Zaak T-675/16: Arrest van het Gerecht van 15 mei 2018 — Wirecard/EUIPO (mycard2go) [„Uniemerk — Aanvraag voor Uniewoordmerk mycard2go — Absolute weigeringsgrond — Beschrijvend karakter — Artikel 7, lid 1, onder b) en c), van verordening (EG) nr. 207/2009 [thans artikel 7, lid 1, onder b) en c), van verordening (EU) 2017/1001] — Motiveringsplicht — Artikel 75, eerste volzin, van verordening nr. 207/2009 (thans artikel 94, eerste volzin, van verordening 2017/1001)”]
Arrest van het Gerecht van 15 mei 2018 — Wirecard/EUIPO (mycard2go)
(Zaak T-675/16) ( 1 )
„[„Uniemerk — Aanvraag voor Uniewoordmerk mycard2go — Absolute weigeringsgrond — Beschrijvend karakter — Artikel 7, lid 1, onder b) en c), van verordening (EG) nr. 207/2009 [thans artikel 7, lid 1, onder b) en c), van verordening (EU) 2017/1001] — Motiveringsplicht — Artikel 75, eerste volzin, van verordening nr. 207/2009 (thans artikel 94, eerste volzin, van verordening 2017/1001)”]”
2018/C 231/26Procestaal: DuitsPartijen
Verzoekende partij: Wirecard AG (Aschheim, Duitsland) (vertegenwoordiger: A. Bayer, advocaat)
Verwerende partij: Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie (vertegenwoordiger: D. Hanf, gemachtigde)
Voorwerp
Beroep tegen de beslissing van de vierde kamer van beroep van het EUIPO van 21 juli 2016 (zaak R 282/2016-4) inzake een aanvraag tot inschrijving van het woordteken mycard2go als Uniemerk
Dictum
|
1) |
De beslissing van de vierde kamer van beroep van het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie (EUIPO) van 21 juli 2016 (zaak R 282/2016-4) wordt vernietigd. |
|
2) |
Het beroep wordt verworpen voor het overige. |
|
3) |
Het EUIPO wordt verwezen in zijn eigen kosten alsook in die van verzoekster, daaronder begrepen de door haar in verband met de procedure voor de kamer van beroep gemaakte noodzakelijke kosten. |
( 1 ) PB C 410 van 7.11.2016.