidstaten dienen te verstrekken om de beoordeling van het programma te vergemakkelijken. Om de prognoses gelijkvormiger te maken, wordt in de gedragscode ook voorgeschreven dat gebruik moet worden gemaakt van onderling overeengekomen aannames voor variabelen buiten de Unie. Die moeten de lidstaten gebruiken bij het opstellen van het centrale scenario of bij gevoeligheidsanalyses. In elk geval dienen de lidstaten het gekozen scenario onmiddellijk te verklaren en te rechtvaardigen als de Commissie op afwijkingen ten opzichte van haar eigen prognoses wijst. Daarnaast is op Unie-niveau afgesproken een nieuwe productiefunctiemethode te hanteren voor de berekening van de potentiële productie. Ook dit dient als onderling overeengekomen referentiekader waaraan de aannames voor de groei van de verschillende landen doeltreffend kunnen worden getoetst en op basis waarvan voor de conjunctuur gecorrigeerde begrotingssaldi kunnen worden berekend.