Beschikking van de president van het Hof van 27 oktober 2011 – Inuit Tapiriit Kanatami e.a. / Parlement en Raad
[Zaak C‑605/10 P(R)]
„Hogere voorziening – Beschikking in kort geding – Dierenbescherming – Verordening (EG) nr. 1007/2009 – Handel in zeehondenproducten – Beperkingen van invoer en op markt brengen van die producten– Afdoening zonder beslissing”
Hogere voorziening – Procesbelang – Ambtshalve onderzoek door Hof – Feit van na arrest van Gerecht – Niet-ontvankelijkheid van hoofdberoep voor Gerecht – Hogere voorziening zonder voorwerp geworden – Afdoening zonder beslissing (Art. 256, lid 1, tweede alinea, VWEU; Statuut van het Hof van Justitie, art. 57, tweede alinea) (cf. punten 15‑16, 18)
Voorwerp
| Hogere voorziening tegen de beschikking van de President van het Gerecht van 25 oktober 2010 (T‑18/10 R II), Inuit Tapiriit Kanatami e.a./Europees Parlement en Raad van de Europese Unie, waarbij het Gerecht afwijzend heeft beslist op het verzoek tot opschorting van de tenuitvoerlegging van verordening (EG) nr. 1007/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 betreffende de handel in zeehondenproducten (PB L 286, blz. 36) |
Dictum
|
1) |
Op de hogere voorziening behoeft niet te worden beslist. |
|
2) |
Rekwiranten, het Europees Parlement, de Raad van de Europese Unie en de Europese Commissie dragen hun eigen kosten. |