|
27.1.2020 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 27/33 |
Arrest van het Gerecht van 28 november 2019 – Runnebaum Invest/EUIPO – Berg Toys Beheer (Bergsteiger)
(Zaak T-736/18) (1)
(„Uniemerk - Oppositieprocedure - Aanvraag voor Uniewoordmerk Bergsteiger - Ouder Beneluxwoordmerk en ouder Uniebeeldmerk en Uniewoordmerk BERG - Relatieve weigeringsgrond - Artikel 47, leden 1 en 2, van verordening (EU) 2017/1001 - Ontvankelijkheid van een verzoek tot overlegging van bewijs van normaal gebruik - Geen verwarringsgevaar - Artikel 8, lid 1, onder b), van verordening 2017/1001”)
(2020/C 27/41)
Procestaal: Engels
Partijen
Verzoekende partij: Runnebaum Invest GmbH (Diepholz, Duitsland) (vertegenwoordiger: W. Prinz, advocaat)
Verwerende partij: Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie (vertegenwoordigers: J. Crespo Carrillo en H. O’Neill, gemachtigden)
Andere partij in de procedure voor de kamer van beroep van het EUIPO, interveniërend voor het Gerecht: Berg Toys Beheer BV (Ede, Nederland) (vertegenwoordiger: E. van Gelderen, advocaat)
Voorwerp
Beroep tegen de beslissing van de vierde kamer van beroep van het EUIPO van 22 oktober 2018 (zaak R 572/2018-4) betreffende een oppositieprocedure tussen Berg Toys Beheer en Runnebaum Invest
Dictum
|
1) |
De beslissing van de vierde kamer van beroep van het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie (EUIPO) van 22 oktober 2018 (zaak R 572/2018-4) wordt vernietigd. |
|
2) |
Het EUIPO zal zijn eigen kosten en die van Runnebaum Invest GmbH dragen. |
|
3) |
Berg Toys Beheer BV zal haar eigen kosten dragen. |