Arrest van het Hof (Zevende kamer) van 15 mei 2025 –
Sberbank / GAR

(Zaak C‑793/23 P)

„Hogere voorziening – Economische en monetaire unie – Bankenunie – Verordening (EU) nr. 806/2014 – Gemeenschappelijk afwikkelingsmechanisme voor kredietinstellingen en bepaalde beleggingsondernemingen (GAM) – Afwikkelingsprocedure die van toepassing is indien een entiteit faalt of waarschijnlijk zal falen – Besluit van de Gemeenschappelijke Afwikkelingsraad (GAR) om geen afwikkelingsregeling vast te stellen – Aandeelhouders – Niet rechtstreeks geraakt”

1. 

Gerechtelijke procedure – Mondelinge behandeling – Heropening – Voorwaarden

(Reglement voor de procesvoering van het Hof, art. 83)

(zie punten 14, 15)

2. 

Beroep tot nietigverklaring – Natuurlijke personen of rechtspersonen – Handelingen die hen rechtstreeks en individueel raken – Rechtstreeks geraakt – Criteria – Besluit van de Gemeenschappelijke Afwikkelingsraad (GAR) om geen afwikkelingsregeling met betrekking tot een kredietinstelling vast te stellen – Bepaling of dit besluit rechtstreekse gevolgen heeft voor de rechtspositie van de aandeelhouders van deze instelling – Geen aantasting van het recht van de aandeelhouders om dividenden uitgekeerd te krijgen en deel te nemen aan het bestuur van deze kredietinstelling – Niet rechtstreeks geraakt – Niet-ontvankelijkheid

(Art. 263, vierde alinea, VWEU; verordening nr. 806/2014 van het Europees Parlement en de Raad; art. 18, lid 1, eerste alinea)

(zie punten 32, 33)

3. 

Hogere voorziening – Middelen – Toetsing door het Hof van de beoordeling van de feiten en de bewijzen – Uitgesloten, behoudens het geval van een onjuiste opvatting

(Art. 256, lid 1, VWEU; Statuut van het Hof van Justitie, art. 58, eerste alinea)

(zie punten 36, 39, 40, 43)

Dictum

1) 

De hogere voorziening wordt afgewezen.

2) 

Sberbank of Russia PAO draagt haar eigen kosten alsmede die van de Gemeenschappelijke Afwikkelingsraad (GAR).