SCHRIFTELIJKE VRAAG E-2634/02 van Brian Simpson (PSE) aan de Commissie. Vernietiging Europees erfgoed door Belgische spoorwegmaatschappij.
Publicatieblad Nr. 052 E van 06/03/2003 blz. 0193 - 0194
SCHRIFTELIJKE VRAAG E-2634/02 van Brian Simpson (PSE) aan de Commissie (18 september 2002) Betreft: Vernietiging Europees erfgoed door Belgische spoorwegmaatschappij Is het de Commissie bekend dat de Belgische nationale spoorwegmaatschappij (SNCB/NMBS) een oude, in 1906 gebouwde belangrijke locomotief van de klasse 44 (nummer 44 201) heeft vernietigd, hoewel haar belangrijkste onderdelen nog functioneerden? Is de Commissie niet van oordeel dat een dergelijke vorm van vernietiging van het Europese erfgoed op spoorweggebied als een opzettelijke vandalistische daad moet worden aangemerkt, die moet worden veroordeeld? Antwoord van mevrouw Reding namens de Commissie (24 oktober 2002) Artikel 151 van het EG-Verdrag bepaalt dat de Gemeenschap bevoegd is om: - de culturele samenwerking tussen de lidstaten aan te moedigen - (met financiƫle steun en zo nodig) de activiteiten van de lidstaten op de volgende gebieden te ondersteunen en aan te vullen: - verbetering van de kennis en verbreiding van de cultuur en de geschiedenis van de Europese volkeren; - instandhouding en bescherming van het cultureel erfgoed van Europees belang; - culturele uitwisseling op niet-commerciƫle basis; - scheppend werk op artistiek en literair gebied, mede in de audiovisuele sector. Belangrijk is dat artikel 151 ook bepaalt dat de Gemeenschap niet bevoegd is voor de harmonisatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstate(1) in de culturele sector. Deze materie valt onder de exclusieve en totale bevoegdheid van de lidstaten. Bijgevolg valt de door het geachte parlementslid vermelde kwestie niet onder de bevoegdheden van de Gemeenschap, maar uitsluitend onder die van de lidstaat. (1) Artikel 151, EG-Verdrag, lid 5, eerste streepje.