91999E2139

SCHRIFTELIJKE VRAAG P-2139/99 van Camilo Nogueira Román (Verts/ALE) aan de Commissie. Mogelijke fraude bij de huishoudelijke uitgaven van middelbareonderwijsinstellingen.

Publicatieblad Nr. 203 E van 18/07/2000 blz. 0143 - 0143


SCHRIFTELIJKE VRAAG P-2139/99

van Camilo Nogueira Román (Verts/ALE) aan de Commissie

(18 november 1999)

Betreft: Mogelijke fraude bij de huishoudelijke uitgaven van middelbareonderwijsinstellingen

Op 14 december 1993 heeft de Europese Commissie een operationeel programma goedgekeurd dat het Spaanse Ministerie van Arbeid en Sociale Zekerheid voor Galicië had ingediend en dat bestemd was voor beroepsopleidings- en -onderwijsacties, opleiding van onderzoekers, opleiding van werkenden en werklozen en werkgelegenheidssubsidies over de periode 19941999. Met het programma was een maximumbedrag van 238.707.302 ecu gemoeid, waarvan 75 % door de EU en 25 % door de provincie Galicië zou worden gefinancierd (ESF nr. 940129ES1).

De docenten van Galicië maken zich zorgen over de neiging van de Galicische regering om de huishoudelijke kredieten van openbare onderwijsinstellingen voortdurend te verlagen, terwijl de kredieten voor het privéonderwijs alleen maar stijgen. Zij zijn van mening dat de Europese subsidies voor het operationele programma, en met name in het geval van de acties voor beroepsopleidingen en -onderwijs waaraan tussen 1998 en 1999 het grootste deel van deze kredieten werd besteed frauduleus worden aangewend, omdat de Galicische regering de regel dat zij 25 % van de kosten moet financieren niet of niet volledig toepast. Een onevenredig groot deel van de gemeenschappelijke huishoudelijke uitgaven van de betrokken onderwijsinstellingen wordt op het konto van de beroepsopleiding en -onderwijs gezet waardoor voor de door het Europees Sociaal Fonds medegefinancierde programma's bedragen ter dekking van de huishoudelijke uitgaven (verwarming, elektriciteit, water, enz.) worden uitgetrokken die per leerling vier keer zo hoog liggen. Op deze manier worden niet alleen de afspraken met de Europese Commissie met de voeten getreden, maar aan de onderwijsinstellingen ook een belangrijk deel van de noodzakelijke middelen onttrokken die zij voor de volbrenging van hun educatieve taken nodig hebben.

Is de Europese Commissie van plan deze onregelmatigheden te onderzoeken en van de Galicische regering te eisen dat zij al haar verplichtingen met betrekking tot de financiering van de ESF-programma's inzake beroepsopleiding en nonderwijs ook inderdaad nakomt?

Antwoord van mevrouw Diamantopoulou namens de Commissie

(9 december 1999)

De laatste controle door de Commissie in verband met het gebruik van de steun uit het Europees Sociaal Fonds in de autonome gemeenschap Galicië vond plaats in mei 1996 juni 1996 dat wil zeggen vóór de door de geachte afgevaardigde vermelde periode (1998-1999) en heeft het bestaan van dergelijke fraudegevallen niet aangetoond.

De Commissie heeft hierover geen mededeling van de Spaanse autoriteiten ontvangen op grond van Verordening (EG) nr. 1681/94 van de Commissie van 11 juli 1994 betreffende onregelmatigheden in het kader van de financiering van het structuurbeleid en terugvordering van in dat kader onverschuldigd betaalde bedragen, alsmede betreffende de inrichting van een informatiesysteem op dit gebied(1).

Daarom zou het wenselijk zijn dat de geachte afgevaardigde de Commissie alle in zijn bezit zijnde concrete en precieze elementen over het vermeende onregelmatige gebruik van de steun uit het Europees Sociaal Fonds in deze autonome gemeenschap doet toekomen. Na analyse van deze elementen zouden nieuwe controles kunnen worden uitgevoerd.

(1) PB L 178 van 12.7.1994.