Trefwoorden
Samenvatting

Trefwoorden

1. Milieu - Internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantensoorten - Soorten die onder bijlage I bij Overeenkomst van Washington of onder bijlage A bij verordening nr. 338/97 vallen - Algemeen verbod van elk commercieel gebruik van in gevangenschap geboren en gefokte specimens op grondgebied van lidstaat - Toelaatbaarheid

(Verordeningen van de Raad nrs. 3626/82 en 338/97, bijlage A)

2. Milieu - Internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantensoorten - Soorten die onder bijlage II bij Overeenkomst van Washington of onder bijlage B bij verordening nr. 338/97 vallen - Commercieel gebruik van specimens van die soorten - Toelaatbaarheid - Voorwaarden - Algemeen verbod van elk gebruik van uit andere lidstaten ingevoerde in gevangenschap geboren en gefokte specimens van deze soorten op grondgebied van lidstaat - Ontoelaatbaarheid - Voorwaarde

[EG-Verdrag, art. 36 (thans, na wijziging, art. 30 EG); verordeningen van de Raad nr. 3626/82, art. 6, lid 2, en 15, en nr. 338/97, art. 8, lid 5, en bijlage B]

Samenvatting

1. Met betrekking tot de onder bijlage I bij de Overeenkomst inzake de internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantensoorten, gesloten te Washington op 3 maart 1973, vallende soorten moet verordening nr. 3626/82 betreffende de toepassing in de Gemeenschap van de Overeenkomst inzake de internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantensoorten aldus worden uitgelegd dat zij zich niet verzet tegen een regelgeving van een lidstaat die elk commercieel gebruik van in gevangenschap geboren en gefokte specimens op zijn grondgebied algemeen verbiedt.

Met betrekking tot de onder bijlage A bij verordening nr. 338/97 inzake de bescherming van in het wild levende dier- en plantensoorten door controle op het desbetreffende handelsverkeer vallende soorten moet deze verordening aldus moet worden uitgelegd dat zij zich niet verzet tegen een regelgeving van een lidstaat die elk commercieel gebruik van in gevangenschap geboren en gefokte specimens op zijn grondgebied algemeen verbiedt.

( cf. punt 41, dictum 1 )

2. Met betrekking tot de onder bijlage II bij de Overeenkomst inzake de internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantensoorten, gesloten te Washington op 3 maart 1973, vallende soorten, verbiedt verordening nr. 3626/82 betreffende de toepassing in de Gemeenschap van de Overeenkomst inzake de internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantensoorten niet het commerciƫle gebruik van deze soorten, behalve in de in artikel 6, lid 2, van deze verordening bedoelde gevallen waarin deze specimens in strijd met artikel 5 van dezelfde verordening zijn binnengebracht; met name volgens lid 1 van dit laatste artikel moet voor het binnenbrengen van deze specimens in de Gemeenschap een invoervergunning of -certificaat worden overgelegd op het douanekantoor waar de douaneformaliteiten worden vervuld.

Met betrekking tot de onder bijlage B bij verordening nr. 338/97 inzake de bescherming van in het wild levende dier- en plantensoorten door controle op het desbetreffende handelsverkeer vallende soorten verbiedt deze verordening niet het commerciƫle gebruik van specimens van deze soorten, voorzover aan de in artikel 8, lid 5, gestelde voorwaarden is voldaan, namelijk indien ten genoegen van de bevoegde autoriteit van de betrokken lidstaat is aangetoond dat die specimens verkregen werden en, indien zij niet uit de Gemeenschap afkomstig zijn, daarin werden binnengebracht overeenkomstig de geldende wetgeving inzake de instandhouding van de wilde flora en fauna.

Bovengenoemde verordeningen verzetten zich tegen een regelgeving van een lidstaat die elk commercieel gebruik van in gevangenschap geboren en gefokte specimens van genoemde soorten op zijn grondgebied algemeen verbiedt, voorzover zij van toepassing is op uit andere lidstaten ingevoerde specimens en indien de doelstelling van bescherming van deze soorten, zoals bedoeld in artikel 15 van verordening nr. 3626/82 of artikel 36 van het Verdrag (thans, na wijziging, artikel 30 EG), even doeltreffend kan worden bereikt door maatregelen die het intracommunautaire handelsverkeer minder beperken.

( cf. punt 60, dictum 2 )