SCHRIFTELIJKE VRAAG nr. 1920/98 van Lutz GOEPEL aan de Commissie. Registratie van paarden
Publicatieblad Nr. C 031 van 05/02/1999 blz. 0100
SCHRIFTELIJKE VRAAG E-1920/98 van Lutz Goepel (PPE) aan de Commissie (18 juni 1998) Betreft: Registratie van paarden De in de EU bestaande registratievoorschriften voor paardachtigen (richtlijn 90/426(1), richtlijn 90/427(2) en beschikking 93/623(3)) zijn in het nationale en intracommunautaire verkeer vooral van belang met het oog op de bestrijding van besmettelijke ziekten. Uit een oogpunt van consumentenbescherming lijkt het zinvol paarden in te delen in de categorieën "hobbypaarden" en "slachtpaarden". Voor de eerste groep zouden geneesmiddelen kunnen worden toegestaan, die niet mogen worden gebruikt bij voor de slacht bestemde dieren. Voorwaarde voor deze indeling is een betrouwbare registratie van de dieren. 1. Kunnen de momenteel lopende veldproeven met elektronische identificatie- en registratiesystemen bij runderen, schapen en geiten worden uitgebreid tot paarden of kunnen de resultaten van deze proeven ook voor paarden worden gebruikt? 2. Heeft de Commissie plannen voor een nieuwe Europese regeling voor de elektronische registratie van alle paardachtigen? 3. Komt er een gescheiden registratie van fok- en sportpaarden enerzijds en slachtpaarden anderzijds? 4. Wat is de toekomstige rol van het paspoort voor paardachtigen? Antwoord van de heer Fischler namens de Commissie (5 augustus 1998) 1. De huidige praktijkproeven inzake elektronische identificatie worden uitgevoerd in het kader van het IDEA-project. Dit project heeft geen betrekking op paarden en opneming van paarden in het project wordt momenteel niet overwogen. De resultaten van het project zullen niet voor eind 2000 beschikbaar zijn en zullen pas dan eventueel kunnen worden gebruikt. 2. De Commissie is momenteel niet voornemens om een communautaire wetgeving voor de elektronische registratie van paarden in te voeren. De prioriteit gaat namelijk uit naar andere soorten (rundvee, schapen en geiten), waarvoor reeds praktijkproeven gepland zijn (IDEA-project). 3. Voor de identificatie van geregistreerde paarden bestaat in de Gemeenschap een paspoort, zoals vastgesteld bij Beschikking 93/623/EEG van de Commissie van 20 oktober 1993 tot vaststelling van het identificatiedocument (paspoort) dat geregistreerde paardachtigen moet vergezellen. Dit paspoort is ook op internationaal niveau erkend door het Internationaal Bureau voor besmettelijke veeziekten (IOE) voor het vervoer van renpaarden. In de Gemeenschap ingevoerde slachtpaarden moeten overeenkomstig de communautaire voorschriften op de linkervoorhoef duidelijk en onuitwisbaar worden gebrandmerkt met een "S" die ten minste 3 centimeter groot is. 4. Naar verwachting zal het bij Beschikking 93/623/EEG ingestelde paspoort voor paardachtigen in de toekomst het voor de communautaire handel in geregistreerde paarden vereiste gezondheidsattest vervangen. (1) PB L 224 van 18.8.1990, blz. 42. (2) PB L 224 van 18.8.1990, blz. 55. (3) PB L 298 van 3.12.1993, blz. 45.