Beschikking van het Gerecht (Negende kamer) van 16 juli 2015 –
NK Rosneft e.a./Raad
(Zaak T‑69/15)
„Beroep tot nietigverklaring — Gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid — Beperkende maatregelen naar aanleiding van acties van Rusland die de situatie in Oekraïne destabiliseren — Aanhangigheid — Kennelijke niet-ontvankelijkheid”
|
1. |
Gerechtelijke procedure — Exceptie van litispendentie — Identiteit van partijen, voorwerp en middelen in twee beroepen — Niet-ontvankelijkheid van het als tweede ingestelde beroep (cf. punt 19) |
|
2. |
Gerechtelijke procedure — Petitum van het verzoekschrift — Aanpassing in de loop van het geding — Gelijkstelling met de instelling van een beroep bij verzoekschrift (cf. punt 20) |
Voorwerp
Verzoek tot gedeeltelijke nietigverklaring van besluit 2014/872/GBVB van de Raad van 4 december 2014 tot wijziging van besluit 2014/512/GBVB betreffende beperkende maatregelen naar aanleiding van acties van Rusland die de situatie in Oekraïne destabiliseren en besluit 2014/659/GBVB tot wijziging van besluit 2014/512/GBVB (PB L 349, blz. 58), en van verordening (EU) nr. 1290/2014 van de Raad van 4 december 2014 tot wijziging van verordening (EU) nr. 833/2014 betreffende beperkende maatregelen naar aanleiding van de acties van Rusland die de situatie in Oekraïne destabiliseren, en tot wijziging van verordening (EU) nr. 960/2014 tot wijziging van verordening (EU) nr. 833/2014 (PB L 349, blz. 20), voor zover deze handelingen van toepassing zijn op verzoekende partijen
Dictum
|
1) |
Het beroep wordt kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. |
|
2) |
NK Rosneft OAO, RN‑Shelf-Arctic OOO, RN‑Shelf-Dalniy Vostok ZAO, RN‑Exploration OOO en Tagulskoe OOO zullen hun eigen kosten dragen. |