SCHRIFTELIJKE VRAAG E-0862/02 van Karl-Heinz Florenz (PPE-DE) aan de Commissie. Toepassing van artikel 7 van richtlijn 91/271/EEG — Verbod op het lozen van huishoudelijk afvalwater in aal- en gierreservoirs voor landbouwkundig gebruik.
Publicatieblad Nr. 229 E van 26/09/2002 blz. 0152 - 0153
SCHRIFTELIJKE VRAAG E-0862/02 van Karl-Heinz Florenz (PPE-DE) aan de Commissie (3 april 2002) Betreft: Toepassing van artikel 7 van richtlijn 91/271/EEG Verbod op het lozen van huishoudelijk afvalwater in aal- en gierreservoirs voor landbouwkundig gebruik Het bondsland Nordrhein-Westfalen verbiedt op 31 december 2005 het lozen van huishoudelijk afvalwater van landbouwbedrijven in aal- en gierreservoirs voor landbouwkundig gebruik, onder meer onder verwijzing naar artikel 7 van richtlijn 91/271/EEG(1) van de Raad. Overeenkomstig de huidige regeling werd aanvaard dat 10 % huishoudelijk afvalwater met gier of aal en het afvalwater van het Altenteil werd gemengd. Aangezien de toepassing van het verbod met grote gemeentelijke, maar ook particuliere investeringen gepaard gaat, lijkt het raadzaam het Europees recht dat aan de basis ervan ligt, te onderzoeken. Bovendien wordt in de verordening die aan de basis van het verbod ligt, geen rekening gehouden met de mogelijke gevaren voor de gezondheid die door de gier van GVE kunnen ontstaan. Kan de Commissie bevestigen dat het verbod op het lozen van huishoudelijk afvalwater van landbouwondernemingen in aal- en gierreservoirs voor landbouwkundig gebruik met ingang van 31 december 2005 onder verwijzing naar artikel 7 van richtlijn 91/271/EEG gebeurt, en dat deze maatregel in het kader van de verplichte toepassing van de richtlijn door het bondsland Nordrhein-Westfalen dus met het oogmerk van artikel 7 van richtlijn 91/271/EEG in overeenstemming is? Kan de Commissie ook bevestigen dat de intussen alweer afgeschafte tolerantiegrens van 10 % met aal of gier gemengd huishoudelijk afvalwater al een afdoende toepassing van de bepalingen van artikel 7 van richtlijn 91/271/EEG inhield? Beschikt de Commissie over informatie over de toepassing van deze richtlijn in de andere lidstaten? Kan de Commissie bevestigen dat deze richtlijn, waarvan de toepassing met hoge kosten gepaard gaat, ook in de toekomst zal blijven bestaan? (1) PB L 135 van 30.5.1991, blz. 40. Antwoord van mevrouw Wallström namens de Commissie (23 mei 2002) Artikel 7 van Richtlijn 91/271/EEG(1) heeft uitsluitend betrekking op de behandeling van afvalwater van gebieden met minder dan 2 000 i.e. respectievelijk 10 000 i.e. (i.e. = inwonerequivalent) dat in een opvangsysteem en vervolgens in een watermassa (zoet water, estuarium en/of kustwater) terechtkomt. Uit artikel 7 van Richtlijn 91/271/EEG kan dus niet worden afgeleid dat het in beginsel voor landbouwondernemingen verboden is om huishoudelijk afval in aal- en gierreservoirs te verzamelen voor verder gebruik in de landbouw. Verder worden er in artikel 7 van de richtlijn geen vereisten neergelegd betreffende de toevoeging van huishoudelijk afval aan mengsels van gier of aal, maar vereist het simpelweg een toereikende behandeling van afvalwater dat aan bovengenoemde voorwaarden is gebonden. Derhalve kunnen nationale bepalingen/tolerantiegrenzen die de toevoeging van huishoudelijk afval aan aal of gier beperken, niet gelijkgesteld worden met een omzetting van artikel 7 van de richtlijn. In het verslag van de Commissie uit 1998 is informatie over de omzetting van Richtlijn 91/271/EEG in de lidstaten gepubliceerd: http://europa.eu.int/comm/environment/water/water-urbanwaste/index_en.html Het volgende verslag van de Commissie over de omzetting van de richtlijn zal in het voorjaar van 2002 worden gepubliceerd. Ten slotte kan bevestigd worden dat Richtlijn 91/271/EG in de toekomst van toepassing blijft. In de Richtlijn tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid(2) is inderdaad de behandeling van stedelijk afvalwater in de algehele context van het stroomgebiedbeheerplan opgenomen, maar dit doet op geen enkele manier afbreuk aan de toepasselijkheid van de richtlijn stedelijk afvalwater (91/271/EEG) zelf, noch aan de emissiegerichte doelstellingen of uitvoeringstermijnen daarvan. (1) Richtlijn 91/271/EEG van de Raad van 21 mei 1991 inzake de behandeling van stedelijk afvalwater zoals gewijzigd bij Richtlijn 98/15/EG van de Commissie van 27 februari 1998 (PB L 67 van 3.7.1998). (2) Richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid (PB L 327 van 22.12.2000).