EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 23.9.2025
COM(2025) 567 final
2023/0373(COD)
MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT
overeenkomstig artikel 294, lid 6, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie
over het
standpunt van de Raad met het oog op de aanneming van een verordening van het Europees Parlement en de Raad inzake de voorkoming van het verlies van kunststofpellets om verontreiniging door microplastics te verminderen
2023/0373 (COD)
MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT
overeenkomstig artikel 294, lid 6, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie
over het
standpunt van de Raad met het oog op de aanneming van een verordening van het Europees Parlement en de Raad inzake de voorkoming van het verlies van kunststofpellets om verontreiniging door microplastics te verminderen
1.Chronologisch overzicht
|
Indiening voorstel bij het Europees Parlement en de Raad
(document COM(2023) 645 final – 2023/0373 (COD):
|
16 oktober 2023
|
|
Datum van het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité:
|
14 februari 2024
|
|
Standpunt van het Europees Parlement in eerste lezing:
|
23 april 2024
|
|
Indiening gewijzigd voorstel:
|
n.v.t.
|
|
Vaststelling van het standpunt van de Raad:
|
22 september 2025
|
2.Doel van het voorstel van de Commissie
Het doel van het voorstel is ervoor te zorgen dat marktdeelnemers en vervoerders die kunststofpellets hanteren, de nodige voorzorgsmaatregelen nemen om verliezen in het milieu te voorkomen en zo bij te dragen tot de vermindering van de verontreiniging door microplastics. Daartoe bevat het voorstel vereisten inzake beste hanteringspraktijken, verplichte certificering en eigen verklaringen, en voorziet het in de ontwikkeling van een geharmoniseerde methode om verliezen te ramen.
3.Opmerkingen over het standpunt van de Raad
Het standpunt van de Raad in eerste lezing weerspiegelt ten volle het voorlopige politieke akkoord dat op 9 april 2025 tussen het Europees Parlement en de Raad is bereikt. De Commissie steunt dit akkoord, waarvan de belangrijkste punten hierna worden beschreven.
·Ambitieus doel om het verlies van kunststofpellets tot nul terug te brengen: De medewetgevers zijn overeengekomen om zowel in artikel 1, lid 1, als in overweging 13 een verwijzing op te nemen naar de doelstelling om het verlies van kunststofpellets tot nul terug te brengen, aangezien de formulering duidelijk het ambitieuze karakter ervan weerspiegelt.
·Certificering van kleine ondernemingen die een hoeveelheid pellets boven een bepaalde drempel hanteren: De medewetgevers hebben een akkoord bereikt over een eenmalige certificering zestig maanden na de inwerkingtreding van de verordening, zonder enige verplichting tot verlenging. Daarnaast zijn zij overeengekomen om de drempel voor de hoeveelheid pellets die per jaar door ondernemingen wordt gehanteerd, te verhogen van de oorspronkelijk voorgestelde 1 000 ton tot 1 500 ton. Samen zullen deze twee bepalingen nog steeds zorgen voor een lichtere regeling voor kleine ondernemingen en een vermindering van het aantal ondernemingen dat aan certificering door derden onderworpen is.
·Verplichtingen met betrekking tot het vervoer van kunststofpellets over zee: De medewetgevers zijn overeengekomen om bepalingen in te voeren die verplichtingen opleggen aan actoren die betrokken zijn bij het vervoer van pellets in vrachtcontainers over zee. Deze bepalingen zijn grotendeels geïnspireerd op de aanbevelingen die de Commissie voor de bescherming van het mariene milieu van de Internationale Maritieme Organisatie in 2024 met betrekking tot dit onderwerp heeft goedgekeurd, en hebben tot doel deze aanbevelingen binnen de Unie juridisch bindend te maken.
·Ondersteuning voor belanghebbenden door de lidstaten: De medewetgevers zijn overeengekomen om meer aandacht te besteden aan kleine en middelgrote ondernemingen (kmo’s) door in het punt over financiële steun door de lidstaten een verwijzing naar de certificering van kleine ondernemingen toe te voegen.
·Verstrekking van informatie in de vorm van een pictogram: De medewetgevers zijn overeengekomen om voor fabrikanten, importeurs, downstreamgebruikers en distributeurs die kunststofpellets in de handel brengen, een verplichting in te voeren om informatie te verstrekken in de vorm van een pictogram en een verklaring. In de overeengekomen tekst wordt verduidelijkt dat de adressaten van deze verplichting aan de verplichting kunnen voldoen wanneer zij de informatie verstrekken die op grond van punt 78 van bijlage XVII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 (Reach-verordening) vereist is.
·Mogelijkheid voor de lidstaten om vergunningen en milieubeheersystemen (EMS) te gebruiken in plaats van een eigen verklaring of certificering: De medewetgevers zijn overeengekomen om, in overeenstemming met het mandaat van de Raad, bepalingen op te nemen die de lidstaten in staat stellen vergunningen en geverifieerde milieubeheersystemen (EMS) te gebruiken in plaats van een eigen verklaring, certificering of een milieubeheer- en milieuauditsysteem (EMAS). Dit is een waardevol voorbeeld van vereenvoudiging met behoud van hetzelfde nalevingsniveau.
·Incidenten en ongevallen: De medewetgevers zijn overeengekomen om in artikel 9, lid 1, aanvullende bepalingen op te nemen dat i) in voorkomend geval de nooddiensten onmiddellijk in kennis moeten worden gesteld; ii) onmiddellijk alle mogelijke maatregelen moeten worden genomen om de schade te beperken; en iii) uiterlijk dertig dagen na het voorval informatie moet worden verstrekt over de geraamde verloren hoeveelheden, de oorzaken van het verlies en de genomen maatregelen.
·Verplichtingen voor vervoerders: De medewetgevers zijn overeengekomen om de verplichtingen die oorspronkelijk alleen voor vervoerders uit de EU waren voorgesteld, namelijk de opleiding van het personeel en het bijhouden van registers over de geraamde hoeveelheden van verliezen en de totale hoeveelheden gehanteerde kunststofpellets, uit te breiden tot vervoerders buiten de EU. Daarom zijn zij overeengekomen voor vervoerders buiten de EU een aanvullende verplichting in te voeren om een gemachtigde vertegenwoordiger aan te wijzen om een doeltreffende handhaving van de verordening te waarborgen, en voor alle vervoerders de verplichting te schrappen om een register bij te houden van de maatregelen die zijn genomen.
·Toepassingsdata: De medewetgevers zijn overeengekomen dat de meeste bepalingen van de verordening 24 maanden na de inwerkingtreding ervan van toepassing moeten worden en dat de bepalingen betreffende het vervoer van kunststofpellets over zee 36 maanden na de inwerkingtreding van de verordening van toepassing moeten worden.
4.Conclusie
De Commissie staat achter de resultaten van de interinstitutionele onderhandelingen en kan bijgevolg het standpunt van de Raad in eerste lezing aanvaarden.