Arrest van het Hof (Zesde kamer) van 20 april 2023 –
Raad/El-Qaddafi

(Zaak C‑413/21 P) ( 1 )

„Hogere voorziening – Gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid – Beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Libië – Lijst van personen en entiteiten waarvoor de bevriezing van tegoeden en economische middelen geldt – Lijst van personen voor wie beperkingen van binnenkomst op en doorreis via het grondgebied van de Europese Unie gelden – Handhaving van de naam van Aisha Muammer Mohamed El-Qaddafi op deze lijsten – Voldoende solide feitelijke grondslag – Motiveringsplicht”

1. 

Europese Unie – Rechterlijk toezicht op de rechtmatigheid van de handelingen van de instellingen – Beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Libië – Omvang van het toezicht – Bewijs van de gegrondheid van de maatregel – Verplichting voor de bevoegde autoriteit van de Unie om in geval van betwisting de juistheid vast te stellen van de gronden die tegen de betrokken personen of entiteiten zijn aangevoerd

[Besluiten (GBVB) 2017/497 en 2020/374 van de Raad; verordeningen 2017/489 en 2020/371 van de Raad]

(zie punten 65, 68, 69, 102)

2. 

Gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid – Beperkende maatregelen ten aanzien van Libië – Verordening 2016/44 – Bevriezing van tegoeden en economische middelen – Criteria voor vaststelling van de beperkende maatregelen – Banden met het voormalige regime van Muammar Kadhafi – Bedreiging voor de vrede, de stabiliteit of de veiligheid in Libië of voor de succesvolle voltooiing van het politieke overgangsproces in het land – Verplichting van de Raad om een geactualiseerde beoordeling te verrichten bij de heroverweging van de beperkende maatregelen

[Besluit (GBVB) 2015/1333, zoals gewijzigd bij besluiten (GBVB) 2017/497 en (GBVB) 2020/374; verordeningen 2016/44, 2017/489 en 2020/371 van de Raad]

(zie punten 75‑77, 107)

3. 

Beroep tot nietigverklaring – Arrest houdende nietigverklaring – Gevolgen – Beperking door het Hof – Verordeningen en besluiten waarbij beperkende maatregelen worden opgelegd in het licht van de situatie in Libië – Nietigverklaring wegens ontbreken van voldoende solide feitelijke grondslag ter rechtvaardiging van de handhaving van verzoekers naam op de lijsten – Handhaving van de gevolgen van nietig verklaarde besluiten en verordeningen voor een periode van drie maanden vanaf de uitspraak van het arrest – Geen

[Art. 264, tweede alinea, en art. 266 VWEU; Statuut van het Hof van Justitie, art. 56, eerste alinea, en art. 60, tweede alinea; besluiten (GBVB) 2017/497 en 2020/374 van de Raad; verordeningen 2017/489 en 2020/371 van de Raad]

(zie punten 112‑115)

Dictum

1) 

De hogere voorziening wordt afgewezen.

2) 

De Raad van de Europese Unie draagt zijn eigen kosten en wordt verwezen in de kosten van Aisha Muammer Mohamed El-Qaddafi.

3) 

De Republiek Frankrijk draagt haar eigen kosten.


( 1 ) PB C 382 van 20.9.2021.