1 Landbouw - Uniforme wetgevingen - Bescherming van geografische aanduidingen en oorsprongsbenamingen van landbouwproducten en levensmiddelen - Verordening nr. 2081/92 - Bevoegdheid van lidstaten om afwijkende besluiten vast te stellen - Voorwaarde - Bestaan van uitdrukkelijk voorschrift - Wijziging van geregistreerde benaming zonder communautaire procedure te volgen - Ontoelaatbaarheid
(Verordening nr. 2081/92 van de Raad, art. 17)
2 Landbouw - Uniforme wetgevingen - Bescherming van geografische aanduidingen en oorsprongsbenamingen van landbouwproducten en levensmiddelen - Samengestelde benaming welke volgens vereenvoudigde procedure is geregistreerd - Ontbreken van vermelding dat bescherming beperkt is - Bescherming geldend voor alle delen van benaming - Niet-dwingende gevolgtrekking
(Verordening nr. 2081/92 van de Raad, art. 17; verordening nr. 1107/96 van de Commissie)
3 In het bij verordening nr. 2081/92 inzake de bescherming van geografische aanduidingen en oorsprongsbenamingen van landbouwproducten en levensmiddelen ingevoerde stelsel is een lidstaat slechts bevoegd om, al zijn het maar voorlopige, besluiten vast te stellen die afwijken van de bepalingen van de verordening, wanneer deze bevoegdheid op uitdrukkelijke voorschriften berust. Een eventuele wijziging van een deel van het productdossier, zoals de benaming van het product, dat wil zeggen de geregistreerde oorsprongsbenaming, is derhalve enkel mogelijk onder de voorwaarden en overeenkomstig de communautaire procedures, welke zijn vastgelegd in deze verordening.
Na de inwerkingtreding van genoemde verordening kan een lidstaat derhalve een oorsprongsbenaming waarvoor hij overeenkomstig de vereenvoudigde procedure van artikel 17, die geldt voor bij de inwerkingtreding van de verordening reeds bestaande benamingen, registratie heeft aangevraagd, niet bij nationale bepaling wijzigen of op nationaal niveau beschermen.
4 Het feit dat ten aanzien van een "samengestelde" oorsprongsbenaming, die volgens de vereenvoudigde procedure van artikel 17 van verordening nr. 2081/92 is geregistreerd, niet in de vorm van een voetnoot in de bijlage bij verordening nr. 1107/96 betreffende de registratie van de geografische aanduidingen en oorsprongsbenamingen in het kader van de procedure van artikel 17 van verordening nr. 2081/92, wordt verklaard dat voor een bepaald deel van de benaming geen registratie wordt aangevraagd, impliceert niet noodzakelijkerwijs, dat elk van de delen van deze benaming beschermd is.
Niets in laatstgenoemde verordening duidt er namelijk op, dat de voetnoten met dit doel zijn gebruikt. Voorts is het in de beschermingsregeling van verordening nr. 2081/92 de nationale rechter die, na een gedetailleerd onderzoek van de feiten die hem door de belanghebbenden worden voorgelegd, moet uitmaken, welke bescherming aan de verschillende delen van een benaming toekomt, en met name of het eventueel gaat om een soortnaam of om een beschermd deel van een benaming.