5.3.2018   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 83/4


Arrest van het Hof (Negende kamer) van 18 januari 2018 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Hoge Raad der Nederlanden) — Stadion Amsterdam CV / Staatssecretaris van Financiën

(Zaak C-463/16) (1)

([Prejudiciële verwijzing - Fiscale bepalingen - Belasting over de toegevoegde waarde (btw) - Richtlijn 77/388/EEG - Artikel 12, lid 3, onder a), derde alinea - Verlaagd btw-tarief - Bijlage H, categorie 7 - Eén enkele prestatie die uit twee onderscheiden elementen bestaat - Selectieve toepassing van een verlaagd btw-tarief op een van die elementen - Rondleiding „World of Ajax” - Bezoek aan het museum van AFC Ajax])

(2018/C 083/05)

Procestaal: Nederlands

Verwijzende rechter

Hoge Raad der Nederlanden

Partijen in het hoofdgeding

Verzoekende partij: Stadion Amsterdam CV

Verwerende partij: Staatssecretaris van Financiën

Dictum

De Zesde richtlijn (77/388/EEG) van de Raad van 17 mei 1977 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der lidstaten inzake omzetbelasting — Gemeenschappelijk stelsel van belasting over de toegevoegde waarde: uniforme grondslag, zoals gewijzigd bij richtlijn 2001/4/EG van de Raad van 19 januari 2001, moet aldus worden uitgelegd dat één enkele prestatie als die in het hoofdgeding, die bestaat uit twee onderscheiden elementen, waarvan het ene het hoofdelement en het andere het bijkomende element vormt, waarvoor indien zij afzonderlijk werden verricht, verschillende tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde zouden gelden, moet worden belast tegen het enkele tarief van de belasting over de toegevoegde waarde dat voor die enkele prestatie geldt en dat wordt bepaald aan de hand van het hoofdelement, ook al is het mogelijk te bepalen hoeveel de vergoeding voor elk element bedraagt binnen de door de consument voor deze prestatie betaalde totale vergoeding.


(1)  PB C 410 van 7.11.2016.