Beschikking van het Gerecht (Vierde kamer) van 17 oktober 2022 – Swords / Commissie en ECDC

(Zaak T‑55/22)

„Beroep tot nietigverklaring – Volksgezondheid – Binnen de Unie vastgestelde maatregelen ter bestrijding van de COVID-19-pandemie – Risicobeoordelingsverslagen van het Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding (ECDC) – Niet voor beroep vatbare handelingen – Op basis van de risicobeoordelingsverslagen van het ECDC gepubliceerde mededeling van de Europese Commissie en gecoördineerde aanpak – Exceptie van onwettigheid – Niet-ontvankelijkheid”

1. 

Beroep tot nietigverklaring – Voor beroep vatbare handelingen – Begrip – Handelingen die bindende rechtsgevolgen sorteren – Voorbereidende handelingen – Daarvan uitgesloten – Risicobeoordelingsverslagen van het Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding (ECDC) in het kader van de COVID-19-pandemie – Voorbereidende handelingen – Niet-ontvankelijkheid

(Art.263, vierde alinea VWEU)

(zie punten 14, 15, 18‑24)

2. 

Exceptie van onwettigheid – Draagwijdte – Handelingen waarvan de onwettigheid kan worden opgeworpen – Handeling van algemene strekking waarop het bestreden besluit is gebaseerd – Noodzaak van een juridisch verband tussen de bestreden handeling en de betwiste algemene handeling – Exceptie van onwettigheid gericht tegen de op basis van de risicobeoordelingsverslagen van het Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding (ECDC) gepubliceerde mededeling van de Commissie inzake COVID-19 en gecoördineerde aanpak – Na de bestreden handelingen vastgestelde documenten die er niet de juridische grondslag voor vormden – Niet-ontvankelijkheid

(Art. 277 VWEU)

(zie punten 27‑29)

Dictum

1) 

Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard.

2) 

Patrick Swords wordt verwezen in de kosten.