Arrest van het Gerecht (Negende kamer) van 18 oktober 2023 –
EIB/Syrië

(Zaak T‑469/22) ( 1 )

„Arbitragebeding – Leningsovereenkomst in verband met een project voor de versterking van het elektriciteitstransmissienetwerk in een derde land – Niet-uitvoering van de overeenkomst – Terugbetaling van de voorgeschoten bedragen – Vertragingsrente – Verstekprocedure”

1. 

Gerechtelijke procedure – Beroep bij het Gerecht – Toepassing van de verstekprocedure – Verplichting voor het Gerecht om de vorderingen van de verzoeker toe te wijzen – Voorwaarden – Geen antwoord van de verwerende partij binnen de gestelde termijn

(Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, art. 123, lid 1)

(zie punten 16‑19, 24, 35, 40, 41)

2. 

Gerechtelijke procedure – Adiëring van het Gerecht op basis van een arbitragebeding – Leningsovereenkomst tussen de Europese Investeringsbank en Syrië – Bevoegdheid van het Gerecht krachtens de artikelen 256 en 272 VWEU en het arbitragebeding

(Art. 256, lid 1, en art. 272 VWEU)

(zie punten 20, 22, 23)

3. 

Gerechtelijke procedure – Adiëring van het Gerecht op basis van een arbitragebeding – Leningsovereenkomst tussen de Europese Investeringsbank en Syrië – Niet-nakoming door Syrië van zijn contractuele verplichtingen – Subrogatie van de Unie in de rechten van de Bank – Beroep dat door de Bank namens de Unie is ingesteld – Ontvankelijkheid

(Art. 256, lid 1, en art. 272 VWEU, Verdrag van Rome van 19 juni 1980, art. 13, lid 1)

(zie punten 26, 27, 29‑34)

Dictum

1) 

De Arabische Republiek Syrië wordt veroordeeld om aan de Europese Unie, vertegenwoordigd door de Europese Investeringsbank (EIB), het bedrag van 28777508,71 EUR terug te betalen, wat overeenkomt met de hoofdsom en de contractuele en vertragingsrente zoals op 30 juni 2022 verschuldigd.

2) 

Over het bedrag van 27388963,40 EUR, dat wil zeggen de hoofdsom, is vertragingsrente verschuldigd volgens de methode van artikel 3, lid 2, van leningsovereenkomst nr. 20948 betreffende een project voor de verbetering van het elektriciteitstransmissienetwerk in Syrië, die de EIB en de Arabische Republiek Syrië op 5 februari 2001 hebben gesloten en die is gewijzigd bij brieven van 3 oktober 2003, 28 februari 2006, 9 mei 2007 en 8 oktober 2007. Deze vertragingsrente is verschuldigd vanaf 30 juni 2022 tot op de datum van betaling.

3) 

De Arabische Republiek Syrië wordt verwezen in de kosten.


( 1 ) PB C 359 van 19.9.2022.