|
21.9.2013 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 274/13 |
Hogere voorziening ingesteld op 11 juli 2013 door Stichting Corporate Europe Observatory tegen het arrest van het Gerecht (Achtste kamer) van 7 juni 2013 in zaak T-93/11, Stichting Corporate Europe Observatory/Europese Commissie
(Zaak C-399/13 P)
2013/C 274/21
Procestaal: Engels
Partijen
Rekwirante: Stichting Corporate Europe Observatory (vertegenwoordiger: S. Crosby, Solicitor)
Andere partijen in de procedure: Europese Commissie, Bondsrepubliek Duitsland
Conclusies
Rekwirante verzoekt het Hof om:
|
— |
de hogere voorziening toe te wijzen, het arrest van het Gerecht van 7 juni 2013 te vernietigen en het besluit van de Commissie van 6 december 2010 nietig te verklaren; |
|
— |
de Commissie te verwijzen in de kosten die rekwirante heeft gemaakt in het kader van de onderhavige hogere voorziening en het beroep tot nietigverklaring bij het Gerecht. |
Middelen en voornaamste argumenten
Volgens rekwirante heeft het Gerecht op drie punten blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting.
|
1) |
Een onjuiste rechtsopvatting door te oordelen dat het „Vademecum inzake toegang tot documenten” van het DG Handel (het Vademecum) geen externe gevolgen beoogde. |
|
2) |
Een onjuiste rechtsopvatting door geen rekening te houden met het vermoeden dat de documenten waren bestemd om door een groot aantal personen te worden geraadpleegd. |
|
3) |
Een onjuiste rechtsopvatting door te oordelen dat in de onderhavige omstandigheden geen sprake was van impliciete afstand van vertrouwelijkheid. |