|
30.5.2016 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 191/44 |
Hogere voorziening ingesteld op 14 april 2016 door Inge Barnett, Suzanne Ditlevsen, Annie Madsen tegen het arrest van het Gerecht voor ambtenarenzaken van 5 februari 2016 in zaak F-66/15, Barnett e.a./EESC
(Zaak T-158/16 P)
(2016/C 191/58)
Procestaal: Frans
Partijen
Rekwirerende partijen: Inge Barnett (Roskilde, Denemarken), Suzanne Ditlevsen (Kopenhagen, Denemarken), Annie Madsen (Frederiksberg, Denemarken) (vertegenwoordigers: S. Orlandi en T. Martin, advocaten)
Andere partij in de procedure: Europees Economisch en Sociaal Comité
Conclusies
De rekwirerende partijen vragen het Gerecht:
vast te stellen en te verklaren,
|
— |
het arrest van het Gerecht voor ambtenarenzaken in zaak F-66/15, Barnett e.a./EESC, wordt vernietigd; |
opnieuw uitspraak te doen als volgt,
|
— |
de besluiten vervat in de pensioenafrekening over juni 2014 waarbij de aanpassingscoëfficiënt die van toepassing is op het pensioen van de rekwirerende partijen met ingang van 1 januari 2014 is verminderd, worden nietig verklaard, |
|
— |
het EESC wordt verwezen in de kosten van de beide procedures. |
Middelen en voornaamste argumenten
Ter onderbouwing van de hogere voorziening voeren de rekwirerende partijen twee middelen aan die hoofdzakelijk identiek of soortgelijk zijn aan die welke zijn aangevoerd in zaak T-148/16 P, Barnett en Mogensen/Commissie.