Straatsburg, 16.12.2025

COM(2025) 1027 final

2025/0412(NLE)

Voorstel voor een

AANBEVELING VAN DE RAAD

over het Nieuw Europees Bauhaus


TOELICHTING

1.ACHTERGROND VAN HET VOORSTEL

•Motivering en doel van het voorstel

Het Nieuw Europees Bauhaus (NEB) heeft tot doel de transitie van Europa naar een inclusievere en duurzamere toekomst te ondersteunen door tastbare positieve veranderingen in de praktijk teweeg te brengen. Het NEB bevordert duurzaamheid, veerkracht, esthetiek, inclusie, toegankelijkheid en betaalbaarheid door middel van een empirisch onderbouwde aanpak die voortbouwt op het rijke culturele erfgoed en de rijke diversiteit van Europa 1 en die tegelijkertijd de schone industrieën en technologieën van de toekomst versterkt. Zoals aangekondigd in haar politieke beleidslijnen voor 2025-2029, zal de Commissie het NEB verder ontwikkelen en de NEB-gemeenschap uitbreiden.

Zowel het Europees Parlement 2 als de EU-lidstaten 3 hebben het NEB steeds krachtig hun steun betuigd. Ook het Europees Economisch en Sociaal Comité 4 en het Comité van de Regio’s 5 hebben zich positief uitgelaten over het initiatief. Het NEB heeft enthousiasme aan de basis gegenereerd. Inmiddels hebben zich bijna 2 000 lokale en internationale organisaties als lid bij de gemeenschap aangesloten, variërend van organisaties zonder winstoogmerk en culturele organisaties tot overheden en bedrijven, waarmee miljoenen mensen worden bereikt.

Dit voorstel voor een aanbeveling van de Raad en de mededeling van de Commissie over het NEB flankeren het Europees plan voor betaalbare huisvesting en de Europese strategie voor woningbouw en een herziening van de staatssteunregels voor diensten van algemeen economisch belang (DAEB).

•Verenigbaarheid met bestaande bepalingen op het beleidsterrein

Het NEB verbindt de schone transitie en duurzaam concurrentievermogen met onze leefruimten en ervaringen en draagt bij tot de verwezenlijking van verschillende initiatieven, zoals de Clean Industrial Deal, de agenda voor de circulaire economie, de strategie voor waterweerbaarheid, het Europees oceaanpact en de EU-strategie voor de bio-economie 6 . Daarnaast draagt het bij tot de uitvoering van het cohesiebeleid en het strategisch EU-kader voor cultuur (het cultuurkompas voor Europa), en vormt het een aanvulling op de agenda voor steden, het Europees geïntegreerd kader voor klimaatbestendigheid, de vaardigheidsunie en de Europese pijler van sociale rechten.

•Verenigbaarheid met andere beleidsterreinen van de Unie

Door de echt transdisciplinaire en innovatieve benadering van onderop draagt het NEB bij aan verschillende prioriteiten van de Commissie.

Het NEB streeft een duurzame en concurrerende economie na door decarbonisatie in de gebouwde omgeving te bevorderen, de transitie naar schone en goedkopere energie te versnellen en circulair ontwerp en veerkrachtige modellen in verschillende economische sectoren te stimuleren. Ook moedigt het innovatie en de ontwikkeling van vaardigheden voor de schone transitie aan door wereldwijd aan te sturen op duurzame praktijken, onder meer bij de wederopbouw van Oekraïne. Het versterkt het Europese sociale model door bijvoorbeeld de betaalbaarheid van huisvesting aan te pakken en onze levenskwaliteit te verbeteren, en draagt bij tot de bescherming van het Europees cultureel erfgoed. Door mensen en belanghebbenden via participatie en cocreatie een voorname en centrale rol te geven bij de vormgeving van veranderingen, bevordert het NEB een cultuur van creativiteit, inclusie en dialoog die uiteindelijk het vertrouwen in democratische processen en Europese waarden versterkt en er ook voor zorgt dat de uitkomsten aansluiten bij de praktijk en de eisen van de samenleving en belanghebbenden.

2.RECHTSGRONDSLAG, SUBSIDIARITEIT EN EVENREDIGHEID

•Rechtsgrondslag

Het voorstel voor een aanbeveling van de Raad is gebaseerd op artikel 292 VWEU, dat de Raad de bevoegdheid verleent om op voorstel van de Commissie aanbevelingen vast te stellen. Hoewel het NEB-initiatief zelf stoelt op drie onlosmakelijk verbonden waarden — duurzaamheid, inclusie en esthetiek — ligt in deze aanbeveling de nadruk op de schone transitie.

Artikel 192 VWEU biedt het wetgevingskader voor de verwezenlijking van milieudoelstellingen en sluit ook aan op het voornemen om de Europese Green Deal en de Clean Industrial Deal via het NEB dichter bij de mensen te brengen. De aandacht voor duurzaamheid komt in de hele aanbeveling duidelijk naar voren, met de nadruk op duurzame bouwpraktijken, energie-efficiëntie en hulpbronnenbeheer. Deze elementen weerspiegelen de milieudoelstellingen van artikel 191 VWEU en ondersteunen het behoud en de verbetering van de kwaliteit van het milieu.

Hoewel het NEB bijdraagt tot verschillende doelstellingen van de Unie, waaronder sociale inclusie en cultureel erfgoed, zoals uiteengezet in artikel 3 VEU, vormt artikel 192 VWEU een coherente rechtsgrondslag voor de sterke nadruk op duurzaamheid in alle elementen van deze aanbeveling. Deze focus op duurzaamheid vergemakkelijkt de integratie van NEB-waarden in het milieubeleid, waarbij niet-bindende richtsnoeren worden geboden om deze beginselen op nationaal en lokaal niveau te verankeren. Op die manier worden de overkoepelende milieudoelstellingen van de Unie op inclusieve wijze bevorderd, rekening houdend met de kwaliteit van de ervaring van burgers.

•Subsidiariteit (bij niet-exclusieve bevoegdheid)

Het voorstel is in overeenstemming met het subsidiariteitsbeginsel van artikel 5, lid 3, VEU en eerbiedigt de bevoegdheden van de lidstaten. De uitdagingen die het NEB aanpakt (circulariteit, duurzaamheid en innovatie voor de gebouwde omgeving; burgerparticipatie om democratische, inclusieve, toegankelijke en veerkrachtige wijken te versterken; en het benutten van de transformatieve kracht van onderwijs, kunst en cultuur om creativiteit en innovatie te stimuleren), spelen in de hele EU en zijn onderling verbonden.

De verwezenlijking van deze doelstellingen hangt af van grensoverschrijdende katalysatoren: een pan-Europese NEB-gemeenschap en participatie aan de basis; coördinatie en bestuur op verschillende niveaus om nationale, regionale en lokale maatregelen op elkaar af te stemmen en intercollegiaal leren mogelijk te maken, toegang tot financiering en investeringen, onder meer door particuliere, nationale en EU-bronnen te combineren, alsook een gedeelde kennis- en empirische basis om de impact te meten en beste praktijken op te schalen.

Een aanbeveling op EU-niveau is daarom doeltreffender dan op zich staande nationale maatregelen, aangezien daarmee coördinatie, kruisbestuiving en beleidscoherentie bij de uitvoering van maatregelen in de lidstaten mogelijk is, met volledige inachtneming van het subsidiariteitsbeginsel en de nationale context, en gebruik kan worden gemaakt van steun, financieringsmogelijkheden en intercollegiaal leren op EU-niveau. Dit initiatief maakt niet-bindende coördinatie en richtsnoeren mogelijk om de integratie van het NEB in beleid en financieringsinstrumenten, intercollegiaal leren, replicatie en investeringen te versnellen. Het helpt de lidstaten aldus om de doelstellingen sneller en efficiënter te verwezenlijken, met volledige inachtneming van hun bevoegdheden en de rol van de regionale en lokale overheden. In overeenstemming met het subsidiariteitsbeginsel laat het NEB het aan de lidstaten over om hun benaderingen af te stemmen op hun governancesystemen en territoriale omstandigheden, waarbij ervoor wordt gezorgd dat steun op EU-niveau een aanvulling vormt op nationale keuzes en de doeltreffende prestaties ter plaatse versterkt.

De coördinatie en het NEB-bestuur op verschillende niveaus krijgen hun beslag in de door de lidstaten opgerichte nationale NEB-contactpunten (NCP’s), die zich inzetten voor een betere coördinatie tussen bestuursniveaus en sectoren, en in gecoördineerde EU-richtsnoeren om het delen van goede praktijken te bevorderen en de uitvoering van het NEB op nationaal en lokaal niveau te ondersteunen.

•Evenredigheid

Het voorstel is in overeenstemming met het evenredigheidsbeginsel van artikel 5, lid 4, VEU. Noch de inhoud noch de vorm van deze voorgestelde aanbeveling van de Raad gaat verder dan wat nodig is om de doelstellingen daarvan te verwezenlijken. De voorgestelde maatregelen eerbiedigen de praktijken van de lidstaten en de diversiteit van stelsels in de EU. Alle toezeggingen van de lidstaten zijn vrijwillig van aard en elke lidstaat kan vrij beslissen over de wijze waarop deze worden uitgevoerd.

•Keuze van het instrument

Een aanbeveling van de Raad (artikel 292 VWEU) is het geschikte instrument voor de Raad om vrijwillige verbintenissen te bevorderen, met inachtneming van de nationale en lokale bevoegdheden in de gebouwde omgeving, en tegelijkertijd een samenhangend kader op EU-niveau te bieden. Meer prescriptieve instrumenten zouden niet in verhouding staan tot de doelstellingen van coördinatie en facilitering en zouden de uiteenlopende nationale en lokale contexten kunnen beperken. Dit voorstel voor een aanbeveling van de Raad wordt samen met een mededeling van de Commissie over het NEB aangenomen, waarin de context voor de aanbeveling en de rol van de lidstaten in het NEB-bestuur worden geschetst. De mededeling alleen zou echter niet volstaan om de nadruk te leggen op de specifieke en belangrijke rol die de lidstaten in de toekomstige NEB-acties spelen om echte veranderingen in de praktijk mogelijk te maken. Een aanbeveling van de Raad geeft als rechtsinstrument, zij het zonder bindende kracht, uitdrukking aan het grote belang dat de lidstaten aan de betrokken maatregelen hechten en biedt een sterke politieke basis voor samenwerking op dit gebied, met volledige eerbiediging van de bevoegdheid van de lidstaten.

3.EVALUATIE, RAADPLEGING VAN BELANGHEBBENDEN EN EFFECTBEOORDELING

•Raadpleging van belanghebbenden

Op 19 september 2025 is een verzoek om input gepubliceerd om feedback te verzamelen over zowel een mededeling van de Commissie als het onderhavige voorstel voor een aanbeveling van de Raad over het NEB. Het verzoek om input werd in alle officiële EU-talen op de website “Laat uw stem horen!” geplaatst om een breed scala aan belanghebbenden te bereiken en leverde in totaal 88 bijdragen op uit 24 landen, waaronder 17 EU-lidstaten. De meeste bijdragen werden ingediend door personen (21,5 %, zowel EU- als niet-EU-burgers), gevolgd door niet-gouvernementele organisaties (ngo’s) (17 %) en overheidsinstanties, academische/onderzoeksinstellingen en bedrijven (elk 12,5 %).

In de bijdragen werd benadrukt dat de capaciteit van lokale overheden en gemeenten moet worden versterkt met duidelijke kaders voor de ondersteuning van capaciteitsopbouw en participatief ontwerp. Er was veel aandacht voor kleine gemeenten in landelijke en perifere gebieden. In sommige bijdragen wordt ook benadrukt dat de communicatie en zichtbaarheid van het NEB nog kunnen worden verbeterd om het initiatief toegankelijker en begrijpelijker te maken voor het publiek en de lokale overheden. Veel respondenten pleiten ook voor versterking van de culturele en educatieve dimensie door kunstenaars, ontwerpers en creatieve sectoren te ondersteunen bij het uitdrukken en verspreiden van NEB-waarden. De meeste respondenten bevestigden dat het NEB prioriteit moet geven aan betaalbare huisvestingsoplossingen die energie-efficiënt, klimaatbestendig en sociaal inclusief zijn, en tegelijkertijd renovatie, optoppen en hergebruik van het bestaande gebouwenbestand moet aanmoedigen. In veel bijdragen werd gepleit voor de integratie van gezondheids- en welzijnscriteria in het ontwerp en het stedelijk beleid, bijvoorbeeld door duidelijker de nadruk te leggen op de luchtkwaliteit binnenshuis, ventilatie en geluidsreductie. In meerdere bijdragen werd gewezen op de behoefte aan stedelijke groene ruimten en de integratie van op de natuur gebaseerde oplossingen in stedelijke infrastructuur, zoals minibossen en groene daken en muren. Verschillende respondenten, met name uit het bedrijfsleven, steunden voorts de bevordering van biogebaseerde, circulaire en koolstofarme bouwmaterialen, zoals hout en gips. Meerdere respondenten, met name maatschappelijke organisaties en overheden, pleitten ook voor de integratie en verankering van NEB-waarden en -beginselen in het stedelijk en milieubeleid van de EU en de lidstaten. Tot slot merkten verschillende overheidsinstanties en onderzoeksorganisaties op dat er duidelijke indicatoren en evaluatie-instrumenten nodig zijn om de doeltreffendheid van NEB-projecten te beoordelen.

Naast het verzoek om input hebben verschillende gerichte raadplegingen plaatsgevonden met:

·de deskundigengroep van de Commissie voor de Nieuw Europees Bauhaus-faciliteit, (26 september 2025);

·het Green Cities Network (8 oktober 2025);

·de NEB-gemeenschap (onlineworkshop, 10 oktober 2025);

·de Europese Investeringsbank (EIB) en het Europees Instituut voor innovatie en technologie (EIT);

·vertegenwoordigers van de lidstaten, met name: de nationale NEB-contactpunten (NCP’s), de nationale NEB-contactpunten voor O&I in het kader van Horizon Europa, de strategische programmacommissie voor Horizon Europa, de milieuattachés en de beheersautoriteiten die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van het NEB in het kader van het cohesiebeleid (25 oktober 2025, 5 november 2025, en drie gerichte follow-upsessies op 3-4 november 2025).

 

•Effectbeoordeling

Er is geen effectbeoordeling uitgevoerd, gezien het feit dat de activiteiten de initiatieven van de lidstaten aanvullen, de vrijwillige aard van de voorgestelde activiteiten en het toepassingsgebied van de verwachte effecten. De belanghebbenden zijn voortdurend bij de ontwikkeling van het voorstel betrokken geweest in het kader van een participatieve aanpak, raadpleging van de lidstaten, de openbare raadpleging en talrijke specifieke raadplegingen van belanghebbenden.

•Grondrechten

Deze voorgestelde aanbeveling van de Raad eerbiedigt de grondrechten van de EU. Zij bevordert de in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie 7 erkende beginselen, met name milieubescherming, non-discriminatie, integratie van personen met een handicap, onderwijs en goed bestuur.

4.GEVOLGEN VOOR DE BEGROTING

Hoewel voor dit initiatief geen extra middelen uit de EU-begroting nodig zijn, zullen de in deze aanbeveling vervatte maatregelen financieringsbronnen op regionaal, nationaal en EU-niveau mobiliseren.

5.OVERIGE ELEMENTEN

•Toelichting bij de specifieke bepalingen van het voorstel

Dit voorstel onderstreept de sleutelrol van de lidstaten bij de uitvoering van het NEB-initiatief en benadrukt dat het belangrijk is te werken aan duurzamere, inclusievere en mooiere wijken en gemeenschappen. Door bijvoorbeeld circulaire en klimaatvriendelijke bouwpraktijken te bevorderen, kunnen de lidstaten de milieueffecten van gebouwen aanzienlijk verminderen, in overeenstemming met de decarbonisatiedoelstellingen van de EU. Het aanmoedigen van door de gemeenschap aangestuurde oplossingen en participatieprocessen versterkt de lokale democratie en de positie van burgers, waardoor de sociale cohesie en het vertrouwen in de democratische instellingen worden versterkt.

De transformatieve kracht van onderwijs, kunst en cultuur is van cruciaal belang voor het stimuleren van innovatie en duurzaamheid. Door de NEB-waarden te integreren in culturele initiatieven en onderwijsstelsels, kunnen de lidstaten een cultuur van hoogwaardige architectuur en ontwerp bevorderen die weerklank vindt bij lokale gemeenschappen en hun leefomgeving verrijkt.

Door in het kader van het NEB relevante vaardigheden te verbeteren aan de hand van gerichte onderwijs- en opleidingsprogramma’s, zullen personen de nodige deskundigheid opdoen om op doeltreffende wijze duurzame praktijken toe te passen en inclusieve omgevingen te ontwikkelen die toegankelijk zijn voor personen met een handicap en ouderen. De lidstaten spelen een cruciale rol bij het ondersteunen van de ontwikkeling van deze vaardigheden om ervoor te zorgen dat de beroepsbevolking voorbereid is op de toekomst.

Bewustmaking en uitbreiding van de NEB-gemeenschap vergroten de betrokkenheid en samenwerking, waarbij innovatie en de aanpak van maatschappelijke uitdagingen worden benaderd vanuit verschillende perspectieven. De lidstaten worden aangemoedigd het potentieel van ervaren NEB-professionals te benutten om inspiratie te bieden voor nieuwe projecten en de impact van het initiatief te verbreden.

Om de NEB-projecten te kunnen opschalen, is het van cruciaal belang de toegang tot financiering en investeringen te vergemakkelijken. Door de bestaande financieringsmogelijkheden te optimaliseren, kunnen op het NEB afgestemde projecten tastbare en transformatieve verbeteringen tot stand brengen in wijken en lokale gemeenschappen.

Kennisdeling en replicatie van succesvolle NEB-projecten stellen de lidstaten in staat de transitie naar duurzame wijken te versnellen door beproefde blauwdrukken en beste praktijken over te nemen. Deze op samenwerking gebaseerde aanpak zorgt ervoor dat er in verschillende regio’s voortdurend nieuwe inzichten worden opgedaan en aanpassingen worden doorgevoerd.

Tot slot zorgt doeltreffend bestuur op verschillende niveaus, met een centrale rol voor de nationale NEB-contactpunten, voor gecoördineerde actie op nationaal, regionaal en lokaal niveau. Door sectoroverstijgend bestuur en internationale samenwerking te omarmen, kunnen de lidstaten de impact van het NEB maximaliseren en bijdragen tot een duurzame en meer in het algemeen positieve toekomstvisie.

2025/0412 (NLE)

Voorstel voor een

AANBEVELING VAN DE RAAD

over het Nieuw Europees Bauhaus

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name de artikelen 292 en 192,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)Het Nieuw Europees Bauhaus (NEB) heeft tot doel de schone transitie en de Clean Industrial Deal te realiseren aan de hand van tastbare projecten die het dagelijks leven verbeteren door middel van oplossingen die duurzaamheid combineren met goed ontwerp, inclusie, toegankelijkheid en betaalbaarheid, waarbij innovatie in industriële ecosystemen wordt bevorderd om het concurrentievermogen te ontsluiten en de diverse plaatsen, het cultureel erfgoed en de culturele diversiteit van Europa op waarde te schatten en te bevorderen. Door cocreatie met lokale gemeenschappen, belanghebbenden en bedrijven te bevorderen, stimuleert het initiatief oplossingen die zijn afgestemd op de maatschappelijke behoeften en kunnen bogen op brede steun onder burgers, en die in vergelijkbare situaties overal in de EU kunnen worden overgenomen en opgeschaald.

(2)In 2021 heeft de Commissie een mededeling aangenomen 8 waarin zij het concept en de doelstellingen van het NEB uiteenzet, op basis van drie onlosmakelijk verbonden waarden (duurzaamheid, inclusie en esthetiek) en drie beginselen (betrokkenheid op meerdere niveaus, een participatieve aanpak en transdisciplinariteit).

(3)Zowel het Europees Parlement 9 als de EU-lidstaten 10 hebben het NEB steeds krachtig hun steun betuigd. Ook het Europees Economisch en Sociaal Comité 11 en het Comité van de Regio’s 12 hebben zich positief uitgelaten over het initiatief.

(4)In vijf jaar tijd heeft het NEB een stevige gemeenschap 13 opgebouwd met een ledenbestand van bijna 2 000 lokale en internationale organisaties, variërend van organisaties zonder winstoogmerk en culturele organisaties tot overheden en bedrijven. Er zijn al meer dan 700 projecten ondersteund. In het kader van het meerjarig financieel kader (MFK) 2021-2027 is 1,4 miljard EUR uitgetrokken voor het NEB. Het grootste deel van de financiering is afkomstig uit het cohesiebeleid (meer dan 840 miljoen EUR) en Horizon Europa (meer dan 530 miljoen EUR). Andere EU-programma’s (LIFE, het programma voor de eengemaakte markt, Digitaal Europa en Cosme) dragen ongeveer 26 miljoen EUR bij.

(5)In de politieke beleidslijnen voor de Europese Commissie 2024-2029 14 maakt het NEB deel uit van de algemene doelstelling van de Commissie “Mensen ondersteunen, onze samenlevingen versterken en ons sociaal model verbeteren”, die erop gericht is duurzaamheid te combineren met inclusie en betaalbaarheid, en creativiteit met innovatie. Uitbreiding van de NEB-gemeenschap zou dit doel dichterbij brengen en ervoor zorgen dat belanghebbenden een doeltreffende bijdrage kunnen leveren.

(6)De waarden en beginselen van het NEB kunnen Europa op weg helpen naar een meer concurrerende en duurzame toekomst. Door de NEB-waarden te integreren in bestaande nationale en lokale strategieën rond de gebouwde omgeving, kunnen de lidstaten de schone en de digitale transitie omzetten in tastbare kansen voor burgers en bedrijven in heel Europa. Door innovatie, industriële uitmuntendheid en vaardigheden te versterken, kan het NEB bijdragen tot de totstandbrenging van veerkrachtige waardeketens en hoogwaardige banen in heel Europa en ervoor zorgen dat de schone transitie het mondiale concurrentievermogen van Europa versterkt. Deze integratie en mainstreaming zijn momenteel echter ongelijk in de Unie, wat leidt tot ongelijke kansen voor belanghebbenden en autoriteiten, met name op lokaal niveau. De lidstaten kunnen voortbouwen op bestaande goede praktijken op het gebied van bestuur op meerdere niveaus en sectoroverstijgend bestuur. De NEB-waarden en -beginselen moeten worden geïntegreerd in alle relevante beleidsmaatregelen en financieringsinstrumenten op nationaal, regionaal en lokaal niveau om de transformatieve vernieuwing van wijken te ondersteunen en het sociale weefsel te versterken, en om die waarden en beginselen voor de gebouwde omgeving en de betrokken sectoren te bevorderen.

(7)De lidstaten beschikken over een reeks instrumenten om NEB-waarden en -beginselen die een duurzame, inclusieve, toegankelijke en betaalbare gebouwde omgeving bevorderen, te integreren in hun nationale plannen voor de renovatie van gebouwen, territoriale plannen voor een rechtvaardige transitie, sociale klimaatplannen en andere nationale of EU-plannen en -strategieën 15 . Hiermee kunnen de mainstreaming en de integratie van de NEB-doelstellingen worden ondersteund door middel van een geïntegreerde aanpak, en kunnen synergieën worden bevorderd tussen verschillende doelstellingen, zoals energie-efficiëntie en decarbonisatie, klimaatbestendigheid, waterweerbaarheid, betaalbaarheid, duurzaamheid en toegankelijkheid, met name in het kader van wijkvernieuwing.

(8)Er zijn volop mogelijkheden voor een efficiënter hulpbronnengebruik in de gebouwde omgeving. Momenteel zijn voor de bouw, het gebruik en de renovatie van gebouwen aanzienlijke hoeveelheden energie en minerale hulpbronnen nodig, die goed zijn voor 42 % van het totale energieverbruik, 35 % van de broeikasgasemissies, 50 % van alle materiaalwinning en 35 % van de totale afvalproductie van de EU 16 . Deze activiteiten dragen ook bij tot het waterverbruik en verergeren lucht-, water- en bodemverontreiniging, geluidshinder, landgebruik, bodemafdekking en uitdijende steden.

(9)Om haar doelstelling van klimaatneutraliteit in 2050 te halen, heeft de EU verschillende rechtshandelingen vastgesteld om de milieu- en klimaatvoetafdruk van gebouwen gedurende hun levenscyclus te verkleinen. Deze worden aangevuld met een verscheidenheid aan niet-wetgevende beleidsinitiatieven, variërend van berekeningsmethoden en instrumenten tot trajecten, plannen, strategieën en financiering voor de industrie, met inbegrip van ondersteunende levenscyclusbenaderingen om Europese gebouwen koolstofvrij te maken, die de Commissie in januari 2026 zal publiceren, het gemeenschappelijk kader van kernduurzaamheidsindicatoren voor kantoor- en residentiële gebouwen 17 , of de regels voor de afstemming van EU-begrotingsuitgaven op het criterium “geen ernstige afbreuk doen” 18 . Deze initiatieven en de EU-strategie voor de bio-economie 19 helpen belemmeringen van de markttoegang weg te nemen en ondersteunen de totstandbrenging van leidende markten voor koolstofarme, circulaire, schone en biogebaseerde bouwmaterialen en schone technologieën, en ondersteunen zo duurzame bedrijfsmodellen, duurzame en veerkrachtige industriële ecosystemen, het scheppen van banen en waardecreatie in de EU.

(10)NEB-projecten versterken het innoverend en concurrentievermogen van de bouw-, water- en bio-economische sector door middel van prototyping en de opschaling van technologieën voor koolstofvrij circulair en natuurpositief ontwerp, de optimalisering van bouwmethoden, de vaststelling van normen en de verlaging van de kosten om markten voor innovatieve materialen te creëren, teneinde hulpbronnenefficiënte, kosteneffectieve en innovatieve groei te ondersteunen en tegelijkertijd een duurzaam gebruik van schaarse natuurlijke hulpbronnen te waarborgen.

(11)Een efficiënter gebruik van de gebouwde omgeving — gebouwen, stedelijke landschappen, openbare ruimten, groene ruimten — zal de aanpassing van het bestaande gebouwenbestand aan de behoeften van mensen op het gebied van ruimte en toegankelijkheid ondersteunen, met inachtneming van de grenzen van onze planeet. Het prioriteren van een efficiënt gebruik van de gebouwde omgeving door renovatie of opknappen 20 boven sloop en nieuwbouw, alsook nieuwe sociale praktijken, bieden een aanzienlijk potentieel om de milieu- en klimaatvoetafdruk van het gebouwenbestand te verkleinen 21 , betaalbare en duurzame huisvesting voor iedereen te bieden, het uitdijen van steden en bodemafdekking te vertragen, sociale cohesie en aanvaarding te bevorderen en tegelijkertijd het cultureel erfgoed te beschermen.

(12)Lokale gemeenschappen staan in de frontlinie wat betreft de negatieve gevolgen van klimaatgevaren en aantasting van het milieu, zoals de toegenomen frequentie en intensiteit van hittegolven, overstromingen, bosbranden of aardbevingen, die worden verergerd door de wisselwerking met andere factoren zoals slechte lucht-, water- en bodemkwaliteit of bodemafdekking. Tussen 2011 en 2021 is het aantal mensen in Europa dat in potentieel overstromingsgevoelige riviergebieden woont, met meer dan 935 000 gestegen 22 . In de periode 2017-2019 woonden er in de EER-landen en het VK gemiddeld 119 000 mensen per jaar in door bosbranden verwoeste gebieden 23 . Om de lokale veerkracht en crisisparaatheid te ondersteunen, kunnen normen inzake de klimaatadaptatie van gebouwen 24 en inzake de preventie van overstromingen en bosbranden, groene gebieden en het herstel van stedelijke ecosystemen worden geïntegreerd in regelgevings- en financieringsinstrumenten en in aanverwante onderwijs- en opleidingsprogramma’s 25 .

(13)Groenblauwe infrastructuur is van cruciaal belang voor klimaatadaptatie, de biodiversiteit en de volksgezondheid. Herverdeling en herontwerp van de stedelijke openbare ruimte in overeenstemming met de NEB-waarden kunnen worden ondersteund door geïntegreerde stedelijke mobiliteitsconcepten (bv. Sumps) die deze transformaties mogelijk maken en tegelijkertijd de toegankelijkheid van banen, diensten en voorzieningen in stand houden. Straten en openbare ruimten zijn niet slechts doorvoerroutes, maar plaatsen waar sociale interactie en klimaatactie plaatsvinden en waar mensen zich prettig voelen.

(14)Het EU-beleid omvat specifieke maatregelen en instrumenten om kansarme groepen te beschermen, met name in verband met energie- en mobiliteitsarmoede, luchtverontreiniging, de toegang tot schoon drinkwater en sanitaire voorzieningen. De NEB-projecten dragen bij tot milieu- en klimaatrechtvaardigheid en versterken tegelijkertijd de sociale inclusie, intergenerationele rechtvaardigheid, gendergelijkheid en misdaadpreventie, waaronder de preventie van gendergerelateerd geweld.

(15)Participatie is een van de grondbeginselen van het NEB. De projecten, financiering, digitale instrumenten en capaciteitsopbouw van het NEB zijn goede voorbeelden van de bevordering, stimulering en ondersteuning van participatie en lokale democratie in beleid en praktijk, met name op het gebied van ruimtelijke en stedenbouwkundige planning en de transformatie van wijken.

(16)De participatie in het kader van stadsontwikkelingsprocessen biedt zowel gemeenschappen als projectontwikkelaars volop kansen. Echte betrokkenheid van burgers, met inbegrip van energiearme of anderszins achtergestelde burgers, bij het ontwerp en het beheer van projecten bevordert het vertrouwen, zorgt voor democratische verantwoordingsplicht en versterkt het sociale weefsel. Door die betrokkenheid, door middel van burgerraden en workshops over gezamenlijk ontwerp, worden projecten in de lokale gemeenschap verankerd en blijven ze niet beperkt tot symboliek, waardoor veerkrachtige en inclusieve samenlevingen worden bevorderd. Voor projectontwikkelaars kan deze betrokkenheid van de gemeenschap en belanghebbenden leiden tot versnelde vergunningsprocedures, een vlottere projectuitvoering en uiteindelijk een vlottere aanvaarding door de gemeenschap en lagere risico’s.

(17)Door gebruik te maken van digitale instrumenten zoals het EU-instrumentarium voor lokale digitale tweelingen, geavanceerde AI-modellen voor reconstructie, digitale gebouwenlogboeken en digitale audits voorafgaand aan sloop, wordt de betrokkenheid van het publiek bij de besluitvorming en beleidsontwikkeling transparanter, efficiënter en responsiever. Door de operationele vermogens van autoriteiten met behulp van bestaande middelen en platforms, zoals mogelijkheden voor intercollegiaal leren en technische ondersteuning, te versterken, wordt doeltreffende begeleiding en ondersteuning geboden bij de uitvoering van de NEB-waarden en -beginselen, worden door de gemeenschap aangestuurde oplossingen bevorderd en wordt de maatschappelijke veerkracht vergroot.

(18)Het vaardighedengebrek in de bouwsector, met name op het gebied van circulair en duurzaam bouwen, is een groot probleem voor de sector. In 2022 heeft de Commissie de NEB-academie voor vaardigheden voor duurzaam bouwen opgericht. Die moet bijdragen tot een bredere inspanning om de bij- en omscholing van werknemers in het bouwecosysteem te versnellen en de schone transitie van dat systeem te ondersteunen. De Commissie zal de NEB-academie opschalen en ontwikkelen tot de centrale NEB-infrastructuur voor kennis en onderzoek, veilige experimenten en innovatie en de ontwikkeling van vaardigheden. De NEB-academie zal ook dynamische koppelingen tot stand brengen om te waarborgen dat alle kennis die met O&I in het kader van de NEB-faciliteit wordt geproduceerd, wordt gebruikt voor scholingsactiviteiten, capaciteitsopbouw en toegepaste innovatie. De NEB-academie zal een NEB-investeringsaccelerator ontwikkelen om particuliere en gemengde financiering voor innovatieve NEB-projecten aan te trekken en de toewijzing ervan te vergemakkelijken.

(19)In de verklaring van Davos “Naar een kwalitatief hoogstaande Baukultur voor Europa” worden de culturele aspecten van behoud, planning en bouw erkend en wordt een kwalitatief hoogstaande Baukultur (architectonische cultuur) aangemerkt als politieke prioriteit. In de conclusies van de Raad van 29-30 november 2021 over cultuur, architectuur van hoge kwaliteit en gebouwde omgeving als kernelementen van het Nieuw Europees Bauhaus-initiatief werden de lidstaten en de Commissie verzocht een cultuurgestuurde, kwaliteitsgerichte en participatieve aanpak van de gebouwde omgeving te bevorderen en bij de planning, vormgeving, bouw, conservering, restauratie, renovatie en herbestemming strenge kwaliteitsnormen toe te passen.

(20)NEB-projecten laten zien dat de betrokkenheid van kunstenaars bij technologische en wetenschappelijke omgevingen leidt tot paradigmaverschuivende samenwerkingen die vernieuwing en concrete resultaten opleveren. In de op 12 november 2025 aangenomen mededeling van de Commissie over een cultuurkompas voor Europa wordt erkend dat het belangrijk blijft een gemeenschappelijke cultuur van architectuur en ontwerp te bevorderen en te investeren in een hoogwaardige leefomgeving voor iedereen door middel van initiatieven zoals het NEB. Hoewel de rol van kunstenaars en professionals uit de cultuursector als aanjagers van verandering en innovatoren essentieel is om de NEB-waarden te vertalen in praktische oplossingen en toepassingen, worden zij nog steeds onvoldoende gemobiliseerd en hebben zij onvoldoende toegang tot financiering, met name kleine spelers, om het potentieel van hun visies en hun creatieve benaderingen ten volle te benutten. Het doorbreken van de verkokering tussen culturele en creatieve sectoren en tussen kunst, wetenschap en technologie is ook een uitdaging die nog moet worden aangepakt door meer mogelijkheden voor transdisciplinaire samenwerking te creëren en te ondersteunen.

(21)Vanaf 2025 beschikt het NEB over een eigen financieringsinstrument in het kader van Horizon Europa, de NEB-faciliteit, die als doel heeft de impact en transparantie te vergroten en de toegang voor aanvragers te vereenvoudigen. De NEB-faciliteit is tot 2027 operationeel en biedt financiële steun en een strategisch kader voor de verwezenlijking van de NEB-doelstellingen. De routekaart van de NEB-faciliteit schetst de geplande acties en strategische koers tussen 2025 en 2027 26 . De onderzoeks- en innovatiecomponent is voorzien van een jaarlijks budget van ongeveer 120 miljoen EUR uit Horizon Europa. De aanvullende uitrolcomponent, die gericht is op uitrol en technische bijstand, zal naar verwachting een vergelijkbaar investeringsniveau genereren en zal worden ondersteund uit andere EU-programma’s, alsook door de lidstaten en uit particuliere bronnen. De lidstaten omarmen de waarden en beginselen van het NEB al op verschillende manieren in hun financieringsprogramma’s, op een wijze die hun unieke context, erfgoed en gemeenschapszin weerspiegelt. Alle lidstaten hebben het NEB in ten minste één van hun cohesiebeleidsprogramma’s voor 2021-2027 opgenomen. Het waarborgen van duurzame financiering voor het NEB op lange termijn is van vitaal belang, met name in het kader van de overgang naar het volgende MFK.

(22)Transformatieve projecten moeten ook particuliere financiering aantrekken. In 2024 zijn de NEB-investeringsrichtsnoeren ontwikkeld om investeerders te helpen hun projecten af te stemmen op de NEB-waarden en -beginselen teneinde de gebouwde omgeving van Europa te transformeren. De richtsnoeren zijn ontwikkeld in nauw overleg tussen de Commissie en Jaspers (Gezamenlijke Ondersteuning van projecten in de Europese regio’s). Met de steun van een proefproject van het Europees Parlement 27 en voortbouwend op de ervaring van initiatieven zoals de diensten voor bedrijfsacceleratie van de Europese Innovatieraad (EIC) — de EIC-marktplaats en het platform voor Horizon-resultaten — zal de Commissie een advieshub opzetten, een interactief platform om de koppeling te vergemakkelijken tussen kleine projecten op zoek naar toegang tot financiering en investeerders in de sociale economie, liefdadigheidsorganisaties en andere particuliere en publieke investeerders. De EU-taxonomie 28 helpt beleggers voorts ecologisch duurzame bouw- en renovatieprojecten te identificeren.

(23)Het NEB-kompas 29 is het richtinggevende kader voor de toepassing van de NEB-waarden en -beginselen in de praktijk. Er is een NEB-hub voor resultaten en impact 30 opgezet om de geleerde lessen en de door het NEB gegenereerde instrumenten en kennis te verzamelen, te analyseren en te distilleren. Er is een NEB-zelfbeoordelingsmethode 31 ontwikkeld waarmee projectontwikkelaars en besluitvormers makkelijker zelf hun projectprestaties kunnen beoordelen afgezet tegen de NEB-waarden. De Commissie zal ook kernprestatie-indicatoren (KPI’s) vaststellen om het transformatieve effect van NEB-projecten te meten, en zal een NEB-keurmerk ontwikkelen om NEB-projecten zichtbaarder te maken, de lidstaten te ondersteunen bij het bevorderen van NEB-projecten en -praktijken en de marktintegratie te vergemakkelijken door in alle lidstaten een gestandaardiseerd kader en gestandaardiseerde criteria te bieden. Een coherent gebruik van die instrumenten door de lidstaten zou leiden tot minder versnippering en een consistentere uitvoering, waardoor het concurrentievermogen op de interne markt wordt versterkt en schaalbare en reproduceerbare oplossingen in Europa worden verspreid doordat landen elkaar inspireren en goede praktijken uitwisselen.

(24)Samen met de NEB-gemeenschap heeft de Commissie ondersteunende structuren ontwikkeld die betrokkenheid en samenwerking bevorderen. De lokale NEB-afdelingen zijn zelfstandig georganiseerde, plaatsgebonden groepen van leden van de NEB-gemeenschap die bijdragen tot de uitvoering van het NEB ter plaatse. De NEB-labs zijn de “denk-en-doe-tanks” van het initiatief, die door leden van de gemeenschap zijn opgezet om samen instrumenten en oplossingen te creëren, te ontwikkelen en te testen. Er worden nieuwe labs opgezet om prioritaire kwesties aan te pakken, en er zal een NEB-lab voor betaalbare huisvesting worden opgezet om beste praktijken te verzamelen over innovatieve methoden, zoals bouw buiten de locatie of additieve productie, verdichting en huisvestingsoplossingen voor kansarme groepen, of innovatieve aanpassingen met het oog op de toegankelijkheid. De Commissie zal een Europese huisvestingsalliantie oprichten waar alle bestuursniveaus samenwerken, van elkaar leren en beste praktijken uitwisselen. De alliantie zal synergieën bevorderen met NEB-beroepsbeoefenaren en leden van de NEB-gemeenschap, waaronder het NEB-huisvestingslab.

(25)De coördinatie en het NEB-bestuur op verschillende niveaus hebben zich parallel met het initiatief zelf ontwikkeld. In 2021 hebben de lidstaten nationale NEB-contactpunten (NCP’s) opgericht voor de uitvoering van het NEB op nationaal niveau en om te zorgen voor coördinatie op de betrokken gebieden. Met de oprichting van de NEB-faciliteit, die is verankerd in Horizon Europa 32 , zijn ook nationale NEB-contactpunten voor O&I opgericht. Beide netwerken zijn van cruciaal belang voor de voorbereiding en uitvoering van de NEB-faciliteit, waarbij de O&I- en de uitrolcomponent ervan samen worden aangepakt. Er werd ook een speciaal netwerk opgericht om beheersautoriteiten te ondersteunen bij de uitvoering van NEB in het kader van het cohesiebeleid 33 . Er moet evenwel meer coördinatie en synergie tussen de verschillende netwerken tot stand worden gebracht om te zorgen voor samenhang en impact.

(26)Het NEB inspireert ook derde landen, en meer internationale samenwerking kan de uitwisseling van kennis en goede praktijken bevorderen. De Commissie en de EU-delegaties in derde landen werken samen om de NEB-aanpak buiten de EU te bevorderen, met name door de oprichting van hubs van de NEB-academie buiten de EU. Het NEB heeft met name steun verleend voor de duurzame en inclusieve wederopbouw van Oekraïne. Via EU-programma’s zoals LIFE, Horizon Europa en Interreg heeft het NEB projecten mogelijk gemaakt zoals de circulaire renovatie van panelka-gebouwen in Tsjernihiv, initiatieven voor duurzaam landgebruik in het kader van Interreg Donau en groen stadsherstel in het Zwarte Zeegebied. NEB-labs en -prijzen bevorderen innovatie en cocreatie, waaronder de Future School for Ukraine en het Public Infrastructure Lab. Oekraïense belanghebbenden en autoriteiten hebben steeds meer belangstelling om hun wederopbouwinitiatieven uit te voeren volgens een NEB-aanpak, en er moeten meer inspanningen worden geleverd om hen te ondersteunen. Aanvullende steun van de Commissie en de EU-lidstaten zou hen in staat stellen hun duurzame en inclusieve wederopbouw te versnellen in samenwerking met lokale gemeenschappen.

(27)De Commissie zal de voortgang van het NEB monitoren door middel van regelmatige vergaderingen met vertegenwoordigers van de lidstaten, met name de nationale NEB-contactpunten. De Commissie wil de lidstaten ondersteunen bij de uitvoering van het NEB op nationaal niveau en heeft in de haar mededeling van 16 december 2025 ondersteunende acties en toekomstige prioriteiten aangekondigd 34 . Het NEB vertaalt deze prioriteiten in tastbare verbeteringen in het dagelijks leven, ter ondersteuning van een beter wijkontwerp, gezondere omgevingen en inclusievere openbare ruimten.

HEEFT DE VOLGENDE AANBEVELING VASTGESTELD:

1.De NEB-waarden en -beginselen mainstreamen

a)Het wordt aanbevolen dat de lidstaten, op de passende bevoegdheidsniveaus en met inachtneming van het subsidiariteitsbeginsel, de waarden en beginselen van het Nieuw Europees Bauhaus (NEB) integreren in hun beleidsmaatregelen en financieringsinstrumenten die verband houden met wijken en de bredere gebouwde omgeving. Voortbouwend op de lessen die zijn getrokken uit geslaagde projecten, initiatieven en bestuursstructuren, worden de lidstaten aangemoedigd om het NEB op nationaal, lokaal en regionaal niveau strategisch te benaderen door alle beleidsmaatregelen en financieringsinstrumenten in kaart te brengen die de integratie van het NEB kunnen ondersteunen, alsook de actoren en netwerken die daarbij moeten worden betrokken.

b)De lidstaten worden aangemoedigd de ondersteunende instrumenten van de NEB-academie en het NEB-keurmerk te gebruiken en te bevorderen om een betaalbare, duurzame en hoogwaardige transformatie van de gebouwde omgeving en andere sectoren te bevorderen, teneinde verdere harmonisatie van methoden, praktijken en innovatieve benaderingen in heel Europa te bevorderen.

2.De duurzaamheid van de gebouwde omgeving verbeteren

Het wordt aanbevolen dat de lidstaten:

a)een schone, circulaire, klimaatneutrale en veerkrachtige energie- en waterefficiënte gebouwde omgeving bevorderen en zo betaalbare en duurzame huisvesting ondersteunen, door:

1)te overwegen duurzame, circulaire en sociaal rechtvaardige renovatie en bouw van gebouwen te bevorderen via overheidsopdrachten;

2)een aanpak te volgen die uitgaat van de koolstofemissies gedurende de hele levenscyclus van de bouw en renovatie van gebouwen, overeenkomstig de door de Commissie te verstrekken richtsnoeren, ter ondersteuning van maatregelen 35 om de koolstofemissies gedurende de hele levenscyclus van de bouwsector op doeltreffende wijze te verminderen via een geharmoniseerd kader en een geharmoniseerde methode van de Unie 36 ;

3)in hun nationale plannen voor de renovatie van gebouwen en de desbetreffende nationale, regionale en lokale strategieën met betrekking tot gebouwen, voorrang te geven aan energie- en waterprestaties, betaalbaarheid en duurzaamheid, met bijzondere aandacht voor kansarme huishoudens;

4)te promoten dat nieuwe gebouwen en gebouwen die ingrijpend worden gerenoveerd, worden ontworpen en voorbereid voor slimme meting en slim beheer van water en elektriciteit om waterbesparingen te realiseren 37 en de operationele kosten voor gebouwen te verlagen, alsook voor elektrisch laden van voertuigen;

5)na te gaan hoe stimulansen de waterweerbaarheid en waterefficiëntie kunnen bevorderen en kunnen zorgen voor verder circulair hulpbronnengebruik in de hele gebouwde omgeving;

b)oplossingen ontwikkelen om het onbenutte potentieel van een concurrerende en duurzame bio-economie te ontsluiten, ter ondersteuning van de aanvaarding en uitrol door de markt en de soepele werking van de interne markt met het oog op banencreatie en groei, met name voor de gebouwde omgeving en de textielsector, zoals uiteengezet in de EU-strategie voor de bio-economie:

1)evalueren hoe markten en belastingen passende stimulansen bieden voor duurzame productie en consumptie om een passende verschuiving van het gebruik van fossiele naar circulaire biogebaseerde materialen en schone hulpbronnen te ondersteunen;

2)beoordelen of en hoe overheidsopdrachten worden gebruikt om marktkansen te creëren ter ondersteuning van biogebaseerde bouwmethoden en schone technologieën en hulpbronnen, in overeenstemming met de lopende inspanningen van de EU op het gebied van vereenvoudiging en stroomlijning 38 ;

3)regelgevingsbelemmeringen en andere belemmeringen voor de markttoegang van innovatieve bouwmethoden en -materialen in kaart brengen en aanpakken, zoals koolstofarme en biogebaseerde materialen, bouw buiten de bouwlocatie en additieve productie in de bouw, en de Commissie informeren over marktfragmentatie als gevolg van uiteenlopende nationale regels en interpretaties en tegenstrijdige EU-regels, via het Europees forum voor regelgevers en innovatoren op het gebied van de bio-economie en het bouwforum op hoog niveau;

c)een efficiënt gebruik van de gebouwde omgeving bij besluiten inzake ruimtelijke ordening en ontwikkeling prioriteren en stimuleren, teneinde sociale en betaalbare huisvesting te bevorderen, ruimtelijke segregatie te voorkomen en de revitalisering van wijken te bevorderen, ook in plattelandsgebieden, met name door:

1)leegstand en de geschiktheid van de leegstaande gebouwen voor sufficiëntiemaatregelen in kaart te brengen en deze informatie beschikbaar te stellen aan de bevoegde autoriteiten en de actoren in de bouwsector; de transformatie van leegstaande gebouwen tot betaalbare, duurzame en hoogwaardige woningen te stimuleren, door middel van renovatie, uitbouw, opknappen, herbestemming, of aanpassing van de gebouwde omgeving aan de veranderende behoeften van huishoudens; het onderbenutte huisvestingspotentieel in wijken op het platteland te onderzoeken door middel van maatregelen om de toegankelijkheid en connectiviteit ervan te ontwikkelen;

2)de procedures voor bestemmingsplannen en bouwvergunningen te stroomlijnen, te vereenvoudigen en te versnellen, met name voor renovatie, optopping en duurzame renovatie van gebouwen, waardoor het woningaanbod kan worden vergroot;

3)de ontwikkeling te vergemakkelijken van goede NEB-praktijken en ‑blauwdrukken, bijvoorbeeld inzake veerkrachtige huisvesting, die de Commissie zal ontwikkelen door middel van een digitale catalogus;

d)de NEB-waarden en -beginselen bevorderen ter versterking van de crisisparaatheid en veerkracht van wijken en gemeenschappen ten aanzien van gezondheidsrisico’s en natuurrampen die het gevolg zijn van klimaatverandering en aantasting van het milieu, met name door:

1)systematisch op de natuur gebaseerde oplossingen, natuurherstel en waterweerbaarheid, rampen- en crisisinterventie en -paraatheid, met name maatregelen inzake natuurbranden, water, overstromingsrisico’s en het beheer van stedelijke kroonbedekking alsook inzake het duurzame herstel van getroffen gebieden, te integreren in het ruimtelijk ontwerp, en deze te bevorderen door middel van capaciteitsopbouw bij alle bevoegde autoriteiten en via opleidingsmodules voor relevante diploma’s en beroepsopleidingen;

2)de beoordeling van de verdeling van stedelijke groene ruimte en boomkroonbedekking in steden en gemeenten te bevorderen, waarbij wordt nagegaan hoe in het kader van geplande ontwikkelingen stedelijke groene ruimte actief zal worden geïntegreerd in gebouwen en infrastructuur op verschillende plaatsen en in verschillende regio’s, en hoe deze geplande ontwikkelingen de gevolgen van de klimaatverandering zullen helpen beperken;

3)lokale NEB-afdelingen met lokale overheden en relevante actoren te bevorderen om de veerkracht van wijken te versterken, het bewustzijn van gemeenschappen te vergroten en samen met hen door de gemeenschap geleide oplossingen te ontwerpen, onder meer met behulp van digitale en wetenschappelijke instrumenten — zoals analyses op basis van scenario’s;

4)te overleggen met belanghebbenden, waaronder verzekeraars, met het oog op de evaluatie van praktijken op basis van het “build back the same”-beginsel (herstel in ongewijzigde vorm), om rekening te houden met veranderende klimaatomstandigheden;

5)maatregelen in financieringsinstrumenten te verkennen om de negatieve gezondheidseffecten van klimaatverandering en aantasting van het milieu te helpen verlichten, met inbegrip van de blootstelling aan warmte, luchtverontreiniging, geluidsoverlast en gebrekkige toegang tot groene ruimten, met bijzondere aandacht voor de onevenredige blootstelling van kwetsbare en kansarme groepen;

e)het gebruik van digitale oplossingen voor circulariteit en energie-efficiëntie stimuleren voor een concurrerende schone transitie, met name:

1)bevordering van de toepassing van instrumenten zoals het digitale productpaspoort, energieprestatiecertificaten, digitale bouwvergunningen, digitale logboeken voor gebouwen, digitale audits voorafgaand aan de sloop en andere digitale oplossingen om de koolstofuitstoot gedurende de hele levenscyclus te monitoren, en bevordering van gedeelde digitale infrastructuur en instrumenten ter ondersteuning van datagestuurde besluitvorming, slimme stadsplanning, energie, mobiliteit en waterbeheer, in synergie met het beleidsprogramma voor het digitale decennium;

2)bevordering van de beginselen van “digitaal door ontwerp”, met inbegrip van toegankelijkheid, interoperabiliteit en energie- en waterefficiënte ICT in het kader van stadsplanning, waarbij ook vereenvoudiging wordt ondersteund met behulp van een digitaal instrumentarium met inbegrip van modelgebaseerde vergunningverlening, naleving op basis van “regels uitgedrukt als code” en eenmalige rapportage.

3.Bevorderen van participatie, lokale democratie en digitale instrumenten voor cocreatie op het gebied van duurzame stads- en wijkontwikkeling

Het wordt aanbevolen dat de lidstaten:

a)voortbouwen op de NEB-hub voor resultaten en impact 39 om de resultaten van NEB-projecten geleidelijk in het gebruikerperspectief te integreren bij het ruimtelijke ontwerp en/of de transformatie van openbare ruimten en om energie- en waterbewuste gemeenschappen, door burgers geleide renovaties en initiatieven voor het delen van schone energie te ondersteunen en te bevorderen, de positie van lokale actoren te versterken en inclusieve, door de gemeenschap aangestuurde oplossingen te bevorderen;

b)NEB-projecten en beleidspraktijken bevorderen om de lokale democratie, inclusie en de deelname aan stadsplanning en nabuurschapsontwikkeling te versterken, door innovatieve benaderingen van gemeenschapsbetrokkenheid op wijkniveau te ondersteunen en zo bij te dragen tot de uitvoering van het schild voor de democratie ter plaatse;

c)personen met een handicap en ouderen raadplegen en betrekken, ter ondersteuning van zelfstandig wonen en inclusie in de gemeenschap en inherent toegankelijke oplossingen;

d)de zinvolle betrokkenheid van vrouwen en de integratie van een genderbewuste aanpak bij het ontwerp en de ontwikkeling van openbare ruimten en wijken bevorderen, met het oog op inclusieve en veilige omgevingen;

e)de operationele vermogens van de betrokken autoriteiten versterken om doeltreffende richtsnoeren en ondersteuning te bieden bij het verwerven van kennis over de waarden en beginselen van het NEB en het gebruik van NEB-instrumenten, alsook richtsnoeren voor NEB-financieringsinstrumenten. Daartoe wordt de lidstaten aanbevolen de bestaande mogelijkheden die de Europese Commissie biedt, te benutten, zoals:

1)het EU-instrumentarium voor lokale digitale tweelingen en de oplossingen in het kader van “lokale digitale tweelingen voor herbouw”;

2)het instrument voor technische ondersteuning (Technical Support Instrument — TSI) 40 ;

3)de samenwerking tussen overheidsdiensten via uitwisseling (PACE) 41 ;

4)mogelijkheden voor intercollegiaal leren die worden geboden door:

·het cohesiebeleid, met name in het kader van de NEB-gemeenschap van REGIO P2P, om goede praktijken en kennis over het NEB uit te wisselen tussen beheersautoriteiten en andere relevante organen en verdere investeringen in het NEB in het kader van de cohesiebeleidsprogramma’s 2021-2027 aan te moedigen;

·het onderdeel capaciteitsopbouw van het Stedelijk Europa-initiatief, dat zowel steden als beheersautoriteiten ondersteunt bij de integratie van de NEB-waarden en -beginselen in strategieën voor duurzame stedelijke ontwikkeling;

·de actie “Bijdragen aan de uitvoering van de NEB-faciliteit met steun van O&I voor Nieuw Europees Bauhaus in het kader van Horizon Europa en van de nationale NEB-contactpunten” 42 ;

·het EU-kenniscentrum voor participatieve en overlegdemocratie 43 en het bijbehorende netwerk van nationale referentiecentra.

4.De transformatieve kracht van onderwijs, kunst en cultuur benutten voor de schone transitie

Het wordt aanbevolen dat de lidstaten:

a)culturele participatie en de bijdrage van kunstenaars, professionals uit de culturele sector en door cultuur gestuurde experimenten erkennen en ondersteunen als aanjagers van innovatie, lokale ontwikkeling en onconventionele ideeën om de schone transitie te stimuleren (in overeenstemming met het cultuurkompas voor Europa), en NEB-kansen beter promoten in de culturele en de creatieve sector;

b)het voorstel van de Commissie ondersteunen om de Culturele Hoofdsteden van Europa te versterken op een wijze die leidt tot synergieën met de NEB-waarden en -beginselen; volledig uitvoering geven aan de toezeggingen uit de verklaring van Davos van 2018 “Naar een kwalitatief hoogstaande Baukultur voor Europa” 44 om de culturele aspecten van behoud, planning en bouw in desbetreffende nationale strategieën te verankeren; gevolg geven aan de conclusies van de Raad van 2021 over cultuur, architectuur van hoge kwaliteit en gebouwde omgeving als kernelementen van het Nieuw Europees Bauhaus-initiatief door de NEB-waarden en -beginselen te integreren in het nationale beleid inzake architectuur en de gebouwde omgeving;

c)traditionele kennis en vaardigheden op het gebied van ambachten bevorderen en waar nodig in ere herstellen, met name bij het valoriseren van gebouwd cultureel erfgoed, en aanzetten tot innovaties die oude en moderne technologieën combineren en de culturele en creatieve sectoren erbij betrekken;

d)de NEB-route binnen DiscoverEU promoten;

e)op scholen en instellingen voor hoger onderwijs onderwijsprogramma’s en curricula ondersteunen waarin de NEB-waarden en -beginselen zijn verankerd.

5.Kennis, innovatievermogen en vaardigheden verbeteren via de instrumenten en initiatieven van de NEB-academie

De lidstaten worden aangemoedigd om:

a)de toepassing van kennis, innovatie-instrumenten en onderwijs- en opleidingsprogramma’s die via de NEB-academie zijn ontwikkeld, te vergemakkelijken en te bevorderen om de transitie naar een duurzaam bouwecosysteem en schone oplossingen te ondersteunen, alsook om nieuwe hubs van de NEB-academie op te richten en bestaande hubs uit te breiden, met als doel in alle lidstaten over een hub te beschikken;

b)onderzoekssamenwerking met betrekking tot het NEB tussen studenten op verschillende gebieden die relevant zijn voor de gebouwde en natuurlijke omgeving, met inbegrip van architectuur, engineering en planologie, te bevorderen;

c)de Commissie te ondersteunen bij het in kaart brengen van NEB-projecten die via verschillende regionale, nationale of EU-financieringsinstrumenten worden uitgevoerd — met inbegrip van projecten onder gedeeld beheer — en bij het delen van goede praktijken, en haar te ondersteunen bij de ontwikkeling van KPI’s om het transformatieve effect van NEB-projecten en de voordelen ervan voor duurzame groei en welvaart te meten, en deze in voorkomend geval in hun beleid en activiteiten te integreren.

d)de NEB-waarden en -beginselen te integreren in de ontwikkeling en uitvoering van de nationale en regionale strategieën voor het dichten van vaardigheidskloven, alsook in de grootschalige en regionale partnerschappen voor vaardigheden in het kader van het pact voor vaardigheden, met name het grootschalige partnerschap voor de bouw;

e)voor NEB relevante programma’s voor beroepsonderwijs en -opleiding en om- en bijscholing te ondersteunen en te bevorderen, met name de via het EIT en Erasmus+ ontwikkelde programma’s.

6.Bewustmaking over en betrokkenheid bij het NEB en de NEB-gemeenschap

De lidstaten worden aangemoedigd om:

a)projecten te ondersteunen waaraan een NEB-keurmerk zal worden toegekend dat door de Commissie zal worden ontwikkeld en getest, onder meer via adviesdiensten, door te zorgen voor zichtbaarheid en de toegang tot financiering te vergemakkelijken, en door het NEB-keurmerk te erkennen als kwaliteitscriterium binnen financieringsprogramma’s en oproepen tot het indienen van voorstellen;

b)de Commissie te ondersteunen bij haar inspanningen om de NEB-gemeenschap uit te breiden en te diversifiëren en samen te werken met de leden van de NEB-gemeenschap in hun land om hun behoeften en voorstellen te vernemen en te ondersteunen, synergieën te creëren, onder meer met relevante nationale en regionale activiteiten, ook door de bekendheid van het NEB-initiatief en de kansen ervan voor de academische wereld, professionals, het bedrijfsleven, het maatschappelijk middenveld en overheidsinstanties te vergroten;

c)waar mogelijk nationale NEB-prijzen in het leven te roepen of NEB-categorieën in het kader van relevante nationale prijzen, in samenhang met de Europese NEB-prijzen;

d)het bewustzijn te vergroten en de deelname van belanghebbenden in de lidstaten aan het tweejaarlijkse NEB-festival aan te moedigen en in alle lidstaten nationale, regionale of lokale satellietevenementen te organiseren.

7.De toegang tot financiering en investeringen verbeteren

De lidstaten worden aangemoedigd om:

a)de financieringsmogelijkheden te benutten die de NEB-faciliteit biedt voor zowel de O&I- als de uitrolcomponent ervan, door alle belanghebbenden en potentiële begunstigden bewuster te maken, hun deelname te ondersteunen en feedback te geven aan de Commissie over verbetering ervan; te zorgen voor langlopende financiering, ook binnen het volgende MFK;

b)de toezeggingen na te komen om het NEB binnen de cohesiebeleidsprogramma’s uit te voeren door concrete oproepen tot het indienen van voorstellen te doen voor de uitvoering van het NEB op relevante beleidsterreinen overeenkomstig de recente tussentijdse evaluatie, onder meer door meer particuliere investeringen aan te trekken via het NEB-model voor territoriale ontwikkeling (NEB TDM); de cohesiebeleidsprogramma’s te benutten om met name één NEB-vlaggenschipproject in elke lidstaat te ontwikkelen.

8.Zorgen voor doeltreffend NEB-bestuur op verschillende niveaus en een centrale rol voor de nationale NEB-contactpunten

Het wordt aanbevolen dat de lidstaten:

a)de centrale coördinerende rol van de nationale NEB-contactpunten (NCP’s) in de nationale aansturing van het NEB erkennen en bevorderen, en hun capaciteit ondersteunen, ook in samenhang met de komende EU-huisvestingsalliantie, om te zorgen voor samenhang en integratie van de NEB-aanpak; samen met de Commissie de definitie van de kerntaken voor nationale NEB-contactpunten verduidelijken en zo nodig aanvullende landspecifieke taken definiëren; tijdens elk voorzitterschap van de Raad van de EU een bijeenkomst van de nationale NEB-contactpunten organiseren, in combinatie met gerelateerde evenementen;

b)op nationaal niveau zorgen voor sectoroverstijgend NEB-bestuur op verschillende niveaus, op basis van bestaande goede praktijken, door de NEB-waarden en ‑beginselen te coördineren en te integreren in de planning en uitvoering van voor NEB relevante financiering en beleidsinitiatieven; de coördinatie en samenwerking tussen de nationale NEB-contactpunten en andere relevante netwerken vergemakkelijken, met name de nationale NEB-contactpunten voor O&I in het kader van Horizon Europa en de beheersautoriteiten van het cohesiebeleid;

c)de NEB-aanpak en -instrumenten bevorderen in internationale uitwisselingen met derde landen; met name de duurzame en inclusieve wederopbouw van Oekraïne ondersteunen door middel van proefprojecten en demonstratiemodellen — bijvoorbeeld voor scholen, openbare ruimten, de bescherming van cultureel erfgoed en circulaire wederopbouw — en kenniscreatie en -uitwisseling, en de aanstaande hub van de NEB-academie in Oekraïne uitbouwen tot een centrum dat belanghebbenden en lokale overheden expertise en ondersteuning biedt op het gebied van capaciteitsopbouw en het delen van innovatieve reproduceerbare oplossingen.

Gedaan te Straatsburg,

   Voor de Raad

   De voorzitter

(1)    Meer informatie over de waarden en beginselen van het NEB is te vinden in het NEB-kompas .
(2)    Zie de resolutie van het Europees Parlement van 14 september 2022 over het Nieuw Europees Bauhaus (2021/2255(INI)) . Daarnaast heeft het Europees Parlement het initiatief ondersteund met een voorbereidende actie (“Kennisbeheerplatform Nieuw Europees Bauhaus”) en een proefproject (“Lokale en regionale basisprojecten in het kader van het Nieuw Europees Bauhaus stimuleren”).
(3)    Conclusies van de Raad over cultuur, architectuur van hoge kwaliteit en gebouwde omgeving als kernelementen van het Nieuw Europees Bauhaus-initiatief, 14534/21 .
(4)    Zie https://www.eesc.europa.eu/nl/our-work/opinions-information-reports/opinions/new-european-bauhaus .
(5)    Zie https://web.cor.europa.eu/ea/News/Pages/CoR-members-adopt-McCarthy's-opinion-on-the-New-European-Bauhaus.aspx .
(6)    Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s “Een strategisch kader voor een concurrerende en duurzame bio-economie van de EU” ( COM(2025) 960 final ).
(7)

   Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, PB C 202 van 7.6.2016, blz. 389.

(8)    Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s “Nieuw Europees Bauhaus: mooi, duurzaam, samen”, COM(2021) 573 final .
(9)    Zie de resolutie van het Europees Parlement van 14 september 2022 over het Nieuw Europees Bauhaus (2021/2255(INI)) . Daarnaast heeft het Europees Parlement het initiatief ondersteund met een voorbereidende actie (“Kennisbeheerplatform Nieuw Europees Bauhaus”) en een proefproject (“Lokale en regionale basisprojecten in het kader van het Nieuw Europees Bauhaus stimuleren”).
(10)    Zie de conclusies van de Raad over cultuur, architectuur van hoge kwaliteit en gebouwde omgeving als kernelementen van het Nieuw Europees Bauhaus-initiatief, 14534/21 .
(11)    Zie https://www.eesc.europa.eu/nl/our-work/opinions-information-reports/opinions/new-european-bauhaus .
(12)    Zie https://web.cor.europa.eu/ea/News/Pages/CoR-members-adopt-McCarthy's-opinion-on-the-New-European-Bauhaus.aspx .
(13)    Zie Community is the core of New European Bauhaus — New European Bauhaus .
(14)    Zie Prioriteiten van de Commissie 2024-2029 .
(15)    Zoals klimaatstadcontracten (stedenmissie), SECAP’s (Burgemeestersconvenant) en lokale verwarmings- en koelingsplannen (Richtlijn (EU) 2023/1791).
(16)    Zie het EEA-verslag “ Addressing the environmental and climate footprint of buildings ”, 2024.
(17)    Zie Level(s) .
(18)    Zie de technische richtsnoeren van de Commissie inzake het beginsel “geen ernstige afbreuk doen” voor het Sociaal Klimaatfonds en de EU-taxonomieverordening en de bijbehorende gedelegeerde handelingen , die bepalingen omvatten om de ecologische voetafdruk van gebouwen te verkleinen.
(19)    Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s “Een strategisch kader voor een concurrerende en duurzame bio-economie van de EU” ( COM(2025) 960 final ).
(20)    Onder “opknappen” worden wijzigingen in de indeling van de ruimte of van de bestemming verstaan die doorgaans niet onder renovatie vallen, in overeenstemming met de normen van het Europees Comité voor Normalisatie (CEN) .
(21)    Op basis van studies van de Commissie: omzetting van kantoren in betaalbare woningen , sufficiëntie in de bouwsector en een efficiënter gebruik van het gebouwenbestand (de resultaten komen medio 2027 beschikbaar).
(22)    Zie het EEA-verslag over het milieu in Europa  van 2025.
(23)    Ibidem.
(24)    Zie de technische richtsnoeren op EU-niveau inzake de klimaatadaptatie van gebouwen .
(25)    Zie het handboek voor stedelijke vergroeningsstrategieën en natuurplannen (2025).
(26)    In de routekaart worden het budget, de bestuurswijze en de belangrijkste maatregelen beschreven en worden richtsnoeren gegeven door te beschrijven hoe de Commissie, in nauwe samenwerking met de lidstaten en NEB-belanghebbenden, de NEB-faciliteit zal uitvoeren.
(27)    Proefproject “Lokale en regionale basisprojecten in het kader van het Nieuw Europees Bauhaus stimuleren”.
(28)    Verordening (EU) 2020/852 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juni 2020 betreffende de totstandbrenging van een kader ter bevordering van duurzame beleggingen en tot wijziging van Verordening (EU) 2019/2088 (PB L 198 van 22.6.2020, blz. 13, ELI:  http://data.europa.eu/eli/reg/2020/852/oj ).
(29)    Zie https://new-european-bauhaus.europa.eu/tools-and-resources/use-compass_en .
(30)    Uitgevoerd via het thema “HORIZON-MISS-2024-NEB-01-03: Oprichting van een hub van Nieuw Europees Bauhaus voor resultaten en impact en de vervolgactie “NEB-hub — Fase II: bevorderen van impact, kennisbeheer en monitoring van resultaten”, de laatste in het hoofdwerkprogramma 2026-2027 van Horizon Europa, bijlage 13 — Nieuw Europees Bauhaus-faciliteit.
(31)    Zie https://new-european-bauhaus.europa.eu/tools-and-resources/neb-self-assessment-method_en .
(32)    Zie bijlage 13 bij het uitvoeringsbesluit van de Commissie betreffende de financiering van het specifieke programma tot uitvoering van Horizon Europa en de vaststelling van het werkprogramma 2025-2027 (“werkprogramma 2025”) en tot wijziging van Uitvoeringsbesluit C(2022)7550 betreffende de vaststelling van het werkprogramma 2023-2024 in het kader van het specifieke programma tot uitvoering van Horizon Europa — het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie, en betreffende de financiering ervan (C(2025) 2779 final).
(33)    De intercollegiale NEB-gemeenschap (Peer2Peer — P2P) faciliteert de uitwisseling van beste praktijken en kennis over het NEB tussen beheersautoriteiten en andere betrokken instanties: https://futurium.ec.europa.eu/en/regio-peer-2-peer-communities/new-european-bauhaus.
(34)    Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s over Nieuw Europees Bauhaus: van visie naar uitvoering (COM(2025) 1026 final).
(35)    Zie overweging 11 voor een voorbeeld van dergelijke maatregelen.
(36)    Zie Gedelegeerde Verordening (EU) 2025/xxxx van de Commissie tot wijziging van bijlage III bij Richtlijn (EU) 2024/1275 betreffende een Uniekader voor de nationale berekening van het aardopwarmingsvermogen gedurende de levenscyclus, C(2025) 8723 final — PE/2025/8966.
(37)    In overeenstemming met de aanbeveling van de Commissie over leidende beginselen inzake waterefficiëntie eerst .
(38)    In het kader van de lopende herziening van de EU-richtlijnen inzake overheidsopdrachten is medio 2026 een wetgevingsvoorstel gepland.
(39)    Uitgevoerd via het thema “HORIZON-MISS-2024-NEB-01-03: Oprichting van een hub van Nieuw Europees Bauhaus voor resultaten en impact en de vervolgactie “NEB-hub — Fase II: bevorderen van impact, kennisbeheer en monitoring van resultaten”, de laatste in het hoofdwerkprogramma 2026-2027 van Horizon Europa, bijlage 13 — Nieuw Europees Bauhaus-faciliteit.
(40)    Zie het instrument voor technische ondersteuning (TSI) .
(41)    Zie TSI 2026 — PACE — Samenwerking tussen overheidsdiensten via uitwisseling — Ondersteuning van hervormingen .
(42)    Hoofdwerkprogramma 2026-2027 van Horizon Europa, bijlage 13 — Nieuw Europees Bauhaus-faciliteit.
(43)     EU-kenniscentrum voor participatieve en overlegdemocratie .
(44)    Zie https://davosdeclaration2018.ch/en/ .