|
16.1.2010 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 11/2 |
Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 12 november 2009 — Commissie van de Europese Gemeenschappen/Helleense Republiek
(Zaak C-199/07) (1)
(Niet-nakoming - Overheidsopdrachten - Richtlijn 93/38/EEG - Aankondiging van opdracht - Uitvoeren van studie - Criterium voor automatische uitsluiting - Criteria voor kwalitatieve selectie en gunningscriteria)
2010/C 11/02
Procestaal: Grieks
Partijen
Verzoekende partij: Commissie van de Europese Gemeenschappen (vertegenwoordigers: M. Patakia en D. Kukovec, gemachtigden)
Verwerende partij: Helleense Republiek (vertegenwoordigers: D. Tsagkaraki, gemachtigde, K. Christodoulou, dikigoros)
Voorwerp
Niet-nakoming — Schending van de artikelen 4, lid 2, 31, leden 1 en 2, en 34, lid 1, sub a, van richtlijn 93/38/EEG van de Raad van 14 juni 1993 houdende coördinatie van de procedures voor het plaatsen van opdrachten in de sectoren water- en energievoorziening, vervoer en telecommunicatie (PB L 199, blz. 84), en de artikelen 12 EG en 49 EG — Selectie van kandidaten voor een niet-openbare procedure of een procedure van gunning door onderhandelingen — Uitsluitingscriteria
Dictum
|
1. |
Door de uitsluiting, op grond van onderdeel III, punt 2.1.3, sub b, tweede alinea, van de op 16 oktober 2003 door ERGA OSE AE bekendgemaakte aankondiging van opdracht met de nummers 2003/S 205-185214 en 2003/S 206-186119, van buitenlandse adviesbureaus en adviseurs die blijk hebben gegeven van hun belangstelling om deel te nemen aan een aanbestedingsprocedure van ERGA OSE AE in de zes maanden voorafgaande aan hun blijken van belangstelling in de aanbestedingsprocedure waarop die aankondiging betrekking heeft, en daarbij kwalificaties hebben opgegeven die overeenkomen met andere categorieën van certificaten dan in het kader van die procedure worden verlangd, en door in onderdeel IV, punt 2, van die aankondiging geen onderscheid te maken tussen kwalitatieve selectiecriteria en criteria voor de gunning van de betrokken opdracht, heeft de Helleense Republiek niet voldaan aan de verplichtingen die op haar rusten krachtens de artikelen 4, lid 2, en 34, lid 1, sub a, van richtlijn 93/38/EEG van de Raad van 14 juni 1993 houdende coördinatie van de procedures voor het plaatsen van opdrachten in de sectoren water- en energievoorziening, vervoer en telecommunicatie. |
|
2. |
Het beroep wordt verworpen voor het overige. |
|
3. |
De Commissie van de Europese Gemeenschappen en de Helleense Republiek dragen elk hun eigen kosten. |