|
4.9.2017 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 293/21 |
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Förvaltningsrätten i Malmö, migrationsdomstolen (Zweden) op 6 juli 2017 — A/Migrationsverket Förvaltningsprocessenheten Malmö
(Zaak C-404/17)
(2017/C 293/26)
Procestaal: Zweeds
Verwijzende rechter
Förvaltningsrätten i Malmö, migrationsdomstolen
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: A
Verwerende partij: Migrationsverket Förvaltningsprocessenheten Malmö
Prejudiciële vraag
Moet een verzoek waarin de door verzoeker verstrekte informatie wordt beoordeeld als betrouwbaar — en daarmee de grondslag vormt voor de behandeling van verzoek — maar niet als voldoende als grondslag voor een behoefte aan internationale bescherming omdat uit landeninformatie [over het land van oorsprong] blijkt dat de autoriteiten aanvaardbare bescherming bieden, als kennelijk ongegrond worden beschouwd in de zin van artikel 31, lid 8, van de herziene richtlijn 2013/32 (1)?
(1) Richtlijn 2013/32/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende gemeenschappelijke procedures voor de toekenning en intrekking van de internationale bescherming (PB L 180, blz. 60).