Brussel, 29.7.2026

COM(2026) 413 final

2026/0229(COD)

Voorstel voor een

VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

betreffende het informatienet inzake de duurzaamheid van landbouwbedrijven (codificatie)


TOELICHTING

1.In de context van een Europa van de burgers hecht de Commissie groot belang aan het vereenvoudigen en verduidelijken van het recht van de Unie om het duidelijker en toegankelijker te maken voor de gewone burger, zodat deze nieuwe mogelijkheden krijgt en in staat wordt gesteld gebruik te maken van de specifieke rechten die hij aan het recht van de Unie kan ontlenen.

Dit doel kan niet worden verwezenlijkt zolang talloze bepalingen die meermaals en vaak ingrijpend zijn gewijzigd, gedeeltelijk in het oorspronkelijke besluit en gedeeltelijk in de latere wijzigingsbesluiten te vinden zijn. Om dan na te gaan wat de geldende regels zijn, is veel zoekwerk vereist, waarbij een groot aantal besluiten moet worden vergeleken.

Codificatie van meermaals gewijzigde regels is dan ook van essentieel belang om het recht duidelijk en doorzichtig te maken.

2.Bij haar besluit van 1 april 1987 1 heeft de Commissie haar diensten opgedragen alle besluiten na maximaal tien wijzigingen te codificeren, waarbij zij erop wijst dat dit een minimumregel is en dat haar diensten ter wille van de duidelijkheid en het juiste begrip van de bepalingen ernaar zouden moeten streven de teksten waarvoor zij verantwoordelijkheid dragen, met nog kortere tussenpozen te codificeren.

3.De conclusies van het voorzitterschap van de Europese Raad van Edinburgh (december 1992) hebben dit bevestigd 2 en het belang van codificatie onderstreept, omdat daarmee rechtszekerheid wordt verschaft omtrent de vraag welke wet op een gegeven moment op een bepaald onderwerp van toepassing is.

Bij codificatie moet de normale procedure voor de vaststelling van besluiten van de Unie volledig in acht worden genomen.

Aangezien bij codificatie geen inhoudelijke wijzigingen in de betrokken wetteksten mogen worden aangebracht, zijn het Europees Parlement, de Raad en de Commissie bij Interinstitutioneel Akkoord van 20 december 1994 een versnelde werkmethode voor de codificatie van wetteksten overeengekomen.

4.Dit voorstel beoogt de codificatie van Verordening (EG) nr. 1217/2009 van de Raad van 30 november 2009 tot oprichting van het informatienet inzake de duurzaamheid van landbouwbedrijven 3 . De nieuwe verordening vervangt de verschillende besluiten die erin zijn verwerkt 4 ; dit voorstel laat de inhoud van de besluiten die worden gecodificeerd onverlet en beperkt zich er derhalve toe deze samen te voegen en daarin slechts de formele aanpassingen aan te brengen die voor de codificatie zelf vereist zijn.

5.Dit voorstel voor een codificatie is opgesteld op basis van een voorafgaande consolidatie, in alle officiële talen, van Verordening (EG) nr. 1217/2009 en de besluiten tot wijziging daarvan, met behulp van een gegevensverwerkingssysteem van het Bureau voor publicaties van de Europese Unie. Voorzover de artikelen zijn vernummerd, is het verband tussen de oude en de nieuwe nummering weergegeven in een concordantietabel die is opgenomen in bijlage IV bij de gecodificeerde verordening.

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 1 (aangepast)

2026/0229 (COD)

Voorstel voor een

VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

 betreffende  het informatienet inzake de duurzaamheid van landbouwbedrijven (codificatie)

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel  43, lid 2 ,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Na toezending van het ontwerp van wetgevingshandeling aan de nationale parlementen,

Gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité 5 ,

Handelend volgens de gewone wetgevingsprocedure,

Overwegende hetgeen volgt:

🡻 

(1)Verordening (EG) nr. 1217/2009 6  is herhaaldelijk en ingrijpend gewijzigd 7 . Ter wille van de duidelijkheid en een rationele ordening van de tekst dient tot codificatie van die verordening te worden overgegaan.

🡻 2023/2674 overweging 1 (aangepast)

(2)De analyse en ontwikkeling van de landbouwsector van de Unie en van het gemeenschappelijk landbouwbeleid Ö (GLBÕ vereisen objectieve, actuele en relevante informatie over de prestaties en de duurzaamheid van de bedrijven in de Unie.

🡻 2023/2674 overweging 3 (aangepast)

(3) Een  informatienet inzake de duurzaamheid van landbouwbedrijven (IDL), met het oog op de verzameling van duurzaamheidsgegevens op landbouwbedrijfsniveau, zal de ontwikkeling van een empirisch onderbouwd en prestatiegericht beleid en de analyse van de landbouwsectoren in de Ö individuele Õ lidstaten en in de Unie als geheel ondersteunen, de vooruitgang meten en beleidsmakers waardevolle richtsnoeren verschaffen. Het IDL zal ook bijdragen tot de analyse van de versterkte economische, milieu en sociale dimensies van het GLB, tot de verbetering van de adviesdiensten voor landbouwers en de benchmarking van de prestaties van landbouwbedrijven, en tot aan de transparantie en eerlijkheid in de agrovoedselvoorzieningsketen.

🡻 2023/2674 overweging 4 (aangepast)

(4)Om invulling te geven aan de doelstellingen van het GLB zoals uiteengezet in artikel 39 van het Verdrag  betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU)  en om ervoor te zorgen dat de Unie haar huidige en toekomstige uitdagingen adequaat aanpakt, is het passend dat de drie dimensies van de duurzaamheid van de landbouw van de Unie worden bestreken, namelijk de economische, de milieu en de sociale dimensie, met name zoals bepaald in de artikelen 5 en 6 van Verordening (EU) 2021/2115 van het Europees Parlement en de Raad  8 . Op grond van artikel 11  VWEU  moeten gegevens over milieubescherming in het IDL worden geïntegreerd om bij te dragen tot de beoordeling van aanvullende aspecten in verband met de duurzaamheid van de landbouw in de Unie. Bovendien moet, om het verband met de uitvoering van de Agenda 2030 van de Verenigde Naties voor duurzame ontwikkeling te versterken, rekening worden gehouden met het kader dat de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen van de Verenigde Naties vormen voor de duurzaamheid van bedrijven, op basis van drie belangrijke aspecten: het economische, het milieu en het sociale aspect.

🡻 2023/2674 overweging 5

(5)Bovenvermelde doeleinden kunnen slechts worden bereikt indien gebruik wordt gemaakt van een Unienetwerk voor de verzameling van duurzaamheidsgegevens van landbouwbedrijven, namelijk het IDL, dat steunt op gegevensverzamelaars die reeds bestaan in elke lidstaat en die het vertrouwen van de betrokken partijen genieten.

🡻 2023/2674 overweging 6 (aangepast)

(6)De algehele duurzaamheid van bedrijven moet echter worden beoordeeld, onder meer op basis van milieugegevens die verband houden met bodem, lucht, water en biodiversiteit, alsook gegevens over de sociale dimensie van de landbouw, met bijzondere aandacht voor de situatie van vrouwen en jongeren die landbouwer zijn of werkzaam zijn in de landbouw. Het is passend de belangrijkste categorieën economische, milieu- en sociale gegevens en binnen deze categorieën de gerelateerde gegevensthema’s die in het IDL kunnen worden verzameld en gebundeld, in een bijlage bij  deze  verordening vast te stellen. Die gegevensthema’s moeten verband houden met de behoeften van het GLB en moeten relevant zijn voor de beoordeling van de duurzaamheid van de landbouw en de bedrijven in de Unie. Om rekening te houden met toekomstige uitdagingen op het gebied van duurzaamheid, moet de bevoegdheid om handelingen vast te stellen overeenkomstig artikel 290  VWEU  aan de Commissie worden gedelegeerd om die bijlage te wijzigen, onder meer door thema’s te wijzigen en nieuwe thema’s toe te voegen, rekening houdend met de relevantie van de te verzamelen en te bundelen gegevens en de administratieve lasten voor de nationale autoriteiten en de bedrijven. Voorts moet de Commissie bij het toevoegen van nieuwe thema’s voorzien in een minimumperiode van ten minste één jaar vóór de toepassing van de desbetreffende uitvoeringshandeling over variabelen, teneinde de lidstaten voldoende tijd te geven om de gegevensverzameling voor te bereiden.

🡻 2023/2674 overweging 7 (aangepast)

(7)Om de sociale dimensie van duurzaamheid te beschrijven, moeten bepaalde soorten persoonsgegevens worden verzameld van personen die in de landbouwsector werkzaam zijn. Dergelijke informatie moet dienen ter ondersteuning van de analyse van thema’s die verband houden met de specifieke doelstellingen van het GLB op grond van artikel 6, lid 1, punten g) en h), van Verordening (EU) 2021/2115. De verwerking van dergelijke persoonsgegevens moet beperkt blijven tot de gegevenscategorieën die strikt noodzakelijk zijn voor de verwezenlijking van de doelstellingen van  deze  verordening, overeenkomstig Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad 9 , Ö en Õ met name artikel 9, lid 1, en Verordening (EU) 2018/1725 van het Europees Parlement en de Raad 10 , Ö en Õ met name artikel 10, lid 1.

🡻 2023/2674 overweging 8 (aangepast)

(8)De Commissie moet de resultaten van analyses van de staat van de duurzaamheid van de landbouw van de Unie publiceren, met name om het gebruik van die resultaten voor benchmarkingdoeleinden mogelijk te maken. Adviesdiensten die op basis van IDL-gegevens aan bedrijven met boekhouding worden verstrekt, kunnen waardevol zijn en zo een aanzienlijke stimulans bieden voor deelname aan het IDL, mits het advies gebaseerd is op relevante gegevens die zo recent mogelijk zijn, rekening houdend met op wetenschap gebaseerde ontwikkelingen en de recentst beschikbare kennis inzake beste praktijken. De verspreiding van geaggregeerde IDL-gegevens over milieuthema’s,  zoals bepaald in deze verordening,  onder de  hierin  gestelde voorwaarden, moet dienen voor de actieve en systematische verspreiding van milieu-informatie onder het publiek zoals vereist bij Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad 11 en Verordening (EG) nr. 1367/2006 van het Europees Parlement en de Raad 12 .

🡻 2023/2674 overweging 9 (aangepast)

(9) De  Verordeningen (EU) 2022/2379 van het Europees Parlement en de Raad 13 en (EU) 2018/1091 van het Europees Parlement en de Raad 14 bieden de lidstaten de mogelijkheid om andere bronnen te gebruiken voor statistische enquêtes. Verordening (EG) nr. 138/2004 van het Europees Parlement en de Raad 15  vermeldt het gebruik van Ö gegevens van het Õ  informatienet inzake landbouwbedrijfsboekhoudingen  (ILB) Ö , opgericht door Verordening (EG) nr. 1217/2009 en geconverteerd tot het IDL Õ. Op basis van die mogelijkheden en met het oog op het hergebruik van gegevens en Ö verbeterde Õ efficiëntie is het nuttig de lidstaten toe te staan IDL-gegevens voor statistische doeleinden te gebruiken.

🡻 1217/2009 overweging 4

(10)Het is noodzakelijk dat de in te winnen gegevens afkomstig zijn van naar behoren en speciaal aan de hand van gemeenschappelijke regels uitgekozen landbouwbedrijven en berusten op controleerbare feiten. Deze gegevens moeten worden beschouwd in samenhang met de technische, economische en sociale positie van het landbouwbedrijf, moeten betrekking hebben op afzonderlijke bedrijven, moeten zo snel mogelijk beschikbaar zijn, moeten beantwoorden aan identieke omschrijvingen, moeten in een gemeenschappelijk schema worden opgenomen en moeten op elk ogenblik en in alle bijzonderheden beschikbaar zijn voor de Commissie.

🡻 1217/2009 overweging 6 (aangepast)

(11)Om op  Unie  niveau voldoende homogene resultaten te verkrijgen, voor het bepalen van de aantallen bedrijven met boekhouding per streek en per bedrijfsklasse moet worden uitgegaan van een stratificatie van het waarnemingsgebied die is gebaseerd op de  Unie  typologie van de landbouwbedrijven, vastgesteld bij Verordening (EG) nr. 1242/2008 van de Commissie 16 .

🡻 1217/2009 overweging 7 (aangepast)

(12)De streken van het informatienet moeten zoveel mogelijk samenvallen met die welke worden aangehouden voor de opstelling van andere regionale gegevens die van essentieel belang zijn voor de oriëntatie van het  GLB .

🡻 2023/2674 overweging 11

(13)De lidstaten of de verantwoordelijke nationale autoriteiten moeten ernaar streven om de wijze van gegevensverzameling zo veel mogelijk te moderniseren. Bovendien moeten geharmoniseerde gegevens worden verzameld en moet overlapping worden voorkomen met gegevens die reeds zijn verzameld, bijvoorbeeld via statistieken over de landbouwinput en -output of het GLB. Om de administratieve lasten voor landbouwers en gegevensverzamelaars te verminderen, teneinde overlapping van gegevensverzoeken en gegevensverzameling te voorkomen en de IDL-gegevensreeks te verrijken, moet het beginsel van “éénmaal verzamelen en meermaals hergebruiken van gegevens” worden toegepast. Richtlijn (EU) 2019/1024 van het Europees Parlement en de Raad 17 moet in aanmerking worden genomen voor de toepassing van dat beginsel. Bovendien moet het gebruik van digitale oplossingen, met inbegrip van het hergebruik van gegevens en het delen van gegevens met andere bronnen, worden bevorderd en altijd als de eerste-keuze-oplossing worden beschouwd wanneer dit bevorderlijk is voor een brede deelname van landbouwers en de nauwkeurigheid van de verzamelde gegevens. Daartoe moet worden onderzocht of de beschikbare digitale instrumenten voor gegevensverzameling kunnen worden ontwikkeld of geoptimaliseerd. Er moet worden voorzien in een mogelijke uitbreiding van het systeem voor gegevensverzameling wanneer het uitsluitend op bureaus voor landbouwbedrijfsboekhouding is gebaseerd teneinde milieu- en sociale variabelen te verzamelen.

🡻 2023/2674 overweging 12 (aangepast)

(14)Om de opstelling van de bedrijfsformulieren efficiënter te maken en de lasten voor de bedrijven met boekhouding te verminderen, moeten de verbindingsorganen tijdig en kosteloos gebruik kunnen maken van nationale gegevensbronnen die kunnen worden gebruikt voor relevante gegevens om de bedrijfsformulieren zoals gedefinieerd en uiteengezet in  deze  verordening op te stellen. Het gebruik van dergelijke gegevensbronnen is noodzakelijk voor de uitvoering van de taken van de verbindingsorganen. Daartoe is het passend nadere regels vast te stellen voor de toegang tot dergelijke gegevensbronnen en het gebruik van andere methoden voor het compileren van gegevens of innovatieve benaderingen, waaronder het opzetten van mechanismen voor samenwerking tussen gegevensverwerkende entiteiten in de betrokken lidstaat. Deze verordening moet voorzien in een lijst van relevante, op nationaal niveau beschikbare gegevensbronnen die de verbindingsorganen kunnen gebruiken om bedrijfsformulieren op te stellen. Om ervoor te zorgen dat de lijst actueel en relevant blijft, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290  VWEU  handelingen vast te stellen om die lijst te wijzigen. Met name gegevensreeksen die zijn afgeleid van de bij Verordening (EU) 2018/1091 vastgestelde geïntegreerde landbouwstatistieken en de bij Verordening (EU) 2022/2379 vastgestelde statistieken over landbouwinput en -output moeten aan die lijst worden toegevoegd wanneer het delen van gegevens uit die gegevensbronnen wettelijk mogelijk is.

🡻 2023/2674 overweging 13 (aangepast)

(15)Naast de gegevens in het bedrijfsformulier voor bedrijven met boekhouding moeten de lidstaten de Commissie de nodige middelen verschaffen om de capaciteit voor het analyseren van duurzaamheidsaspecten te vergroten door de gegevens uit het bedrijfsformulier aan te vullen met de inhoud van gegevens voor monitoring en evaluatie van strategische GLB-plannen (DME) die overeenkomstig de op grond van artikel 133 van Verordening (EU) 2021/2115 vastgestelde uitvoeringshandeling zijn verkregen of van het bij Verordening (EU) 2021/2116 van het Europees Parlement en de Raad 18 ingestelde geïntegreerd beheers- en controlesysteem (GBCS), zonder daarbij de administratieve lasten voor de lidstaten en de bedrijven met boekhouding te vergroten. Aangezien de benaderingen en methodologieën voor het verzamelen en compileren van gegevens kunnen verschillen tussen het IDL en andere datareeksen, bijvoorbeeld op het gebied van definities en referentietijden, kan het nodig zijn om bij het analyseren van de gegevens rekening te houden met consistentieproblemen. In dit verband moet de verplichting van de lidstaten worden opgevat als een verplichting om de gegevens in die gegevensreeksen te verstrekken, maar niet om volledige consistentie met het IDL te waarborgen. Om de lijst van gegevensreeksen zo actueel mogelijk te houden, moet de bevoegdheid om handelingen vast te stellen overeenkomstig artikel 290  VWEU  aan de Commissie worden gedelegeerd om die lijst van gegevensreeksen te wijzigen en nieuwe passende en relevante gegevensreeksen toe te voegen die geschikt zijn om op Unieniveau aan elkaar te worden gekoppeld, waarbij zij de relevantie van de te verzamelen en te compileren gegevens en de administratieve lasten voor de nationale autoriteiten en bedrijven met boekhouding in overweging moet nemen en naar behoren moet motiveren.

🡻 2023/2674 overweging 14

(16)Wat DME betreft, gaat het bijvoorbeeld om uitgesplitste gegevens over GLB-interventies. Wat gegevens in het GBCS betreft, gaat het bijvoorbeeld om bodembedekking in landbouwgebieden, gewassen, landschapselementen en landbeheer volgens biologische landbouwpraktijken. De identificatie van bedrijven in DME en GBCS wordt op nationaal niveau door de autoriteiten van de lidstaten beheerd aan de hand van specifieke identificatiecodes. Op basis van die identificatiecodes kunnen de nationale autoriteiten dergelijke gegevens op het niveau van de individuele landbouwbedrijven aan elkaar koppelen. De lidstaten moeten ervoor kiezen de Commissie hetzij die koppelingen, hetzij de in die gegevensreeksen opgenomen relevante gegevens over het bedrijf met boekhouding toe te zenden. Wanneer de lidstaten ervoor kiezen de relevante gegevens toe te zenden, moeten die gegevens het IDL-nummer bevatten, zodat de relevante inhoud op Unieniveau kan worden samengevoegd met bedrijfsformulieren. Er moet worden gespecificeerd hoe deze gegevens op het niveau van individuele landbouwbedrijven aan elkaar zullen worden gekoppeld, ook met het oog op gegevensbescherming. Teneinde uniforme voorwaarden voor de uitvoering van het gebruik van gegevens uit die gegevensreeksen te waarborgen, moeten aan de Commissie uitvoeringsbevoegdheden worden verleend om een lijst op te stellen van de gegevens die uit die gegevensreeksen moeten worden geëxtraheerd, alsook om nadere regels vast te stellen met technische specificaties en termijnen voor de toezending van gegevens. Die gegevens moeten verband houden met het doel van, deze verordening, alsook met een of meer van de thema’s die daarin zijn vermeld.

🡻 1217/2009 overwegingen 9 en 10 (aangepast)

(17)Het waarnemingsgebied van het informatienet moet alle landbouwbedrijven boven een bepaalde economische omvang omvatten, ongeacht eventuele nevenactiviteiten van het bedrijfshoofd. Dit waarnemingsgebied dient periodiek te worden herzien in het licht van  gegevens inzake geïntegreerde landbouwstatistieken . De bedrijven met boekhouding moeten worden gekozen overeenkomstig in het kader van een keuzeschema vastgelegde voorschriften die erop gericht zijn tot een voor het waarnemingsgebied representatieve steekproef te komen.

🡻 1318/2013 overweging 2 (aangepast)

(18)Ter aanvulling of ter wijziging van bepaalde niet-essentiële elementen van deze verordening moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290  VWEU  handelingen vast te stellen ten aanzien van de wijziging in bijlage II met betrekking tot streken van het  IDL  per lidstaat,  op verzoek van een lidstaat,  de vaststelling van de regels voor het bepalen van de drempelwaarde voor de economische omvang van bedrijven met boekhouding en van de regels voor het opstellen van het schema voor de keuze van de bedrijven met boekhouding, de bepaling van de referentieperiode voor de standaardopbrengst, de omschrijving van algemene en hoofdproductierichtingen, de nadere bepaling van de belangrijkste groepen boekhoudkundige gegevens die moeten worden verzameld, en de vaststelling van algemene regels inzake de in het bedrijfsformulier op te nemen boekhoudkundige gegevens.

🡻 1318/2013 overweging 3 (aangepast)

(19)Om eenvormige voorwaarden te waarborgen voor de uitvoering van deze verordening en om discriminatie tussen landbouwers te voorkomen, moeten aan de Commissie uitvoeringsbevoegdheden worden toegekend met betrekking tot de vaststelling van de drempelwaarde voor de economische omvang van bedrijven met boekhouding, de bepaling van het aantal bedrijven met boekhouding per lidstaat en per  IDL -streek, de vaststelling en actualisering van de methoden en modellen voor het meedelen van het keuzeschema aan de Commissie, de vaststelling van de procedures en berekeningsmethoden die van toepassing zijn op de typologie van de Unie alsook van gedetailleerde regels inzake de activiteiten van de nationale comités voor het informatienet en de verbindingsorganen van de lidstaten.

🡻 1217/2009 overweging 11

(20)Het is wenselijk gebleken de voornaamste beslissingen inzake de keuze van de boekhoudbedrijven, en met name inzake de vaststelling van het keuzeschema, op nationaal niveau te nemen. Derhalve moet een orgaan op dat niveau met deze taak worden belast. Het is echter wenselijk toe te staan dat lidstaten met verschillende streken de streekcomités handhaven.

🡻 2023/2674 overweging 16

(21)Het IDL moet gebaseerd zijn op vrijwillige deelname. Aangezien bepaalde lidstaten echter problemen ondervinden met de deelname van bedrijven aan het IDL, moeten de lidstaten nationale regels kunnen vaststellen om dat probleem aan te pakken zonder landbouwers sancties op te leggen. De lidstaten moeten landbouwers aanmoedigen om aan het IDL deel te nemen door middel van stimulansen die zij in een specifiek plan uiteenzetten. Deze stimulansen kunnen onder meer de vorm aannemen van financiële bijdragen, feedback over bedrijfsprestaties, of advies op basis van IDL-informatie.

🡻 1217/2009 overweging 12

(22)Het nationale verbindingsorgaan dient een essentiële rol te vervullen bij het beheer van het informatienet.

🡻 2023/2674 overweging 17

(23)Het IDL moet het mogelijk maken om gegevens van het bedrijf met boekhouding te benchmarken met geaggregeerde gegevens wanneer de gegevens betrekking hebben op meerdere bedrijven met boekhouding en worden gepresenteerd in de vorm van regionale, nationale, uniale of sectorale gemiddelden. Wat boekhoudkundige gegevens betreft, vormen de boekhoudingen van bedrijven de primaire bron om hun inkomen te beoordelen of hun bedrijfsvoering te onderzoeken. De regionale, nationale, uniale of sectorale gemiddelden moeten ook op het niveau van de lidstaten beschikbaar worden gesteld om de kennis over de landbouwsituatie te vergroten. De verzamelde gegevens moeten ook kunnen worden gebruikt om beter op maat gesneden adviesdiensten en feedback aan landbouwers te verstrekken teneinde de landbouwbedrijfsvoering te faciliteren en de duurzaamheid van de bedrijven te verbeteren.

🡻 2023/2674 overweging 18

(24)IDL-gegevens moeten betrekking hebben op landbouwactiviteiten en andere rechtstreeks met de bedrijven verband houdende winstgevende activiteiten, zodat alle relevante aspecten van de activiteiten van bedrijven kunnen worden bestreken. Ook activiteiten buiten het landbouwbedrijf moeten in aanmerking worden genomen als noodzakelijke indicatie van de algehele levensvatbaarheid en duurzaamheid van het bedrijf. In dat geval moet de granulariteit van de verzamelde gegevens strikt beperkt blijven tot wat noodzakelijk is om het belang van de activiteiten buiten het landbouwbedrijf in verhouding tot landbouwactiviteiten te analyseren. Bij het opstellen van de bedrijfsformulieren mogen geen gegevens over particuliere activa in aanmerking worden genomen.

🡻 2023/2674 overweging 19 (aangepast)

(25)Om te zorgen voor uniforme voorwaarden voor de uitvoering van het bedrijfsformulier, en met name dat de gegevens in de bedrijfsformulieren vergelijkbaar zijn, moeten aan de Commissie uitvoeringsbevoegdheden worden toegekend om te bepalen over welke variabelen gegevens moeten worden gecompileerd, het rapportagejaar, de vorm en opmaak van bedrijfsformulieren en om de regels voor de toezending van de gegevens aan de Commissie vast te stellen. Bij de vaststelling van die variabelen moet de Commissie ernaar streven bestaande gegevensbronnen te gebruiken en de haalbaarheid van de variabelen onderzoeken aan de hand van input van de lidstaten over mogelijke gegevensbronnen en methoden, teneinde de lasten voor de lidstaten en bedrijven met boekhouding te beperken. Hoewel ernaar wordt gestreefd dat de verzamelde gegevens vergelijkbaar zijn en nuttig zijn voor analytische doeleinden, is het met het oog op het verkrijgen van een volledige en uniforme Uniebrede gegevensreeks passend om rekening te houden met Ö de Õ specifieke omstandigheden van de lidstaten, en daarom moeten specifieke en gerechtvaardigde vrijstellingen mogelijk zijn.

🡻 2023/2674 overweging 20

(26)Het door de Commissie opgezette geautomatiseerde gegevenssysteem moet functioneren voor de overdracht en verificatie van gegevens tussen de lidstaten en de Commissie en voor de analyse van de gegevens, zowel op het niveau van individuele landbouwbedrijven als op geaggregeerd niveau. Dat geautomatiseerde gegevenssysteem moet worden aangepast om de Commissie of de lidstaten in staat te stellen gegevens op het niveau van individuele landbouwbedrijven te combineren tussen het IDL en andere gegevensreeksen, zoals DME en GBCS. Teneinde te zorgen voor uniforme voorwaarden voor de tenuitvoerlegging van dat geautomatiseerde gegevenssysteem, moeten aan de Commissie uitvoeringsbevoegdheden worden toegekend ten aanzien van gedetailleerde regels voor de opslag, de verwerking, het hergebruik en het delen van gegevens binnen de Commissie.

🡻 2023/2674 overweging 21 (aangepast)

(27)Om het bereidheidsniveau van landbouwers om deel te nemen aan de gegevensverzameling te vergroten en om individuele gegevens te beschermen tegen ongeoorloofd of ongepast gebruik, moet worden verduidelijkt dat individuele gegevens alleen mogen worden gebruikt voor analytische doeleinden die verband houden met de doelstellingen  van het GLB  en de duurzaamheid van de landbouw in de Unie, en, indien de lidstaten dat beslissen, voor statistische doeleinden. Elk ander gebruik van de individuele gegevens door de lidstaten of de Commissie, met name voor controles overeenkomstig Verordening (EU) 2021/2116 of voor belastingdoeleinden, moet worden verboden.

🡻 2023/2674 overweging 22 (aangepast)

(28)Wanneer IDL-gegevens en gegevens uit andere gegevensreeksen door de Commissie of verbindingsorganen worden gedeeld, is het van het grootste belang te zorgen voor gegevensbescherming en landbouwers, zowel natuurlijke personen als rechtspersonen, de zekerheid te bieden dat hun individuele gegevens en alle andere individuele bijzonderheden die op grond van  deze  verordening zoals gewijzigd bij deze verordening worden verkregen, zullen worden geanonimiseerd om te voorkomen dat zij worden geïdentificeerd. Daarom moet worden gespecificeerd dat IDL-gegevens en gegevens uit andere gegevensreeksen openbaar mogen worden gemaakt mits zij zowel geaggregeerd als geanonimiseerd zijn. Wat de gegevens uit andere gegevensreeksen betreft, moet bovendien worden verduidelijkt dat zij alleen openbaar zullen worden gemaakt in geaggregeerde en geanonimiseerde vorm voor de toepassing van  deze  verordening zoals gewijzigd bij deze verordening en zonder afbreuk te doen aan de regels voor die gegevensreeksen waarin de desbetreffende specifieke Uniewetgeving voorziet.

🡻 2023/2674 overweging 23 (aangepast)

(29)Het moet mogelijk zijn om voor onderzoeksdoeleinden toegang te verlenen tot gepseudonimiseerde gegevens, in het belang van de wetenschappelijke vooruitgang op landbouwgebied in de Unie en om de uitdagingen waarmee de landbouw in de Unie wordt geconfronteerd, te helpen aanpakken. Om het hoge beschermingsniveau dat voor die gegevens is vereist, te waarborgen, moet de bevoegdheid om handelingen vast te stellen overeenkomstig artikel 290  VWEU  aan de Commissie worden gedelegeerd ten aanzien van de vaststelling van regels en voorwaarden voor dergelijke toegang op Unieniveau. De Commissie moet advies van de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming inwinnen alvorens zij die gedelegeerde handelingen vaststelt.

🡻 2023/2674 overweging 24 (aangepast)

(30)Het gegevensbeheer met betrekking tot de bescherming van individuele gegevens moet door de Commissie en de lidstaten worden gespecificeerd door middel van passende technische en organisatorische maatregelen om ervoor te zorgen dat de gegevens uitsluitend voor de doeleinden van  deze  verordening wordt gebruikt. Voor de keuze van technische en organisatorische maatregelen ter bescherming van gegevens en voor de evaluatie en documentatie van dergelijke maatregelen moeten processen worden gebruikt die overeenstemmen met en consistent zijn met die welke worden gebruikt om de naleving van artikel 24 van Verordening (EU) 2016/679 en artikel 26 van Verordening (EU) 2018/1725 te waarborgen. Bovendien moeten bepalingen worden vastgesteld die personen die aan het IDL deelnemen, verbieden individuele gegevens openbaar te maken. Wat persoonsgegevens betreft, moet het volledige toepassingsgebied van de bescherming, met inbegrip van de rechten en plichten van de betrokkenen en de gegevensverwerkers, in overeenstemming zijn met de artikelen 7 en 8 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie en met de Verordeningen (EU) 2016/679 en (EU) 2018/1725.

🡻 2023/2674 overweging 25

(31)Overeenkomstig de Verordeningen (EU) 2016/679 en (EU) 2018/1725 mogen persoonsgegevens niet langer worden bewaard dan nodig is voor de doeleinden waarvoor ze zijn verzameld. Het gebruik van IDL-gegevens en van de persoonsgegevens die ze bevatten, moet de mogelijkheid omvatten om langetermijntrends te analyseren op basis van indicatoren, bijvoorbeeld over nutriëntenbeheer of emissies, waarbij de ontwikkeling over een lange periode moet worden beoordeeld om natuurverschijnselen op de voet te volgen. Daarom moeten er regelmatig analyses worden uitgevoerd, met name van milieu-informatie. Andere onderwerpen die het gebruik van langetermijnanalyses impliceren, zijn grondgebruik en prijzen, die informatie verschaffen over structurele veranderingen in de landbouw. Het moet ook mogelijk zijn dergelijke langetermijnanalyses te verrichten op basis van het delen van gegevens tussen verschillende gegevensreeksen die via koppelingen op individueel niveau tot stand zijn gebracht. Het delen van gegevens moet de beschikbaarheid van informatie vergroten, rekening houdend met de uitdagingen waarmee de landbouw in de Unie in de toekomst kan worden geconfronteerd. Dergelijke uitdagingen zijn op dit moment onvoorzienbaar, met name wat betreft de toekomstige behoeften aan retrospectieve studies, die niet met voldoende zekerheid kunnen worden vastgesteld. Om die reden is het niet passend om een tijdslimiet aan het gebruik van gegevens te verbinden, maar wel om ze zo lang te bewaren als nodig is om tijdreeksanalyses uit te voeren.

🡻 2023/2674 overweging 26

(32)De verzameling, de verwerking en het gebruik van persoonsgegevens moeten gerechtvaardigd zijn en in verhouding staan tot de doeleinden daarvan, overeenkomstig onder meer het beginsel van minimale gegevensverwerking. Een groot deel van de landbouwers in de Unie zijn natuurlijke personen. Uit informatie uit de geïntegreerde landbouwstatistieken van de Unie blijkt dat in 2020 96 % van het totale aantal bedrijven in de Unie toebehoorden aan natuurlijke personen. Daarom moeten de via het IDL verzamelde gegevens natuurlijke personen omvatten, zodat de resultaten van de gegevensanalyse representatief zijn voor de realiteit van de landbouwsector.

🡻 2023/2674 overweging 27

(33)Met het oog op de verwerking van persoonsgegevens op Unieniveau moeten rollen in verband met het beheer en de verwerking van persoonsgegevens worden vastgesteld. De gegevensverwerkingsrollen op Unieniveau moeten op de gegevens van toepassing zijn zodra die gegevens via de bedrijfsformulieren aan de Commissie worden toegezonden. De lidstaten moeten bepalen hoe persoonsgegevens binnen hun rechtsgebied worden beheerd, met inbegrip van de rollen op het gebied van gegevensbescherming overeenkomstig Verordening (EU) 2016/679, en daarbij in het bijzonder rekening houden met het feit dat gegevens voor meerdere doeleinden kunnen worden verzameld, waarvan het gebruik in bedrijfsformulieren er een kan zijn.

🡻 1217/2009 overweging 15 (aangepast)

(34)Teneinde de objectiviteit en de doelmatigheid van de verkregen gegevens te waarborgen, moet de Commissie in staat zijn alle noodzakelijke inlichtingen in te winnen over de wijze waarop de organen, die de landbouwbedrijven moeten kiezen en de bureaus die aan het  IDL  deelnemen, hun taak verrichten en indien zij dit noodzakelijk acht, deskundigen ter plaatse te zenden, met de medewerking van de bevoegde nationale instanties.

🡻 2023/2674 overweging 28 (aangepast)

(35)Gezien het verruimde toepassingsgebied van het IDL ten opzichte van het ILB  werden  de begrotingsregels aangepast. Verordening (EU) 2021/2116 bepaalt dat het Europees Landbouwgarantiefonds (ELGF) de totstandbrenging en het onderhoud van de informatiesystemen inzake landbouwbedrijfsboekhoudingen financiert als een uitgave onder direct beheer. De lidstaten moeten een bedrag uit het ELGF blijven ontvangen voor de indiening, binnen de gestelde termijn, van naar behoren ingevulde bedrijfsformulieren, dat evenredig kan zijn aan de mate waarin die bedrijfsformulieren betrekking hebben op de relevante gegevensthema’s. Voorts moet het ELGF financieel bijdragen aan de tenuitvoerlegging van de systemen van de lidstaten om deze af te stemmen op de reikwijdte en het beheer van het IDL. Om eenvormige voorwaarden voor de uitvoering van dergelijke financiering te waarborgen, moeten aan de Commissie uitvoeringsbevoegdheden worden toegekend met betrekking tot de vaststelling van de procedure voor de bedragen en bijdragen die uit de begroting van de Unie aan de lidstaten moeten worden betaald, met inbegrip van de criteria voor de toewijzing van financiële bijdragen.

🡻 2023/2674 overweging 29

(36)Bij de vaststelling van gedelegeerde handelingen op grond van deze verordening, is het van bijzonder belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden tot passende raadplegingen overgaat, onder meer op deskundigenniveau, en dat die raadplegingen gebeuren in overeenstemming met de beginselen die zijn vastgelegd in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven 19 . Met name om te zorgen voor gelijke deelname aan de voorbereiding van gedelegeerde handelingen ontvangen het Europees Parlement en de Raad alle documenten op hetzelfde tijdstip als de deskundigen van de lidstaten, en hebben hun deskundigen systematisch toegang tot de vergaderingen van de deskundigengroepen van de Commissie die zich bezighouden met de voorbereiding van de gedelegeerde handelingen.

🡻 2023/2674 overweging 31 (aangepast)

(37)De uitvoeringsbevoegdheden die uit hoofde van  deze  verordening, aan de Commissie worden overgedragen, moeten worden uitgeoefend overeenkomstig Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad 20 .

🡻 2023/2674 overweging 32 (aangepast)

(38)Daar de doelstelling van deze verordening, namelijk  het opstellen van regels met betrekking tot  het IDL, niet voldoende door de lidstaten kan worden verwezenlijkt, maar vanwege de omvang en de gevolgen van deze verordening beter door de Unie kan worden verwezenlijkt, kan de Unie, overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie neergelegde subsidiariteitsbeginsel, maatregelen nemen. Overeenkomstig het in hetzelfde artikel neergelegde evenredigheidsbeginsel gaat deze verordening niet verder dan nodig is om deze doelstelling te verwezenlijken,

🡻 1217/2009

HEBBEN DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

HOOFDSTUK I

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 2 (aangepast)

 ALGEMENE REGELS BETREFFENDE  EEN INFORMATIENET INZAKE DE DUURZAAMHEID VAN LANDBOUWBEDRIJVEN

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 3 (aangepast)

Artikel 1

1. Om tegemoet te komen aan de behoeften van het gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB), waaronder de evaluatie van het effect ervan op de landbouwsector,  stelt deze verordening regels op met betrekking tot het  informatienet inzake de duurzaamheid van landbouwbedrijven (“IDL” of “informatienet”)voor het verzamelen en analyseren van duurzaamheidsgegevens op landbouwbedrijfsniveau die de economische, milieu- en sociale dimensies  van het GLB  bestrijken (“IDL-gegevens”). De IDL-gegevens kunnen worden gebruikt om bij te dragen aan de beoordeling van aanvullende aspecten met betrekking tot de duurzaamheid van de landbouw in de Unie en om uitdagingen aan te pakken waarmee de landbouw in de Unie wordt geconfronteerd.

2. De IDL-gegevens bestrijken de in bijlage I uiteengezette thema’s. De Commissie is bevoegd om overeenkomstig artikel 18 gedelegeerde handelingen tot wijziging van bijlage I vast te stellen teneinde die thema’s te wijzigen of nieuwe thema’s toe te voegen. Bij de uitoefening van haar bevoegdheid om die gedelegeerde handelingen vast te stellen:

a)zorgt de Commissie ervoor dat de gedelegeerde handelingen naar behoren worden gemotiveerd en geen aanzienlijke extra lasten met zich meebrengen voor de lidstaten of bedrijven met boekhouding;

b)verricht de Commissie analyses van de relevantie, haalbaarheid en evenredigheid van een dergelijke wijziging, met inbegrip van de beschikbaarheid en kwaliteit van geschikte gegevensbronnen, met name relevante administratieve bronnen, en houdt zij terdege rekening met de resultaten van die analyses;

c)zorgt de Commissie ervoor dat de nieuwe thema’s die worden toegevoegd, verband houden met de doelstellingen  van het GLB ;

d)voegt de Commissie tot 20 december 2028 geen nieuwe thema’s toe;

e)stelt de Commissie die gedelegeerde handelingen vast wanneer nieuwe thema’s worden toegevoegd, en dit ten minste één jaar vóór de datum van toepassing van de gerelateerde uitvoeringshandeling als bedoeld in artikel 11, lid 4.

3. IDL-gegevens en gegevens uit andere gegevensreeksen zoals uiteengezet in artikel 5 worden gebruikt om analyses van de duurzaamheid van de landbouw in de Unie te verrichten, waaronder in een vorm die benchmarking mogelijk maakt. De Commissie maakt de resultaten van die analyses openbaar in de vorm van geaggregeerde en geanonimiseerde IDL-gegevens. Die gegevens kunnen worden gebruikt om benchmarkinginformatie of advies aan landbouwers te verstrekken teneinde het beheer van bedrijven te vergemakkelijken en hun duurzaamheid te verbeteren. Bij de publicatie van resultaten en het gebruik van gegevens voor benchmarking- of adviesdoeleinden wordt artikel 13 in acht genomen.

4. De lidstaten kunnen besluiten IDL-gegevens te gebruiken als een gegevensbron zoals bedoeld in artikel 8, lid 1, punt c), van Verordening (EU) 2022/2379, in artikel 4, lid 1, punt c), van Verordening (EU) 2018/109, in bijlage I bij Verordening (EG) nr. 138/2004 of in andere handelingen die zijn vastgesteld op grond van artikel 338, lid 1,  VWEU .

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 4

Artikel 2

Voor de toepassing van de onderhavige verordening wordt verstaan onder:

1)“landbouwer”: een natuurlijke persoon of rechtspersoon waarvan het bedrijf zich in de Unie bevindt;

2)“landbouwbedrijf” of “bedrijf”: een technisch-economische eenheid onder één bedrijfsvoering die economische activiteiten in de landbouw verricht in overeenstemming met het algemene gebruik van die termen in het kader van de landbouwenquêtes en -tellingen van de Unie;

3)“bedrijfsklasse”: een aantal bedrijven die naar productierichting en economische bedrijfsomvang tot dezelfde categorie behoren in de in artikel 8 bedoelde typologie van de Unie van de bedrijven;

4)“bedrijf met boekhouding”: een bedrijf waarvoor een bedrijfsformulier wordt opgesteld voor de doeleinden van het IDL;

5)“bedrijfsformulier”: het formulier dat moet worden opgesteld of reeds is opgesteld met gegevens over het bedrijf met boekhouding, met uitzondering van de in artikel 5, lid 1, bedoelde koppelingen en gegevens;

6)“streek van het informatienet inzake de duurzaamheid van landbouwbedrijven” of “IDL-streek”: het grondgebied van een lidstaat of een deel van het grondgebied van een lidstaat, dat is afgebakend met het oog op de keuze van de bedrijven met boekhouding; een lijst van die streken is opgenomen in bijlage II;

7)“gegevensverzamelaar”: een verbindingsorgaan of een entiteit die door het verbindingsorgaan is belast met het verzamelen van IDL-gegevens;

8)“standaardopbrengst”: de standaardwaarde van de brutoproductie;

9)“persoonsgegevens”: persoonsgegevens zoals gedefinieerd in artikel 4, punt 1, van Verordening (EU) 2016/679 en artikel 3, punt 1, van Verordening (EU) 2018/1725;

10)“individuele gegevens”: gegevens met betrekking tot een bedrijf met boekhouding aan de hand waarvan het bedrijf of de landbouwer direct of indirect kan worden geïdentificeerd, en die persoonsgegevens of gegevens over rechtspersonen kunnen zijn;

11)“geanonimiseerde gegevens”: gegevens in een zodanige vorm dat natuurlijke of rechtspersonen niet direct of indirect kunnen worden geïdentificeerd;

12)“gepseudonimiseerde gegevens”: individuele gegevens die niet meer aan een specifieke natuurlijke persoon of rechtspersoon kunnen worden gekoppeld zonder dat er aanvullende gegevens worden gebruikt, mits deze aanvullende gegevens apart worden bewaard en technische en organisatorische maatregelen worden genomen om ervoor te zorgen dat de individuele gegevens niet aan een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon of rechtspersoon worden gekoppeld;

13)“geaggregeerde gegevens”: het resultaat van combinaties of berekeningen op basis van gegevens met betrekking tot verscheidene bedrijven met boekhouding.

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 5

Artikel 3

Om ervoor te zorgen dat de lijst van IDL-streken na een verzoek van een lidstaat kan worden geactualiseerd, is de Commissie bevoegd overeenkomstig artikel 18 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot wijziging van bijlage II met betrekking tot de lijst van IDL-streken per lidstaat.

🡻 1217/2009

HOOFDSTUK II

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 6

GEGEVENS VOOR HET OPSTELLEN VAN BEDRIJFSFORMULIEREN EN HET KOPPELEN VAN GEGEVENS

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 7

Artikel 4

1. Bedrijfsformulieren worden opgesteld aan de hand van enquêtes waarvoor de lidstaten in voorkomend geval gebruik kunnen maken van gegevens uit de in lid 2 bedoelde gegevensbronnen en andere relevante gegevensbronnen, alsmede van methoden voor het verzamelen van gegevens of innovatieve benaderingen voor het delen en compileren van gegevens.

2. De verbindingsorganen hebben het recht om kosteloos toegang te krijgen tot en gebruik te maken van de volgende gegevensbronnen:

a)het bij Verordening (EU) 2021/2116 ingestelde geïntegreerde beheers- en controlesysteem (GBCS);

b)de bij Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad vastgestelde identificatie- en registratieregeling voor gehouden landdieren 21 ;

c)het overeenkomstig artikel 145 van Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad ingevoerde wijnbouwkadaster 22 ;

d)de bij Verordening (EU) 2018/848 van het Europees Parlement en de Raad 23 ingevoerde registers van biologische bedrijven;

e)gegevens van de lidstaten voor de monitoring en evaluatie van strategische GLB-plannen (DME) die overeenkomstig de op grond van artikel 133 van Verordening (EU) 2021/2115 vastgestelde uitvoeringshandeling zijn verkregen;

f)in voorkomend geval, gegevens op landbouwbedrijfsniveau die zijn verzameld voor de opstelling door de lidstaten van actieprogramma’s op grond van artikel 5 van Richtlijn 91/676/EEG van de Raad 24 ;

g)alle andere relevante gegevensbronnen die toegankelijk zijn voor de autoriteiten van de lidstaten.

3. De lidstaten zorgen ervoor dat de verbindingsorganen het recht hebben om toegang te krijgen tot en gebruik te maken van de in lid 2 bedoelde gegevensbronnen. De lidstaten kunnen daartoe de nodige samenwerkingsmechanismen opzetten die de effectieve toegang tot en het effectieve gebruik van die gegevensbronnen vergemakkelijken. Het recht op toegang en gebruik wordt ook verleend wanneer het verbindingsorgaan taken aan natuurlijke of rechtspersonen delegeert om die namens dat verbindingsorgaan uit te voeren.

4. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 18 gedelegeerde handelingen vast te stellen om lid 2 van dit artikel te wijzigen door passende nieuwe op grond van het Unierecht vastgestelde gegevensbronnen toe te voegen.

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 8

Artikel 5

1. Naast het bedrijfsformulier stellen de lidstaten ook de koppelingen vast tussen het bedrijf met boekhouding en de identificatiecodes van dat bedrijf in de volgende gegevensreeksen:

a)DME;

b)het GBCS.

De lidstaten zenden de Commissie hetzij die koppelingen, hetzij rechtstreeks de in de eerste alinea bedoelde gegevensreeksen over het bedrijf met boekhouding anders dan de identificatiecodes over het bedrijf met boekhouding toe. De lidstaten die de gegevens rechtstreeks toezenden, verstrekken het IDL-nummer van het bedrijf met boekhouding.

2. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 18 gedelegeerde handelingen vast te stellen om de lijst van de in lid 1 van dit artikel bedoelde gegevensreeksen te wijzigen en nieuwe passende en relevante gegevensreeksen toe te voegen. Bij de uitoefening van haar bevoegdheid om die gedelegeerde handelingen vast te stellen:

a)zorgt de Commissie ervoor dat de gedelegeerde handelingen naar behoren worden gemotiveerd en geen aanzienlijke extra lasten met zich meebrengen voor de lidstaten of bedrijven met boekhouding;

b)verricht de Commissie analyses van de relevantie, haalbaarheid, evenredigheid en kwaliteit van die gegevensreeksen en houdt zij terdege rekening met de resultaten van die analyses.

3. De Commissie stelt uitvoeringshandelingen vast met een lijst van de uit de in lid 1 van dit artikel bedoelde gegevensreeksen te extraheren gegevens, alsmede gedetailleerde regels voor de technische specificaties en de termijnen voor de toezending van die gegevens tussen de lidstaten en de Commissie. Die gegevens moeten verband houden met het in artikel 1 genoemde doel van deze verordening en een of meer van de in bijlage I vermelde thema’s. Bij de vaststelling van die uitvoeringshandelingen houdt de Commissie rekening met de relevantie van die gegevens en de haalbaarheid van het extraheren van gegevens als bedoeld in lid 1 van dit artikel. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 19, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

4. De Commissie stelt technische richtsnoeren inzake de methode voor het extraheren van de relevante gegevens op en stelt die ter beschikking van de lidstaten.

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 9

Artikel 6

1. Het waarnemingsgebied omvat de bedrijven waarvan de economische omvang groter is dan of gelijk is aan een drempelwaarde overeenkomend met één van de ondergrenzen van de klassen van de economische bedrijfsomvang van de typologie van de Unie voor bedrijven zoals bedoeld in artikel 8.

De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 18 gedelegeerde handelingen vast te stellen ter aanvulling van deze verordening met de regels voor het vaststellen van de in de eerste alinea van dit lid bedoelde drempelwaarde. Deze voorschriften zorgen ervoor dat landbouwbedrijven van kleinere economische omvang adequaat vertegenwoordigd zijn in de overeenkomstig artikel 7 door de lidstaten opgestelde plannen voor de selectie van bedrijven met boekhouding.

De Commissie stelt op basis van de gegevens en de input van de lidstaten uitvoeringshandelingen vast tot vaststelling van de in de eerste alinea van dit lid bedoelde drempelwaarde. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 19, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

2. Om als bedrijf met boekhouding te worden aangemerkt, moet een bedrijf:

a)onder het in lid 1 bedoelde waarnemingsgebied vallen;

b)representatief zijn voor het waarnemingsgebied, samen met de andere bedrijven, op het niveau van elke IDL-streek.

3. De lidstaten kunnen nationale regels vaststellen om de deelname aan enquêtes aan te moedigen.

In uitzonderlijke gevallen kunnen de lidstaten ook regels vaststellen voor mogelijke gevallen waarin het in het schema voor de selectie van bedrijven met boekhouding vastgestelde aantal bedrijven met boekhouding waarschijnlijk niet zal worden gehaald. Die regels mogen echter niet voorzien in sancties voor landbouwers.

🡻 1318/2013 Art. 1, punt 9

🡺1 2023/2674 Art. 1, punt 10, onder a)

Artikel 7

1. 🡺1 Elke lidstaat stelt een schema voor de keuze van bedrijven met boekhouding op dat een representatieve steekproef voor het waarnemingsgebied waarborgt. 🡸

De Commissie stelt overeenkomstig artikel 18 gedelegeerde handelingen vast tot bepaling van de regels volgens welke de lidstaten deze schema’s moeten opstellen. Met deze regels wordt ervoor gezorgd dat schema’s voor de keuze van bedrijven met boekhouding:

a)worden gebaseerd op de meest recente statistische gegevens;

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 10, onder a)

b)worden opgesteld overeenkomstig de typologie van de Unie voor bedrijven;

🡻 1318/2013 Art. 1, punt 9

c)een nadere bepaling inhouden van met name de verdeling van bedrijven met boekhouding per bedrijfscategorie, alsook van de regels voor de keuze ervan.

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 10, onder b)

2. Overeenkomstig de krachtens lid 1 aangenomen regels en op basis van de gegevens van de lidstaten stelt de Commissie uitvoeringshandelingen vast tot bepaling van het aantal bedrijven met boekhouding per lidstaat en per IDL-streek. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 19, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

3. Het aantal bedrijven met boekhouding dat per IDL-streek moet worden geselecteerd, kan maximaal 20 % hoger of lager liggen dan het aantal dat is vastgesteld in de krachtens lid 2 vast te stellen uitvoeringshandelingen, mits het totale aantal bedrijven met boekhouding van de lidstaat in acht wordt genomen.

🡻 1318/2013 Art. 1, punt 9

4. De Commissie stelt uitvoeringshandelingen vast tot opstelling en actualisering van modellen en methoden betreffende de vorm en inhoud van de gegevens die de lidstaten aan de Commissie dienen te verstrekken. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 19, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

Artikel 8

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 11

1. Bedrijven worden op uniforme wijze volgens de typologie van de Unie voor bedrijven geclassificeerd.

De typologie voor bedrijven wordt in het bijzonder gebruikt voor de presentatie — per productierichting en per klasse van economische bedrijfsomvang — van de gegevens die zijn verzameld via de landbouwstructuurenquêtes van de Unie en het IDL.

🡻 1318/2013 Art. 1, punt 9 (aangepast)

2. De productierichting van een bedrijf wordt bepaald door de relatieve bijdrage van de standaardopbrengst van elk van de verschillende kenmerkende onderdelen van het bedrijf aan de totale standaardopbrengst van het bedrijf.

De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 18 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot bepaling van de referentieperiode voor de standaardopbrengst.

3. Bedrijven worden geclassificeerd naar een beperkt aantal productierichtingen. Er worden algemene productierichtingen bepaald. Afhankelijk van het vereiste detailleringsniveau worden de algemene productierichtingen onderscheiden in hoofdproductierichtingen.

De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 18 gedelegeerde handelingen vast te stellen betreffende de vaststelling van de algemene en de hoofdproductierichtingen.

De overeenstemming tussen algemene en hoofdproductierichtingen en gespecialiseerde bijzondere productierichtingen die overeenkomen met hoofdproductierichtingen, wordt nader bepaald.

4. De economische bedrijfsomvang wordt bepaald op basis van de totale standaardopbrengst van het bedrijf.

5. Het belang van de rechtstreeks met het bedrijf verband houdende winstgevende werkzaamheden, andere dan de landbouwwerkzaamheden van het bedrijf, wordt bepaald op basis van de bijdrage van die winstgevende werkzaamheden aan de opbrengst van het bedrijf.

6. De standaardopbrengsten en de gegevens voor de bepaling daarvan worden aan de Commissie (Eurostat) meegedeeld door het verbindingsorgaan dat elke lidstaat overeenkomstig artikel 10 heeft aangewezen, of door de instantie waaraan deze taak is gedelegeerd.

7. De Commissie stelt uitvoeringshandelingen vast tot bepaling van:

a)Ö de Õ methoden voor de berekening van gespecialiseerde bijzondere productierichtingen als bedoeld in lid 3 en voor het aanmerken van het bedrijf als een hoofdproductierichting;

b)de methode voor de berekening van de economische bedrijfsomvang;

c)Ö de Õ klassen van de economische bedrijfsomvang als bedoeld in lid 1;

d)Ö de Õ methoden voor de berekening van de opbrengst van het bedrijf, en voor de raming van de bijdrage van andere winstgevende werkzaamheden aan die opbrengst, voor de toepassing van lid 5;

e)de methode voor de berekening ter bepaling van de standaardopbrengsten van elk kenmerkend onderdeel als bedoeld in lid 2, de procedures voor het verzamelen van de overeenkomstige gegevens en de middelen en uiterste termijnen voor het meedelen van de standaardopbrengsten aan de Commissie overeenkomstig lid 6.

Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 19, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

🡻 1217/2009

Artikel 9

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 12, onder a) (aangepast)

1. Elke lidstaat stelt een Nationaal Comité voor het IDL in (“ het  Nationaal Comité”).

🡻 1318/2013 Art. 1, punt 10, onder a)

2. Het Nationaal Comité is verantwoordelijk voor de keuze van de bedrijven met boekhouding. Tot zijn taken behoort daartoe met name het goedkeuren van het schema voor de keuze van bedrijven met boekhouding.

🡻 1217/2009

3. De voorzitter van het Nationaal Comité wordt door de lidstaat aangewezen uit de leden van het Comité.

Het Nationaal Comité besluit met eenstemmigheid; ingeval geen eenstemmigheid wordt bereikt, worden de besluiten getroffen door een door de lidstaat aangewezen autoriteit.

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 12, onder b)

4. Lidstaten die verschillende IDL-streken hebben, mogen voor elke IDL-streek onder hun jurisdictie een IDL-streekcomité (“het Streekcomité”) oprichten.

🡻 1217/2009

Het Streekcomité heeft met name tot taak bij de keuze van de bedrijven met boekhouding samen te werken met het in artikel 7 bedoelde verbindingsorgaan.

🡻 1318/2013 Art. 1, punt 10, onder c)

5. De Commissie stelt uitvoeringshandelingen vast met nadere bepalingen voor de toepassing van dit artikel. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 19, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

🡻 1318/2013 Art. 1, punt 11

Artikel 10

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 13

1. Elke lidstaat wijst een verbindingsorgaan aan dat tot taak heeft:

a)het Nationaal Comité, de Streekcomités en de gegevensverzamelaars in kennis te stellen van het toepasselijke regelgevingskader en voor de correcte tenuitvoerlegging daarvan te zorgen;

b)het schema voor de keuze van bedrijven met boekhouding op te stellen, ter goedkeuring aan het Nationaal Comité voor te leggen en vervolgens bij de Commissie in te dienen;

c)het volgende op te stellen:

i)de lijst van bedrijven met boekhouding,

ii)indien van toepassing, de lijst van gegevensverzamelaars die in staat zijn de bedrijfsformulieren in te vullen;

d)de bedrijfsformulieren op te leveren;

e)te verifiëren of de bedrijfsformulieren naar behoren zijn ingevuld en, indien nodig, vastgestelde fouten of onjuistheden te corrigeren;

f)de naar behoren ingevulde bedrijfsformulieren aan de Commissie door te zenden in de vereiste vorm en binnen de gestelde termijn;

g)de in artikel 5, lid 1, bedoelde koppelingen of gegevens te verzenden;

h)de in artikel 16 genoemde verzoeken om inlichtingen aan het Nationaal Comité, de Streekcomités en de gegevensverzamelaars te doen toekomen en de desbetreffende antwoorden aan de Commissie toe te zenden;

i)elk bedrijf met boekhouding de mogelijkheid te bieden zijn resultaten zo spoedig mogelijk, maar in elk geval uiterlijk vier maanden nadat de Commissie bevestigt dat het bedrijfsformulier naar behoren is ingevuld, op te vragen bij het verbindingsorgaan of bij een door dit orgaan aangewezen organisatie; indien mogelijk omvatten die resultaten benchmarkinformatie, waarbij die resultaten worden vergeleken met regionale, nationale, uniale of sectorale gemiddelden;

j)een plan op te stellen om de deelname van landbouwers aan het IDL te stimuleren en dit samen met het schema voor de selectie van bedrijven met boekhouding bij de Commissie in te dienen;

k)de verkregen resultaten beschikbaar te stellen of door een door haar aangewezen organisatie beschikbaar te laten stellen in de vorm van geaggregeerde en geanonimiseerde gegevens, bijvoorbeeld op regionaal, nationaal, uniaal of sectoraal niveau.

🡻 1318/2013 Art. 1, punt 11

2. De Commissie stelt uitvoeringshandelingen vast met nadere bepalingen voor de toepassing van dit artikel. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 19, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 14

Artikel 11

1. Elk bedrijf met boekhouding wordt onderworpen aan een individueel bedrijfsformulier en wordt in het IDL geïdentificeerd aan de hand van een uniek nationaal IDL-nummer.

2. Het naar behoren ingevulde bedrijfsformulier omvat de gegevens waardoor het mogelijk is:

a)het bedrijf met boekhouding te beschrijven aan de hand van de voornaamste bestanddelen van zijn productiefactoren;

b)de verschillende aspecten van het inkomen in het bedrijf met boekhouding te beschrijven;

c)de economische, milieu- en sociale situatie van het bedrijf te beschrijven;

d)de opgegeven informatie te verifiëren met passende middelen, zoals controles ter plaatse en controles op afstand.

3. De gegevens op het bedrijfsformulier hebben betrekking op één bedrijf en één rapportagejaar van twaalf opeenvolgende maanden. Die gegevens hebben betrekking op landbouwactiviteiten van het bedrijf zelf en op andere rechtstreeks met het bedrijf verband houdende winstgevende werkzaamheden. Bij het opstellen van bedrijfsformulieren wordt geen rekening gehouden met gegevens over erfenissen, privébankrekeningen, andere bezittingen dan het bedrijf, persoonlijke belastingen of privéverzekeringen.

4. Om ervoor te zorgen dat de gegevens die aan de hand van bedrijfsformulieren worden verzameld vergelijkbaar zijn ongeacht op welke bedrijven met boekhouding de waarnemingen betrekking hebben, stelt de Commissie uitvoeringshandelingen vast met voorschriften inzake:

a)de variabelen en de definities van variabelen die verband houden met een of meer van de in bijlage I vermelde thema’s;

b)het begin en het einde van het rapportagejaar;

c)de vorm en opmaak van het bedrijfsformulier;

d)de methoden en termijnen voor de toezending van gegevens aan de Commissie, met inbegrip van mogelijke verlengingen van termijnen en vrijstellingen voor specifieke variabelen die op gemotiveerd verzoek aan een lidstaat kunnen worden verleend;

e)de frequentie van de toezending van de gegevens, die afhankelijk van de aard van de variabelen jaarlijks of minder frequent is.

Bij de vaststelling van deze uitvoeringshandelingen maakt de Commissie bij het toevoegen, wijzigen of vervangen van variabelen zo veel mogelijk gebruik van variabelen die beschikbaar zijn uit bestaande gegevensbronnen, en houdt zij rekening met de noodzaak om geen aanzienlijke extra lasten te creëren voor de lidstaten of de bedrijven met boekhouding. Alvorens die uitvoeringshandelingen vast te stellen, onderzoekt de Commissie de haalbaarheid van de voorgestelde variabelen aan de hand van, onder meer, input van de lidstaten, met inbegrip van de beschikbaarheid en kwaliteit van nieuwe en bestaande gegevensbronnen, de mogelijke toepassing van nieuwe methoden en de financiële lasten voor de lidstaten en de bedrijven met boekhouding. De resultaten van die analyse worden besproken in het in artikel 19, lid 1, bedoelde comité.

De in dit lid bedoelde uitvoeringshandelingen worden overeenkomstig de in artikel 19, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 15

Artikel 12

1. De bedrijfsformulieren en de in artikel 5 bedoelde koppelingen of gegevens worden door het verbindingsorgaan bij de Commissie ingediend via een door de Commissie opgezet geautomatiseerd gegevenssysteem. De gegevens worden elektronisch ingediend aan de hand van formulieren die via dat systeem ter beschikking van het verbindingsorgaan worden gesteld.

2. De Commissie stelt uitvoeringshandelingen vast met nadere regels voor de opslag, de verwerking, het hergebruik en het delen van de in lid 1 van dit artikel bedoelde gegevens binnen de Commissie. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 19, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

🡻 1217/2009

HOOFDSTUK III

ALGEMENE BEPALINGEN

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 16

Artikel 13

1. Individuele gegevens die tijdens de uitvoering van deze verordening worden verkregen, worden uitsluitend gebruikt voor de uitvoering van taken voor de toepassing van artikel 1 van deze verordening. In geen geval mogen de lidstaten of de Commissie dergelijke individuele gegevens gebruiken voor andere doeleinden, met name voor controles overeenkomstig Verordening (EU) 2021/2116 of voor belastingdoeleinden.

2. IDL-gegevens en, voor de toepassing van deze verordening, gegevens uit andere gegevensreeksen zoals uiteengezet in artikel 5 mogen openbaar worden gemaakt op voorwaarde dat zij zowel geaggregeerd als geanonimiseerd zijn.

3. De Commissie kan voor onderzoeksdoeleinden toegang verlenen tot gepseudonimiseerde gegevens. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 18 gedelegeerde handelingen vast te stellen om deze verordening aan te vullen met de regels en voorwaarden voor die toegang op Unieniveau. Bij de vaststelling van die gedelegeerde handelingen houdt de Commissie rekening met de noodzaak van de bescherming van individuele gegevens en met name met de regels voor doorgiften van gegevens aan ontvangers buiten het grondgebied van de Unie die zijn vastgesteld in hoofdstuk V van Verordening (EU) 2016/679 en hoofdstuk V van Verordening (EU) 2018/1725. Alvorens die gedelegeerde handelingen vast te stellen, wint de Commissie het advies in van de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming.

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 17

Artikel 14

1. De lidstaten en de Commissie gaan over tot het vaststellen en uitvoeren van passende technische en organisatorische maatregelen, onder meer met betrekking tot het in artikel 12 bedoelde geautomatiseerde gegevenssysteem, om te waarborgen en te kunnen aantonen dat de verzameling, verwerking, compilatie en toezending van individuele gegevens beperkt blijven tot de doeleinden van deze verordening.

2. Individuele gegevens worden bewaard zolang zij nodig zijn om tijdreeksanalyses uit te voeren.

3. Individuele gegevens worden niet ter beschikking gesteld van andere personen dan die welke er vanwege hun functie toegang toe moeten hebben voor de toepassing van deze verordening.

4. Personen die aan het IDL meewerken of meegewerkt hebben, mogen individuele gegevens of andere individuele bijzonderheden die hen bij of door de uitoefening van hun functie ter kennis zijn gekomen, niet verspreiden. De lidstaten en de Commissie nemen alle passende maatregelen om inbreuken op dat verbod aan te pakken.

Artikel 15

1. De verwerking, het beheer en het gebruik van uit hoofde van deze verordening verzamelde persoonsgegevens voldoen aan de Verordeningen (EU) 2016/679 en (EU) 2018/1725.

2. De Commissie is de verantwoordelijke voor de verwerking van in de bedrijfsformulieren opgenomen persoonsgegevens vanaf het moment waarop de Commissie die gegevens ontvangt. De lidstaten bepalen wie de verwerkingsverantwoordelijke en, in voorkomend geval, wie de gegevensverwerker is voor de verwerking van in de bedrijfsformulieren opgenomen persoonsgegevens betreffende bedrijven op hun grondgebied.

🡻 1217/2009

Artikel 16

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 18

1. Het Nationaal Comité, de Streekcomités, het verbindingsorgaan en de gegevensverzamelaars moeten, elk voor zich, de Commissie alle relevante inlichtingen verstrekken, die de Commissie van hen vraagt met betrekking tot de vervulling van hun taken in het kader van deze verordening.

Dergelijke verzoeken om inlichtingen, gericht aan het Nationaal Comité, de Streekcomités en de gegevensverzamelaars, alsook de daarop betrekking hebbende antwoorden, worden schriftelijk toegezonden via het verbindingsorgaan.

🡻 1217/2009

2. Indien de verstrekte inlichtingen onvoldoende zijn of niet tijdig worden verstrekt, kan de Commissie met de medewerking van het verbindingsorgaan deskundigen ter plaatse zenden.

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 19

Artikel 17

1. Het Europees Landbouwgarantiefonds (ELGF) financiert uitgaven voor:

a)een aan de lidstaten te betalen bedrag voor de toezending van binnen de gestelde termijn ingediende, naar behoren ingevulde bedrijfsformulieren, tot het maximumaantal bedrijven met boekhouding als vastgesteld overeenkomstig artikel 7, lid 2; wanneer het totale aantal naar behoren ingevulde en toegezonden bedrijfsformulieren met betrekking tot een IDL-streek of een lidstaat minder dan 80 % bedraagt van het aantal bedrijven met boekhouding dat overeenkomstig artikel 7, leden 2 en 3, voor die IDL-streek of voor de betrokken lidstaat is vastgesteld, wordt het voor elk bedrijfsformulier uit die IDL-streek of uit de betrokken lidstaat toegepaste bedrag met 20 % verlaagd; indien een dergelijke verlaging al gedurende de twee voorgaande opeenvolgende jaren op een IDL-streek of een lidstaat is toegepast, bedraagt de verlaging 25 %;

b)alle kosten van de geautomatiseerde gegevenssystemen die door de Commissie worden gebruikt voor het beheer en de ontwikkeling van het IDL en voor de ontvangst, verificatie, verwerking, interoperabiliteit en analyse van de door de lidstaten verstrekte gegevens; die kosten omvatten, waar passend, de kosten van het verspreiden van de resultaten van die activiteiten en de kosten van studies over en de ontwikkeling van andere aspecten van het IDL.

2. Het ELGF verstrekt ook financiële bijdragen aan de lidstaten om bij te dragen aan de uitvoeringskosten van de lidstaten wanneer het opzetten van het systeem voor het verzamelen van de milieu- en sociale variabelen overeenkomstig deze verordening, met inbegrip van opleiding en interoperabiliteit tussen gegevensverzamelingssystemen, aanzienlijke aanpassingen van het ILB-gegevensverzamelingssysteem van een lidstaat vereist. Dergelijke bijdragen worden uiterlijk op 31 december 2027 aan de lidstaten verstrekt.

3. Het in lid 1, punt a), bedoelde bedrag kan geheel of gedeeltelijk aan landbouwers worden betaald voor hun deelname aan IDL-enquêtes overeenkomstig door de lidstaten vastgestelde toewijzingscriteria.

4. De Commissie stelt uitvoeringshandelingen vast tot vaststelling van de gedetailleerde procedures met betrekking tot het in lid 1, punt a), bedoelde bedrag en de in lid 2 bedoelde bijdragen. In de uitvoeringshandelingen betreffende de bijdragen maakt de Commissie duidelijk op basis van welke criteria die bijdragen moeten worden toegewezen. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 19, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

🡻 1318/2013 Art. 1, punt 15

Artikel 18

1. De bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend onder de in dit artikel neergelegde voorwaarden.

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 20, onder a)

2. De in artikel 1, lid 2, artikel 3, artikel 4, lid 4, artikel 5, lid 2, artikel 6, lid 1, artikel 7, lid 1, artikel 8, leden 2 en 3, en artikel 13, lid 3, bedoelde bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie verleend voor een termijn van vijf jaar vanaf 19 december 2023. De Commissie stelt uiterlijk negen maanden vóór het einde van de termijn van vijf jaar een verslag op over de bevoegdheidsdelegatie. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend met termijnen van dezelfde duur verlengd, tenzij het Europees Parlement of de Raad zich uiterlijk drie maanden vóór het einde van elke termijn tegen deze verlenging verzet.

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 20, onder b) (aangepast)

3. Het Europees Parlement of de Raad kan de in artikel 1, lid 2, artikel 3, artikel 4, lid 4, artikel 5, lid 2, artikel 6, lid 1, artikel 7, lid 1, artikel 8, leden 2 en 3, en artikel 13, lid 3, bedoelde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Het besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.

Ö 4.    Voordat de Commissie een gedelegeerde handeling aanneemt, raadpleegt zij deskundigen die door elke lidstaat zijn aangewezen in overeenstemming met de principes die zijn vastgelegd in de Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven. Õ

🡻 1318/2013 Art. 1, punt 15

5. Zodra de Commissie een gedelegeerde handeling heeft vastgesteld, doet zij daarvan gelijktijdige kennisgeving aan het Europees Parlement en de Raad.

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 20, onder c)

6. Een op grond van artikel 1, lid 2, artikel 3, artikel 4, lid 4, artikel 5, lid 2, artikel 6, lid 1, artikel 7, lid 1, artikel 8, leden 2 en 3, en artikel 13, lid 3, vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het Europees Parlement noch de Raad daartegen binnen een termijn van twee maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de Raad bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad voor het verstrijken van die termijn de Commissie hebben medegedeeld dat zij daartegen geen bezwaar zullen maken. Die termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden verlengd.

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 21

Artikel 19

1. De Commissie wordt bijgestaan door een comité, genaamd het “Comité voor het informatienet inzake de duurzaamheid van landbouwbedrijven”. Dat comité is een comité in de zin van Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad.

2. Wanneer naar dit lid wordt verwezen, is artikel 5 van Verordening (EU) nr. 182/2011 van toepassing.

Indien door het comité geen advies wordt uitgebracht over de in artikel 5, lid 3, en artikel 11, lid 4, punt a), van deze verordening bedoelde handelingen, neemt de Commissie de ontwerpuitvoeringshandeling niet aan en is artikel 5, lid 4, derde alinea, van Verordening (EU) nr. 182/2011 van toepassing.

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 22

Artikel 20

De Commissie dient 20 december 2028 bij het Europees Parlement en de Raad een evaluatieverslag in over de uitvoering van artikel 5 en artikel 10, lid 1, punt g), zo nodig vergezeld van een voorstel voor een wetgevingshandeling tot wijziging van artikel 17, lid 1, punt a).

🡻 1217/2009 (aangepast)

Artikel 21

Verordening  (EG) nr. 1217/2009  wordt ingetrokken.

Verwijzingen naar de ingetrokken verordening gelden als verwijzingen naar de onderhavige verordening en worden gelezen volgens de concordantietabel in bijlage IV.

Artikel 22

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel,

Voor het Europees Parlement    Voor de Raad

De voorzitter    De voorzitter

(1)    COM(87) 868 PV.
(2)    Zie bijlage 3 bij deel A van die conclusies.
(3)    Opgenomen in het wetgevingsprogramma voor 2026.
(4)    Zie bijlage III bij dit voorstel.
(5)    PB C […] van […], blz. […].
(6)    Verordening (EG) nr. 1217/2009 van de Raad van 30 november 2009 tot oprichting van een boekhoudkundig informatienet betreffende de inkomens en de bedrijfseconomische positie van de landbouwbedrijven in de Europese Gemeenschap (gecodificeerde versie) (PB L 328 van 15.12.2009, blz. 27, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg/2009/1217/oj ).
(7)    Zie bijlage III.
(8)    Verordening (EU) 2021/2115 van het Europees Parlement en de Raad van 2 december 2021 tot vaststelling van voorschriften inzake steun voor de strategische plannen die de lidstaten in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid opstellen (strategische GLB-plannen) en die uit het Europees Landbouwgarantiefonds (ELGF) en het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling (Elfpo) worden gefinancierd, en tot intrekking van Verordeningen (EU) nr. 1305/2013 en (EU) nr. 1307/2013 (PB L 435 van 6.12.2021, blz. 1, ELI : http://data.europa.eu/eli/reg/2021/2115/oj ).
(9)    Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming) (PB L 119 van 4.5.2016, blz. 1, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg/2016/679/oj ).
(10)    Verordening (EU) 2018/1725 van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door de instellingen, organen en instanties van de Unie en betreffende het vrije verkeer van die gegevens, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 45/2001 en Besluit nr. 1247/2002/EG (PB L 295 van 21.11.2018, blz. 39, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1725/oj ).
(11)    Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2003 inzake de toegang van het publiek tot milieu-informatie en tot intrekking van Richtlijn 90/313/EEG van de Raad (PB L 41 van 14.2.2003, blz. 26, ELI:  http://data.europa.eu/eli/dir/2003/4/oj ).
(12)    Verordening (EG) nr. 1367/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 6 september 2006 betreffende de toepassing van de bepalingen van het Verdrag van Aarhus betreffende toegang tot informatie, inspraak bij besluitvorming en toegang tot de rechter inzake milieuaangelegenheden op de communautaire instellingen en organen (PB L 264 van 25.9.2006, blz. 13, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg/2006/1367/oj ).
(13)    Verordening (EU) 2022/2379 van het Europees Parlement en de Raad van 23 november 2022 betreffende statistieken over de landbouwinput en -output, tot wijziging van Verordening (EG) nr. 617/2008 van de Commissie en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 1165/2008, (EG) nr. 543/2009 en (EG) nr. 1185/2009 van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 96/16/EG van de Raad (PB L 315 van 7.12.2022, blz. 1, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg/2022/2379/oj ).
(14)    Verordening (EU) 2018/1091 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 betreffende geïntegreerde landbouwstatistieken en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 1166/2008 en (EU) nr. 1337/2011 (PB L 200 van 7.8.2018, blz. 1, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1091/oj ).
(15)    Verordening (EG) nr. 138/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 5 december 2003 betreffende de landbouwrekeningen in de Gemeenschap (PB L 33 van 5.2.2004, blz. 1, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg/2004/138/oj ).
(16)    Verordening (EG) nr. 1242/2008 van de Commissie van 8 december 2008 houdende invoering van een communautaire typologie van de landbouwbedrijven (PB L 335 van 13.12.2008, blz. 3, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg/2008/1242/oj ).
(17)    Richtlijn (EU) 2019/1024 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 inzake open data en het hergebruik van overheidsinformatie (PB L 172 van 26.6.2019, blz. 56, ELI:  http://data.europa.eu/eli/dir/2019/1024/oj ).
(18)    Verordening (EU) 2021/2116 van het Europees Parlement en de Raad van 2 december 2021 inzake de financiering, het beheer en de monitoring van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1306/2013 (PB L 435 van 6.12.2021, blz. 187, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg/2021/2116/oj ).
(19)    PB L 123, 12.5.2016, blz. 1, ELI:  http://data.europa.eu/eli/agree_interinstit/2016/512/oj .
(20)    Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 tot vaststelling van de algemene voorschriften en beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop de lidstaten de uitoefening van de uitvoeringsbevoegdheden door de Commissie controleren (PB L 55 van 28.2.2011, blz. 13, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg/2011/182/oj ).
(21)    Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2016 betreffende overdraagbare dierziekten en tot wijziging en intrekking van bepaalde handelingen op het gebied van diergezondheid (“diergezondheidswetgeving”) (PB L 84 van 31.3.2016, blz. 1, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg/2016/429/oj ).
(22)    Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten en tot intrekking van de Verordeningen (EEG) nr. 922/72, (EEG) nr. 234/79, (EG) nr. 1037/2001 en (EG) nr. 1234/2007 van de Raad (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 671, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg/2013/1308/oj ).
(23)    Verordening (EU) 2018/848 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2018 inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad (PB L 150 van 14.6.2018, blz. 1, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg/2018/848/oj ).
(24)    Richtlijn 91/676/EEG van de Raad van 12 december 1991 inzake de bescherming van water tegen verontreiniging door nitraten uit agrarische bronnen (PB L 375 van 31.12.1991, blz. 1, ELI:  http://data.europa.eu/eli/dir/1991/676/oj ).

Brussel, 29.7.2026

COM(2026) 413 final

BIJLAGEN

bij

Voorstel voor een

VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

betreffende het informatienet inzake de duurzaamheid van landbouwbedrijven (codificatie)


🡻 2023/2674 Art. 1, punt 23 en bijlage

BIJLAGE I

Lijst van thema’s

Economisch

Algemene informatie over het bedrijf

Exploitatievorm

Activa en investeringen

Quota en andere rechten

Schulden en kredieten

Belasting over de toegevoegde waarde

Inputs

Landgebruik en gewassen

Dierlijke productie

Dierlijke producten en diensten

Marktintegratie

Kwaliteitsproducten — geografische aanduidingen

Lidmaatschap van producentenorganisaties;

Risicobeheer

Innovatie en digitalisering

Andere winstgevende activiteiten in verband met het bedrijf

Subsidies

Indicatief aandeel van het inkomen buiten het landbouwbedrijf

Milieu

Landbouwpraktijken

Bodembeheer

Gebruik en beheer van voedingsstoffen

Koolstoflandbouw

Broeikasgasemissies en -verwijdering

Luchtverontreiniging

Watergebruik en -beheer

Gebruik van gewasbeschermingsmiddelen

Gebruik van antimicrobiële stoffen

Dierenwelzijn

Biodiversiteit

Biologische landbouw

Certificeringsregelingen

Energieverbruik en energieproductie

Voedselverlies op het niveau van de primaire productie

Afvalbeheer

Sociaal

Arbeid

Opleiding

Genderevenwicht

Arbeidsomstandigheden

Sociale inclusie

Sociale zekerheid

Toegang tot infrastructuur en basisdiensten

Generatievernieuwing

_____________

🡻 1217/2009

BIJLAGE II

🡻 2023/2674 Art. 1, punt 24

Lijst van IDL-streken

🡻 1217/2009

België

1.    Vlaanderen

2.    Bruxelles — Brussel

3.    Wallonie

Bulgarije

1.    Северозападен (Severozapaden)

2.    Северен централен (Severen tsentralen)

3.    Североизточен (Severoiztochen)

4.    Югозападен (Yugozapaden)

5.    Южен централен (Yuzhen tsentralen)

6.    Югоизточен (Yugoiztochen)

Tsjechië

Vormt één streek

Denemarken

Vormt één streek

🡻 2017/2278 Art. 1 en bijlage

Duitsland

1.Schleswig-Holstein/Hamburg

2.Niedersachsen

3.Bremen

4.Nordrhein-Westfalen

5.Hessen

6.Rheinland-Pfalz

7.Baden-Württemberg

8.Bayern

9.Saarland

10.Berlin

11.Brandenburg

12.Mecklenburg-Vorpommern

13.Sachsen

14.Sachsen-Anhalt

15.Thüringen

🡻 1217/2009

Estland

Vormt één enkele streek

Ierland

Vormt één streek

Griekenland

1.    ΜακεδονίαΘράκη

2.    ΉπειροςΠελοπόννησοςΝήσοι Ιονίου

3.    Θεσσαλία

4.    Στερεά ΕλλάςΝήσοι ΑιγαίουΚρήτη

Spanje

1.    Galicia

2.    Asturias

3.    Cantabria

4.    País Vasco

5.    Navarra

6.    La Rioja

7.    Aragón

8.    Cataluña

9.    Baleares

10.    Castilla-León

11.    Madrid

12.    Castilla-La Mancha

13.    Comunidad Valenciana

14.    Murcia

15.    Extremadura

16.    Andalucía

17.    Canarias

🡻 2022/2497 Art. 1 en bijlage, punt 1

Frankrijk

1.Île-de-France

2.Champagne-Ardenne

3.Picardie

4.Haute-Normandie

5.Centre

6.Basse-Normandie

7.Bourgogne

8.Nord-Pas de Calais

9.Lorraine

10.Alsace

11.Franche-Comté

12.Pays de la Loire

13.Bretagne

14.Poitou-Charentes

15.Aquitaine

16.Midi-Pyrénées

17.Limousin

18.Rhône-Alpes

19.Auvergne

20.Languedoc-Roussillon

21.Provence-Alpes-Côte d'Azur

22.Corse

23.Antilles françaises

24.La Réunion

🡻 517/2013 Art. 1, lid 1, onder e) en bijlage, punt 5, onder 4)

Kroatië

1.Kontinentalna Hrvatska

2.Jadranska Hrvatska

🡻 1217/2009

Italië

1.    Piemonte

2.    Valle d'Aosta

3.    Lombardia

4.    Alto Adige

5.    Trentino

6.    Veneto

7.    Friuli-Venezia Giulia

8.    Liguria

9.    Emilia-Romagna

10.    Toscana

11.    Umbria

12.    Marche

13.    Lazio

14.    Abruzzi

15.    Molise

16.    Campania

17.    Puglia

18.    Basilicata

19.    Calabria

20.    Sicilia

21.    Sardegna

Cyprus

Vormt één streek

Letland

Vormt één streek

Litouwen

Vormt één streek

Luxemburg

Vormt één streek

🡻 737/2011 Art. 1 en bijlage, punt 2

Hongarije

1.    Észak-Magyarország

2.    Dunántúl

3.    Alföld

🡻 1217/2009

Malta

Vormt één streek

Nederland

Vormt één streek

Oostenrijk

Vormt één streek

Polen

1.    Pomorze en Mazury

2.    Wielkopolska en Śląsk

3.    Mazowsze en Podlasie

4.    Małopolska en Pogórze

Portugal

1.    Norte e Centro

2.    Ribatejo-Oeste

3.    Alentejo e Algarve

4.    Açores e Madeira

Roemenië

1.    Nord-Est

2.    Sud-Est

3.    Sud-Muntenia

4.    Sud-Vest-Oltenia

5.    Vest

6.    Nord-Vest

7.    Centru

8.    București-Ilfov

Slovenië

Vormt één streek

Slowakije

Vormt één streek

🡻 2023/2514 Art. 1 en bijlage

Finland

1.    Etelä-Suomi

2.    Pohjanmaa, Sisä- en Pohjois-Suomi

🡻 1217/2009

Zweden

1.    De laagvlakten van Zuid- en Midden-Zweden

2.    De land- en bosbouwgebieden van Zuid- en Midden-Zweden

3.    Het gebied Noord-Zweden

_____________

🡹 

BIJLAGE III

Ingetrokken verordening met overzicht van de achtereenvolgende wijzigingen ervan

Verordening (EG) nr. 1217/2009 van de Raad
(PB L 328, 15.12.2009, p. 27, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg/2009/1217/oj )

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 737/2011 van de Commissie
(
PB L 195, 27.7.2011, p. 42, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2011/737/oj )

Verordening (EU) nr. 517/2013 van de Raad
(PB L 158, 10.6.2013, p. 1, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg/2013/517/oj )

Uitsluitend punt 5.4 van de bijlage

Verordening (EU) nr. 1318/2013 van het Europees Parlement en de Raad
(
PB L 340, 17.12.2013, p. 1, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg/2013/1318/oj )

Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/2278 van de Commissie
(
PB L 328, 12.12.2017, p. 1, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg_del/2017/2278/oj )

Verordening (EU) 2022/590 van het Europees Parlement en de Raad
(PB L 114, 12.4.2022, p. 1,

ELI: 
http://data.europa.eu/eli/reg/2022/590/oj )

Gedelegeerde Verordening (EU) 2022/2497 van de Commissie 
(PB
L 325, 20.12.2022, p. 13, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg_del/2022/2497/oj )

Uitsluitend punt 2 van de bijlage

Gedelegeerde Verordening (EU) 2023/2514 van de Commissie
(PB L, 2023/2514, 15.11.2023, ELI: 
http://data.europa.eu/eli/reg_del/2023/2514/oj

Verordening (EU) 2023/2674 van het Europees Parlement en de Raad
(PB L, 2023/2674, 29.11.2023
ELI: 
http://data.europa.eu/eli/reg/2023/2674/oj )

_____________

BIJLAGE IV

Concordantietabel

Verordening (EG) nr. 1217/2009

Deze verordening

Artikelen 1 tot en met 4

Artikelen 1 tot en met 4

Artikel 4a

Artikel 5

Artikel 5

Artikel 6

Artikel 5 bis, lid 1, inleidende formule

Artikel 7, lid 1, inleidende formule

Artikel 5 bis, lid 1, eerste streepje

Artikel 7, lid 1, punt a)

Artikel 5 bis, lid 1, tweede streepje

Artikel 7, lid 1, punt b)

Artikel 5 bis, lid 1, derde streepje

Artikel 7, lid 1, punt c)

Artikel 5 bis, leden 2, 3 en 4

Artikel 7, leden 2, 3 en 4

Artikel 5 ter

Artikel 8

Artikel 6

Artikel 9

Artikel 7

Artikel 10

Artikel 8

Artikel 11

Artikel 8 bis

Artikel 12

Artikel 16

Artikel 13

Artikel 16 bis

Artikel 14

Artikel 16 ter

Artikel 15

Artikel 17

Artikel 16

Artikel 19

Artikel 17

Artikel 19 bis, leden 1, 2, en 3

Artikel 18, leden 1, 2 en 3

Artikel 18, lid 4

Artikel 19 bis, lid 4

Artikel 18, lid 5

Artikel 19 bis, lid 5

Artikel 18, lid 6

Artikel 19 ter

Artikel 19

Artikel 19 quater

Artikel 20

Artikel 20

Artikel 21

Artikel 21

Artikel 22

Bijlage -I

Bijlage I

Bijlage I

Bijlage II

Bijlage II

Bijlage III

Bijlage III

Bijlage IV

____________