|
6.2.2017 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 38/43 |
Beroep ingesteld op 30 november 2016 — QE/Eurojust
(Zaak T-850/16)
(2017/C 038/57)
Procestaal: Frans
Partijen
Verzoekende partij: QE (Gouvy, België) (vertegenwoordigers: T. Bontinck en S. Cherif, advocaten)
Verwerende partij: Eurojust
Conclusies
|
— |
alvorens recht te doen, overlegging van de minuten van de vergadering van 17 maart 2016 gelasten; |
|
— |
de bestreden beslissingen van 22 april 2016 en 18 mei 2016 nietig verklaren; |
|
— |
Eurojust veroordelen tot vergoeding van de door QE geleden schade, die, onder voorbehoud van vermeerdering of vermindering tijdens de procedure, wordt geraamd op 20 000 EUR (twintigduizend euro), vermeerderd met rente vanaf de indiening van het bezwaar van 8 juli 2016, berekend op basis van de door de Europese Centrale Bank voor de basisherfinancieringstransacties vastgestelde rentevoet die voor de betrokken periode geldt, vermeerderd met twee punten; |
|
— |
Eurojust verwijzen in alle kosten. |
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van haar beroep voert de verzoekende partij drie middelen aan.
|
1. |
Eerste middel: ontbreken van een rechtsgrondslag, schending van het recht om te worden gehoord en schending van het evenredigheidsbeginsel, waardoor de beslissing van 22 april 2016 gebrekkig is. |
|
2. |
Tweede middel: schending van artikel 23, lid 2, van bijlage IX bij het Statuut voor de ambtenaren van de Europese Unie, kennelijke onjuiste beoordeling, schending van het evenredigheidsbeginsel en van het zorgvuldigheidsbeginsel, waardoor de beslissing van 18 mei 2016 gebrekkig is. |
|
3. |
Derde middel: machtsmisbruik en belangenconflict, waardoor de twee bestreden beslissingen gebrekkig zijn. |