Brussel, 21.5.2025

COM(2025) 258 final

2025/0129(COD)

Voorstel voor een

VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

tot wijziging van Verordening (EU) 2023/1542 wat betreft de verplichtingen van marktdeelnemers met betrekking tot beleid van passende zorgvuldigheid inzake batterijen

(Voor de EER relevante tekst)


TOELICHTING

1.ACHTERGROND VAN HET VOORSTEL

Motivering en doel van het voorstel

Verordening (EU) 2023/1542 ( 1 ) heeft tot doel bij te dragen tot de efficiënte werking van de interne markt en tegelijkertijd de nadelige effecten van batterijen op het milieu te voorkomen en te beperken. Ze heeft ook tot doel het milieu en de menselijke gezondheid te beschermen door de nadelige effecten van het ontstaan en het beheer van afgedankte batterijen te voorkomen en te beperken. Bij de verordening worden onder meer verplichtingen van passende zorgvuldigheid inzake batterijen opgelegd aan marktdeelnemers die batterijen in de handel brengen of in gebruik nemen. Deze verplichtingen moeten met ingang van 18 augustus 2025 worden toegepast.

De toeleveringsketens van grondstoffen voor batterijen worden beïnvloed door een veranderend geopolitiek landschap. De batterijindustrie heeft daardoor te maken met verschillende uitdagingen, met name in verband met de winning van grondstoffen. Het kost tijd om toeleveringsketens te analyseren en aan te passen.

Bovendien is een van de verplichtingen van passende zorgvuldigheid inzake batterijen dat het beleid van passende zorgvuldigheid inzake batterijen van marktdeelnemers wordt geverifieerd door een aangemelde instantie (“externe verificatie”). Slechts ongeveer de helft van de lidstaten heeft hun aangemelde autoriteit aangewezen, die belast is met de beoordeling en aanmelding van en het toezicht op conformiteitsbeoordelingsinstanties. In veel gevallen zouden dergelijke aanvragen gebaseerd zijn op accreditatie, maar de vereniging voor Europese samenwerking voor accreditatie heeft geen norm kunnen vaststellen voor de accreditatie van aangemelde instanties voor passende zorgvuldigheid inzake batterijen. In plaats daarvan heeft zij aangegeven dat dit moet berusten op regelingen die door de Europese Commissie zijn goedgekeurd.

Regelingen voor passende zorgvuldigheid die door brancheorganisaties en groeperingen van belanghebbende organisaties worden ontwikkeld, zullen naar verwachting een belangrijke rol spelen bij de uitvoering van de verplichtingen van passende zorgvuldigheid inzake batterijen. De bepalingen inzake dergelijke regelingen in Verordening (EU) 2023/1542 komen overeen met die van Verordening (EU) 2017/821, waarvoor verschillende regelingen met het oog op erkenning worden beoordeeld, maar tot op heden is nog geen enkele regeling erkend. Regelingen voor batterijgrondstoffen moeten nog verder worden ontwikkeld en uitgevoerd en vervolgens het erkenningsproces voor regelingen uit hoofde van Verordening (EU) 2023/1542 doorlopen.

Daarnaast moet de Commissie op grond van artikel 94, lid 4, van Verordening (EU) 2023/1542 één jaar na de vaststelling van Richtlijn (EU) 2024/1760 inzake passende zorgvuldigheid in het bedrijfsleven op het gebied van duurzaamheid ( 2 ) beoordelen of de zorgvuldigheidsverplichtingen voor batterijen moeten worden gewijzigd in het licht van de vaststelling van die richtlijn. Hoewel het nog te vroeg is voor een dergelijke beoordeling, met name omdat de Commissie op 26 februari 2025 wijzigingen van Richtlijn (EU) 2024/1760 heeft voorgesteld, kan de samenhang in de uitvoering worden verbeterd door de richtsnoeren voor beide wetgevingsteksten tegelijkertijd te ontwikkelen, indien de datums van toepassing dit toelaten.

Om deze redenen is de Commissie van mening dat de datum van toepassing van de in artikel 48, lid 1, van Verordening (EU) 2023/1542 gespecificeerde zorgvuldigheidsverplichtingen inzake batterijen met twee jaar moet worden uitgesteld om marktdeelnemers die batterijen in de EU in de handel brengen, in staat te stellen zich beter voor te bereiden, met behulp van richtsnoeren, en om tijd te geven om problemen met de beschikbaarheid van aangemelde instanties op te lossen.

Verenigbaarheid met bestaande bepalingen op het beleidsterrein

De vaststelling van Verordening (EU) 2023/1542 maakte integraal deel uit van de Europese Green Deal en is in overeenstemming met de algemene doelstellingen ervan en alle in het kader daarvan ontwikkelde initiatieven. Dit voorstel wijzigt geen materiële regels van Verordening (EU) 2023/1542, maar heeft alleen tot doel marktdeelnemers die batterijen in de EU in de handel brengen extra tijd te geven om beter voorbereid te zijn en problemen met de beschikbaarheid van aangemelde instanties op te lossen.

Verenigbaarheid met andere beleidsterreinen van de Unie

Richtlijn (EU) 2024/1760 inzake passende zorgvuldigheid in het bedrijfsleven op het gebied van duurzaamheid bevat regels en verplichtingen om ervoor te zorgen dat ondernemingen potentiële en feitelijke negatieve effecten op de mensenrechten en het milieu in de eigen activiteiten van de onderneming, hun dochterondernemingen en, indien deze verband houden met hun activiteitenketens, die van hun zakenpartners, identificeren en aanpakken.

Richtlijn (EU) 2024/1760 is vastgesteld na de vaststelling van Verordening (EU) 2023/1542. De richtlijn “laat de verplichtingen op het gebied van mensen-, arbeids- en sociale rechten, en van milieubescherming en klimaatverandering krachtens andere wetgevingshandelingen van de Unie onverlet”. Voorts is in de richtlijn bepaald: “Indien een bepaling van deze richtlijn in strijd is met een bepaling van een andere wetgevingshandeling van de Unie die dezelfde doelstellingen nastreeft en voorziet in uitgebreidere of specifiekere verplichtingen, heeft de bepaling van die andere wetgevingshandeling van de Unie voorrang wat deze tegenstrijdigheid betreft en is zij van toepassing met betrekking tot die specifieke verplichtingen.” Dit is het geval voor de specifiekere verplichtingen van passende zorgvuldigheid inzake batterijen van Verordening (EU) 2023/1542. Marktdeelnemers in de toeleveringsketen voor batterijen moeten daarom het beleid van passende zorgvuldigheid inzake batterijen van Verordening (EU) 2023/1542 toepassen voor zover deze uitgebreider of specifieker zijn, in plaats van de gelijkwaardige bepalingen van Richtlijn (EU) 2024/1760 voor de fasen van de toeleveringsketen en de gespecificeerde mineralen. Voor andere activiteiten moeten exploitanten die binnen het toepassingsgebied van beide wetgevingshandelingen vallen, de regels van Richtlijn (EU) 2024/1760 naleven.

Er zijn enkele elementen waarvoor de zorgvuldigheidsverplichtingen van Verordening (EU) 2023/1542 niet stroken met de bepalingen van Richtlijn (EU) 2024/1760. De reden hiervoor is dat Verordening (EU) 2023/1542 productspecifiek is en Richtlijn (EU) 2024/1760 sectoroverschrijdend is.

In dit voorstel wordt de consistentie zoveel mogelijk aangepakt door de publicatiedata voor richtsnoeren in het kader van beide wetgevingsteksten te harmoniseren, zodat deze tegelijkertijd kunnen worden ontwikkeld.

2.RECHTSGRONDSLAG, SUBSIDIARITEIT EN EVENREDIGHEID

Rechtsgrondslag

Zorgvuldigheidsverplichtingen voor marktdeelnemers die batterijen in de handel brengen of in gebruik nemen, moeten negatieve milieueffecten van batterijen voorkomen en beperken en zorgen voor een duurzame waardeketen voor batterijen. Dergelijke maatregelen zullen de overgang naar een circulaire economie en het concurrentievermogen van de EU op lange termijn helpen waarborgen. Zij moeten ook bijdragen tot de efficiënte werking van de interne markt en rekening houden met een hoog niveau van milieubescherming. Om te voorkomen dat verschillen het vrije verkeer van batterijen belemmeren, moet artikel 114 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie als rechtsgrondslag van het voorstel worden gebruikt.

Subsidiariteit (bij niet-exclusieve bevoegdheid)

Dit initiatief is in overeenstemming met het subsidiariteitsbeginsel. Aangezien Verordening (EU) 2023/1542 moet worden gewijzigd door de toepassing van de zorgvuldigheidsverplichtingen uit te stellen, kunnen de doelstellingen van dit initiatief niet door de lidstaten zelf worden verwezenlijkt.

Evenredigheid

Het voorstel is in overeenstemming met het evenredigheidsbeginsel, dat wil zeggen dat het niet verder gaat dan nodig is om de doelstellingen van de Verdragen, en met name de goede werking van de interne markt, te verwezenlijken. Wat de subsidiariteitstoets betreft, kunnen de lidstaten de problemen niet aanpakken zonder een voorstel tot wijziging van de toepassingsdatum van de zorgvuldigheidsverplichtingen van Verordening (EU) 2023/1542.

Keuze van het instrument

Het voorstel wijzigt Verordening (EU) 2023/1542 inzake batterijen en afgedankte batterijen alleen wat het uitstel van de toepassingsdatum betreft. Het moet daarom hetzelfde soort handeling volgen, namelijk een verordening.

3.EVALUATIE, RAADPLEGING VAN BELANGHEBBENDEN EN EFFECTBEOORDELING

Evaluatie van bestaande wetgeving en controle van de resultaatgerichtheid ervan

Niet van toepassing.

Raadpleging van belanghebbenden

Niet van toepassing.

Bijeenbrengen en gebruik van expertise

Niet van toepassing.

Effectbeoordeling

Niet van toepassing.

Er is een effectbeoordeling uitgevoerd voor het voorstel dat heeft geleid tot de vaststelling van Verordening (EU) 2023/1542. Het huidige voorstel wijzigt alleen de datum van toepassing van de zorgvuldigheidsverplichtingen van Verordening (EU) 2023/1542.

Resultaatgerichtheid en vereenvoudiging

Het hoofddoel van dit voorstel is de datum van toepassing van de zorgvuldigheidsverplichtingen van Verordening (EU) 2023/1542 met twee jaar uit te stellen om marktdeelnemers die batterijen in de EU in de handel brengen, in staat te stellen zich beter voor te bereiden, met behulp van richtsnoeren, en de problemen met externe verificatie op te lossen.

Het voorstel verandert niets aan de inhoud van de voorschriften, maar stelt alleen de datum van toepassing ervan uit.

Grondrechten

Niet van toepassing.

4.GEVOLGEN VOOR DE BEGROTING

Niet van toepassing.

5.OVERIGE ELEMENTEN

Uitvoeringsplanning en regelingen betreffende controle, evaluatie en rapportage

Niet van toepassing.

Artikelsgewijze toelichting

Niet van toepassing.

2025/0129 (COD)

Voorstel voor een

VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

tot wijziging van Verordening (EU) 2023/1542 wat betreft de verplichtingen van marktdeelnemers met betrekking tot beleid van passende zorgvuldigheid inzake batterijen

(Voor de EER relevante tekst)

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 114,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Na toezending van het ontwerp van wetgevingshandeling aan de nationale parlementen,

Gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité ( 3 ),

Handelend volgens de gewone wetgevingsprocedure,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)Verordening (EU) 2023/1542 van het Europees Parlement en de Raad ( 4 ) bevat verplichtingen van passende zorgvuldigheid inzake batterijen die betrekking hebben op de aankoop, verwerking en verhandeling van kobalt, natuurlijk grafiet, lithium en nikkel die voor de productie van batterijen worden gebruikt. Deze zorgvuldigheidsverplichtingen moeten met ingang van 18 augustus 2025 worden toegepast.

(2)In een tijd waarin het geopolitieke landschap blijft veranderen, moeten verschillende uitdagingen worden overwonnen, onder meer op het gebied van de winning van grondstoffen. Batterijfabrikanten hebben tijd nodig om hun toeleveringsketens te analyseren en waar nodig aan te passen.

(3)De verplichtingen van passende zorgvuldigheid inzake batterijen omvatten vereisten voor externe verificatie door aangemelde instanties. De aanwijzing van aangemelde instanties voor beleid van passende zorgvuldigheid inzake batterijen duurt echter langer dan verwacht. Door de Commissie overeenkomstig artikel 53 van Verordening (EU) 2023/1542 erkende regelingen voor passende zorgvuldigheid zouden het werk van marktdeelnemers en aangemelde instanties vergemakkelijken. Regelingen voor passende zorgvuldigheid met betrekking tot batterijgrondstoffen moeten echter nog verder worden ontwikkeld en uitgevoerd en vervolgens het erkenningsproces doorlopen.

(4)Om voldoende tijd te bieden voor de aanmelding van conformiteitsbeoordelingsinstanties en om marktdeelnemers die batterijen in de handel brengen in staat te stellen aan hun verplichtingen te voldoen, moet de datum van toepassing van het in Verordening (EU) 2023/1542 vastgestelde beleid van passende zorgvuldigheid inzake batterijen met twee jaar worden uitgesteld.

(5)Richtlijn (EU) 2024/1760 van het Europees Parlement en de Raad ( 5 ) bevat regels en verplichtingen om ervoor te zorgen dat ondernemingen potentiële en feitelijke negatieve effecten op de mensenrechten en het milieu in de eigen activiteiten van de onderneming, hun dochterondernemingen en, indien deze verband houden met hun activiteitenketens, die van hun zakenpartners, identificeren en aanpakken.

(6)De Commissie moet overeenkomstig artikel 48, lid 5, van Verordening (EU) 2023/1542 richtsnoeren publiceren met betrekking tot de toepassing van de zorgvuldigheidsverplichtingen inzake batterijen. De Commissie moet overeenkomstig artikel 19, lid 2, punt a), van Richtlijn (EU) 2024/1760 richtsnoeren en beste praktijken ter beschikking stellen voor het uitoefenen van passende zorgvuldigheid. Consistentie tussen Verordening (EU) 2023/1542 en Richtlijn (EU) 2024/1760 is belangrijk voor bedrijven in de toeleveringsketen voor batterijen. Daarom moeten de relevante datums voor de bekendmaking en beschikbaarstelling van die richtsnoeren worden geharmoniseerd.

(7)Verordening (EU) 2023/1542 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(8)Deze verordening moet met spoed in werking treden op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie en moet van toepassing zijn met ingang van 18 augustus 2025 om rechtszekerheid te bieden met betrekking tot de datum van toepassing van de zorgvuldigheidsverplichtingen uit hoofde van Verordening (EU) 2023/1542,

HEBBEN DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Wijzigingen van  Verordening (EU) 2023/1542

Artikel 48 van Verordening (EU) 2023/1542 wordt als volgt gewijzigd:

in lid 1 wordt “18 augustus 2025” vervangen door “18 augustus 2027”;

in lid 5 wordt “18 februari 2025” vervangen door “26 juli 2026”.

Artikel 2

Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Zij is van toepassing met ingang van 18 augustus 2025.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel,

Voor het Europees Parlement    Voor de Raad

De voorzitter    De voorzitter

[...]    [...]

FINANCIEEL EN DIGITAAL MEMORANDUM

1.KADER VAN HET VOORSTEL/INITIATIEF

1.1.Benaming van het voorstel/initiatief

Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EU) 2023/1542 wat betreft de verplichtingen van marktdeelnemers met betrekking tot beleid van passende zorgvuldigheid inzake batterijen

1.2.Betrokken beleidsterreinen

Beleidsterrein:    03 Eengemaakte markt, 03 02 01 01 – Werking en ontwikkeling van de interne markt voor goederen en diensten

1.3.Doelstellingen

1.3.1.Algemene doelstellingen

De sociale en milieueffecten beperken door middel van verantwoorde winning.

1.3.2.Specifieke doelstellingen

Ervoor zorgen dat de bepalingen van passende zorgvuldigheid inzake batterijen van Verordening (EU) 2023/1542 naar behoren kunnen worden uitgevoerd door marktdeelnemers, met inbegrip van externe verificatie.

1.3.3.Verwachte resultaten en gevolgen

Vermeld de gevolgen die het voorstel/initiatief zou moeten hebben op de begunstigden/doelgroepen.

Ondernemingen hebben meer tijd om zich voor te bereiden op de uitvoering van zorgvuldigheidsverplichtingen, met inbegrip van externe verificatie. Het voorstel stelt de Commissie ook in staat om, op het niveau van de richtsnoeren, aandacht te besteden aan de samenhang met de bepalingen van Richtlijn (EU) 2024/1760.

1.3.4.Prestatie-indicatoren

Vermeld de indicatoren voor de monitoring van de voortgang en de beoordeling van de resultaten.

De indicatoren voor Verordening (EU) 2023/1542 blijven ongewijzigd.

1.4.Het voorstel/initiatief betreft:

een nieuwe actie

een nieuwe actie na een proefproject/voorbereidende actie ( 6 )

de verlenging van een bestaande actie

de samenvoeging of ombuiging van een of meer acties naar een andere/een nieuwe actie

1.5.Motivering van het voorstel/initiatief

1.5.1.Behoeften waarin op korte of lange termijn moet worden voorzien, met een gedetailleerd tijdschema voor de uitrol van het initiatief

De verplichtingen blijven dezelfde als voor Verordening (EU) 2023/1542, maar het tijdschema verschuift.

1.5.2.Toegevoegde waarde van de deelname van de EU (deze kan het resultaat zijn van verschillende factoren, bijvoorbeeld coördinatiewinst, rechtszekerheid, grotere doeltreffendheid of complementariteit). Voor de toepassing van dit punt wordt onder “toegevoegde waarde van het optreden van de EU” verstaan de waarde die het optreden van de Unie oplevert boven op de waarde die door een optreden van alleen de lidstaten zou zijn gecreëerd.

Aangezien een wijziging van Verordening (EU) 2023/1542 noodzakelijk is, kunnen de doelstellingen van dit initiatief niet door de lidstaten zelf worden verwezenlijkt. De toegevoegde waarde van de EU blijft dezelfde.

1.5.3.Nuttige ervaring die bij soortgelijke activiteiten in het verleden is opgedaan

De toepassingsdatum van de bepalingen inzake passende zorgvuldigheid van Verordening (EU) 2023/1115 werd ook uitgesteld. Dit is binnen drie maanden na het voorstel van de Commissie met succes gebeurd.

1.5.4.Verenigbaarheid met het meerjarig financieel kader en eventuele synergie met andere passende instrumenten

Er zijn geen gevolgen voor het meerjarig financieel kader.

1.5.5.Beoordeling van de verschillende beschikbare financieringsopties, waaronder mogelijkheden voor herschikking

Financiering of herschikking is niet nodig.

1.6.Duur en financiële gevolgen van het voorstel/initiatief

beperkte geldigheidsduur

van kracht van 18.8.2025 tot en met 18.8.2027

financiële gevolgen vanaf JJJJ tot en met JJJJ voor vastleggingskredieten en vanaf JJJJ tot en met JJJJ voor betalingskredieten.

onbeperkte geldigheidsduur

uitvoering met een opstartperiode vanaf JJJJ tot en met JJJJ,

gevolgd door een volledige uitvoering.

1.7.Wijzen van uitvoering van de begroting ( 7 )

Direct beheer door de Commissie

door haar diensten, waaronder het personeel in de delegaties van de Unie;

door de uitvoerende agentschappen

Gedeeld beheer met de lidstaten

Indirect beheer door begrotingsuitvoeringstaken toe te vertrouwen aan:

derde landen of de door hen aangewezen organen;

internationale organisaties en hun agentschappen (geef aan welke);

de Europese Investeringsbank en het Europees Investeringsfonds;

de in de artikelen 70 en 71 van het Financieel Reglement bedoelde organen;

publiekrechtelijke organen;

privaatrechtelijke organen met een openbaredienstverleningstaak, voor zover zij zijn voorzien van voldoende financiële garanties;

privaatrechtelijke organen van een lidstaat, waaraan de uitvoering van een publiek-privaat partnerschap is toevertrouwd en die zijn voorzien van voldoende financiële garanties;

organen waaraan of personen aan wie de uitvoering van specifieke maatregelen op het gebied van het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid in het kader van titel V van het Verdrag betreffende de Europese Unie is toevertrouwd en die worden genoemd in de betrokken basishandeling

in een lidstaat gevestigde organen die onder het privaatrecht van een lidstaat of onder het Unierecht vallen en die in aanmerking komen om overeenkomstig sectorspecifieke regelgeving te worden belast met de uitvoering van middelen van de Unie of begrotingsgaranties, voor zover dergelijke organen onder zeggenschap staan van publiekrechtelijke organen of privaatrechtelijke organen met een openbaredienstverleningstaak, en beschikken over voldoende financiële garanties in de vorm van hoofdelijke aansprakelijkheid van de controlerende organen of gelijkwaardige financiële garanties, die voor elke actie beperkt kunnen blijven tot het maximumbedrag van de steun van de Unie.

2.BEHEERSMAATREGELEN

2.1.Regels inzake het toezicht en de verslagen

n.v.t. - Financiering of herschikking is niet nodig.

2.2.Beheers- en controlesystemen

2.2.1.Rechtvaardiging van de voorgestelde wijzen van uitvoering van de begroting, uitvoeringsmechanismen voor financiering, betalingsvoorwaarden en controlestrategie

n.v.t.

2.2.2.Informatie over de vastgestelde risico’s en het systeem of de systemen voor interne controle die zijn opgezet om die risico’s te beperken

n.v.t.

2.2.3.Raming en motivering van de kosteneffectiviteit van de controles (verhouding tussen de controlekosten en de waarde van de desbetreffende financiële middelen) en evaluatie van het verwachte foutenrisico (bij betaling en bij afsluiting)

n.v.t.

2.3.Maatregelen ter voorkoming van fraude en onregelmatigheden

n.v.t.

3.GERAAMDE FINANCIËLE GEVOLGEN VAN HET VOORSTEL/INITIATIEF

3.1.Rubrieken van het meerjarig financieel kader en betrokken begrotingsonderdelen voor uitgaven

Bestaande begrotingsonderdelen

In volgorde van de rubrieken van het meerjarig financieel kader en de begrotingsonderdelen.

Rubriek van het meerjarig financieel kader

Begrotingsonderdeel

Soort uitgave

Bijdrage

Nummer

GK/NGK ( 8 )

van EVA-landen ( 9 )

van kandidaat-lidstaten en potentiële kandidaten ( 10 )

van andere derde landen

andere bestemmingsontvangsten

geen

Te creëren nieuwe begrotingsonderdelen

In volgorde van de rubrieken van het meerjarig financieel kader en de begrotingsonderdelen.

Rubriek van het meerjarig financieel kader

Begrotingsonderdeel

Soort uitgave

Bijdrage

Nummer

GK/NGK

van EVA-landen

van kandidaat-lidstaten en potentiële kandidaten

van andere derde landen

andere bestemmingsontvangsten

geen

3.2.Geraamde financiële gevolgen van het voorstel inzake kredieten

3.2.1.Samenvatting van de geraamde gevolgen voor de beleidskredieten

Voor het voorstel/initiatief zijn geen beleidskredieten nodig

Voor het voorstel/initiatief zijn beleidskredieten nodig, zoals hieronder nader wordt beschreven:

3.2.1.1.Kredieten uit goedgekeurde begroting

in miljoenen euro’s (tot op drie decimalen)

Rubriek van het meerjarig financieel kader

Nummer

DG: <.......>

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

Beleidskredieten

Begrotingsonderdeel

Vastleggingen

(1a)

0,000

Betalingen

(2a)

0,000

Begrotingsonderdeel

Vastleggingen

(1b)

0,000

Betalingen

(2b)

0,000

Uit het budget van specifieke programma’s gefinancierde administratieve kredieten ( 11 )

Begrotingsonderdeel

(3)

0,000

TOTAAL kredieten voor DG<….>|

Vastleggingen

=1 a+1b+3

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Betalingen

=2 a+2b+3

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

DG: <.......>

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

Beleidskredieten

Begrotingsonderdeel

Vastleggingen

(1a)

0,000

Betalingen

(2a)

0,000

Begrotingsonderdeel

Vastleggingen

(1b)

0,000

Betalingen

(2b)

0,000

Uit het budget van specifieke programma’s gefinancierde administratieve kredieten ( 12 )

Begrotingsonderdeel

(3)

0,000

TOTAAL kredieten voor DG<….>|

Vastleggingen

=1 a+1b+3

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Betalingen

=2 a+2b+3

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

TOTAAL beleidskredieten

Vastleggingen

(4)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Betalingen

(5)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL uit het budget van specifieke programma’s gefinancierde administratieve kredieten

(6)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL kredieten onder RUBRIEK  <....> van het meerjarig financieel kader

Vastleggingen

=4+6

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Betalingen

=5+6

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Rubriek van het meerjarig financieel kader

Nummer

DG: <.......>

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

Beleidskredieten

Begrotingsonderdeel

Vastleggingen

(1a)

0,000

Betalingen

(2a)

0,000

Begrotingsonderdeel

Vastleggingen

(1b)

0,000

Betalingen

(2b)

0,000

Uit het budget van specifieke programma’s gefinancierde administratieve kredieten ( 13 )

Begrotingsonderdeel

(3)

0,000

TOTAAL kredieten voor DG<….>|

Vastleggingen

=1a+1b+3

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Betalingen

=2a+2b+3

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

DG: <.......>

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

Beleidskredieten

Begrotingsonderdeel

Vastleggingen

(1a)

0,000

Betalingen

(2a)

0,000

Begrotingsonderdeel

Vastleggingen

(1b)

0,000

Betalingen

(2b)

0,000

Uit het budget van specifieke programma’s gefinancierde administratieve kredieten ( 14 )

Begrotingsonderdeel

(3)

0,000

TOTAAL kredieten voor DG<….>|

Vastleggingen

=1a+1b +3

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Betalingen

=2a+2b + 3

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

TOTAAL beleidskredieten

Vastleggingen

(4)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Betalingen

(5)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL uit het budget van specifieke programma’s gefinancierde administratieve kredieten

(6)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL kredieten onder RUBRIEK  <....> van het meerjarig financieel kader

Vastleggingen

=4+6

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Betalingen

=5+6

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

TOTAAL beleidskredieten (alle beleidsrubrieken)

Vastleggingen

(4)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Betalingen

(5)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL uit het budget van specifieke programma’s gefinancierde administratieve kredieten (alle beleidsrubrieken)

(6)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL kredieten voor de Rubrieken 1 tot en met 6 van het meerjarige financiële kader (referentiebedrag)

Vastleggingen

=4+6

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Betalingen

=5+6

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Rubriek van het meerjarig financieel kader

7

“Administratieve uitgaven” ( 15 )

DG: <.......>

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

Personele middelen

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Andere administratieve uitgaven

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL DG <…….>

Kredieten

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

DG: <.......>

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

Personele middelen

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Andere administratieve uitgaven

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL DG <…….>

Kredieten

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL kredieten voor RUBRIEK 7 van het meerjarig financieel kader

(totaal vastleggingen = totaal betalingen)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

in miljoenen euro’s (tot op drie decimalen)

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

TOTAAL kredieten onder de RUBRIEKEN 1 tot en met 7

Vastleggingen

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

van het meerjarig financieel kader

Betalingen

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

3.2.1.2.Kredieten uit externe bestemmingsontvangsten

in miljoenen euro’s (tot op drie decimalen)

Rubriek van het meerjarig financieel kader

Nummer

DG: <.......>

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

Beleidskredieten

Begrotingsonderdeel

Vastleggingen

(1a)

0,000

Betalingen

(2a)

0,000

Begrotingsonderdeel

Vastleggingen

(1b)

0,000

Betalingen

(2b)

0,000

Uit het budget van specifieke programma’s gefinancierde administratieve kredieten ( 16 )

Begrotingsonderdeel

(3)

0,000

TOTAAL kredieten voor DG<….>|

Vastleggingen

=1 a+1b+3

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Betalingen

=2a+2b + 3

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

DG: <.......>

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

Beleidskredieten

Begrotingsonderdeel

Vastleggingen

(1a)

0,000

Betalingen

(2a)

0,000

Begrotingsonderdeel

Vastleggingen

(1b)

0,000

Betalingen

(2b)

0,000

Uit het budget van specifieke programma’s gefinancierde administratieve kredieten ( 17 )

Begrotingsonderdeel

(3)

0,000

TOTAAL kredieten voor DG<….>|

Vastleggingen

=1 a+1b+3

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Betalingen

=2a+2b + 3

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

TOTAAL beleidskredieten

Vastleggingen

(4)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Betalingen

(5)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL uit het budget van specifieke programma’s gefinancierde administratieve kredieten

(6)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL kredieten onder RUBRIEK <….>

Vastleggingen

=4+6

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

van het meerjarig financieel kader

Betalingen

=5+6

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Rubriek van het meerjarig financieel kader

Nummer

DG: <.......>

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

Beleidskredieten

Begrotingsonderdeel

Vastleggingen

(1a)

0,000

Betalingen

(2a)

0,000

Begrotingsonderdeel

Vastleggingen

(1b)

0,000

Betalingen

(2b)

0,000

Uit het budget van specifieke programma’s gefinancierde administratieve kredieten ( 18 )

Begrotingsonderdeel

(3)

0,000

TOTAAL kredieten voor DG<….>|

Vastleggingen

=1 a+1b+3

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Betalingen

=2a+2b + 3

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

DG: <.......>

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

Beleidskredieten

Begrotingsonderdeel

Vastleggingen

(1a)

0,000

Betalingen

(2a)

0,000

Begrotingsonderdeel

Vastleggingen

(1b)

0,000

Betalingen

(2b)

0,000

Uit het budget van specifieke programma’s gefinancierde administratieve kredieten ( 19 )

Begrotingsonderdeel

(3)

0,000

TOTAAL kredieten voor DG<….>|

Vastleggingen

=1a+1b + 3

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Betalingen

=2a+2b + 3

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

TOTAAL beleidskredieten

Vastleggingen

(4)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Betalingen

(5)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL uit het budget van specifieke programma’s gefinancierde administratieve kredieten

(6)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL kredieten onder RUBRIEK <….>

Vastleggingen

=4+6

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

van het meerjarig financieel kader

Betalingen

=5+6

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

TOTAAL beleidskredieten (alle beleidsrubrieken)

Vastleggingen

(4)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Betalingen

(5)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL uit het budget van specifieke programma’s gefinancierde administratieve kredieten (alle beleidsrubrieken)

(6)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL kredieten voor de Rubrieken 1 tot en met 6 van het meerjarige financiële kader (referentiebedrag)

Vastleggingen

=4+6

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Betalingen

=5+6

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Rubriek van het meerjarig financieel kader

7

“Administratieve uitgaven” ( 20 )

in miljoenen euro’s (tot op drie decimalen)

DG: <.......>

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

Personele middelen

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Andere administratieve uitgaven

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL DG <…….>

Kredieten

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

DG: <.......>

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

Personele middelen

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Andere administratieve uitgaven

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL DG <…….>

Kredieten

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL kredieten voor RUBRIEK 7 van het meerjarig financieel kader

(totaal vastleggingen = totaal betalingen)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

in miljoenen euro’s (tot op drie decimalen)

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

TOTAAL kredieten onder de RUBRIEKEN 1 tot en met 7

Vastleggingen

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

van het meerjarig financieel kader

Betalingen

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

3.2.2.Geraamde output, gefinancierd uit beleidskredieten (niet invullen voor gedecentraliseerde agentschappen)

Vastleggingskredieten, in miljoenen euro’s (tot op drie decimalen)

Vermeld doelstellingen en outputs

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

Vul zoveel jaren in als nodig om de duur van de gevolgen weer te geven (zie punt 1.6)

TOTAAL

OUTPUTS

Soort ( 21 )

Gem. kosten

Aantal

Kosten

Aantal

Kosten

Aantal

Kostten

Aantal

Kosten

Aantal

Kosten

Aantal

Kosten

Aantal

Kosten

Totaal aantal

Totale kosten

SPECIFIEKE DOELSTELLING NR. 1 ( 22 ): [...]

- Output

- Output

- Output

Subtotaal voor specifieke doelstelling nr. 1

SPECIFIEKE DOELSTELLING NR. 2

- Output

Subtotaal voor specifieke doelstelling nr. 2

TOTAAL

3.2.3.Samenvatting van de geraamde gevolgen voor de administratieve kredieten

Voor het voorstel/initiatief zijn geen administratieve kredieten nodig

Voor het voorstel/initiatief zijn administratieve kredieten nodig, zoals hieronder nader wordt beschreven:

3.2.3.1.Kredieten uit goedgekeurde begroting

GOEDGEKEURDE KREDIETEN

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

RUBRIEK 7

Personele middelen

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Andere administratieve uitgaven

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Subtotaal RUBRIEK 7

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Buiten RUBRIEK 7

Personele middelen

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Andere administratieve uitgaven

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Subtotaal buiten RUBRIEK 7

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

3.2.3.2.Kredieten uit externe bestemmingsontvangsten

EXTERNE BESTEMMINGSONTVANGSTEN

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

RUBRIEK 7

Personele middelen

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Andere administratieve uitgaven

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Subtotaal RUBRIEK 7

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Buiten RUBRIEK 7

Personele middelen

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Andere administratieve uitgaven

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Subtotaal buiten RUBRIEK 7

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

3.2.3.Totaal kredieten

TOTAAL GOEDGEKEURDE KREDIETEN + EXTERNE BESTEMMINGSONTVANGSTEN

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

RUBRIEK 7

Personele middelen

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Andere administratieve uitgaven

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Subtotaal RUBRIEK 7

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Buiten RUBRIEK 7

Personele middelen

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Andere administratieve uitgaven

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Subtotaal buiten RUBRIEK 7

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

De benodigde kredieten voor personeel en andere administratieve uitgaven zullen worden gefinancierd uit de kredieten van het DG die reeds voor het beheer van deze actie zijn toegewezen en/of binnen het DG zijn herverdeeld, eventueel aangevuld met middelen die in het kader van de jaarlijkse toewijzingsprocedure met inachtneming van de budgettaire beperkingen aan het beherende DG kunnen worden toegewezen.

3.2.4.Geraamde personeelsbehoeften

Voor het voorstel/initiatief zijn geen personele middelen nodig

Voor het voorstel/initiatief zijn personele middelen nodig, zoals hieronder nader wordt beschreven

3.2.4.1.Gefinancierd uit goedgekeurde begroting

Raming in voltijdequivalenten (vte’s) ( 23 )

GOEDGEKEURDE KREDIETEN

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

Posten opgenomen in de lijst van het aantal ambten (ambtenaren en tijdelijke functionarissen)

20 01 02 01 (centrale diensten en vertegenwoordigingen van de Commissie)

0

0

0

0

20 01 02 03 (EU-delegaties)

0

0

0

0

01 01 01 01 (onderzoek onder contract)

0

0

0

0

01 01 01 11 (eigen onderzoek)

0

0

0

0

Andere begrotingsonderdelen (te vermelden)

0

0

0

0

Extern personeel (in vte’s)

20 02 01 (AC, END van de “totale financiële middelen”)

0

0

0

0

20 02 03 (AC, AL, END en JPD in de EU-delegaties)

0

0

0

0

Admin. ondersteuning [XX.01.JJ.JJ]

- centrale diensten

0

0

0

0

- EU-delegaties

0

0

0

0

01 01 01 02 (AC, END - onderzoek onder contract)

0

0

0

0

01 01 01 12 (AC, END - eigen onderzoek)

0

0

0

0

Andere begrotingsonderdelen (te vermelden) — rubriek 7

0

0

0

0

Andere begrotingsonderdelen (te vermelden) — buiten rubriek 7

0

0

0

0

TOTAAL

0

0

0

0

3.2.4.2.Gefinancierd uit externe bestemmingsontvangsten

EXTERNE BESTEMMINGSONTVANGSTEN

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

Posten opgenomen in de lijst van het aantal ambten (ambtenaren en tijdelijke functionarissen)

20 01 02 01 (centrale diensten en vertegenwoordigingen van de Commissie)

0

0

0

0

20 01 02 03 (EU-delegaties)

0

0

0

0

01 01 01 01 (onderzoek onder contract)

0

0

0

0

01 01 01 11 (eigen onderzoek)

0

0

0

0

Andere begrotingsonderdelen (te vermelden)

0

0

0

0

Extern personeel (in voltijdequivalenten)

20 02 01 (AC, END van de “totale financiële middelen”)

0

0

0

0

20 02 03 (AC, AL, END en JPD in de EU-delegaties)

0

0

0

0

Admin. ondersteuning [XX.01.JJ.JJ]

- centrale diensten

0

0

0

0

- EU-delegaties

0

0

0

0

01 01 01 02 (AC, END - onderzoek onder contract)

0

0

0

0

01 01 01 12 (AC, END - eigen onderzoek)

0

0

0

0

Andere begrotingsonderdelen (te vermelden) - rubriek 7

0

0

0

0

Andere begrotingsonderdelen (te vermelden) — buiten rubriek 7

0

0

0

0

TOTAAL

0

0

0

0

3.2.4.3.Totale personeelsbehoeften

TOTAAL GOEDGEKEURDE KREDIETEN + EXTERNE BESTEMMINGSONTVANGSTEN

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

Posten opgenomen in de lijst van het aantal ambten (ambtenaren en tijdelijke functionarissen)

20 01 02 01 (centrale diensten en vertegenwoordigingen van de Commissie)

0

0

0

0

20 01 02 03 (EU-delegaties)

0

0

0

0

01 01 01 01 (onderzoek onder contract)

0

0

0

0

01 01 01 11 (eigen onderzoek)

0

0

0

0

Andere begrotingsonderdelen (te vermelden)

0

0

0

0

Extern personeel (in voltijdequivalenten)

20 02 01 (AC, END van de “totale financiële middelen”)

0

0

0

0

20 02 03 (AC, AL, END en JPD in de EU-delegaties)

0

0

0

0

Admin. ondersteuning [XX.01.JJ.JJ]

- centrale diensten

0

0

0

0

- EU-delegaties

0

0

0

0

01 01 01 02 (AC, END - onderzoek onder contract)

0

0

0

0

01 01 01 12 (AC, END - eigen onderzoek)

0

0

0

0

Andere begrotingsonderdelen (te vermelden) — rubriek 7

0

0

0

0

Andere begrotingsonderdelen (te vermelden) — buiten rubriek 7

0

0

0

0

TOTAAL

0

0

0

0

Aantal personeelsleden dat nodig is voor de uitvoering van het voorstel (in vte’s):

Uit te voeren door bestaand personeel van de diensten van de Commissie

Uitzonderlijk aanvullend personeel*

Te financieren uit rubriek 7 of onderzoek

Te financieren uit BA-onderdeel

Te financieren uit vergoedingen

Personeelsformatieposten

n.v.t.

Extern personeel (AC, END, INT)

Beschrijving van de uit te voeren taken door:

Ambtenaren en tijdelijk personeel

Extern personeel

3.2.5.Overzicht van het geschatte effect op met digitale technologie samenhangende investeringen

Verplicht: in onderstaande tabel moet de beste schatting worden gegeven van de met digitale technologie samenhangende investeringen die uit het voorstel/initiatief voortvloeien.

De kredieten onder rubriek 7 moeten in uitzonderlijke gevallen in het desbetreffende onderdeel worden opgenomen, indien vereist voor de uitvoering van het voorstel/initiatief.

De kredieten onder de rubrieken 1 t/m 6 moeten worden weergegeven als “IT-beleidsuitgaven inzake operationele programma’s”. Deze uitgaven betreffen het operationele budget dat gebruikt moet worden voor hergebruik, koop of ontwikkeling van IT-platforms of tools die rechtstreeks verband houden met de uitvoering van het initiatief, alsook daarmee verband houdende investeringen (bv. licenties, studies, gegevensopslag enz.). De in deze tabel vermelde informatie moet in overeenstemming zijn met de gegevens in deel 4, “Digitale dimensies”.

TOTAAL Digitale en IT-kredieten

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

TOTAAL MFK 2021-2027

RUBRIEK 7

IT-uitgaven (algemeen)

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Subtotaal RUBRIEK 7

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Buiten RUBRIEK 7

IT-beleidsuitgaven inzake operationele programma’s

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

Subtotaal buiten RUBRIEK 7

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

TOTAAL

0,000

0,000

0,000

0,000

0,000

3.2.6.Verenigbaarheid met het huidige meerjarig financieel kader

Het voorstel/initiatief:

kan volledig worden gefinancierd door middel van herschikking binnen de relevante rubriek van het meerjarig financieel kader (MFK).

vereist een beroep op de niet-toegewezen marge in de desbetreffende rubriek van het MFK en/of op de speciale instrumenten zoals gedefinieerd in de MFK-verordening.

vereist een herziening van het MFK

3.2.7.Bijdragen van derden

Het voorstel/initiatief:

voorziet niet in medefinanciering door derden

voorziet in medefinanciering door derden, zoals hieronder wordt geraamd:

Kredieten in miljoenen euro’s (tot op drie decimalen)

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

Totaal

Medefinancieringsbron

TOTAAL medegefinancierde kredieten

3.3.Geraamde gevolgen voor de ontvangsten

Het voorstel/initiatief heeft geen financiële gevolgen voor de ontvangsten.

Het voorstel/initiatief heeft de hieronder beschreven financiële gevolgen:

voor de eigen middelen

voor overige ontvangsten

geef aan of de ontvangsten worden toegewezen aan de begrotingsonderdelen voor uitgaven

in miljoenen euro’s (tot op drie decimalen)

Begrotingsonderdeel voor ontvangsten:

Voor het lopende begrotingsjaar beschikbare kredieten

Gevolgen van het voorstel/initiatief ( 24 )

Jaar 2024

Jaar 2025

Jaar 2026

Jaar 2027

Artikel ..........

Vermeld voor de toegewezen ontvangsten de betrokken begrotingsonderdelen voor uitgaven.

[...]

Andere opmerkingen (bv. over de methode/formule voor de berekening van de gevolgen voor de ontvangsten of andere informatie).

[...]

4.DIGITALE DIMENSIES

4.1.Voorschriften met digitale relevantie

Geen

4.2.Gegevens

n.v.t.

4.3.Digitale oplossingen

n.v.t.

4.4.Interoperabiliteitsbeoordeling

n.v.t.

4.5.Maatregelen ter ondersteuning van de digitale uitvoering

n.v.t.

(1) ()    Verordening (EU) 2023/1542 van het Europees Parlement en de Raad van 12 juli 2023 inzake batterijen en afgedankte batterijen, tot wijziging van Richtlijn 2008/98/EG en Verordening (EU) 2019/1020 en tot intrekking van Richtlijn 2006/66/EG ( PB L 191 van 28.7.2023, blz. 1 ).
(2) ()    Richtlijn (EU) 2024/1760 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juni 2024 inzake passende zorgvuldigheid in het bedrijfsleven op het gebied van duurzaamheid en tot wijziging van Richtlijn (EU) 2019/1937 en Verordening (EU) 2023/2859 ( PB L, 2024/1760, 5.7.2024, blz. 1 ).
(3) ()    PB C [...] van [...], blz. [...].
(4) ()    Verordening (EU) 2023/1542 van het Europees Parlement en de Raad van 12 juli 2023 inzake batterijen en afgedankte batterijen, tot wijziging van Richtlijn 2008/98/EG en Verordening (EU) 2019/1020 en tot intrekking van Richtlijn 2006/66/EG ( PB L 191 van 28.7.2023, blz. 1 ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2023/1542/2024-07-18 ).
(5) ()    Richtlijn (EU) 2024/1760 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juni 2024 inzake passende zorgvuldigheid in het bedrijfsleven op het gebied van duurzaamheid en tot wijziging van Richtlijn (EU) 2019/1937 en Verordening (EU) 2023/2859 ( PB L, 2024/1760, 5.7.2024 , ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2024/1760/oj ).
(6) ()    In de zin van artikel 58, lid 2, punt a) of b), van het Financieel Reglement.
(7) ()    Nadere gegevens over de wijzen van uitvoering van de begroting en verwijzingen naar het Financieel Reglement zijn beschikbaar op BUDGpedia: https://myintracomm.ec.europa.eu/corp/budget/financial-rules/budget-implementation/Pages/implementation-methods.aspx.
(8) ()    GK = gesplitste kredieten/NGK = niet-gesplitste kredieten.
(9) ()    EVA: Europese Vrijhandelsassociatie.
(10) ()    Kandidaat-lidstaten en, in voorkomend geval, potentiële kandidaten van de Westelijke Balkan.
(11) ()    Technische en/of administratieve bijstand en uitgaven ter ondersteuning van de uitvoering van programma’s en/of acties van de EU (vroegere “BA”-onderdelen), onderzoek onder contract, eigen onderzoek.
(12) ()    Technische en/of administratieve bijstand en uitgaven ter ondersteuning van de uitvoering van programma’s en/of acties van de EU (vroegere “BA”-onderdelen), onderzoek onder contract, eigen onderzoek.
(13) ()    Technische en/of administratieve bijstand en uitgaven ter ondersteuning van de uitvoering van programma’s en/of acties van de EU (vroegere “BA”-onderdelen), onderzoek onder contract, eigen onderzoek.
(14) ()    Technische en/of administratieve bijstand en uitgaven ter ondersteuning van de uitvoering van programma’s en/of acties van de EU (vroegere “BA”-onderdelen), onderzoek onder contract, eigen onderzoek.
(15) ()    De benodigde kredieten moeten worden bepaald aan de hand van de gemiddelde jaarlijkse kostencijfers die beschikbaar zijn op de desbetreffende BUDGpedia-webpagina.
(16) ()    Technische en/of administratieve bijstand en uitgaven ter ondersteuning van de uitvoering van programma’s en/of acties van de EU (vroegere “BA”-onderdelen), onderzoek onder contract, eigen onderzoek.
(17) ()    Technische en/of administratieve bijstand en uitgaven ter ondersteuning van de uitvoering van programma’s en/of acties van de EU (vroegere “BA”-onderdelen), onderzoek onder contract, eigen onderzoek.
(18) ()    Technische en/of administratieve bijstand en uitgaven ter ondersteuning van de uitvoering van programma’s en/of acties van de EU (vroegere “BA”-onderdelen), onderzoek onder contract, eigen onderzoek.
(19) ()    Technische en/of administratieve bijstand en uitgaven ter ondersteuning van de uitvoering van programma’s en/of acties van de EU (vroegere “BA”-onderdelen), onderzoek onder contract, eigen onderzoek.
(20) ()    De benodigde kredieten moeten worden bepaald aan de hand van de gemiddelde jaarlijkse kostencijfers die beschikbaar zijn op de desbetreffende BUDGpedia-webpagina.
(21) ()    Outputs zijn de te verstrekken producten en diensten (bv. aantal gefinancierde studentenuitwisselingen, aantal km aangelegde wegen enz.).
(22) ()    Zoals beschreven in punt 1.4.2. “Specifieke doelstellingen…”
(23) ()    Geef onder de tabel aan hoeveel vte’s binnen het aangegeven aantal reeds zijn toegewezen aan het beheer van de actie en/of binnen uw DG kunnen worden heringezet en wat uw nettobehoeften zijn.
(24) ()    Voor traditionele eigen middelen (douanerechten en suikerheffingen) moeten nettobedragen worden vermeld, d.w.z. na aftrek van 20 % aan inningskosten.