«Mededinging – Machtspositie – Levering van elektriciteit – Facturering van sovrapprezzo»
|
I - 0000 | |||
|
I - 0000 | |||
(Art. 234 EG; Statuut van het Hof van Justitie, art. 23)
(Art. 81 EG en 82 EG)
(Art. 249, vijfde alinea, EG)
(Aanbeveling 81/924 van de Raad)
ARREST VAN HET HOF (Zesde kamer)
11 september 2003 (1)
„Mededinging – Machtspositie – Levering van elektriciteit – Facturering van sovrapprezzo”
In zaak C-207/01, betreffende een verzoek aan het Hof krachtens artikel 234 EG van de Corte d'appello di Firenze (Italië), in het aldaar aanhangig geding tussen Altair Chimica SpAen
ENEL Distribuzione SpA, om een prejudiciële beslissing over de uitlegging van de artikelen 81 EG, 82 EG en 85 EG, van richtlijn 92/12/EEG van de Raad van 25 februari 1992 betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop (PB L 76, blz. 1), zoals gewijzigd bij richtlijn 96/99/EG van de Raad van 30 december 1996 (PB 1997, L 8, blz. 12), en van aanbeveling 81/924/EEG van de Raad van 27 oktober 1981 betreffende de tariefstructuren voor elektrische energie in de Gemeenschap (PB L 337, blz. 12),wijstHET HOF VAN JUSTITIE (Zesde kamer),,
gelet op de schriftelijke opmerkingen ingediend door:
gezien het rapport ter terechtzitting,
gehoord de mondelinge opmerkingen van Altair Chimica SpA, vertegenwoordigd door F. Lorenzoni; ENEL Distribuzione SpA, vertegenwoordigd door G. M. Roberti en A. Franchi, avvocati; de Italiaanse regering, vertegenwoordigd door G. De Bellis, en de Commissie, vertegenwoordigd door E. Traversa, ter terechtzitting van 16 januari 2003,
gehoord de conclusie van de advocaat-generaal ter terechtzitting van 13 maart 2003,
het navolgende
HET HOF VAN JUSTITIE (Zesde kamer),
uitspraak doende op de door de Corte d'appello di Firenze bij beschikking van 23 januari 2001 gestelde vraag, verklaart voor recht:|
Puissochet |
Schintgen |
Skouris |
|
Macken |
Cunha Rodrigues |
|
|
De griffier |
De president van de Zesde kamer |
|
R. Grass |
J.-P. Puissochet |