|
26.1.2013 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 26/6 |
Arrest van het Hof (Derde kamer) van 22 november 2012 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Audiencia Provincial de Barcelona — Spanje) — Joan Cuadrench Moré/Koninklijke Luchtvaart Maatschappij NV
(Zaak C-139/11) (1)
(Luchtvervoer - Compensatie en bijstand aan luchtreizigers - Instapweigering, annulering of langdurige vertraging van vlucht - Termijn voor instellen van vorderingen)
2013/C 26/10
Procestaal: Spaans
Verwijzende rechter
Audiencia Provincial de Barcelona
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Joan Cuadrench Moré
Verwerende partij: Koninklijke Luchtvaart Maatschappij NV
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Audiencia Provincial de Barcelona — Uitlegging van de artikelen 5 en 6 van verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van verordening (EEG) nr. 295/91 (PB L 46, blz. 1) — Ontbreken van termijnen voor het instellen van vorderingen — Artikel 35 van het Verdrag tot het brengen van eenheid in enige bepalingen inzake het internationale luchtvervoer (verdrag van Montreal), goedgekeurd bij besluit van de Raad van 5 april 2001 (PB L 194, blz. 38) — Toepasselijk recht
Dictum
Verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van verordening (EEG) nr. 295/91 moet aldus worden uitgelegd dat de termijn waarbinnen vorderingen tot betaling van de in de artikelen 5 en 7 van deze verordening bedoelde compensatie moeten worden ingesteld, wordt bepaald overeenkomstig de voorschriften van de verschillende lidstaten betreffende de verjaring van vorderingen.