Beschikking van het Gerecht (Achtste kamer) van 12 juni 2019 – Durand e.a. / Parlement

(zaak T‑702/18)

„Beroep wegens nalaten en beroep tot nietigverklaring – Landbouwbeleid – Verordening (EG) nr. 1/2005 – Dierenwelzijn – Verzoek van leden van het Europees Parlement om een onderzoekcommissie in te stellen – Standpuntbepaling van het Parlement – Niet voor beroep vatbare handeling – Informatieve handeling – Niet-ontvankelijkheid”

1. 

Beroep wegens nalaten – Nalaten – Begrip – Stilzitten – Handeling die geen genoegdoening geeft – Besluit van het Parlement om een commissie te belasten met het opstellen van een uitvoeringsverslag – Besluit tot afwijzing van een verzoek om een onderzoekscommissie in te stellen – Daarvan uitgesloten

(Art. 265 VWEU)

(zie punten 21‑23, 29, 30)

2. 

Beroep tot nietigverklaring – Handelingen waartegen beroep kan worden ingesteld – Begrip – Handelingen die bindende rechtsgevolgen sorteren – Zuiver bevestigende handeling – Daarvan uitgesloten

(Art. 263 VWEU)

(zie punten 33‑35)

Voorwerp

Primair, verzoek krachtens artikel 265 VWEU, strekkende tot vaststelling dat het Parlement bij besluit van de Conferentie van voorzitters van het Parlement ten onrechte heeft nagelaten om uitspraak te doen op het verzoek van 17 juli 2018 om een onderzoekcommissie in te stellen en, subsidiair, verzoek krachtens artikel 263 VWEU, strekkende tot nietigverklaring van het besluit dat is vervat in de brief van de voorzitter van het Parlement van 21 september 2018

Dictum

1) 

Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard.

2) 

Pascal Durand en de overige verzoekers wier namen zijn opgenomen in de bijlage worden verwezen in de kosten.