|
7.7.2012 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 200/5 |
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Krajský soud v Praze (Tsjechische Republiek) op 3 april 2012 — Radek Časta/Česká správa sociálního zabezpečení
(Zaak C-166/12)
2012/C 200/09
Procestaal: Tsjechisch
Verwijzende rechter
Krajský soud v Praze
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Radek Časta
Verwerende partij: Česká správa sociálního zabezpečení
Prejudiciële vragen
|
1) |
Hoe moet het begrip „kapitaal dat overeenkomt met de pensioenrechten” in artikel 11, lid 2, van bijlage VIII bij verordening (EEG, Euratom, EGKS) nr. 259/68 van de Raad van 29 februari 1968 tot vaststelling van het Statuut van de ambtenaren van de Europese Gemeenschappen en de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van deze Gemeenschappen, zoals gewijzigd bij verordening nr. 723/2004 van de Raad (hierna: „Ambtenarenstatuut”) (1), worden begrepen? Omvat dit begrip zowel het bedrag van de pensioenrechten zoals dit in de vorm van de actuariële tegenwaarde is omschreven als het bedrag van de pensioenrechten zoals dit in de vorm van de afkoopsom is omschreven in artikel 11, lid 2, van bijlage VIII bij het Ambtenarenstatuut in de versie die van kracht was vóór de inwerkingtreding van verordening nr. 723/2004, of moet het worden gelijkgesteld met slechts een van die twee begrippen, en, indien dit niet het geval is, hoe verschilt het van die begrippen? |
|
2) |
Staat artikel 11, lid 2, van bijlage VIII bij het Ambtenarenstatuut, juncto artikel 4, lid 3, van het Verdrag betreffende de Europese Unie, zoals gewijzigd bij het Verdrag van Lissabon, eraan in de weg dat de methode voor de berekening van de pensioenrechten wordt toegepast waarin is voorzien in § 105a, lid 1, van wet nr. 155/1995 betreffende de pensioenverzekering en in regeringsbesluit nr. 587/2006 houdende vaststelling van nadere bepalingen over de wederzijdse overdracht van pensioenrechten aan en van het pensioenstelsel van de Europese Gemeenschappen? Is het in dit verband relevant dat die berekeningsmethode in een specifiek geval tot gevolg heeft dat de voor overdracht aan het pensioenstelsel van de EU aangeboden pensioenrechten niet eens de helft bedragen van het bedrag van de door een ambtenaar aan het nationale pensioenstelsel betaalde bijdragen? |
|
3) |
Moet het arrest van het Hof van Justitie in zaak C-293/03, Gregorio My/Rijksdienst voor pensioenen (RVP), aldus worden uitgelegd dat voor de berekening van de waarde van de aan het pensioenstelsel van de EU over te dragen pensioenrechten volgens een actuariële methode die afhankelijk is van het tijdvak van verzekering, de individuele vaststellingsgrondslag ook het tijdvak dient te omvatten waarin de EU-ambtenaar vóór de datum van indiening van een verzoek om overdracht van pensioenrechten al bijdragen heeft betaald aan het pensioenstelsel van de EU? |
(1) PB L 56, blz. 1.