EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 10.10.2025
COM(2025) 634 final
VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
over de evaluatie van React-EU
EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 10.10.2025
COM(2025) 634 final
VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
over de evaluatie van React-EU
Inhoudsopgave
1.Inleiding
2.Achtergrond
3.Aanpak van aan de crisis gerelateerde behoeften
4.Doeltreffende en snelle crisisrespons
5.Een gecoördineerde crisisrespons
6.Toegevoegde waarde van het optreden van de EU
7.Conclusies
Lijst van verwijzingen
BIJLAGE I: BEVINDINGEN OP BASIS VAN DE STEEKPROEF VAN NATIONALE EVALUATIES VAN REACT-EU
BIJLAGE II: METHODOLOGIE EN AANVULLENDE GEGEVENS
Methodologie
Aanvullende gegevens
1.Inleiding
De herstelbijstand voor cohesie en de regio’s van Europa (React-EU) 1 is in 2020 ingevoerd als onderdeel van het initiatief NextGenerationEU. Hiermee werden extra middelen geboden aan de lidstaten en regio’s, bedoeld om de economische en sociale gevolgen van de pandemie te verzachten en tegelijkertijd de doelstellingen van de groene en digitale transitie van de EU te ondersteunen. In 2022 werd het toepassingsgebied van React-EU uitgebreid om de respons op de Oekraïense vluchtelingencrisis te ondersteunen, en in 2023 werd het verder uitgebreid om de gevolgen van de energiecrisis het hoofd te bieden.
React-EU zorgde voor 50,6 miljard EUR aan extra middelen en vormde een aanvulling op de reeds lopende cohesiebeleidsprogramma’s voor de periode 2014-2020 die werden ondersteund door het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling (EFRO) en het Europees Sociaal Fonds (ESF), het Europees Fonds voor hulp aan de meest behoeftigen (FEAD) en het jongerenwerkgelegenheidsinitiatief (YEI). Door deze aanpak konden de extra middelen snel worden geprogrammeerd en uitgevoerd. Deze konden tot eind 2023 worden gebruikt, wat ook gold voor de oorspronkelijke toewijzingen. Deze financiering vormde het op een na grootste deel van NextGenerationEU.
Op grond van de React-EU-verordening 2 moet de Europese Commissie het Europees Parlement en de Raad een evaluatie van het instrument voorleggen. Dit verslag bouwt voort op een ondersteunende studie over de crisisrespons met behulp van het EFRO (“ondersteunende studie inzake crisisrespons”) en de ondersteunende studie voor de ex-postevaluatie van het ESF. Het bevat ook de belangrijkste bevindingen van een steekproef van analyses die de lidstaten hebben uitgevoerd in het kader van hun verplichting om de uitvoering van React-EU te evalueren.
2.Achtergrond
Tussen 2020 en 2023 werd de EU getroffen door een reeks ongekende crises. De COVID-19-pandemie, die begin 2020 begon, vormde een plotselinge en ernstige schok voor economieën, samenlevingen en gezondheidszorgstelsels. De gezondheidscrisis heeft levens gekost, de veiligheid van gezondheidswerkers in gevaar gebracht en de kosten en de duurzaamheid van gezondheidszorgstelsels op de proef gesteld. De beperkende maatregelen die zijn ingevoerd om de verspreiding van het virus tot staan te brengen, hebben geleid tot een economische crisis, waarvan de gevolgen per sector en geografisch gebied uiteenliepen, en die de kwetsbaarheid van regio’s en sociale groepen duidelijk maakte. De crisis dreigde ook de bestaande ongelijkheden te verergeren.
De EU heeft op de crisis gereageerd met een reeks gecoördineerde en gezamenlijke acties. De maatregelen in respons op de COVID-19-pandemie omvatten gezondheidscoördinatie, gecentraliseerde aankoop van vaccins, financiële steun voor regelingen voor het behoud van banen, en bepalingen inzake tijdelijke fiscale en staatssteun ter ondersteuning van de lidstaten. Maar vooral belangrijk was de instelling van NextGenerationEU, het grootste budgettaire stimuleringspakket dat de EU tot op heden heeft ingevoerd. De herstel- en veerkrachtfaciliteit was de hoeksteen van NextGenerationEU; het pakket voorzag ook in aanvullende middelen voor het cohesiebeleid die via React-EU konden worden verstrekt.
De militaire agressie van Rusland tegen Oekraïne op 24 februari 2022 leidde tot een reeks nieuwe crises met verreikende gevolgen. Een van de meest onmiddellijke crises was de ontheemding van een aanzienlijk deel van de Oekraïense bevolking en hun verplaatsing naar de EU. Eind 2023 waren in heel Europa bijna 6 miljoen ontheemde Oekraïners geregistreerd, waarvan 4,2 miljoen binnen de EU tijdelijke bescherming genoten 3 . De invasie verergerde ook een reeds bestaande energiecrisis, aangezien de invoer van aardgas uit Rusland werd stopgezet. Dit had bijzonder negatieve gevolgen voor de EU, die sterk afhankelijk was van externe energiebronnen. Hoewel de energiecrisis in heel Europa voelbaar was, verschilden de effecten ervan aanzienlijk per land en per regio. Deze opeenvolgende crises zijn tot op zekere hoogte verzacht door de maatregelen die als gevolg van React-EU werden gepland. In dit verslag wordt React-EU getoetst aan de oorspronkelijke doelstellingen ervan.
3.Aanpak van aan de crisis gerelateerde behoeften
De pandemie leidde tot een aanzienlijke behoefte aan overheidsinvesteringen in de gezondheidsstelsels van de lidstaten en in verschillende economische sectoren, waardoor de nationale begrotingen onder druk kwamen te staan. De crises leidden ook tot uitdagingen voor programma-autoriteiten bij de uitvoering van het cohesiebeleid, alsook voor begunstigden. De volksgezondheidsmaatregelen die werden ingevoerd om de verspreiding van het virus tegen te gaan, maakten het bijzonder lastig om bepaalde doelgroepen te bereiken, zoals kwetsbare groepen en begunstigden in afgelegen plattelandsgebieden. Daarnaast leidde de opschorting van werkzaamheden die fysieke aanwezigheid vergen, tot vertragingen en de tijdelijke stopzetting van verschillende infrastructuurprojecten. Grensoverschrijdende initiatieven werden nog verder bemoeilijkt door de verstoring van toeleveringsketens en de sluiting van grenzen. Het onzekere macro-economische klimaat temperde waarschijnlijk ook het animo om deel te nemen aan langetermijnprojecten, waaronder projecten die door het cohesiebeleid worden gefinancierd, wat verdere gevolgen had voor de uitvoering.
Het kader voor het cohesiebeleid werd aangepast om de lidstaten te ondersteunen bij hun respons op de crises, knelpunten aan te pakken en de druk op nationale overheidsdiensten en begrotingen te verlichten. React-EU zorgde voor extra middelen voor het cohesiebeleid, ter aanvulling van de reeds lopende programma’s voor de periode 2014-2020 4 . Dit instrument is bedoeld om de economische en sociale gevolgen van de pandemie te verzachten en tegelijkertijd de doelstellingen van de dubbele transitie te ondersteunen. De financiering vond geconcentreerd plaats: drie landen (Italië, Spanje en Frankrijk) ontvingen nagenoeg twee derde van de totale toegewezen bedragen.
Figuur 1 Reconstructie van de interventielogica van React-EU
Bron: Europese Commissie
De overgrote meerderheid van de geraadpleegde belanghebbenden vond dat React-EU goed aansloot bij de nieuw ontstane behoeften van landen en regio’s. De feedback was met name positief over het nut van het instrument voor het aanpakken van de economische gevolgen van de pandemie. Het was van kritiek belang om het banenverlies als gevolg van de sterk teruglopende economische vraag een halt toe te roepen. Het grootste deel van de ESF-steun was bedoeld voor ondernemingen en werknemers om hen te helpen bij het behoud van de werkgelegenheid via werktijdverkortingsregelingen. Gezondheidsgerelateerde steun was een relatief nieuw aspect van het cohesiebeleid en werd voornamelijk gefinancierd via initiatieven van de lidstaten. Toch vond twee derde van de respondenten van een enquête 5 dat React-EU aansloot op de behoeften op het gebied van gezondheid.
4.Doeltreffende en snelle crisisrespons
React-EU bood een doeltreffend antwoord op de gezondheids- en economische gevolgen van de COVID-19-crisis, met name door investeringen in gezondheidsinfrastructuur en steun aan kmo’s 6 , stelde uitvoeringsorganen in staat om bij te dragen aan het scheppen van banen en zorgde voor hoogwaardige werkgelegenheid 7 . De lidstaten gebruikten de extra middelen in nagenoeg de helft van de programma’s 8 en financierden hiermee essentiële maatregelen om de meest behoeftige sectoren te ondersteunen, waardoor zij de middelen die aan de oorspronkelijk geplande acties van het programma waren toegewezen, niet hoefden aan te spreken 9 .
Een belangrijk onderdeel van de steun aan ondernemingen waren onder meer subsidies voor werkkapitaal aan kmo’s om hun activiteiten tijdens de door de pandemie veroorzaakte economische neergang te ondersteunen. In Italië bijvoorbeeld werd uit hoofde van React-EU steun verleend aan 91 218 ondernemingen voor een bedrag van 1,2 miljard EUR, waarmee in totaal meer dan 12 miljard EUR aan financiering voor ondernemingen werd gegarandeerd. De steun bood een onmiddellijk antwoord op de liquiditeitsbehoeften van ondernemingen en ondersteunde hen bij de groene en digitale transitie. Meer dan 50 % van de middelen werd toegewezen aan minder ontwikkelde regio’s. Bedrijven kregen ook doeltreffende steun om banen in belangrijke sectoren van de economie te beschermen. Zo hield het Kroatische programma voor banenbehoud 115 000 werknemers (6 % van de beroepsbevolking) aan het werk 10 . Soortgelijke regelingen voor het behoud van banen en andere arbeidsmarktmaatregelen maakten meer dan een kwart van het initiatief uit (zie figuur 2). React-EU voorzag niet alleen in dringende behoeften die het gevolg waren van de crisis, maar fungeerde ook als katalysator voor strategische investeringen. Sommige daarvan waren gericht op dringende problemen, zoals de uitbreiding van de ziekenhuiscapaciteit, maar andere waren bestemd voor versterking van het gezondheidszorgstelsel op lange termijn, onder meer door investeringen in onderzoek, ontwikkeling en geavanceerde apparatuur. In Frankrijk bijvoorbeeld werden met React-EU acht projecten in het Besançon-ziekenhuis gefinancierd voor een totaalbedrag van 12 miljoen EUR, terwijl het universitair gezondheidscentrum op La Réunion een PET-scanner kon aanschaffen, waardoor de diagnostische capaciteit nagenoeg werd verdubbeld. De gefinancierde moderniseringen zorgden niet alleen voor meer capaciteit om de onmiddellijke gevolgen van de COVID-19-pandemie op te vangen, maar bleken ook nuttig in daaropvolgende crisissituaties. Zo was tijdens de pandemie aangekochte uitrusting van groot belang voor de aanpak van de vluchtelingencrisis, zoals bleek in Tsjechië, waar 300 000 vluchtelingen uit Oekraïne werden opgevangen, van wie velen medische zorg nodig hadden.
Bulgarije — voorbeeld van steun voor de integratie op de arbeidsmarkt van ontheemde Oekraïners
|
In Bulgarije was het project “Solidariteit” van het nationale arbeidsbureau gericht op de integratie van meer dan 9 000 ontheemden uit Oekraïne op de arbeidsmarkt door middel van psychologische ondersteuning, loopbaanbegeleiding en deskundig advies op maat. De maatregelen bestonden uit gesubsidieerde werkgelegenheid, integratiesubsidies voor huisvesting, stimulansen voor werkgevers om banen te behouden en steun voor mentoren, met als doel 4 785 mensen aan het werk te krijgen. Het project omvatte ook communicatie- en beheeractiviteiten die aansloten op de aanvraagvereisten. |
Figuur 2 Belangrijkste thematische investeringen in het kader van React-EU
Bron: Europese Commissie. Opmerking: sommige interventiegebieden vallen onder meerdere thema’s.
React-EU heeft een essentiële rol gespeeld bij de ondersteuning van initiatieven voor de dubbele transitie door investeringen in energie-efficiëntie, digitalisering en andere duurzame projecten te financieren 11 . Deze steun was van cruciaal belang om te zorgen voor samenhang met de bredere doelstellingen van het cohesiebeleid, met name de nadruk op herstel op lange termijn en regionale ontwikkeling 12 . In Denemarken werd aanvullende financiering verstrekt om bestaande programmamaatregelen te versterken, met name op het gebied van de groene transitie en de circulaire economie. Aangezien de initiële toewijzingen voor de periode 2014-2020 al waren vastgelegd, maakten de extra middelen verdere investeringen mogelijk. Italië heeft de groene transitie van het lokale openbaar vervoer bevorderd door de aankoop van nieuwe volledig elektrische bussen, bijvoorbeeld in Bologna (20 miljoen EUR) en in Catania (8 miljoen EUR). In sommige gevallen hebben de veranderingen de focus op de lange termijn versterkt. De kmo’s die steun kregen, konden niet alleen de gevolgen van de crises beter opvangen, maar boekten ook vorderingen op het gebied van digitale oplossingen en de ontwikkeling van infrastructuur, de invoering van nieuwe technologieën en lagere kosten. Ondernemingen in de horeca gebruikten deze middelen bijvoorbeeld om renovaties uit te voeren en geavanceerde software te installeren om de orderverwerking en het klantenbeheer te optimaliseren.
De lidstaten gebruikten de React-EU-middelen op verschillende manieren en pasten hun crisisrespons aan de veranderende behoeften 13 aan. Belangrijk is dat de lidstaten dankzij de geboden flexibiliteit ook grotere hoeveelheden middelen konden toewijzen aan de meest behoeftige gebieden. Zo leidde de toegewezen financiering tot aanzienlijke veranderingen in de initiële verdeling van middelen in Finland, waarbij de middelen bestemd werden voor Zuid- en West-Finland, die zwaarder door de pandemie waren getroffen. In Italië en Tsjechië waren de meeste directe begunstigden van React-EU-middelen overheidsinstanties 14 .
Dankzij een specifieke thematische doelstelling kon de gerapporteerde vooruitgang worden gevolgd. Hieronder volgt een selectie van de indicatoren. Over het algemeen verschilt de vooruitgang sterk per indicator en per lidstaat.
Figuur 3 Vooruitgang op basis van de React-EU-indicatoren tot 2022 15
|
Indicatoren |
Vooruitgang tot 2022 |
Vooruitgang bij de verwezenlijking van de streefdoelen (in %) voor acht geselecteerde indicatoren (EFRO, 2022) |
|
|
Ondersteunde ondernemingen |
|
350 000 |
|
|
Banen behouden door werktijdverkorting 16 |
|
900 000 |
|
|
Deelnemers aan activiteiten ter ondersteuning van ondernemingen |
|
2 000 000 |
|
|
Gevaccineerde personen |
|
50 000 000 |
|
|
Mensen die profiteren van verbeterde gezondheidsdiensten |
|
200 000 |
Bron: Europese Commissie.
React-EU verstrekte niet alleen aanvullende financiering, maar introduceerde ook belangrijke vormen van flexibiliteit. Een daarvan was subsidiabiliteit met terugwerkende kracht, die betrekking had op uitgaven die waren gedaan voordat de programma’s werden aangepast. De programma-autoriteiten waren van mening dat de optie van 100 % medefinanciering door de EU de druk op de nationale begrotingen hielp te verlichten en het mogelijk maakte extra middelen uit de overheidsbegroting te gebruiken voor andere noodzakelijke activiteiten. Het doel van medefinanciering is evenwel om een gevoel van verantwoordelijkheid te creëren op nationaal niveau. Hoewel het risico hierop door de crisissituatie werd beperkt, zou deze aanpak kunnen leiden tot minder controles door de lidstaten, waardoor er meer risico op inefficiënte uitgaven bestaat, aangezien volledig door de EU gefinancierde projecten een minimaal risico inhouden voor de nationale autoriteiten 17 . Er werden ook voorfinancieringsmaatregelen ingevoerd om landen zoals Polen en Roemenië te helpen het hoofd te bieden aan de vluchtelingencrisis, waardoor zij een beroep konden doen op React-EU-middelen om onmiddellijk bijstand te verlenen aan mensen die uit Oekraïne kwamen.
Hoewel de aanvullende financiering en flexibiliteit van cruciaal belang waren voor een snelle respons, werden sommige regio’s geconfronteerd met administratieve uitdagingen bij de herprogrammering van middelen. Voor de aanpassing van de prioriteiten en de verdeling van de extra middelen was een aanzienlijke administratieve capaciteit nodig, wat in sommige gevallen tot vertragingen leidde. Deze last werd nog verzwaard doordat zij zich tegelijkertijd op de nieuwe programma’s moesten voorbereiden en concrete acties uit de programmeringsperiode 2014-2020 moesten verplaatsen naar de programmeringsperiode 2021-2027.
Bovendien was de uitvoeringsperiode kort, wat een uitdaging vormde voor een doeltreffende uitvoering. Begunstigden van projecten moesten snel de oprichting van verschillende projectorganisaties voorbereiden, contact opnemen met doelgroepen, nieuwe infrastructuur voor onderzoek en innovatie of andere noodzakelijke infrastructuur opzetten, en verdere noodzakelijke maatregelen treffen 18 . Dit wordt bevestigd door gegevens op operationeel niveau, waaruit blijkt dat React-EU-projecten in de periode 2014-2020 doorgaans korter duurden dan andere projecten. Dit houdt uiteraard deels ook verband met de vereisten voor bepaalde interventies, zoals medische uitrusting of werkkapitaal voor kmo’s. Uit de resultaten van de enquête bleek dat de korte uitvoeringstermijn heeft bijgedragen tot vertragingen bij veel projecten, waarvan sommige uiteindelijk werden geannuleerd als gevolg van opeenvolgende crises. De respondenten wezen ook op moeilijkheden bij het snel selecteren van projecten die voldeden aan de door React-EU bepaalde voorwaarden en investeringscategorieën, waardoor er nog meer vertraging optrad.
In de context van een zich snel ontwikkelende gezondheidscrisis en constante beleidsveranderingen was een snelle en doeltreffende respons op de COVID-19-pandemie van cruciaal belang. Hoewel het cohesiebeleid naar zijn aard gericht is op de lange termijn, slaagde React-EU erin de middelen snel in te zetten. Hoewel er nieuwe middelen beschikbaar werden gesteld, hadden de medewetgevers minder tijd om te onderhandelen dan gebruikelijk bij vergelijkbare wijzigingen 19 . De programmawijzigingen naar aanleiding van React-EU werden zelfs verwerkt in een derde van de tijd die daarvoor vóór februari 2020 (d.w.z. vóór de crisis) werd ingeruimd. Dankzij React-EU werden snel aanzienlijke middelen vrijgemaakt om de negatieve gevolgen van de pandemie tegen te gaan 20 .
5.Een gecoördineerde crisisrespons
De invoering van React-EU maakte deel uit van een reeks gecoördineerde initiatieven voor crisisbeheersing. Het Investeringsinitiatief Coronavirusrespons (CRII/CRII+) werd in de beginfase van de pandemie gebruikt voor de herverdeling van middelen voor structurele langetermijninvesteringen om in dringende, uit de crisis voortvloeiende behoeften te voorzien 21 . React-EU was een voortzetting en uitbreiding van de bij CRII en CRII+ ingevoerde crisisbestrijdingsmaatregelen, maar met een aanzienlijk breder toepassingsgebied en een aanzienlijk bredere ambitie. Het bood aanvullende financiering ter ondersteuning van herstelmaatregelen op langere termijn, met inbegrip van steun voor kmo’s, de gezondheidszorg en de werkgelegenheid. Sommige structurele langetermijninvesteringen werden als gevolg van de pandemie uitgesteld. Dankzij de aanvullende financiering uit React-EU konden er echter meer acties worden ondernomen zonder de oorspronkelijke logica van de programma’s te veranderen, gebruikmakend van de bestaande programma’s en structuren.
React-EU heeft ook gefungeerd als brug tussen programmeringsperioden en heeft een cruciale rol gespeeld bij het revitaliseren van investeringsactiviteiten, met name door deze af te stemmen op de doelstellingen van de digitale en groene transitie. Zo diende React-EU in het operationele programma “Investeringen in groei en werkgelegenheid” van Oostenrijk, dat bedoeld was voor de inzet van EFRO-middelen gedurende de periode 2014-2020, als overgangsmechanisme dat de financiering van initiatieven voor de groene en de digitale transitie mogelijk maakte.
Figuur 4 Tijdlijn van de budgettaire anti-crisismaatregelen van de EU
Bron: Europese Commissie.
De middelen hebben, in combinatie met het instrument voor steun om het risico op werkloosheid te beperken in een noodtoestand (SURE), bijgedragen tot het behoud van de werkgelegenheid tijdens de pandemie door middel van gerichte maatregelen om banen te behouden en aanpassing van de arbeidsmarkt te ondersteunen 22 . In sommige landen werden SURE en React-EU doeltreffend gecombineerd om regelingen voor het behoud van banen te financieren. In Spanje bijvoorbeeld werd 2,7 miljard EUR aan React-EU-middelen bestemd voor werktijdverkorting 23 .
Het snelle ontwerp en de snelle uitvoering van React-EU maakten het ook lastig de samenhang met andere EU-instrumenten te waarborgen. Zowel React-EU als de herstel- en veerkrachtfaciliteit waren gericht op vergelijkbare gebieden, zoals het ondernemingsklimaat en onderzoek, waardoor er overlapping kon ontstaan. Hoewel het onderscheid tussen de twee instrumenten over het algemeen duidelijk was, werden zij niet altijd formeel gecoördineerd, waardoor de administratieve lasten voor de programma-autoriteiten werden vergroot. De urgentie van de besluitvorming had ook gevolgen voor de interne samenhang, aangezien de snelheid van de uitvoering soms leidde tot een slechte afstemming tussen geherprogrammeerde doelstellingen en concrete acties. Zo wezen sommige regio’s aanvankelijk middelen toe aan gezondheidsgerelateerde projecten, maar ontdekten zij later dat er dringendere behoeften bestonden op gebieden als onderwijs en werkgelegenheid, die om hernieuwde herprogrammering vroegen, wat tot vertragingen leidde.
Uit de evaluatie bleek dat de nationale respons en de activiteiten in het kader van React-EU goed op elkaar aansloten en dat het instrument een belangrijke aanvullende rol vervulde. Tijdens de pandemie waren de steunmaatregelen gericht op investeringen en verbetering van de infrastructuur vanuit een langetermijnperspectief, terwijl in verschillende landen nationale en regionale middelen werden bestemd voor dringende en minder complexe behoeften (bv. vaccins in Tsjechië). Op regionaal niveau waren de instrumenten van het cohesiebeleid van cruciaal belang om liquiditeit en flexibiliteit te kunnen bieden, met name voor steun aan kmo’s en noodmaatregelen, waardoor de nationale inspanningen werden versterkt. De evaluatie bevatte geen aanwijzingen van verdringing van nationale middelen of dubbele financiering.
6.Toegevoegde waarde van het optreden van de EU
Uit het verzamelde bewijsmateriaal blijkt dat de steun via React-EU daadwerkelijk heeft bijgedragen tot het herstel na de pandemie. De middelen die werden vrijgemaakt voor crisisbestrijdingsmaatregelen in het kader van het cohesiebeleid, waaronder die van React-EU, vormden desalniettemin een relatief klein deel van de totale crisisrespons van de lidstaten 24 . De aanvullende financiering bleek echter voor veel regio’s en sectoren van cruciaal belang.
Een belangrijke toegevoegde waarde van React-EU was dat het steun verstrekte aan regio’s met beperkte financiële middelen, waar de nationale middelen alleen niet voldoende waren om op dezelfde schaal maatregelen tegen de crisis te nemen. Door vast te houden aan de territoriale focus van het cohesiebeleid, werd bij de uitvoering van React-EU prioriteit gegeven aan steun voor minder ontwikkelde regio’s. De feedback van belanghebbenden en nationale evaluaties hebben bevestigd dat zonder de financiering van React-EU de totale omvang van de steun en de uitgaven voor langetermijninvesteringen in de groene en de digitale transitie kleiner zouden zijn geweest 25 . Dankzij React-EU konden de programma’s toekomstgerichte investeringen blijven ondersteunen in plaats van de middelen volledig te concentreren op noodmaatregelen.
Bovendien hadden React-EU-middelen wijdverbreide positieve effecten op de duurzaamheid van projecten, nationale begrotingen, nieuwe doelgroepen (bv. gezondheidswerkers) en de snelheid van de uitvoering, met name op gebieden die verband houden met de groene transitie, de ontwikkeling van competenties, digitalisering en medische zorg. Bovendien heeft React-EU, in een tijd waarin crisisbestrijdingsmaatregelen grotendeels werden gecentraliseerd, geholpen om ervoor te zorgen dat de lokale en regionale overheden betrokken bleven bij het crisisbeheer.
7.Conclusies
React-EU werd snel en — gezien de totale omvang ervan — doeltreffend ingezet om de gevolgen van de COVID-19-crisis voor de volksgezondheid en de economie aan te pakken en de twee programmeringsperioden te overbruggen. De inzet ervan heeft de uitvoering van het volgende kader vervroegd, met name de herstelmaatregelen die de basis vormen voor de programma’s voor de periode 2021-2027 die de veerkracht van de lidstaten en regio’s moeten vergroten. Bovendien heeft React-EU geholpen om ervoor te zorgen dat lokale en regionale overheden bij de respons werden betrokken, terwijl de uitvoering van veel andere crisisresponsmechanismen (zowel op EU- als op nationaal niveau) meer gecentraliseerd plaatsvond.
De veranderingen en maatregelen die werden doorgevoerd in het kader van de crisisresponsmechanismen en React-EU, waren nodig om tegemoet te komen aan nieuwe behoeften en uitdagingen, met name de investeringen in gezondheidsinfrastructuur en de steun aan kmo’s. React-EU heeft 9,6 miljard EUR vrijgemaakt om gezondheidsmaatregelen te ondersteunen, waaronder het opzetten van infrastructuur voor de koeling van vaccins, die van cruciaal belang was voor de inentingscampagnes. Daarnaast heeft React-EU subsidies in de vorm van werkkapitaal aan kmo’s verstrekt, evenals loonsubsidies aan werknemers, om hen te helpen tijdens de door de pandemie veroorzaakte economische neergang hun activiteiten voort te zetten en hun baan te behouden, en om het herstel te bevorderen door de economische vraag te stimuleren. React-EU vervulde als onderdeel van het pakket aan crisisresponsmaatregelen een belangrijke rol bij het opvangen van de negatieve economische gevolgen voor kmo’s; naar schatting 1,5 % van de kmo’s in de EU profiteerde daarbij rechtstreeks van React-EU-steun. Ter vergelijking: React-EU was goed voor ongeveer 2 % van de totale budgettaire respons op de pandemie.
Door de medefinanciering van 100 % door de EU was nationale medefinanciering niet langer nodig, wat met name belangrijk was in regio’s met een krappe begroting, waardoor snel maatregelen konden worden genomen.
React-EU versnelde de uitvoering, aangezien de lidstaten dankzij de aanvullende financiering snel middelen konden vrijmaken zonder middelen aan andere prioriteiten te hoeven onttrekken. Tegelijkertijd bracht de korte uitvoeringsperiode waarbinnen de financiering moest worden gebruikt, een aantal uitdagingen voor de doeltreffendheid van React-EU met zich mee. Begunstigden van projecten moesten snel de oprichting van verschillende projectorganisaties voorbereiden, contact opnemen met doelgroepen, en nieuwe onderzoeks- en innovatieactiviteiten uitvoeren. Hoewel de aanvullende financiering en flexibiliteit van cruciaal belang waren voor een snelle respons, werden sommige regio’s geconfronteerd met administratieve uitdagingen bij de programmering van de middelen. Voor het aanpassen van de prioriteiten en het verdelen van de aanvullende middelen was aanzienlijke capaciteit nodig, wat in sommige gevallen tot vertragingen heeft geleid. Door gebruik te maken van een specifieke thematische doelstelling konden de uitgaven en prestaties worden gevolgd, waardoor de transparantie ondanks de crisissituatie werd vergroot.
Hoewel React-EU een crisisinstrument is, werden de bredere doelstellingen van het cohesiebeleid in acht genomen, met name door de nadruk op herstel op lange termijn en regionale ontwikkeling. Het bood een kans om gezondheidsinfrastructuur, sociale diensten en ondernemerschap te ondersteunen en zorgde ervoor dat regio’s beter voorbereid waren op toekomstige uitdagingen. React-EU-maatregelen hebben ook een rol gespeeld bij de ondersteuning van initiatieven voor de dubbele transitie door investeringen in energie-efficiëntie, digitalisering en andere duurzame projecten te financieren.
React-EU bleek grotendeels in overeenstemming te zijn met de crisisbeheersingsaanpak van de EU, aangezien de doelstellingen duidelijk op elkaar aansloten, met name in de beginfase wat betreft de gezondheidszorg en de steun aan kmo’s. In sommige gevallen was er echter sprake van overlappingen en coördinatieproblemen, met name wat betreft de betrokkenheid van programma-autoriteiten voor het cohesiebeleid bij de voorbereiding van herstel- en veerkrachtplannen.
Zowel in de ex-postevaluaties voor de periode 2014-2020 als in de tussentijdse evaluatie voor de periode 2021-2027 wordt geconcludeerd dat bij het cohesiebeleid nog steeds oplossingen moeten worden gezocht voor bepaalde problemen met de administratieve capaciteit en complexe procedures. Het voorbeeld van React-EU laat echter zien dat het uitvoeringssysteem zelfs in tijden van crisis een doeltreffend instrument kan zijn voor de uitbetaling van middelen en projectbeheer.
Lijst van verwijzingen
Europese Rekenkamer (2025), Speciaal verslag 05/2025: Cohesiebeleid ten behoeve van vluchtelingen in Europa — Meer flexibiliteit, maar gebrek aan gegevens belemmert toekomstige beoordeling van doeltreffendheid.
Spatial Foresight, ÖIR, t33 en wiiw (2025 — verschijnt binnenkort), “WP12: Crisis response — Ex post evaluation of the 2014-2020 programming period” — in de tekst aangeduid als “ondersteunende studie inzake crisisrespons”.
Europese Rekenkamer, Speciaal verslag 05/2025: Cohesiebeleid ten behoeve van vluchtelingen in Europa.
Europese Rekenkamer, Speciaal verslag 02/2023: De aanpassing van de voorschriften van het cohesiebeleid in antwoord op COVID-19.
Ecorys, Ismeri Europa en 3s (2025 — verschijnt binnenkort): “Study supporting the ex-post evaluation of the 2014-2020 European Social Fund and Youth Employment Initiative” — in de tekst aangeduid als “ondersteunende studie voor de ex-postevaluatie van het ESF”.
Kiss-Gálfalvi, T., Alcidi, C., Ounnas, A., Rubio, E., Crichton-Miller, H., Gojsic, D. (2024), “Lessons learned from the implementation of crisis response tools at EU level”, deel 1: “Assessing implementation and implications”.
Dozhdeva, V. en Jabri, E. (2023), “Reconciling crisis response and long-term objectives: Dealing with multiple pressures in Cohesion Policy programmes”, Report to the 53rd IQ-Net Conference.
Dozhdeva, V. en Fonseca, L. (2021), “Chain REACTion: Shifting Cohesion Policy Priorities in a New Reality”.
Böhme, K., Mäder Furtado, M., Toptsidou, M., Zillmer, S., Hans, S., Hrelja, D., Valenza, A., Mori, A. (2022a), “The impact of the COVID-19 pandemic and the war in Ukraine on EU cohesion”, deel II: “Overview and outlook”, onderzoek voor de Commissie REGI. Europees Parlement, beleidsondersteunende afdeling Structuur- en Cohesiebeleid, Brussel.
Böhme, K., Zillmer, S., Hans, S., Hrelja, D., Valenza, A., Mori, A. (2022b) “The impacts of the COVID-19 pandemic on EU cohesion and EU cohesion policy”, deel I: “Overview and first analysis”. Beleidsondersteunende afdeling Structuur- en Cohesiebeleid, Brussel.
Nyman, J., Heikkinen, B., Pitkänen, S., Ranta, T. (2024), “REACT-EU-LISÄRAHOITUKSEN ARVIOINTI”, MDI, Helsinki.
Spule, S., Toptsidou, M. (2024), “Évaluation des projets REACT-EU au Luxembourg”, Spatial Foresight, Heisdorf.
ICF (2024), “Evaluation of the European instrument for temporary Support to mitigate Unemployment Risks in an Emergency”.
EY (2023), “Vyhodnocení využití dodatecné alokace REACT-EU”.
EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 10.10.2025
COM(2025) 634 final
BIJLAGEN
bij het
VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
over de evaluatie van React-EU
Bijlage I: Bevindingen op basis van de steekproef van nationale evaluaties van React-EU
Samenvatting van de nationale evaluaties van React-EU (of crisisevaluaties)
|
Land / evaluatie |
Doeltreffendheid |
Efficiëntie |
Relevantie |
Coherentie |
EU-meerwaarde / Overig |
|
België (Wallonië) Evaluatie van de bijdrage van prioritaire as 8 (React-EU) van het operationele programma van het EFRO voor 2014-2020, “Wallonia-2020.EU” (CCI 2014BE16RFOP003) |
Door de aanpassing van de ziekenhuisinfrastructuur en de investeringen in medische uitrusting en materiaal die via React-EU werden gefinancierd, konden zorginstellingen beter tegemoetkomen aan de behoeften en werd hun veerkracht vergroot. De aanschaf van geavanceerde apparatuur en de financiering van onderzoekers op het gebied van gezondheid waren de juiste instrumenten om aan de behoeften te voldoen. Dankzij het gecentraliseerde beheer van de gezondheidsgerelateerde maatregelen konden de beschikbare middelen uitgebreid in kaart worden gebracht en werd een inventaris gecreëerd voor toekomstige crisisbeheersing. De digitale volwassenheid van kmo’s is toegenomen, met name die van micro-ondernemingen, waardoor zij gemakkelijker gebruik kunnen maken van geavanceerde digitale oplossingen en zo hun concurrentievermogen en veerkracht kunnen vergroten. De steun voor kmo’s bij hun transitie naar een energie-efficiënte economie heeft volgens de ramingen bijgedragen tot een vermindering van het energieverbruik en de CO2-uitstoot en een toename van de energieproductie uit hernieuwbare bronnen. |
Dankzij het gecentraliseerde beheer van de gezondheidsgerelateerde maatregelen kon beter worden geanticipeerd op de behoeften van zorginstellingen en kon de distributie van apparatuur worden geoptimaliseerd. Daarnaast werd de maatregel ter ondersteuning van de transitie naar een groene economie uitgevoerd door een juridische entiteit die als één enkele directe begunstigde fungeerde. Deze stelde de financiële steun vervolgens ter beschikking aan kmo’s in de vorm van ruim 500 leningen om energie-efficiënte maatregelen uit te voeren. De relatief korte uitvoeringstermijnen brachten uitdagingen met zich mee, zoals vertragingen bij de uitvoering van projecten (in sommige gevallen ook tot onderbenutting van het beschikbare budget), problemen bij overheidsopdrachten en administratieve lasten. Er werden aanzienlijke verschillen waargenomen in de mate waarin de resultaten van de maatregelen in verhouding stonden tot de begroting en de geïnvesteerde middelen. |
De meeste begunstigden die aan de evaluatie-enquête deelnamen, bevestigden dat de steun van React-EU volledig (49 %) of voldoende (37 %) aan hun behoeften voldeed. Hoewel aan de meeste behoeften op het gebied van gezondheidsinfrastructuur werd voldaan, gebeurde dit in sommige gevallen slechts ten dele omdat bepaalde verbeteringen van de infrastructuur niet konden worden voltooid. React-EU heeft een rol gespeeld in de energietransitie door doorbraken op het gebied van onderzoek naar en ontwikkeling van groene technologieën te katalyseren en bedrijven en instellingen aan te moedigen duurzame praktijken toe te passen en gebruik te maken van milieuvriendelijkere energieoplossingen. |
React-EU vormde een aanvulling en werd afgestemd op de andere prioritaire assen van het programma doordat het aanvullende middelen bood om de uitvoering van bestaande prioriteiten te versnellen en nieuwe maatregelen door te voeren om de dringende uitdagingen als gevolg van de gezondheidscrisis aan te pakken. In horizontaal opzicht was React-EU bedoeld om bij te dragen aan de belangrijkste prioriteiten van de EU, waaronder de overgang naar een koolstofarme economie en duurzame ontwikkeling. |
React-EU heeft een cruciale rol gespeeld bij het verlenen van aanvullende financiële steun aan de cohesieprogramma’s van de lidstaten. Deze prioritaire as was gericht op het verlenen van aanvullende steun om de veerkracht van regionale economieën te versterken en regio’s te helpen zich van de crisis te herstellen. |
|
Tsjechië Thematische evaluatie van de partnerschapsovereenkomst 2014-2020 — EO 6: Evaluatie van het gebruik van aanvullende React-EU-toewijzingen (CCI 2014CZ16RFOP002) |
React-EU heeft bijgedragen aan de modernisering van de gezondheidsdiensten en de materialen en uitrusting in ziekenhuizen en zorginstellingen/laboratoria, en aan de modernisering van het geïntegreerde hulpverleningssysteem, wat heeft geleid tot een betere kwaliteit van de gezondheidsdiensten. React-EU-steun werd gebruikt om de exploitatiekosten van de sociale diensten te verlagen door te investeren in energiebesparende maatregelen in gebouwen en een groter gebruik van elektrische voertuigen, waarmee wordt bijgedragen tot de ecologische duurzaamheid van deze diensten. Met deze steun werd voor een deel bijgedragen aan een aantal van de geplande langetermijninvesteringen. |
Ten tijde van de evaluatie betroffen de veranderingen in activiteiten voornamelijk gezondheidsgerelateerde investeringen naar aanleiding van lopende uitvoeringsactiviteiten (bv. vermindering van bouwwerkzaamheden ten gunste van de aankoop van apparatuur). Voor projecten die nog niet waren afgerond of geen aanbestedingsprocedure hadden doorlopen, bestond het risico dat de begroting aanzienlijk hoger zou uitvallen dan voorzien in de oorspronkelijke aanvraag. Dit was te wijten aan de sterke stijging van de prijzen en de rentetarieven tussen de aanvraag van de steun en de uitvoering van de activiteiten. |
De naar aanleiding van de React-EU-oproepen ingediende voorstellen dienden om Tsjechië en zijn regio’s beter bestand te maken tegen crisissituaties. Daarnaast hebben de projecten de ecologische duurzaamheid van de verleende diensten en hun bestendigheid tegen fysieke en digitale risico’s vergroot. |
De React-EU-steun werd beschikbaar gesteld aan begunstigden uit 223 gemeenten in alle Tsjechische regio’s, waardoor een eerlijkere territoriale transformatie werd gewaarborgd. |
De React-EU-steun stelde begunstigden in staat hoogwaardige diensten te ontwikkelen en in stand te houden, wat zonder React-EU-steun niet volledig had kunnen gebeuren door een gebrek aan financiering. Meer dan de helft van de begunstigden gaf aan dat zij zonder de steun de investeringen in sociale infrastructuur zeker niet zouden hebben uitgevoerd. |
|
Denemarken De evaluatie heeft betrekking op het programma voor het bedrijfsleven dat wordt gefinancierd door het Deense React-EU-initiatief. Het programma voor het bedrijfsleven van React-EU omvat vier onafhankelijke initiatieven (trajecten). (2014DK16RFOP001; 2014DK05SFOP001) |
De ondersteunde ondernemingen zijn robuuster en flexibeler geworden en hebben hun vermogen versterkt om toekomstige uitdagingen het hoofd te bieden, aangezien zij nu beter zijn voorbereid op eisen die in de toekomst aan hen kunnen worden gesteld — door klanten, de concurrentie, de samenleving en in hun waardeketens. Dankzij het programma konden zij zich beter en sneller ontwikkelen dan anders het geval zou zijn geweest. Dit was met name het geval in de periode na COVID-19, toen verschillende ontwikkelingsinitiatieven bij bedrijven stilvielen en hun risicobereidheid laag was. In sommige trajecten van de ondersteunde programma’s vroegen verschillende deelnemers echter te grote of te veel subsidies aan, terwijl zij niet in staat waren de projecten uit te voeren of de middelen in te zetten, wat leidde tot aanzienlijke achterstanden. De adviseurs waren doeltreffend bij het aanwerven van bedrijven, maar minder bij het begeleiden van deze bedrijven tijdens de projecten, en de richtsnoeren waren niet altijd duidelijk genoeg. |
React-EU was gemakkelijk uit te voeren, en er was een sterke vraag naar de middelen gedurende de hele programmeringsperiode. Het bedrijvenprogramma slaagde erin voor veel diensten een centraal toegangspunt te creëren. Er was echter ruimte om meer samenhang te creëren tussen de onderdelen van het bedrijvenprogramma, met name wat betreft de aanvraagprocedure en de gehanteerde vereisten en criteria. Dit had deelname gemakkelijker kunnen maken. Verschillende bedrijven vonden de documentatie tijdrovend en complex, wat een belemmering vormde voor de uitvoering van het project. |
Het “digitale” kmo-traject was nuttig voor ondernemingen die een van de andere trajecten wilden starten of een aanvulling daarop zochten. De “Export”-maatregel voor kmo’s waarmee de deelname aan handelsbeurzen werd ondersteund, was met name relevant voor verschillende kleine ondernemingen. De “groene” maatregel voor kmo’s lijkt een aanzienlijke financiële steun voor ondernemingen te zijn geweest, terwijl de kmo-regeling “Growth Pilot” ondernemingen de nodige financiering bood naargelang zij daar behoefte aan hadden. |
De EFRO- en ESF-maatregelen hadden beter kunnen worden gecombineerd, ondanks hun complementaire karakter voor bedrijven. |
- |
|
Finland Evaluatie van de in het kader van het operationele programma “Duurzame groei en werkgelegenheid 2014-2020” gefinancierde React-EU-maatregelen (CCI 2014FI16M2OP001) |
De financiering van React-EU werd gebruikt om de door de COVID-19-pandemie veroorzaakte schade te helpen herstellen. Het heeft ondernemers en bedrijven ondersteund door hun competenties te versterken, werkloosheid te voorkomen en de arbeidsmarktpositie van werknemers te verbeteren. De projecten hebben ook bijgedragen tot de verbetering van de digitale vaardigheden van de deelnemers en hun kansen op de arbeidsmarkt. Daarnaast versterkten zij het vermogen van ondernemingen om te veranderen en zich flexibel en proactief aan te passen. De groene en digitale transitie werd bevorderd door projecten gericht op de hervorming van de productietechnologieën en -processen van bedrijven, de ontwikkeling van competenties en capaciteiten, de uitvoering van investeringen, het genereren van nieuwe marktinformatie en de ontwikkeling van nieuwe producten en diensten. |
Het uitvoeringsmechanisme voor de middelen van React-EU was efficiënt dankzij het bestaande beheermodel en de bestaande programmastructuren. De aanvullende financiering werd met succes geïntegreerd in het bestaande EFRO-programma, hoewel de starre structuren van het programma soms een belemmering vormden. De korte uitvoeringsperiode vormde ongetwijfeld een uitdaging voor de doeltreffendheid. Door het gebruik van beproefde systemen en een flexibele aanpak konden echter snel maatregelen worden genomen. Bijzonder nuttig waren de bestaande IT-systemen en werkmethoden voor de programmeringsperiode 2014-2020 voor het beheer van de financiering. |
De financiering van React-EU leverde tijdig relevante resultaten op, die het mogelijk maakten tegemoet te komen aan nieuwe behoeften die door de COVID-19-pandemie waren ontstaan. De grootschalige inzet van het cohesiebeleid voor plotselinge crises heeft echter laten zien dat er behoefte is aan meer interne flexibiliteit. De aanvullende financiering was van cruciaal belang voor regio’s en sectoren in Zuid- en West-Finland, die het zwaarst door de pandemie werden getroffen. |
De financiering van React-EU was in overeenstemming met de oorspronkelijke doelstellingen en operationele logica van het programma. React-EU heeft geholpen om de kloof tussen de oude en de nieuwe programmeringsperiode te overbruggen wat betreft financiering en de start van nieuwe projectactiviteiten. |
Het instrument leverde een aanmerkelijke toegevoegde waarde op die met nationale instrumenten alleen niet had kunnen worden bereikt. Het tijdsperspectief was van cruciaal belang: de financiering van React-EU was gericht op ontwikkeling op lange termijn, terwijl de nationale subsidies dienden om acute liquiditeitsproblemen aan te pakken. Zonder de middelen van React-EU zou de omvang van de steun voor Zuid- en West-Finland veel kleiner zijn geweest. |
|
Duitsland Evaluatie van door React-EU gefinancierde maatregelen in het kader van het operationele programma “Rijnland-Palts EFRO 2014-2020” (CCI 2014DE16RFOP010) |
Onderzoek, ontwikkeling en innovatie: Belangrijke doelstellingen, zoals de ontwikkeling van nieuwe technologieën en de bevordering van de innovatiecapaciteit, werden verwezenlijkt. React-EU heeft bijgedragen aan ondersteuning van de werkgelegenheid, de digitale transformatie en de stabiliteit van de economie. Op technologie gerichte vaardigheden: De onderzoeksprojecten waren gericht op gezondheid, biotechnologie en de groene transformatie. Deze investeringen in het kader van React-EU vertegenwoordigden meer dan 70 % van alle ondersteunde projecten in het kader van prioritaire as 1 en droegen bij aan het verkleinen van de kloof op het gebied van onderzoek, ontwikkeling en innovatie (OOI) tussen Rijnland-Palts en het federale gemiddelde. Toerisme: De investeringen in het kader van React-EU hebben het concurrentievermogen van kmo’s in de toeristische sector verbeterd en de economische prestaties van de toeristische sector gestabiliseerd. Klimaatdoelstellingen: In het kader van React-EU is steun verleend aan demonstratieprojecten voor CO2- en hulpbronnenbesparing bij bedrijven en gemeenten. |
Het aantal goedgekeurde concrete acties voor nagenoeg alle maatregelen kan als toereikend worden beschouwd. Het korte tijdschema voor de uitvoering was een uitdaging; sommige projecten konden niet binnen de voorgeschreven termijn worden uitgevoerd. Belanghebbenden waren van mening dat het gebruik van bestaande strategieën, projectaanvragen en financieringsprogramma’s de efficiëntie zou bevorderen. Alle belanghebbenden hebben goed samengewerkt en snel gereageerd. Desalniettemin werd vastgesteld dat er verbeteringen mogelijk waren in de vorm van een duidelijkere communicatie en betere begrotingsplanning. De onduidelijke situatie rond de uitbetaling van React-EU-middelen, met name de uitbetaling in twee tranches, werd als een uitdaging aangemerkt. Op het gebied van OOI waren er aanzienlijk meer aanvragen in het kader van React-EU dan op basis van het reguliere EFRO-programma (waarschijnlijk vanwege de hogere medefinancieringspercentages). Ongeveer de helft van de aanvragen moest echter worden afgewezen, omdat zij realistisch beschouwd waarschijnlijk niet haalbaar waren. |
React-EU heeft bijgedragen aan de crisisrespons en het herstel van de economie en andere maatschappelijke belanghebbenden. |
De projecten sloten goed aan op de regionale strategische doelstellingen en hebben dientengevolge ook bijgedragen tot verwezenlijking van de nationale strategische doelstellingen. Wat de horizontale doelstellingen betreft, worden technologische innovaties vaak geacht bij te dragen tot duurzaamheid, terwijl projecten in verband met de toeristische sector in hoge mate bijdragen tot het bewerkstelligen van gelijke kansen, non-discriminatie en inclusiviteit. In de evaluatie werd er ook van uitgegaan dat er een zeer grote bijdrage werd geleverd aan duurzame ontwikkeling in de vorm van klimaat- en milieubescherming. |
- |
|
Hongarije Evaluatie van React-EU-maatregelen in het kader van de operationele programma’s “Ontwikkeling van het menselijk potentieel”, “Economische ontwikkeling en innovatie” en “Milieu- en energie-efficiëntie” (EFOP, GINOP, KEHOP), 2014-2020 (CCI 2014HU05M2OP001; CCI 2014HU16M0OP001; CCI 2014HU16M1OP001) |
De doeltreffendheid van de regelingen die moesten helpen om de gezondheidsresultaten tijdens de COVID-19-pandemie te beheren, kon slechts gedeeltelijk worden beoordeeld, aangezien bij de meeste projecten gekozen werd voor terugbetaling achteraf van uitgaven die werden voorgefinancierd uit de nationale begroting. Daardoor was de impact ervan moeilijk te kwantificeren, hoewel de kosten die vervolgens ten laste van de EU-fondsen werden gebracht, een aanzienlijke verlichting betekenden voor de overheidsfinanciën. De projecten waren erop gericht de negatieve economische gevolgen en de gevolgen voor de arbeidsmarkt van de pandemie te verzachten. Ondernemingen ontvingen steun voor de ontwikkeling en het behoud van hun werknemers. In het kader van projecten die via React-EU werden gefinancierd, werden in totaal 361 051 banen behouden dankzij loonsubsidies. Het belangrijkste positieve effect was de vooruitgang en versnelling van de digitalisering. |
Ondanks de invoering van enkele versnelde procedures vormde de onvolledige digitalisering van het openbaar bestuur en de gebrekkige interconnectie van verschillende IT-systemen een belemmering voor de efficiëntie. |
De via React-EU gefinancierde COVID-maatregelen hadden een sterke sectorale focus en waren niet noodzakelijk gericht op het aanpakken van territoriale verschillen. De mogelijkheden om toegang te krijgen tot digitale oplossingen en gebruik te maken van telewerk, waren niet voor alle sociale groepen gelijk, wat de bestaande sociale, regionale en institutionele verschillen alsook het risico op voortijdig schoolverlaten zou kunnen vergroten. |
8 % van de bedrijven die steun ontvingen en aan de evaluatie-enquête deelnamen, verklaarde dat zij zonder de steun van React-EU na de pandemie failliet zouden zijn gegaan en dat de verleende steun “levensreddend” was. |
|
|
Ierland Evaluatie van React-EU (CCI 2014IE16RFOP001; CCI 2014IE16RFOP002) |
In Ierland speelde het React-EU-initiatief een cruciale rol in de onderwijssector en maakte een veilige heropening van de scholen tijdens het academisch jaar 2021/2022 mogelijk. De financiële steun hielp scholen om de sociale en emotionele problemen aan te pakken die de sluitingen met zich meebrachten, zoals sociale re-integratie, psychologische problemen en extra speciale behoeften van leerlingen. Het fonds heeft de veerkracht van het Ierse onderwijsstelsel aanzienlijk vergroot: ·verbeteringen van de infrastructuur / gezondheids- en veiligheidsmaatregelen; ·protocollen en paraatheid van het personeel / sociaal herstel; ·eerlijke versterking van de veerkracht / steun voor kwetsbare groepen. De verleende steun werd algemeen als kosteneffectief beschouwd: 73 % van de respondenten van alle schooltypen was het daarmee eens en 77 % van de speciale scholen gaf aan dat heropening zonder de financiering niet mogelijk zou zijn geweest. |
De financiële toewijzingen varieerden per schooljaar en schooltype: basisscholen ontvingen het grootste deel van de financiering, terwijl de uitgaven per leerling hoger waren voor middelbare scholen, naargelang de operationele behoeften. Uitdagingen deden zich onder meer voor door inefficiëntie bij de inkoop; in dit verband werd melding gemaakt van te hoge prijzen en omslachtige processen. Scholen suggereerden dat gecentraliseerde inkoop de efficiëntie had kunnen verbeteren en de druk op schoolbestuurders had kunnen verminderen. Uit enquêtegegevens bleek dat 81 % tevreden was over de timing van de financiering. Sommige respondenten merkten op dat de eerste tranche vertraging opliep, waardoor de schoolleiders tijdens het heropstarten nog meer druk ondervonden. |
Uit de gegevens van de evaluatie-enquête bleek dat de meeste scholen de financiering van kritiek belang achtten en het ermee eens waren dat de middelen aan hun behoeften voldeden. De enquêtegegevens wezen ook op een positieve perceptie van de toewijzing van de middelen aan verschillende soorten scholen. De respondenten benadrukten het belang van aanhoudende steun om de langetermijngevolgen van de pandemie voor kansarme scholen te verzachten. |
Hoewel dit niet de primaire focus was, ondersteunde het fonds ook aspecten van de groene en digitale doelstellingen van de EU. Hoewel verbetering van de ventilatie met energie-efficiënte technologieën in de duurzaamheidsdoelstellingen paste, maakten deze maatregelen geen deel uit van een alomvattende strategie. In de evaluatieanalyse werd gewezen op het effect dat het fonds heeft gehad op de bevordering van de kansengelijkheid en de toegang tot onderwijs. Het programma “Delivering Equality of Opportunity in Schools” (DEIS) speelde een centrale rol bij het aanpakken van ongelijkheden in het onderwijs tijdens de pandemie. |
- |
|
Italië Evaluatie van de uit React-EU gefinancierde maatregelen in het kader van prioritaire as 6 van het operationele programma “Ondernemingen en concurrentievermogen” 2014-2020 (CCI 2014IT16RFOP003) |
Wat de voortgang van de afzonderlijke investeringen betreft, zijn de volgende uitdagingen vastgesteld: ·een aanzienlijk percentage van de aanvragers heeft de projectvoorstellen in het kader van de oproep inzake “Innovatieve Machines” ingetrokken of hiervan afstand gedaan; ·een groot aantal projecten in het kader van de oproep “Duurzame investeringen 4.0” vertoont weinig praktische en financiële vooruitgang. Uit de analyse van de twee oproepen tot het indienen van voorstellen bleek dat de meeste begunstigden klein van omvang waren, actief waren in de levensmiddelen- en productiesector, en geografisch geconcentreerd waren in Campanië en Lombardije. Wat de groene transitie betreft, hadden de investeringen slechts in beperkte mate tot doel processen circulair te maken. Hoewel de projecten vaak voordelen opleverden in termen van hulpbronnenefficiëntie en afvalvermindering, had minder dan de helft van de begunstigden in het kader van de oproep “Duurzame investering 4.0” dergelijke investeringen gepland, die voor het grootste deel betrekking hadden op fotovoltaïsche installaties. |
Aan de behoeften die in de fase na de pandemie werden vastgesteld, is zeer doeltreffend en snel tegemoetgekomen. Dit bleek uit de hoge participatie van ondernemingen aan de twee oproepen tot het indienen van voorstellen. In oktober 2023 waren er betalingen ten bedrage van ongeveer 1,7 miljard EUR verricht, wat neerkomt op ruim 80 % van de gereserveerde begrotingsmiddelen. Het gebruik van bestaande steunkanalen, waarbij werd voortgebouwd op de kennis van de begunstigden over de bestaande procedures, heeft de snelle inzet van middelen vergemakkelijkt. |
De gefinancierde interventies waren uitdrukkelijk bedoeld om bedrijven te helpen de negatieve gevolgen van de COVID-19-pandemie te boven te komen en tegelijkertijd een ecologisch en digitaal duurzaam herstel te bevorderen. In de evaluatie werd aangedrongen op een betere afstemming van de maatregelen op specifieke bedrijfsbehoeften en op aanpassing van de toekomstige oproepen tot het indienen van voorstellen. De door de overheid gemaakte keuzes bij de toewijzing van middelen weerspiegelden ook de doelstelling om een beter territoriaal en sociaaleconomisch evenwicht tot stand te brengen. Dit blijkt uit de concentratie van middelen op interventies in de zuidelijke regio’s, alsook uit het gebruik van compensatiemechanismen, in de vorm van een hogere steunintensiteit afhankelijk van de regio. |
Het algemene ontwerp van het programma vertoonde een hoge mate van samenhang met de beleidsdoelstellingen van het React-EU-initiatief en probeerde de drie hoofddoelstellingen eerlijk met elkaar in evenwicht te brengen. De noodzaak om noodmaatregelen te combineren met meer structurele doelstellingen, plus de krappe termijnen voor de uitvoering, bracht enkele tegenstrijdigheden in de uitvoeringsregelingen aan het licht. Het pakket aan maatregelen sloot over het algemeen goed aan bij andere door de regio gefinancierde initiatieven, hoewel er sprake was van bepaalde overlappingen, vooral met sommige initiatieven gefinancierd door regionale programma’s of uit andere nationale middelen en, op sommige gebieden, met het nationale herstel- en veerkrachtplan. Met betrekking tot andere nationaal gefinancierde initiatieven was er over het algemeen geen sprake van overlapping. |
Uit de standpunten die door middel van interviews en rechtstreekse enquêtes zijn verzameld, komt naar voren dat de EU-steun de uitvoering van investeringen die ondernemingen al als strategisch en noodzakelijk beschouwden, ongetwijfeld heeft versneld, waardoor vaak ambitieuzere projecten konden worden gefinancierd dan zonder steun mogelijk zou zijn geweest. |
|
Letland Evaluatie van de financiering van React-EU in het kader van het operationele programma “Groei en werkgelegenheid” voor de periode 2014-2020 in Letland (2014LV16MAOP001) |
React-EU bood steun aan: Gezondheidszorg: Betere infrastructuur voor medische instellingen en onderzoeksprojecten die oplossingen bieden voor de bestrijding van COVID-19. Onderwijs: Digitalisering van de onderwijssystemen bij 40 % van de Letse instellingen voor hoger onderwijs. Werkgelegenheid: Gerichte opleidingsprogramma’s voor 26 235 personen. Culturele projecten: Steun voor de reguliere exploitatiekosten van culturele organisaties en voor nieuwe projecten. Ondernemerschap: Leningen, subsidies en niet-financiële steun voor bedrijfsontwikkeling en opleidingen ter verbetering van de vaardigheden van werknemers en activiteiten voor exportbevordering. Groene doelstellingen: Energie-efficiëntie voor gemeentelijke infrastructuur en voor de renovatie van appartementsgebouwen om een betere leefomgeving te creëren. Veel van de uitgevoerde projecten zullen naar verwachting langetermijneffecten hebben. |
De uitvoerders van projecten hadden graag gezien dat de besluiten van het kabinet sneller waren goedgekeurd en dat er meer tijd voor de uitvoering was geweest. Veel van de uitgevoerde projecten waren bouwprojecten. Door COVID-19, sancties, inflatie en verstoringen van de toeleveringsketen stegen de bouwprijzen aanzienlijk, wat betekende dat projectuitvoerders projecten moesten herzien, waaronder de kosten en de termijnen. Voor degenen die voor het eerst door de EU gefinancierde projecten uitvoerden, zoals vertegenwoordigers van de culturele sector, vormde het verstrekken van alle nodige verslagen, het uitvoeren van nalevingscontroles en het werken met het KPVIS-systeem een uitdaging. |
- |
De horizontale prioriteit “gelijke kansen” werd in acht genomen. Er werden bij individuele projecten ook aanvullende maatregelen genomen om de toegankelijkheid voor personen met een handicap te waarborgen. Door opleidingen in een digitale omgeving aan te bieden, werd de naleving van deze beginselen ook bevorderd en kregen personen uit meer afgelegen regio’s ook de gelegenheid om deel te nemen. Het horizontale beginsel “duurzame ontwikkeling” werd in acht genomen door toepassing van beginselen voor “groene” aanbesteding. Veel van de uitgevoerde projecten, zoals opleidingscursussen, digitalisering van opleidingen, onderzoeken, verbetering van de energie-efficiëntie van gebouwen en andere projecten, waren gericht op duurzame ontwikkeling. |
- |
|
Polen Evaluatie van de uitvoering van het React-EU-instrument in Polen in de periode 2014-2020 (2014PL05M9OP001; 2014PL16M1OP001; 2014PL16RFOP001; 2014PL16RFOP002; 2014PL16M2OP001 tot en met 2014PL16M2OP016) |
Uit de resultaten van de enquête bleek dat de activiteiten zeer doeltreffend waren. Energie-infrastructuur: Verbetering van de energie-efficiëntie in bedrijven en openbare gebouwen, ontwikkeling van energieproductie door prosumenten en bouwinstallaties voor de productie van energie uit hernieuwbare bronnen. Aanvullende steun werd toegewezen aan een project voor de aanleg van een gaspijpleiding. Gezondheidszorg: Infrastructurele investeringen in ziekenhuizen en klinieken, psychologische bijstand en de ontwikkeling van professionele vaardigheden. Emissiearm vervoer: Aankoop van nieuw, emissievrij rollend materieel; bouw of modernisering van stedelijke vervoersinfrastructuur; ontwikkeling van plannen voor duurzame stedelijke mobiliteit. Over het algemeen als doeltreffend beoordeeld. Steun aan ondernemingen: React-EU heeft bijgedragen aan het verzachten van de negatieve gevolgen van de pandemie voor de activiteiten van bedrijven. Digitale transformatie: Ontwikkeling van e-diensten en digitalisering van de overheid, waardoor de gevolgen van de pandemie voor bedrijven werden verzacht, voornamelijk door werken op afstand en digitalisering van verkoopkanalen mogelijk te maken. Uitdagingen op het gebied van migratie: Vanwege de zeer gediversifieerde aard van de projecten en de afwezigheid van een samenhangende aanpak is het niet mogelijk om de collectieve impact van de projecten op de situatie van vluchtelingen uit Oekraïne in te schatten. |
Energie-infrastructuur: De evaluatie laat een bevredigende verhouding tussen de gemaakte kosten en de bereikte resultaten zien. De belangrijkste uitdagingen hadden betrekking op de projectbudgetten en de tijdschema’s (vertragingen). Ook de tijd tussen het indienen van het projectvoorstel en de uitvoering van het project was relatief lang, mede onder invloed van een periode met hoge inflatie. Gezondheidszorg: De uitvoering van het instrument verliep over het algemeen soepel. Wel werden tekortkomingen vastgesteld bij de monitoring van de resultaten op het interventiegebied “Gezondheid”. Emissiearm vervoer: Een belangrijke voorwaarde voor het verlenen van steun was dat de projecten zich al in een vergevorderd stadium van uitvoering moesten bevinden. Digitale transformatie: De belangrijkste uitdagingen waren tijdsdruk als gevolg van de late ondertekening van financieringsovereenkomsten en het wisselende niveau van de digitale competentie van begunstigden in de publieke sector. Desondanks werden de meeste projecten met succes uitgevoerd. Uitdagingen op het gebied van migratie: Het gebrek aan mogelijkheden om middelen toe te wijzen doordat acties op andere interventiegebieden van React-EU zich al in een vergevorderd stadium bevonden, werd aangemerkt als een belangrijke beperking. Er werd vastgesteld dat er tussen het besluit om een beroep te doen op React-EU en de uitbetaling van de steun aan eindontvangers sprake was van knelpunten. De procedures zouden kunnen worden vereenvoudigd, zodat in de toekomst noodinstrumenten sneller kunnen worden ingezet. |
Energie-infrastructuur: De pandemie had een negatief effect op de activiteiten van ongeveer twee vijfde van de begunstigden, die de steun van React-EU voornamelijk gebruikten om hun exploitatiekosten te verlagen. Gezondheidszorg: De begunstigden verklaarden dat de steun aanzienlijk had bijgedragen aan de verbetering van de kwaliteit en toegankelijkheid van gezondheidsdiensten. De meeste begunstigden waren van mening dat hun weerbaarheid tegen toekomstige crises hierdoor werd vergroot. Emissiearm vervoer: De steun droeg bij aan oplossingen voor de vastgestelde uitdagingen, zoals het weer versterken van de rol van het openbaar vervoer na de pandemie, het waarborgen van passende vervoersoplossingen voor bewoners en het beperken van de negatieve gevolgen van vervoer voor het milieu. Steun aan ondernemingen: De omvang van de steun was relatief klein in vergelijking met de nationale interventies. Digitale transformatie: Voor nagenoeg de helft van de begunstigden die in het kader van deze doelstelling projecten voorstelden, was React-EU-steun nodig om het project te kunnen uitvoeren. Uitdagingen op het gebied van migratie: Omdat de uitvoering pas laat op gang kwam (na de piek van de migratiecrisis), werd — naast steun voor vluchtelingen — de nadruk gelegd op het opbouwen van weerbaarheid tegen toekomstige crises. |
Emissiearm vervoer: De activiteiten vormden een aanvulling op eerdere activiteiten op dit gebied en maakten deel uit van bredere strategieën voor de ontwikkeling van duurzaam stadsvervoer. Digitale transformatie: De helft van de begunstigden van subsidies en een derde van de ontvangers van krediet stelde dat de huidige stand van de digitalisering van hun onderneming mede te danken is aan het project dat met React-EU-steun werd uitgevoerd. Het non-discriminatiebeginsel werd op twee manieren toegepast: passief (de gebruikte oplossingen waren niet-discriminerend) en actief (er werden projecten opgezet waarbij groepen mensen die mogelijk zouden worden gediscrimineerd, in staat werden gesteld hieraan op voet van gelijkheid deel te nemen). |
De totale toewijzing voor het instrument bedroeg 8,2 miljard PLN. Het was belangrijk dat de React-EU-instrumenten beschikbaar kwamen op een moment dat de nationale en EU-middelen al waren toegewezen en de middelen uit de programmeringsperiode 2021-2027 nog niet beschikbaar waren. |
|
Zweden Evaluatie van door React-EU gefinancierde maatregelen in het kader van het operationele programma “Investeren in groei en werkgelegenheid” voor de periode 2014-2020 (2014SE05M9OP001) |
Wat de regionale werkgelegenheidsprojecten betreft, resulteerde deelname naar schatting in een 1 % hogere kans om na afloop van het project werk te vinden. De kans om als werkloos te worden geregistreerd, was 3 % hoger dan bij een controlegroep. De projecten hadden geen constateerbaar effect op de deelname aan studies of op het salarisniveau. Bij de competentieontwikkelingsprojecten en het Kickstart-project werden geen statistisch significante effecten vastgesteld. |
De deelnamekosten per uur van de regionale projecten waren hoger dan die van eerdere ESF-projecten. Uit de evaluatie bleek dat dit in de eerste plaats kon worden verklaard door externe omstandigheden zoals een korte voorbereidingstijd en moeilijkheden bij het werven van deelnemers. De kosten van de regionale projecten waren ook hoog in verhouding tot de verwachte stijging van de belastinginkomsten als gevolg van de deelname aan ESF-acties. De opzet van React-EU kenmerkte zich door een hoge mate van complexiteit en onzekerheid, waarmee over het algemeen goed werd omgegaan. De opzet van het programma maakte het echter lastiger om doeltreffend op te treden in een crisissituatie. De toewijzing van middelen vond over het algemeen op doeltreffende wijze plaats. De toewijzing aan regionale projecten bemoeilijkte echter een efficiënte uitvoering vanwege de kenmerken van de doelgroep en de ontwikkeling van de werkloosheid. De uitvoering van React-EU door de ESF-raad werd gekenmerkt door startproblemen. Over het algemeen heeft de raad de beschikbare speelruimte echter goed weten te benutten en het initiatief doeltreffend beheerd, gegeven de omstandigheden. |
De thematische doelstelling was van groot belang toen het initiatief werd gelanceerd. Het belang van de doelstelling om een bijdrage te leveren aan het crisisherstel nam in de loop der tijd echter af doordat de behoeften beperkter waren dan aanvankelijk verwacht. De doelstelling om bij te dragen tot een groene en digitale transitie had enig effect op de governance van React-EU. Het effect was in overeenstemming met het ambitieniveau van de EU: 25 % van de totale financiering van React-EU was bedoeld om bij te dragen aan klimaatdoelstellingen. De doelstelling om bij te dragen tot een veerkrachtig herstel had een beperkt effect op de governance van React-EU. Operationele doelstellingen ontbraken en de doelstelling hield geen rekening met voorbereiding of follow-up. |
De Zweedse regering koos voor een relatief open en breed perspectief bij het ontwerpen van React-EU. Dit had onder meer gevolgen voor de oproepen tot het indienen van voorstellen voor de regionale projecten. Behalve de reeds door de Europese Commissie vastgestelde kaders voor, onder andere, de afbakening van de doelgroepen waren ook de oproepen tot het indienen van voorstellen relatief breed. Volgens de oproepen hoefden de projecten ook niet bij te dragen tot de digitale of groene transitie, aangezien de Zweedse regering ervoor had gekozen deze doelstelling alleen concreet gestalte te geven in de oproep tot het indienen van voorstellen aan de Zweedse openbare dienst voor arbeidsvoorziening. In de oproepen werd de groene en digitale transitie daarentegen genoemd als een voorbeeld van acties waarop projecten gericht konden zijn (maar niet hoefden te zijn). |
EU-financiering had een toegevoegde waarde op organisatorisch niveau voor de Zweedse openbare dienst voor arbeidsvoorziening. Naast het bieden van financiële zekerheid aan de Zweedse openbare dienst voor arbeidsvoorziening gedurende een onzekere periode, kreeg de dienst de ruimte om een methode voor het definiëren van groene en digitale competenties te ontwikkelen die de dienst goed kon gebruiken om te voorzien in de behoeften aan vaardigheden gedurende de groene en de digitale transitie. |
Bijlage II: Methodologie en aanvullende gegevens
Methodologie
De evaluatie was gebaseerd op drie belangrijke bronnen voor documentenonderzoek:
·door de lidstaten via SFC2014 aan de Commissie gerapporteerde uitvoeringsgegevens;
·studies voor de ex-postevaluatie van het ESF en het EFRO;
·nationale evaluaties.
Bij de evaluatie werden met name gegevens uit SFC2014 gebruikt om statistieken te bieden over het aantal dagen dat nodig is om programma’s te wijzigen en over de financiering. De meeste observaties over de relevantie en de effecten, alsook over de toegevoegde waarde van React-EU, waren gebaseerd op de bevindingen van de studies die zijn uitgevoerd voor de ex-postevaluatie van het EFRO en het ESF. Voor het EFRO ging het om een specifiek werkpakket voor React-EU; in het geval van het ESF omvatte de studie een specifieke casestudy die niet alleen betrekking had op React-EU. De studie voor de ex-postevaluatie van het ESF bevatte ook een casestudy over het initiatief inzake maatregelen uit hoofde van het cohesiebeleid ten behoeve van vluchtelingen in Europa (CARE): de meeste bevindingen betreffende ESF-steun aan mensen die de militaire agressie in Oekraïne ontvluchten, waren gebaseerd op dat onderzoek. In het geval van het EFRO had de specifieke casestudy over de vluchtelingencrisis zowel betrekking op CARE als op React-EU. (Wat CARE betreft, vormde het speciaal verslag van de Europese Rekenkamer over dit initiatief een aanvullende bron.) Tot slot werden ter illustratie voorbeelden uit nationale evaluaties gebruikt. Samenvattingen van alle evaluaties zijn te vinden in de evaluatiebibliotheek van DG REGIO.
Bij recente wijzigingen in de regelgeving is de afsluiting van het programma uitgesteld tot februari 2026. Als gevolg daarvan kon bij de analyse alleen rekening worden gehouden met gegevens over de verwezenlijking van indicatoren van eind 2022. Deze gegevens omvatten slechts twee van de drie desbetreffende uitvoeringsjaren, waardoor de beoordeling van de doeltreffendheid werd beperkt. De gegevens op operationeel niveau en de gegevens over begunstigden waren niet voldoende gestandaardiseerd; door deze ongelijke beschikbaarheid van microgegevens kon er geen degelijke kwantitatieve oorzakelijke analyse van de doeltreffendheid worden uitgevoerd.
Aanvullende gegevens
Gemiddelde waarden van concrete acties per lidstaat
|
Land |
Gemiddelde duur (dagen) |
Gemiddelde begindatum |
Gemiddelde kosten (EUR) |
|
Oostenrijk |
596 |
12/05/2021 |
894 955 |
|
Bulgarije |
303 |
16/09/2022 |
116 790 |
|
Kroatië |
669 |
30/09/2021 |
824 574 |
|
Cyprus |
1 429 |
01/02/2020 |
70 000 000 |
|
Tsjechië |
526 |
20/09/2021 |
102 002 |
|
Estland |
526 |
10/01/2022 |
100 000 |
|
Frankrijk |
729 |
01/01/2021 |
297 975 |
|
Duitsland |
288,5 |
18/12/2022 |
50 050 |
|
Griekenland |
639 |
01/04/2020 |
204 233 |
|
Italië |
366 |
27/01/2022 |
65 663 |
|
Luxemburg |
1 429 |
01/02/2020 |
34 718 690 |
|
Polen |
364 |
01/07/2022 |
77 318 |
|
Portugal |
180 |
28/01/2021 |
5 411 |
|
Slowakije |
244 |
01/02/2023 |
165 579 |
|
Slovenië |
821 |
01/12/2020 |
166 667 |
|
Spanje |
326 |
09/02/2021 |
2 500 |
Opmerking: Op operationeel niveau zijn alleen gegevens beschikbaar voor de bovengenoemde landen, die samen goed zijn voor 93 % van de React-EU-toewijzingen. De waarden geven het gemiddelde van alle gerapporteerde concrete acties in het desbetreffende land weer.
Totale React-EU-budget per land
Bron: Europese Commissie.
Onderstaande tabel toont een selectie van indicatoren die relevant zijn voor de doelstellingen van React-EU, alsook COVID-specifieke indicatoren. De weergegeven waarden tonen de stand van zaken per eind 2022 1 ; dit waren de meest recente gegevens die ten tijde van de opstelling beschikbaar waren. Deze waarden zullen daarom naar verwachting aan het einde van de uitvoeringsperiode in 2023 hoger liggen en dichter bij de voor die datum vastgestelde doelstellingen 2 .
Vergelijking React-EU-doelstellingen en geselecteerde gemeenschappelijke en COVID-specifieke indicatoren 3
|
ERDF-indicatoren |
|||
|
Doelstelling |
Indicatoren |
Eind 2022 bereikte waarde |
Vastgesteld / uitgevoerd (%), eind 2022 4 |
|
Steun voor ondernemingen (werkkapitaal voor kmo’s en werktijdverkorting) |
Aantal ondernemingen dat steun ontvangt (CO01) |
354 000 ondernemingen |
90 % vastgesteld 77 % uitgevoerd |
|
Aantal ondernemingen dat subsidies ontvangt (CO02) |
66 000 ondernemingen |
69 % vastgesteld 53 % uitgevoerd |
|
|
Aantal ondernemingen dat andere financiële steun dan subsidies ontvangt (CO03) |
50 000 ondernemingen |
70 % vastgesteld 61 % uitgevoerd |
|
|
Particuliere investeringen voor gelijke delen als overheidssteun voor ondernemingen — subsidies (CO06) |
114 000 000 EUR |
130 % vastgesteld 11 % uitgevoerd |
|
|
Gezondheidszorg |
Inwoners die gedekt zijn door verbeterde gezondheidsdiensten (CO35) |
195 000 personen |
96 % vastgesteld 39 % uitgevoerd |
|
Investeringen in werkgelegenheid, onderwijs en sociale diensten |
Capaciteit van gesubsidieerde infrastructuur voor kinderopvang of onderwijs (CO36) |
8 000 000 personen |
212 % vastgesteld 29 % uitgevoerd |
|
Investeringen die bijdragen aan de transitie naar een groene en digitale economie |
Daling van jaarlijks primair energieverbruik van openbare gebouwen (CO32) |
33 000 000 kWh/jaar |
29 % vastgesteld 14 % uitgevoerd |
|
Geschatte jaarlijkse daling van uitstoot van broeikasgassen (CO34) |
38 000 ton CO2-equivalent |
53 % vastgesteld 4 % uitgevoerd |
|
|
Specifieke COVID-19-indicatoren |
|||
|
Steun voor ondernemingen (werkkapitaal voor kmo’s en werktijdverkorting) |
Aantal kmo’s ondersteund met niet-terugvorderbare financiële steun voor werkkapitaal (subsidies) in het kader van de COVID-19-respons (CV22) |
113 000 ondernemingen |
91 % vastgesteld 68 % uitgevoerd |
|
Aantal kmo’s ondersteund met ander werkkapitaal dan subsidies (financieringsinstrumenten) in het kader van de COVID-19-respons (CV23) |
46 000 ondernemingen |
92 % vastgesteld 56 % uitgevoerd |
|
|
Gezondheidszorg |
Waarde van gekochte persoonlijke beschermingsmiddelen (CV1) |
52 000 000 EUR |
124 % vastgesteld 13 % uitgevoerd |
|
Tegen COVID-19 ingeënte personen (CV64) |
49 000 000 personen |
113 % vastgesteld 102 % uitgevoerd |
|
|
Investeringen in werkgelegenheid, onderwijs en sociale diensten |
Waarde van COVID-19-gerelateerde IT voor onderwijs (CV4c) |
179 000 000 EUR |
91 % vastgesteld 37 % uitgevoerd |
|
ESF-indicatoren |
|||
|
Doelstelling |
Indicator 5 |
Bereikte waarde |
Deelnamepercentage/succespercentage 6 |
|
Steun voor ondernemingen (werkkapitaal voor kmo’s en werktijdverkorting) |
Werklozen, onder wie langdurig werklozen (CO01) |
453 000 personen |
20,6 % van het totale aantal deelnemers |
|
Langdurig werklozen (CO02) |
184 000 personen |
8,4 % van het totale aantal deelnemers |
|
|
Niet-actieve personen (CO03) |
672 000 personen |
30,5 % van het totale aantal deelnemers |
|
|
Werkenden, onder wie zelfstandigen (CO05) |
1 000 000 personen |
49,0 % van het totale aantal deelnemers |
|
|
Overige kansarmen (CO17) |
119 000 personen |
5,4 % van het totale aantal deelnemers |
|
|
Niet-actieve deelnemers die na deelname aan de ondersteunde concrete actie een baan zoeken (CR01) |
70 000 personen |
10,5 % van de niet-actieve deelnemers |
|
|
Deelnemers die na deelname aan de ondersteunde concrete actie een baan hebben, met inbegrip van werk als zelfstandige (CR04) |
257 000 personen |
11,7 % van het totale aantal deelnemers |
|
|
Investeringen in werkgelegenheid, onderwijs en sociale diensten |
Werklozen, onder wie langdurig werklozen (CO01) |
453 000 personen |
20,6 % van het totale aantal deelnemers |
|
Langdurig werklozen (CO02) |
184 000 personen |
8,4 % van het totale aantal deelnemers |
|
|
Niet-actieve personen (CO03) |
672 000 personen |
30,5 % van het totale aantal deelnemers |
|
|
Niet-actieve personen die geen onderwijs of opleiding volgen (CO04) |
142 000 personen |
6,4 % van het totale aantal deelnemers |
|
|
Werkenden, onder wie zelfstandigen (CO05) |
1 000 000 personen |
49 % van het totale aantal deelnemers |
|
|
Jonger dan 25 jaar (CO06) |
678 000 personen |
30,8 % van het totale aantal deelnemers |
|
|
Jonger dan 54 jaar (CO07) |
294 000 personen |
13,3 % van het totale aantal deelnemers |
|
|
Ouder dan 54 jaar die werkloos zijn, met inbegrip van langdurig werklozen, of die inactief zijn en geen onderwijs of opleiding volgen (CO08) |
112 000 personen |
5,1 % van het totale aantal deelnemers |
|
|
Migranten, deelnemers met een buitenlandse achtergrond, minderheden (waaronder gemarginaliseerde gemeenschappen zoals de Roma) (CO15) |
370 000 personen |
16,8 % van het totale aantal deelnemers |
|
|
Deelnemers met een handicap (CO16) |
158 000 personen |
7,2 % van het totale aantal deelnemers |
|
|
Overige kansarme deelnemers (CO17) |
119 000 personen |
5,4 % van het totale aantal deelnemers |
|
|
Niet-actieve deelnemers die na deelname aan de ondersteunde concrete actie een baan zoeken (CR01) |
70 000 personen |
10,5 % van de niet-actieve deelnemers |
|
|
Deelnemers aan onderwijs/opleiding na deelname aan de ondersteunde concrete actie (CR02) |
63 000 personen |
2,9 % van het totale aantal deelnemers |
|
|
Deelnemers die na deelname aan de ondersteunde concrete actie een kwalificatie behalen (CR03) |
244 000 personen |
11,1 % van het totale aantal deelnemers |
|
|
Deelnemers die na deelname aan de ondersteunde concrete actie een baan hebben, met inbegrip van werk als zelfstandige (CR04) |
257 000 personen |
11,7 % van het totale aantal deelnemers |
|
|
Specifieke COVID-19-indicatoren |
|||
|
Steun voor ondernemingen (werkkapitaal voor kmo’s en werktijdverkorting) |
Waarde van ESF-acties ter bestrijding of compensatie van de gevolgen van de COVID-19-pandemie (CV30) |
5 920 000 000 EUR |
n.v.t. |
|
Aantal deelnemers dat werd ondersteund om de gevolgen van de COVID-19-pandemie te bestrijden of te compenseren (CV31) |
5 730 000 personen |
n.v.t. |
|
|
Gezondheidszorg |
Zorgpersoneel dat ESF-steun heeft ontvangen (CVHC) |
68 000 personen |
n.v.t. |
|
Investeringen in werkgelegenheid, onderwijs en sociale diensten |
Deelnemers die hebben geprofiteerd van steun voor werktijdverkortingsregelingen (CVST) |
1 314 000 personen |
n.v.t. |
|
Deelnemers die zes maanden na het einde van de steun nog steeds hun baan hadden (CVR1) |
888 000 personen |
n.v.t. |
|
Bron: Europese Commissie.