1.12.2014   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 431/34


Beroep ingesteld op 19 september 2014 — Krka/Commissie

(Zaak T-684/14)

(2014/C 431/57)

Procestaal: Engels

Partijen

Verzoekende partij: Krka Tovarna Zdravil d.d. (Novo Mesto, Slovenië) (vertegenwoordigers: T. Ilešič en M. Kocmut, advocaten)

Verwerende partij: Europese Commissie

Conclusies

besluit C(2014) 4955 def. van de Commissie van 9 juli 2014 in zaak AT.39612 — Perindopril (Servier), dat op 11 juli 2014 aan verzoekster is betekend, nietig verklaren voor zover het verzoekster betreft, in het bijzonder de artikelen 4, 7, lid 4, sub a, 8 en 9;

de Commissie verwijzen in de gerechtskosten en de andere kosten en uitgaven die verzoekster in het kader van deze zaak heeft gemaakt, en

andere rechtens noodzakelijke maatregelen gelasten.

Middelen en voornaamste argumenten

Ter ondersteuning van haar beroep voert verzoekster zes middelen aan.

1.

De Commissie heeft de juridische, feitelijke en economische context van verzoeksters situatie niet naar behoren geanalyseerd.

2.

De Commissie heeft ten onrechte geconcludeerd dat verzoekster en Servier daadwerkelijke of potentiële concurrenten in de zin van artikel 101 VWEU waren.

3.

De onjuiste conclusie van de Commissie dat de octrooiregeling tussen verzoekster en Servier een mededingingsbeperkende strekking in de zin van artikel 101, lid 1, VWEU had, is gebaseerd op een onjuiste feitelijke en juridische analyse en een onjuiste toepassing van de vaststaande beginselen inzake een mededingingsbeperkende strekking.

4.

De Commissie heeft verzoeksters recht van verdediging geschonden door de overdrachts- en licentieovereenkomst op inconsistente wijze te onderzoeken, en zij heeft ten onrechte geconcludeerd dat de overdrachts- en licentieovereenkomst een mededingingsbeperkende strekking in de zin van artikel 101, lid 1, VWEU heeft.

5.

De Commissie heeft ten onrechte geconcludeerd dat de overeenkomsten tussen verzoekster en Servier ten gevolge hadden dat de mededinging werd beperkt in de zin van artikel 101, lid 1, VWEU.

6.

De Commissie heeft verzoeksters argumenten inzake artikel 101, lid 3, VWEU niet nauwkeurig onderzocht.