Arrest van het Gerecht (Achtste kamer) van 7 februari 2019 – Duym/Raad

(Zaak T‑549/17)

„Openbare dienst – Ambtenaren – Procedure voor benoeming in een ambt van hoofd van een eenheid – Kennisgeving van vacature – Afwijzing van een sollicitatie – Benoeming van een andere sollicitant – Motiveringsplicht – Beginsel van behoorlijk bestuur – Dienstbelang – Kennelijk onjuiste beoordeling – Discriminatieverbod”

1. 

Ambtenaren – Vergelijkend onderzoek – Jury – Afwijzing van sollicitatie – Motiveringsplicht – Omvang – Eerbiediging van het geheim van de werkzaamheden – Verplichting tot motivering ten laatste in het stadium van de afwijzing van de klacht

(Art. 296 VWEU; Ambtenarenstatuut, art. 25, tweede alinea, 90, lid 2, 91 en bijlage III, art. 6)

(zie punten 23‑25, 39, 41, 42)

2. 

Ambtenaren – Vacature – Vergelijking van de verdiensten van de kandidaten – Beoordelingsvrijheid van het tot aanstelling bevoegd gezag – Eerbiediging van de voorwaarden in de kennisgeving van vacature – Rechterlijke toetsing – Grenzen – Kennelijk onjuiste beoordeling – Geen

(Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, art. 41, lid 1; Ambtenarenstatuut, art. 7 en 29)

(zie punten 48, 49, 56‑60, 74, 83, 90, 91)

3. 

Ambtenaren – Aanwerving – Procedure – Verplichting voor de administratie om zich tot een kandidaat te richten in een taal die hij grondig beheerst – Omvang

(Ambtenarenstatuut, art. 27)

(zie punten 110, 115)

Voorwerp

Verzoek krachtens artikel 270 VWEU, strekkende tot nietigverklaring van het besluit van het raadgevend selectiecomité, aan verzoeker meegedeeld bij e-mail van 7 oktober 2016, tot afwijzing van zijn sollicitatie in het kader van de selectieprocedure voor hoofd van de Nederlandse vertaaleenheid bij de vertaaldienst van de Raad, en van het daaropvolgende besluit van het tot aanstelling bevoegd gezag van de Raad van 20 december 2016 tot benoeming van A. in dat ambt

Dictum

1) 

Het beroep wordt verworpen.

2) 

Frederik Duym wordt verwezen in zijn eigen kosten en in die van de Raad van de Europese Unie.