Beschikking van het Gerecht (Vierde kamer) van 8 december 2021 – Alessio e.a. / ECB

(Zaak T-620/20)

„Beroep tot nietigverklaring – Economische en monetaire Unie – Bankenunie – Herstel en afwikkeling van kredietinstellingen – Vroegtijdige-interventiemaatregelen – Besluit van de ECB om Banca Carige onder tijdelijk bewind te stellen – Daaropvolgende verlengingsbesluiten – Beroepstermijn – Tardiviteit – Niet ontvankelijkheid”

Beroep tot nietigverklaring – Termijnen – Aanvang – Handeling die niet is bekendgemaakt en waarvan niet aan verzoeker kennis is gegeven – Kennis van de exacte inhoud en motivering – Verplichting om, zodra het bestaan van de handeling bekend is, binnen een redelijke termijn om de volledige tekst ervan te verzoeken

(Art. 263, zesde alinea, VWEU)

(zie punten 39, 40, 42-44, 46-48, 81-84)

Voorwerp

Verzoek krachtens artikel 263 VWEU tot nietigverklaring, ten eerste, van het besluit van de ECB van 1 januari 2019 om Banca Carige SpA onder tijdelijk bewind te stellen en, ten tweede, van het besluit van de ECB van 29 maart 2019 tot verlenging van de duur van het tijdelijk bewind alsook van de daaropvolgende verlengingsbesluiten.

Dictum

1) 

Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard.

2) 

Op het verzoek tot interventie van de Europese Commissie hoeft geen uitspraak meer te worden gedaan.

3) 

Roberto Alessio en de andere verzoekende partijen waarvan de namen zijn opgenomen in de bijlage zullen hun eigen kosten en die van de Europese Centrale Bank (ECB) dragen.

4) 

De Commissie zal haar eigen kosten in verband met het verzoek tot interventie dragen.