Beschikking van het Hof (Negende kamer) van 25 februari 2016 –

Steinbeck/BHIM

(Zaak C‑346/15 P) ( 1 )

„Hogere voorziening — Artikel 181 van het Reglement voor de procesvoering van het Hof — Gemeenschapswoordmerken BE HAPPY — Nietigverklaring — Verordening (EG) nr. 207/2009 — Artikel 7, lid 1, onder b) — Absolute weigeringsgrond — Geen onderscheidend vermogen”

1. 

Hogere voorziening — Middelen — Geen precieze kritiek op een punt van de redenering van het Gerecht — Geen vermelding van de bekritiseerde punten van het bestreden arrest — Niet-ontvankelijkheid (Reglement voor de procesvoering van het Hof, art. 169, lid 2) (cf. punten 27‑29)

2. 

Hogere voorziening — Middelen — Onjuiste beoordeling van de feiten en het bewijsmateriaal — Niet-ontvankelijkheid — Toetsing door het Hof van de beoordeling van de feiten en het bewijsmateriaal — Uitgesloten, behoudens geval van onjuiste opvatting (Art. 256, lid 1, VWEU; Statuut van het Hof van Justitie, art. 58, eerste alinea) (cf. punt 33)

Dictum

1) 

De hogere voorziening wordt afgewezen.

2) 

Steinbeck GmbH draagt haar eigen kosten.


( 1 )   PB C 302 van 14.9.2015.