23.2.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 65/8


Arrest van het Hof (Derde kamer) van 18 december 2014 (verzoeken om een prejudiciële beslissing ingediend door het Amtsgericht Düsseldorf en het Amtsgericht Karlsruhe — Duitsland) — Sophia Marie Nicole Sanders, vertegenwoordigd door Marianne Sanders/David Verhaegen (C-400/13), Barbara Huber/Manfred Huber (C-408/13)

(Gevoegde zaken C-400/13 en C-408/13) (1)

((Prejudiciële verwijzing - Ruimte van vrijheid, veiligheid en recht - Samenwerking in burgerlijke zaken - Verordening nr. 4/2009 - Artikel 3 - Bevoegdheid om uitspraak te doen op een vordering inzake onderhoudsverplichtingen jegens een persoon die in een andere lidstaat woont - Nationale regeling waarbij in een bevoegdheidsconcentratie wordt voorzien))

(2015/C 065/11)

Procestaal: Duits

Verwijzende rechters

Amtsgericht Düsseldorf, Amtsgericht Karlsruhe

Partijen in het hoofdgeding

Verzoekende partijen: Sophia Marie Nicole Sanders, vertegenwoordigd door Marianne Sanders (C-400/13), Barbara Huber (C-408/13)

Verwerende partijen: David Verhaegen (C-400/13), Manfred Huber (C-408/13)

Dictum

Artikel 3, sub b, van verordening (EG) nr. 4/2009 van de Raad van 18 december 2008 betreffende de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen, en de samenwerking op het gebied van onderhoudsverplichtingen moet aldus worden uitgelegd dat het zich verzet tegen een nationale regeling zoals die in de hoofdgedingen, op grond waarvan de rechterlijke bevoegdheden inzake grensoverschrijdende onderhoudsverplichtingen worden geconcentreerd bij de rechter in eerste aanleg die bevoegd is voor de vestigingsplaats van de appelrechter, tenzij deze regel bijdraagt tot de verwezenlijking van de doelstelling van een goede rechtsbedeling en de belangen van de onderhoudsgerechtigden behartigt, alsook de daadwerkelijke invordering van uitkeringen tot levensonderhoud vergemakkelijkt. Het staat aan de verwijzende rechters dit na te gaan.


(1)  PB C 274 van 21.9.2013.