Zaak C‑246/14

Vittoria De Bellis e.a.

tegen

Istituto Nazionale di Previdenza per i Dipendenti dell’Amministrazione Pubblica (Inpdap)

(verzoek van de Corte dei conti, sezione giurisdizionale per la Regione Puglia, om een prejudiciële beslissing)

„Prejudiciële verwijzing — Beginsel van bescherming van het gewettigd vertrouwen — Nationale wettelijke regeling die met terugwerkende kracht voorziet in een vermindering van pensioenrechten — Zuiver interne situatie — Kennelijke onbevoegdheid van het Hof”

Samenvatting – Beschikking van het Hof (Vijfde kamer) van 15 oktober 2014

Prejudiciële vragen – Bevoegdheid van het Hof – Grenzen – Zuiver interne situatie – Uitlegging waarom is verzocht wegens een algemene verwijzing in een bepaling van nationaal recht naar de beginselen van de rechtsorde van de Unie – Ontbreken van een dergelijke verwijzing – Verzoek waarin de redenen voor verwijzing naar het Hof niet zijn uiteengezet – Kennelijke onbevoegdheid

(Art. 267 VWEU; Reglement voor de procesvoering van het Hof, art. 53, lid 2, en 94, a en c)

Zie de tekst van de beslissing.

(cf. punten 13‑21 en dictum)


Zaak C‑246/14

Vittoria De Bellis e.a.

tegen

Istituto Nazionale di Previdenza per i Dipendenti dell’Amministrazione Pubblica (Inpdap)

(verzoek van de Corte dei conti, sezione giurisdizionale per la Regione Puglia, om een prejudiciële beslissing)

„Prejudiciële verwijzing — Beginsel van bescherming van het gewettigd vertrouwen — Nationale wettelijke regeling die met terugwerkende kracht voorziet in een vermindering van pensioenrechten — Zuiver interne situatie — Kennelijke onbevoegdheid van het Hof”

Samenvatting – Beschikking van het Hof (Vijfde kamer) van 15 oktober 2014

Prejudiciële vragen — Bevoegdheid van het Hof — Grenzen — Zuiver interne situatie — Uitlegging waarom is verzocht wegens een algemene verwijzing in een bepaling van nationaal recht naar de beginselen van de rechtsorde van de Unie — Ontbreken van een dergelijke verwijzing — Verzoek waarin de redenen voor verwijzing naar het Hof niet zijn uiteengezet — Kennelijke onbevoegdheid

(Art. 267 VWEU; Reglement voor de procesvoering van het Hof, art. 53, lid 2, en 94, a en c)

Zie de tekst van de beslissing.

(cf. punten 13‑21 en dictum)