|
19.6.2017 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 195/15 |
Beroep ingesteld op 7 april 2017 — Europese Commissie/Koninkrijk Spanje
(Zaak C-181/17)
(2017/C 195/20)
Procestaal: Spaans
Partijen
Verzoekende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: J. Hottiaux en J. Rius, gemachtigden)
Verwerende partij: Koninkrijk Spanje
Conclusies
|
— |
Overeenkomstig artikel 258 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie vaststellen dat het Koninkrijk Spanje, door een minimumaantal voertuigen vast te stellen voor het verkrijgen van een vergunning voor openbaar vervoer, de krachtens de artikelen 3 en 5, onder b), van verordening (EG) nr. 1071/2009 inzake toegang tot het beroep van vervoerondernemer, op hem rustende verplichtingen niet is nagekomen; |
|
— |
het Koninkrijk Spanje verwijzen in de kosten. |
Middelen en voornaamste argumenten
De niet-nakomingsprocedure die door de Europese Commissie tegen het Koninkrijk Spanje is ingesteld, betreft de toepassing van verordening (EG) nr. 1071/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels betreffende de voorwaarden waaraan moet zijn voldaan om het beroep van wegvervoerondernemer uit te oefenen en tot intrekking van richtlijn 96/26/EG van de Raad (PB 2009, L 300 van 14.11.2009, blz. 51) (1).
Volgens de Commissie is het Koninkrijk Spanje, door voor het verkrijgen van een vergunning voor openbaar vervoer als voorwaarde te stellen dat ondernemingen beschikken over ten minste drie voertuigen, de krachtens de artikelen 3, leden 1 en 2, en artikel 5, onder b), van die verordening op hem rustende verplichtingen niet nagekomen.