92002E2198

SCHRIFTELIJKE VRAAG E-2198/02 van Kathleen Van Brempt (PSE) aan de Commissie. Voorstel richtlijn milieuaansprakelijkheid — gevolgen voor KMO's.

Publicatieblad Nr. 028 E van 06/02/2003 blz. 0202 - 0202


SCHRIFTELIJKE VRAAG E-2198/02

van Kathleen Van Brempt (PSE) aan de Commissie

(19 juli 2002)

Betreft: Voorstel richtlijn milieuaansprakelijkheid gevolgen voor KMO's

Naar aanleiding van het voorstel voor een richtlijn betreffende milieuaansprakelijkheid met betrekking tot het voorkomen en herstellen van milieuschade(1), wens ik de volgende vragen te stellen:

Heeft de Commissie onderzoek gedaan naar de gevolgen die de werking van de toekomstige milieuaansprakelijkheid-verzekeringsmarkt in het kader van deze richtlijn zal teweegbrengen voor de concurrentiepositie van KMO's tegenover grotere ondernemingen?

Wat zijn de conclusies van dit onderzoek?

Indien de werking van de toekomstige milieuaansprakelijkheids-verzekeringsmarkt een comparatief nadeel zal teweegbrengen voor KMO's tegenover grotere ondernemingen, acht de Commissie het dan nodig dat maatregelen worden genomen om deze gevolgen voor KMO's tot een minimum te beperken? Welke maatregelen zouden hiervoor nodig zijn?

(1) COM(2002) 17 PB C 151 E van 25.6.2002, blz. 132.

Antwoord van mevrouw Wallström namens de Commissie

(10 september 2002)

De Commissie heeft de economische impact geëvalueerd van het voorstel voor een Richtlijn van het Parlement en de Raad over milieuaansprakelijkheid met betrekking tot het voorkomen en herstellen van milieuschade(1). Het geachte parlementslid wordt met name naar sectie 4 verwezen, getiteld Evaluatie van de economische effecten van het voorstel de kosten en baten van de toelichting bij het voorstel en naar het als bijlage bij het voorstel gevoegde effectbeoordelingsformulier.

Er werd geen aparte effectbeoordeling gemaakt voor de kleine en middelgrote ondernemingen (KMO's) omdat milieuschade kan worden veroorzaakt door een onderneming van elke grootte.

Het lijkt niet zo dat de werking van een milieuaansprakelijkheids-verzekeringsmarkt in de toekomst tot een comparatief nadeel zou leiden voor KMO's in vergelijking met grote ondernemingen. De door de onderneming te betalen premie hangt af van het risico van elke onderneming. De verzekeraar dient dit risico voor elk bedrijf afzonderlijk te bepalen. Bij deze beoordeling zal waarschijnlijk rekening worden gehouden met de kwaliteit en efficiëntie van het risico- en preventiebeleid van de onderneming. Alle inspanningen die een onderneming zich getroost om het risico op ongevallen die milieuschade kunnen veroorzaken te verkomen of op zijn minst te minimaliseren, verlagen de premie met andere woorden. Er moet eveneens op gewezen worden dat het in de verzekeringssector gangbaar is om de premie vast te stellen afhankelijk van de omzet van de verzekerde onderneming. Dit gebruik lijkt KMO's ten goede te komen.

Op basis van de hierboven vermelde overwegingen meent de Commissie dat er voorlopig geen specifieke maatregelen voor KMO's nodig zijn.

(1) COM(2002) 17 def. PB C 151 van 25.6.2002.