Beschikking van het Gerecht (Zesde kamer) van 28 november 2016 – SureID/EUIPO (SUREID)
(Zaak T‑128/16)
„Uniemerk – Aanvraag voor Uniewoordmerk SUREID – Absolute weigeringsgrond – Geen onderscheidend vermogen – Artikel 7, lid 1, onder b), van verordening (EG) nr. 207/2009 – Beschrijvend karakter – Artikel 7, lid 1, onder c), van verordening nr. 207/2009 – Beroep dat kennelijk rechtens ongegrond is”
|
1. |
Uniemerk–Definitie en verkrijging van het Uniemerk–Absolute weigeringsgronden–Merken die uitsluitend bestaan uit tekens of aanduidingen die kunnen dienen tot aanduiding van de kenmerken van een waar of dienst–Doel–Vrijhoudingsbehoefte [Verordening nr. 207/2009 van de Raad, art. 7, lid 1, c)] (zie punt 15) |
|
2. |
Uniemerk–Definitie en verkrijging van het Uniemerk–Absolute weigeringsgronden–Merken die uitsluitend bestaan uit tekens of aanduidingen die kunnen dienen tot aanduiding van de kenmerken van een waar of dienst–Begrip–Merk bestaande in een woord of een neologisme dat ontstaat uit een combinatie van elementen [Verordening nr. 207/2009 van de Raad, art. 7, lid 1, c)] (zie punten 16‑19) |
|
3. |
Uniemerk–Definitie en verkrijging van het Uniemerk–Absolute weigeringsgronden–Merken die uitsluitend bestaan uit tekens of aanduidingen die kunnen dienen tot aanduiding van de kenmerken van een waar of dienst–Woordmerk SUREID [Verordening nr. 207/2009 van de Raad, art. 7, lid 1, c)] (zie punten 22, 32, 33) |
Voorwerp
Beroep tegen de beslissing van de vierde kamer van beroep van het EUIPO van 18 januari 2016 (zaak R 1478/2015‑4) inzake de inschrijving van het woordteken SUREID als Uniemerk
Dictum
|
1) |
Het beroep wordt verworpen. |
|
2) |
SureID, Inc. wordt verwezen in de kosten. |