Beschikking van het Gerecht (Achtste kamer) van 13 februari 2025 –
Reckitt Benckiser Finish / EUIPO (Vorm van een reinigingscapsule)
(Zaak T‑359/24)
„Merk van de Europese Unie – Aanvraag voor een driedimensionaal Uniemerk – Vorm van een reinigingscapsule – Absolute weigeringsgrond – Geen onderscheidend vermogen – Artikel 7, lid 1, onder b), van verordening (EU) 2017/1001 – Beroep dat kennelijk rechtens ongegrond is”
|
1. |
Uniemerk – Definitie en verkrijging van het Uniemerk – Absolute weigeringsgronden – Merken zonder onderscheidend vermogen – Beoordeling van het onderscheidend vermogen – Criteria [Verordening 2017/1001 van het Europees Parlement en de Raad, art. 7, lid 1, b)] (zie punt 12) |
|
2. |
Uniemerk – Definitie en verkrijging van het Uniemerk – Absolute weigeringsgronden – Merken zonder onderscheidend vermogen – Driedimensionale merken bestaande in de vorm van de waar – Onderscheidend vermogen – Beoordelingscriteria [Verordening 2017/1001 van het Europees Parlement en de Raad, art. 7, lid 1, b)] (zie punten 13, 14) |
|
3. |
Uniemerk – Beslissingen van het Bureau – Beginsel van gelijke behandeling – Beginsel van behoorlijk bestuur – Eerdere beslissingspraktijk van het Bureau – Rechtmatigheidsbeginsel (Verordening 2017/1001 van het Europees Parlement en de Raad) (zie punten 23, 24) |
Dictum
|
1) |
Het beroep wordt verworpen. |
|
2) |
Elke partij draagt haar eigen kosten. |