EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 8.7.2024
COM(2024) 296 final
VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
over de uitvoering van Verordening (EU) 2023/1525 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juli 2023 betreffende de ondersteuning van de productie van munitie
Inhoudsopgave
1.
Inleiding
a.
Doel en structuur van het document
b.
Methode
2.
Achtergrond
a.
Context
b.
Voorbereiding van de ASAP-verordening
c.
Bij de ASAP-verordening vastgestelde maatregelen
d.
Voorbereidende activiteiten
3.
Algemene uitvoeringslogica van de ASAP-verordening
4.
Voorbereiding van het werkprogramma en de oproepen
a.
Uitvoering
b.
Opgedane ervaringen
5.
Aanvraagproces en ondersteuning van aanvragers
a.
Uitvoering
b.
Opgedane ervaringen
6.
Evaluaties en resultaten
a.
Uitvoering
b.
Opgedane ervaringen
7.
Aanbevelingen
8.
Conclusie
1.Inleiding
a. Doel en structuur van het document
In artikel 23, lid 1, van Verordening (EU) 2023/1525 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juli 2023 betreffende de ondersteuning van de productie van munitie (“ASAP‑verordening”) is bepaald dat “[u]iterlijk op 30 juni 2024 de Commissie een verslag [opstelt] met een evaluatie van de uitvoering van de in deze verordening vervatte maatregelen en de resultaten daarvan, alsmede van de mogelijkheid om de toepasbaarheid ervan uit te breiden en te voorzien in financiering, met name in het licht van de ontwikkeling van de beveiligingscontext. Het evaluatieverslag bouwt voort op raadplegingen van de lidstaten en de belangrijkste belanghebbenden en wordt meegedeeld aan het Europees Parlement en de Raad.”
Hieruit volgt dat het doel van dit ASAP-evaluatieverslag is de prestaties van de uitvoering van het ASAP-programma te beoordelen, en met name de doeltreffendheid ervan bij het bereiken van de in de verordening vastgestelde doelstellingen in elke fase van de uitvoering ervan.
Bovendien kan dit verslag als basis dienen voor de lopende onderhandelingen over het voorstel van de Commissie voor een Europees programma voor de defensie-industrie (EDIP) en met name voor de in het voorstel opgenomen ASAP-vervolgmaatregelen. De ASAP- en de Edirpa-verordeningen zijn immers slechts tot en met 2025 van toepassing, maar de EDIP-verordening zal naar verwachting in 2025 worden vastgesteld, met name om de voortzetting en uitbreiding in tijd en werkingssfeer van de in het kader van de ASAP- en de Edirpa-verordeningen uitgevoerde acties mogelijk te maken.
Structuur van het document
Na de voor de opstelling van het verslag gebruikte methode te hebben gepresenteerd (1.b) en enige achtergrondinformatie te hebben aangehaald (2), geeft dit verslag een overzicht van de algemene uitvoeringslogica van de ASAP-verordening (3) en volgt een beoordeling van de logica, de organisatie en het tijdschema van de voorbereiding van het ASAP-werkprogramma en de oproepen tot het indienen van voorstellen (4), de aanvraagprocedure en de ondersteuning van de aanvragers (5), de evaluatie van de ontvangen voorstellen en de resultaten daarvan en de verwachte effecten van de gefinancierde acties (6). Voor elke sessie worden de belangrijkste leerervaringen gepresenteerd. Tot slot wordt dit evaluatieverslag afgesloten met een samenvatting van de algemene leerervaringen en een langetermijnperspectief (7), samen met conclusies (8).
b.Methode
De gehanteerde methode is in overeenstemming met de richtsnoeren en de toolbox voor betere regelgeving op een wijze die in verhouding staat tot de stand van de uitvoering van het programma en de beschikbare voorbereidingstijd. De toolbox voor betere regelgeving (tool 45, box 3) biedt de flexibiliteit om de richtsnoeren niet noodzakelijkerwijs volledig te hoeven toepassen bij de evaluatie van de prestaties in een vroeg stadium van de uitvoering van een interventie en wanneer informatie over de veranderingen op langere termijn (resultaten en effecten) nog niet beschikbaar is.
Om deze redenen en gezien het krappe tijdschema voor het opstellen van het verslag waren er geen externe contractanten betrokken om de evaluatie te ondersteunen, werd er geen verzoek om input gedaan en werd het aantal geraadpleegde belanghebbenden beperkt gehouden.
Dit evaluatieverslag is dan ook gebaseerd op:
-de feedback van externe belanghebbenden op basis van vragenlijsten die zijn verspreid onder de leden van het ASAP-programmacomité en onder de aanvragers van de ASAP-oproepen tot het indienen van voorstellen;
-een overleg met het Europees Defensieagentschap (EDA);
-de feedback van de diensten van de Commissie die betrokken waren bij de voorafgaande raadplegingen met de industrie en de toeleveringsketens die betrokken zijn bij de productie van artilleriemunitie en bij de voorbereiding van het werkprogramma, de evaluatie en de beoordeling van de mogelijkheid om het opschalingsfonds uit te voeren;
-kwantitatieve elementen (bv. timing, statistieken over ontvangen voorstellen en voor financiering geselecteerde projecten).
Figuur 1: feedback van vertegenwoordigers van het ASAP-programmacomité
Figuur 2: feedback van ASAP-aanvragers
2.Achtergrond
a.Context
De Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne en de bredere geopolitieke instabiliteit betekenen een paradigmaverschuiving en vormen enkele van de grootste uitdagingen in de Europese Unie tot nu toe op het gebied van veiligheid en defensie. Deze uitdagingen zullen waarschijnlijk blijven bestaan en wijzen op de duidelijke noodzaak om meer, betere, gezamenlijke en Europese uitgaven te doen teneinde deze uitdagingen in een geest van solidariteit aan te pakken.
De Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne heeft de Europese defensie-industrie en de Europese markt voor defensiemateriaal op de proef gesteld en de dringende behoeften van de lidstaten aan het licht gebracht wat betreft de tijdige levering van defensieproducten en -systemen in voldoende hoeveelheden, zoals munitie en raketten, gezien het hoge verbruikspercentage van die producten en systemen tijdens hevige conflicten. Sinds 24 februari 2022 hebben de Unie en haar lidstaten gestaag hun inspanningen opgevoerd om tegemoet te komen aan de dringende defensiebehoeften van Oekraïne en zegden zij toe “de Europese defensievermogens te versterken” en hun nationale voorraden aan te vullen.
b.Voorbereiding van de ASAP-verordening
Tijdens de bijzondere bijeenkomst van de Europese Raad op 9 en 10 februari 2023 benadrukte president Zelensky de dringende behoefte aan verdere militaire steun, door middel van het leveren van munitie.
Overeenkomstig de gezamenlijke mededeling over de analyse van de lacunes op het gebied van defensie-investeringen en de te volgen koers heeft de taskforce voor gezamenlijke aanbestedingen op defensiegebied, bestaande uit de Commissie, de Europese Dienst voor extern optreden en het Europees Defensieagentschap, op 6 maart 2023 zijn bevindingen over de productiecapaciteit van 155 mm in de EU met de EU‑lidstaten gedeeld. Op 20 maart 2023 heeft de Raad ermee ingestemd om tegemoet te komen aan de vraag naar artilleriemunitie via een drieledige aanpak. Meer in het bijzonder heeft de Raad ingestemd met het volgende:
1.Oekraïne met spoed grond-grond- en artilleriemunitie leveren en, indien daarom wordt verzocht, raketten;
2.de lidstaten oproepen om gezamenlijk 155 mm-munitie en, indien daarom wordt verzocht, raketten aan te kopen teneinde hun voorraden aan te vullen en tegelijkertijd de steun aan Oekraïne voort te zetten;
3.een enorme opvoering van de productiecapaciteit in de EU steunen.
Tevens heeft de Raad de Commissie verzocht concrete voorstellen in te dienen “om het opvoeren van de productiecapaciteit van de Europese defensie-industrie onverwijld te ondersteunen, toeleveringsketens veilig te stellen, efficiënte aankoopprocedures te faciliteren, tekortkomingen in productiecapaciteiten aan te pakken en investeringen te bevorderen, onder meer door, in voorkomend geval, een beroep te doen op de Uniebegroting”.
In antwoord op het verzoek van de Raad heeft de Commissie op 3 mei 2023 de medewetgevers een verordening voorgesteld betreffende de ondersteuning van de productie van munitie (ASAP), waarin concrete en gerichte maatregelen zijn opgenomen ter ondersteuning van het opschalen van de productiecapaciteit, ter identificatie en aanpak van knelpunten en ter waarborging van de leveringszekerheid van munitie.
De verordening werd op 20 juli 2023 in recordtijd door de medewetgevers aangenomen, op 24 juli 2023 gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie en trad onmiddellijk in werking.
c.Bij de ASAP-verordening vastgestelde maatregelen
In de ASAP-verordening worden een reeks maatregelen en een begroting vastgesteld die bedoeld zijn om dringend het reactievermogen en het vermogen van de Europese technologische en industriële defensiebasis (EDTIB) te versterken, teneinde de tijdige beschikbaarheid en levering van grond-grondmunitie en artilleriemunitie alsmede raketten (“relevante defensieproducten”) te waarborgen, met name door middel van:
a) een instrument dat financiële ondersteuning biedt aan de versterking van de industrie voor de productie van relevante defensieproducten in de Unie, onder meer door de levering van componenten daarvan (“het instrument”);
b) het vaststellen van mechanismen, beginselen en tijdelijke regels om de tijdige en duurzame beschikbaarheid van relevante defensieproducten voor de kopers daarvan in de Unie te waarborgen.
Het instrument is in overeenstemming met bestaande samenwerkingsinitiatieven van de Unie op defensiegebied, zoals het Europees Defensiefonds (EDF), de Edirpa-verordening ter ondersteuning van gemeenschappelijke aanbestedingen en de Europese Vredesfaciliteit.
Overeenkomstig artikel 110 van het Financieel Reglement van de EU wordt het ASAP-instrument via één enkel werkprogramma uitgevoerd. In het werkprogramma worden de financieringsprioriteiten vastgesteld met het oog op de werkzaamheden van de taskforce voor gezamenlijke aanbestedingen op defensiegebied.
De financiële middelen voor de uitvoering van ASAP voor de periode van 25 juli 2023 tot en met 30 juni 2025 bedragen 500 miljoen EUR in lopende prijzen. Het instrument financiert maximaal 35 % van de subsidiabele kosten van een subsidiabele actie met betrekking tot de productiecapaciteit van relevante defensieproducten en maximaal 40 % voor de productie van componenten en grondstoffen die bestemd zijn voor de productie van relevante defensieproducten.
Acties in het kader van ASAP komen in aanmerking voor verhoogde financieringspercentages als deze aan bepaalde voorwaarden voldoen. De bonusvereisten van het instrument verschillen van die van het Europees Defensiefonds (EDF). In beide EU-programma’s kunnen acties in aanmerking komen voor een verhoogd financieringspercentage (van +10 % voor ASAP en tot +15 % voor het EDF) wanneer de begunstigden of de meeste begunstigden midcap‑ondernemingen (midcaps) of kmo’s zijn. Hoewel bonussen worden toegekend voor EDF-acties die in het kader van PESCO worden ontwikkeld, kent ASAP echter een bonus van tien extra procentpunten toe wanneer aanvragers aantonen dat er een nieuwe grensoverschrijdende samenwerking tot stand is gekomen of zich ertoe verbinden, voor de duur van de actie, orders te prioriteren die voortvloeien uit de gezamenlijke aanbesteding van relevante defensieproducten. In 97 % van de in aanmerking genomen voorstellen werd aanspraak gemaakt op een of meer bonussen (alle verschillende in aanmerking komende bonussen werden gebruikt) met een sterke focus op de bonus voor kmo’s en midcaps: twee derde van de begunstigden beweerde kmo’s of midcaps te zijn.
Subsidiabele acties (artikel 8, lid 3, van de ASAP‑verordening) hebben betrekking op een of meer van de volgende activiteiten:
a)de optimalisering, uitbreiding, modernisering, opwaardering of herbestemming van bestaande, of de totstandbrenging van nieuwe, productiecapaciteit;
b)het opzetten van grensoverschrijdende partnerschappen in de industrie;
c)het opbouwen en beschikbaar stellen van gereserveerde productiecapaciteit voor snelle toenames in de vraag naar relevante defensieproducten;
d)het testen, met inbegrip van de nodige infrastructuur en, indien nodig, het certificeren van de reconditionering;
e)de opleiding, omscholing of bijscholing van personeel;
f)de verbetering van de toegang tot financiering.
De verplichte activiteiten in het kader van elke oproep tot het indienen van voorstellen (zie onderstaande tabel) zijn subsidiabiliteitsvoorwaarden.
|
Oproep
|
Verplichte activiteit
|
Optionele activiteiten
|
|
EDF-ASAP-2023-LS-XPL
|
a)
|
b) tot en met f)
|
|
EDF-ASAP-2023-LS-POW
|
a)
|
b) tot en met f)
|
|
EDF-ASAP-2023-LS-SHL
|
a)
|
b) tot en met f)
|
|
EDF-ASAP-2023-LS-MIS
|
a)
|
b) tot en met f)
|
|
EDF-ASAP-2023-LS-TRC
|
d)
|
a) tot en met c) en e) tot en met f)
|
De activiteiten waren vooral gericht op de verplichte activiteiten in het kader van elke oproep, met name activiteit a) en activiteit d) in het geval van testen en hercertificering. Activiteit f) werd nauwelijks gebruikt in de in aanmerking genomen voorstellen.
Overeenkomstig de ASAP-verordening (artikel 7, lid 2) kunnen acties ook met terugwerkende kracht in aanmerking komen, zodat acties die zijn gestart vóór de datum van indiening van het voorstel door ASAP-subsidies kunnen worden gedekt, mits zij niet vóór 20 maart 2023 zijn gestart en niet vóór de ondertekening van de subsidieovereenkomst zijn afgerond. Bij tien projecten zal de bepaling inzake terugwerkende kracht worden toegepast en vóór de ondertekening van de subsidieovereenkomst met de activiteiten worden begonnen. In de gevallen waarin zij nog niet zijn gestart, zijn zij voor het starten ervan afhankelijk van parallelle projecten, die gewoonlijk volledig nationaal worden gefinancierd.
Bovendien zijn er acties, of delen daarvan, van ASAP die niet voor financiering in aanmerking komen als ze al volledig worden gefinancierd uit andere openbare of particuliere bronnen. Een dergelijk voorstel is niet ontvangen.
De aan ASAP deelnemende entiteiten zijn a) begunstigden, d.w.z. leden van het consortium/ondertekenaars van de subsidieovereenkomst, b) gelieerde entiteiten, d.w.z. derde partijen die een band hebben met de begunstigden en die een deel van de actie in eigen naam kunnen uitvoeren, c) andere entiteiten zoals onderaannemers en geassocieerde partners. Om in aanmerking te komen voor steun, mogen deze (openbare of particuliere) entiteiten uitsluitend zijn gevestigd en hun uitvoerende bestuursstructuren hebben in de Unie of in een geassocieerd land en niet onder zeggenschap van een niet-geassocieerd derde land of een entiteit uit een niet-geassocieerd derde land staan. Als alternatief kunnen entiteiten worden onderworpen aan een screening van buitenlandse directe investeringen, een nieuwe mogelijkheid in vergelijking met bestaande samenwerkingsinitiatieven van de Unie op defensiegebied, zoals het EDF.
Elk door een aanvrager ingediend voorstel wordt beoordeeld op basis van zes toekenningscriteria (artikel 11 van de ASAP-verordening), te weten:
a)opschalen (verhoging van de productiecapaciteit in de Unie);
b)versnellen (vermindering van de productiedoorlooptijd);
c)wegwerken van knelpunten bij de bevoorrading en productie;
d)vergroten van de veerkracht dankzij grensoverschrijdende samenwerking (waaronder kmo’s);
e)steun voor gezamenlijke aanbestedingen (ten minste drie lidstaten);
f)kwaliteit van de uitvoeringsplanning van de actie.
Dankzij het meegeleverde indieningsmodel waren alle voorstellen erop gericht om te voldoen aan alle toekenningscriteria die voor het specifieke onderwerp werden beoordeeld.
Ten slotte bevat de ASAP-verordening specifieke bepalingen over:
a)informatiebeveiliging (artikel 17) met betrekking tot de bescherming van gerubriceerde informatie in verband met de toepassing van de ASAP-verordening;
b)een opschalingsfonds (artikel 15), in de vorm van een blendingfaciliteit die schuldoplossingen voorstelt teneinde de investeringen die nodig zijn om de productiecapaciteit maximaal te laten renderen, minder risicovol te maken en te versnellen;
c)de leveringszekerheid (artikelen 13 en 14) met betrekking tot 1) de versnelling van de vergunningsprocedure voor de tijdige beschikbaarheid en levering van relevante defensieproducten en 2) het vergemakkelijken van gemeenschappelijke aanbestedingen tijdens de crisis op het gebied van de levering van munitie. Het is echter te vroeg om de impact van deze bepalingen voor de leveringszekerheid te kunnen inschatten.
d.Voorbereidende activiteiten
Hoewel in artikel 12 van de ASAP-verordening is bepaald dat in het werkprogramma de financieringsprioriteiten worden vastgesteld met het oog op de werkzaamheden van de taskforce voor gezamenlijke aanbestedingen op defensiegebied (DJPTF), werkte deze DJTPF zowel aan de vraagzijde om te beoordelen welke defensieproducten het meest nodig zijn en in welke hoeveelheden, als aan de aanbodzijde door de industriële actoren in kaart te brengen die relevant zijn voor dringende gezamenlijke aankoopbehoeften en de bijbehorende productiecapaciteiten. Om de ASAP-doelstellingen te verwezenlijken, moesten de werkzaamheden van de DJPTF worden aangevuld met activiteiten aan de aanbodzijde om de capaciteit van de industrie voor de productie van artilleriemunitie om op korte en langere termijn aan de vraag te voldoen, nader te bepalen.
Tussen 15 maart en 9 mei 2023 bezocht commissaris Breton 28 belangrijke productielocaties die verband houden met de productie van artilleriemunitie en raketten in 13 EU-lidstaten (BG, CZ, DE, ES, EL, FR, HR, IT, PL, RO, SE, SI, SK) en de Commissie voerde technische vervolgbesprekingen met 36 industriële spelers uit de EU en Noorwegen. Bovendien heeft de Commissie informatie verzameld over de productiecapaciteit, de industriële waardeketen en mogelijke knelpunten en heeft zij met de belangrijkste actoren overleg gepleegd over het soort steun dat nodig is om de industriële opschaling van 155 mm-artilleriemunitie te ontsluiten.
Uit uitwisselingen met de industrie is gebleken dat de EU over een aanzienlijke eigen productiecapaciteit beschikt (twee keer zo groot als die van de VS op dat moment) voor de productie van 155 mm-munitie op verschillende bestaande industriële locaties. Bovendien was de productiecapaciteit in de EU en Noorwegen in 2023 al aanzienlijk en zou deze in 2024 1 miljoen granaten kunnen bereiken. Gezien de huidige waargenomen doorlooptijd zou dit echter gerichte steun en aanvullende middelen vereisen.
De belangrijkste belemmering voor de productie van buskruit in voldoende hoeveelheden hield verband met de beperkte beschikbaarheid van componenten (energetische nitrocellulose en nitroglycerine) en de huidige capaciteit voor productiemiddelen (menging, extrusie, verpakking enz.) en de beperkte toegang tot krachtige explosieven om artilleriegranaten te vullen. Daarnaast werd ook de nadruk gelegd op de beperkte toegang van de defensiesector tot financiering, de beperkte beschikbaarheid van gekwalificeerde werknemers en regelgevingsaspecten, met name op de vereisten inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (Reach) en lokale wetgeving inzake vergunningen voor de defensie-industrie.
Gelet op deze bevindingen richt de uitvoering van de ASAP-verordening zich op de belangrijkste vastgestelde knelpunten die de grootste impact op de munitieproductie in de hele EU kunnen hebben, namelijk:
-de productie van brisante springstoffen;
-de productie van buskruit en ladingen;
-het laden en vervaardigen van granaten.
3.Algemene uitvoeringslogica van de ASAP-verordening
De voorbereiding van de algemene uitvoering van het ASAP-programma is begin juli 2023 van start gegaan, voordat de ASAP-verordening formeel werd vastgesteld. Hierdoor kon intern worden verduidelijkt wat de verwachte belangrijke factoren en tijdschema’s voor de uitvoering zijn en kon een geschikte organisatie worden opgezet om de uitvoering te ondersteunen, van de voorbereiding van het werkprogramma, de publicatie en het beheer van de oproepen tot het indienen van voorstellen, tot de evaluatie van de voorstellen en de voorbereiding en het beheer van de subsidieovereenkomsten.
Het is duidelijk dat het tijdschema voor de uitvoering van de ASAP-verordening de belangrijkste factor was, met als doel het werkprogramma tegen eind september 2023 vast te stellen en de resultaten van de evaluatie tegen februari 2024 bekend te maken, en tegelijkertijd een veiligheidskader op te zetten dat beantwoordt aan de gevoeligheid van de oproepen tot het indienen van voorstellen. Dit heeft de Commissie ertoe gebracht vanaf het begin de volgende keuzes te maken:
-Bij de voorbereiding van het werkprogramma werd voortgebouwd op de meest relevante beschikbare informatie, met name de bevindingen van de rondreis door Europa van de commissaris langs fabrikanten van artilleriemunitie en de daaropvolgende technische interacties met de industrie (zie punt 2.d hierboven). Deze elementen gaven inzicht in de stand van zaken en de dynamiek van de Europese industriële productiecapaciteit voor artilleriemunitie, waaronder in de betrokken toeleveringsketens, en maakten het mogelijk de knelpunten te identificeren en te kwantificeren.
-ASAP is in recordtijd geïntegreerd in de IT-tool van de Commissie voor bedrijven ter ondersteuning van financieringsinstrumenten (eGrants), waarbij de opzet van het EDF als referentiekader werd gebruikt. Hoewel de indiening van de voorstellen gedeeltelijk buiten eGrants plaatsvond (vanwege het niveau van beveiligingsrubricering dat aan sommige delen van de voorstellen was opgelegd), werd door een dergelijke aanpak vermeden dat de informatie in grote mate handmatig werd verwerkt.
-Gezien de zware werklast die voortvloeit uit de uitvoering van het Europees Defensiefonds, is een ad-hoctaskforce (TF) van de Commissie en medewerkers van haar uitvoerende agentschappen (na de publicatie van een oproep tot het indienen van blijken van belangstelling in augustus) opgericht voor een periode van zes maanden om het evaluatieproces van de voorstellen te ondersteunen. De TF werd door de Commissie gehost in een beveiligde omgeving waarin informatie met rubricering RESTREINT UE/EU RESTRICTED mocht worden behandeld.
-Op basis van de ervaring met de uitvoering van het Europees Defensiefonds heeft ASAP een geoptimaliseerde evaluatiewerkstroom gevolgd, die late controles van sommige complexe subsidiabiliteitsvoorwaarden mogelijk maakte (d.w.z. een grondige beoordeling van de eigendom van zeggenschap of van sommige kostenposten pas na de bekendmaking van de lijst van voor financiering geselecteerde voorstellen).
-Alle subsidies in het kader van het ASAP-programma worden uitgevoerd in de vorm van forfaitaire bedragen (d.w.z. een vast subsidiebedrag na een grondige beoordeling van de geraamde kosten van de actie), waardoor de uitvoering en het beheer van de subsidieovereenkomsten worden vereenvoudigd.
Deze voorbereidende werkzaamheden, die zijn gebaseerd op de ervaringen met het EDF, hebben de Commissie in staat gesteld om in elke fase van de uitvoering van het ASAP-programma, ondanks de beperkte middelen, snel resultaten te boeken.
4.Voorbereiding van het werkprogramma en de oproepen
a.Uitvoering
De eerste versie van het ASAP-werkprogramma werd begin augustus 2023 opgesteld, met als belangrijkste input de bevindingen van de Commissie met betrekking tot knelpunten in de toeleveringsketens bij de productie van zware artilleriemunitie. Dankzij deze bevindingen, gevolgd door een reeks technische bijeenkomsten tussen de Commissie en de industrie, kon worden vastgesteld dat de belangrijkste knelpunten die de opschaling van 155 mm-artilleriemunitie in de weg staan, voornamelijk brisante springstoffen en kruit en, in mindere mate, de montage van granaten zijn.
Het eerste ontwerp van het werkprogramma werd op 18 augustus 2023 meegedeeld aan het nieuw opgerichte ASAP-programmacomité dat bestaat uit vertegenwoordigers van de EU-lidstaten en Noorwegen (dat formeel bij het programma was betrokken), samen met een toelichting ter staving van de bevindingen van de Commissie en de voorgestelde structuur en begrotingstoewijzing voor het ASAP-werkprogramma, in overeenstemming met de vastgestelde knelpunten in de productie van artilleriemunitie, waarbij ook raketten in aanmerking worden genomen.
In totaal waren vijf vergaderingen van het programmacomité nodig, die plaatsvonden van 31 augustus tot en met 16 oktober 2023, om te onderhandelen over het werkprogramma, het af te ronden en unaniem goed te keuren.
De uitvoeringshandeling werd op 18 oktober 2023 door de Commissie vastgesteld. Op dezelfde dag werden de oproepen tot het indienen van voorstellen op de portaalsite voor financieringsmogelijkheden en aanbestedingen (“Funding and Tenders Portal”) gepubliceerd en opengesteld voor indiening, waarbij alle documentatie en modellen van de oproep beschikbaar waren. De uiterste datum voor de indiening van voorstellen was 13 december 2023 om 17.00 uur CET.
In het ASAP-programmacomité werden voornamelijk de volgende punten besproken:
-de structuur van het werkprogramma, en met name het aantal onderwerpen per geïdentificeerd knelpunt en de groepering ervan in oproepen (één oproep per geïdentificeerd knelpunt versus één oproep per doelgroep van activiteiten);
-de interpretatie van de typen subsidiabele acties en activiteiten (artikel 8 van de ASAP-verordening), en met name:
oactiviteitstype a), gezien het oorspronkelijke voorstel van de Commissie om onderscheid te maken tussen onderwerpen die betrekking hebben op “de totstandbrenging van nieuwe productiecapaciteit” (d.w.z. nieuwe groene infrastructuur) en onderwerpen die betrekking hebben op “de uitbreiding of modernisering van bestaande capaciteit”,
oactiviteitstype b) op het gebied van grensoverschrijdende partnerschappen en het verband met het toekenningscriterium d) op het gebied van grensoverschrijdende samenwerking (artikel 11, punt d), van de ASAP‑verordening) of met het verhoogde financieringspercentage bij de totstandbrenging van nieuwe grensoverschrijdende samenwerking (artikel 9, lid 2, punt a), van de ASAP-verordening);
-de interpretatie en de voorgestelde weging voor de verschillende toekenningscriteria in de verschillende oproepen en onderwerpen, die hebben geleid tot verschillende aanpassingen in de iteratieve versies van het werkprogramma;
-de interpretatie en de subsidiabiliteitsvoorwaarden voor artikel 9, lid 2, van de ASAP‑verordening betreffende de verhoogde financieringspercentages;
-de toewijzing van de begroting voor de verschillende onderwerpen en de voorgestelde maximale EU-bijdrage per project (om meerdere projecten per onderwerp te financieren), alsmede de voorgestelde vereenvoudigde benadering voor het basisfinancieringspercentage (35 % tegenover 40 %).
Hoewel artikel 15 van de ASAP-verordening voorzag in de mogelijke oprichting van een opschalingsfonds, was de Commissie niet in staat een volledig geschikte optie te vinden om een dergelijk fonds uit te voeren in overeenstemming met de ASAP-doelstellingen en het dringende tijdschema. Hiervoor zou immers indirect beheer door een vertrouwde uitvoerende partner in het kader van InvestEU die in de gehele Unie kan opereren nodig zijn geweest, bijvoorbeeld door het Europees Investeringsfonds of de Europese Investeringsbank, maar door hun uitsluitingsbeleid inzake munitie komen zij helaas niet in aanmerking als potentiële kandidaten. Bovendien leek het opschalingsfonds niet aantrekkelijk voor uitvoerende partners vanwege de beperkte bestedingsruimte (zeer hoge administratieve lasten) en de beperkte reikwijdte van het product (beperkt ecosysteem van producenten en leveranciers van munitie).
b.Opgedane ervaringen
Hoewel de leden van het programmacomité hun mate van betrokkenheid bij het opstellen en goedkeuren van het ASAP-werkprogramma grotendeels op prijs stelden, erkenden verschillende leden het zeer veeleisende werk dat daarvoor nodig was. De leden van het programmacomité waren over het algemeen ook te spreken over het responsniveau en de mate van informatieverstrekking door de Commissie tijdens het gehele proces.
Met betrekking tot de doeltreffendheid van de opzet van het werkprogramma om de doelstellingen van de ASAP-verordening te verwezenlijken, betwistten sommige lidstaten het uitgangspunt voor de structuur van het werkprogramma (op basis van de bevindingen van de Commissie uit een inventarisatie waarbij de lidstaten zich niet betrokken hebben gevoeld), waardoor er geen breder scala aan defensieproducten, afgezien van de knelpunten die zijn geïdentificeerd voor 155 mm-artilleriemunitie en raketten, kan worden aangepakt. Verschillende andere lidstaten en het Europees Defensieagentschap hebben daarentegen erkend dat de voor het werkprogramma voorgestelde structuur relevant en doeltreffend is om de doelstellingen van de ASAP-verordening te verwezenlijken — ook al zijn de resultaten van de voor financiering geselecteerde projecten nog niet beschikbaar — en dat het ook mogelijk is om bepaalde investeringsbeslissingen te versnellen, ook rekening houdend met de mogelijke toekenning met terugwerkende kracht van ASAP-financiering. Hoewel de beperkte financiële middelen die in het kader van ASAP beschikbaar waren, bovendien vereisten dat er gericht werd geïnvesteerd in terdege geïdentificeerde knelpunten om daadwerkelijk impact te sorteren, werd het richten op kruit en explosieven geacht positieve overloopeffecten te hebben op andere soorten grond-grondmunitie en artilleriemunitie.
Over het geheel genomen is het evenwichtige ontwerp van het definitieve werkprogramma het resultaat van de best mogelijke manier om de ambitieuze doelstellingen van de ASAP-verordening te verwezenlijken, rekening houdend met het spoedeisende karakter en de beperkte begroting van het instrument. Dit heeft uiteindelijk geleid tot een unanieme goedkeuring van het werkprogramma door de lidstaten.
5.Aanvraagproces en ondersteuning van aanvragers
a.Uitvoering
Na de publicatie en de opening van de ASAP-oproepen tot het indienen van voorstellen op de portaalsite voor financieringsmogelijkheden en aanbestedingen (“Funding and Tenders Portal”) van de EU heeft de Commissie de informatie op grote schaal bekendgemaakt via verschillende kanalen, met name het ASAP-programmacomité, informatie-evenementen georganiseerd door nationale autoriteiten, waaronder Zweden en Bulgarije, deskundigengroepen uit de defensie-industrie, brancheverenigingen, de website van de Commissie en sociale media.
De Commissie ontving in totaal 174 vragen en beantwoordde deze binnen gemiddeld drie werkdagen, indien nodig via het vraag- en antwoordgedeelte van de ASAP-oproepen tot het indienen van voorstellen, die voor iedereen toegankelijk zijn via de portaalsite voor financieringsmogelijkheden en aanbestedingen (“Funding and Tenders Portal”), teneinde transparantie en gelijke behandeling te waarborgen.
Een paar dagen na de opening van de oproepen hebben de diensten van de Commissie een informatiesessie opgenomen en online gepubliceerd waarin de achtergrond en de structuur van het ASAP-werkprogramma, de toepasselijke voorwaarden, de financieringsbeginselen en het indieningsproces werden toegelicht. Dit werd aangekondigd via sociale media en op de portaalsite voor financieringsmogelijkheden en aanbestedingen (“Funding and Tenders Portal”). Dit materiaal was gedurende de gehele indieningstermijn beschikbaar.
De oproepen waren geopend voor indiening van 18 oktober 2023 tot en met 13 december 2023 om 17.00 uur CET, zodat de aanvragers in totaal acht weken hadden om hun voorstellen voor te bereiden en in te dienen.
b.Opgedane ervaringen
De aanvragers en de nationale autoriteiten waren grotendeels tevreden met de informatie en de ondersteuning die zij hebben gekregen over de inhoud van de ASAP-oproepen tot het indienen van voorstellen. De informatie werd algemeen erkend als duidelijk en beknopt, en verscheidene aanvragers waren blij met de reactiesnelheid van de Commissie op de gestelde vragen. Sommige aanvragers betreurden echter dat het niet mogelijk was om online of live overleg met de Commissie te organiseren om bepaalde specifieke punten te verduidelijken. De elementen die voor sommige aanvragers de grootste uitdaging bleken te zijn, waren de beschrijving van de verschillende kostenelementen en de aanpak van veiligheidskwesties, met name de beveiliging van gevoelige en gerubriceerde informatie.
Het online beschikbare informatiepakket, en met name de opgenomen infosessie, werd zeer goed ontvangen door de aanvragers. Een van de genoemde voordelen van de opgenomen sessie was dat de aanvragers specifieke secties van belang meerdere malen opnieuw konden bekijken en tevens op het moment dat zij bij die specifieke stap in hun indieningsproces waren aangekomen. Sommige aanvragers meldden echter dat bepaalde verstrekte informatie niet gedetailleerd genoeg was, met name wat betreft kosten en veiligheidskwesties. Enkele aanvragers gaven aan dat zij niet op de hoogte waren van de beschikbaarheid van de opgenomen infosessie, maar dat zij toch een voorstel hadden kunnen indienen. Tot slot betreurden verscheidene aanvragers het feit dat er geen netwerk- en matchmakingevenementen werden georganiseerd door de Commissie (die niet konden worden aangeboden binnen de gestelde termijn). De Commissie heeft echter deelgenomen aan een aantal voorlichtingsbijeenkomsten die door de nationale autoriteiten waren georganiseerd.
Eén punt dat door verscheidene partijen werd benadrukt, was de beperkte tijd die aanvragers hadden om hun voorstel voor te bereiden. Hoewel de meeste aanvragers zich er volledig van bewust waren dat de ASAP-verordening een noodinstrument is, maakte de beperkte aanvraagtijd van acht weken het moeilijk om de complexere vragen te verduidelijken en hun voorstellen voor te bereiden en in te dienen, aangezien veel aanvragers niet bekend waren met aanvragen voor EU-subsidies.
Over het algemeen waren de deelnemers en de nationale autoriteiten tevreden over de steun die tijdens de indieningsperiode werd verleend. De betrokkenheid van de nationale autoriteiten bij de voorbereiding van het werkprogramma heeft ervoor gezorgd dat zij ook de industrie konden ondersteunen bij de voorbereiding van hun voorstellen en de noodzakelijke nationale bijdrage konden coördineren. De belangrijkste uitdagingen waren de complexiteit van het aanvraagproces, de mate van coördinatie tussen de aanvragers en de nationale autoriteiten en de zeer korte termijn voor het indienen van een voorstel.
6.Evaluaties en resultaten
a.Uitvoering
Tijdschema
Het evaluatieproces is onmiddellijk na de afsluiting van de oproep tot het indienen van voorstellen op 13 december 2023 van start gegaan. De evaluaties werden op 13 maart 2024 door het ASAP-programmacomité met een positieve stemming afgerond. De resultaten van de evaluaties zijn op 15 maart 2024 gepubliceerd in een persbericht van de Commissie en op de website van de Commissie.
Organisatie van het evaluatieproces
De eerste stap was het openen van de dossiers voor de indiening van de voorstellen. Elk voorstel bestond uit twee onderdelen:
-het eerste deel bevatte de administratieve gegevens, de gedetailleerde begrotingstabel en andere niet-gerubriceerde bijlagen. Dit deel werd ingediend via de portaalsite voor financieringsmogelijkheden en aanbestedingen (“Funding and Tenders Portal”) met behulp van de verstrekte standaardformulieren. Dit deel genereerde ook de metagegevens die nodig waren om het voorstel gedurende het gehele proces te volgen en om het voorstel te registreren zoals het werd ingediend in de “eGrants”-suite voor bedrijven die door de Commissie wordt gebruikt voor de meeste van de door de EU gefinancierde programma’s;
-het tweede deel bestond uit de technische bijlage, met rubricering RESTREINT UE/EU RESTRICTED. Dit deel werd uiterlijk op de dag van de uiterste termijn, 13 december 2023, via het portaal ingediend als een versleuteld bestand in het indieningspakket of afzonderlijk via aangetekende brief.
Tegen de uiterste termijn voor het indienen van voorstellen waren in het kader van alle oproepen 82 voorstellen ingediend. Voor alle oproepen en onderwerpen zijn voorstellen ontvangen. In de oproep “Explosieven” viel de som van de door de ingediende voorstellen gevraagde bedragen lager uit dan het volledige begrotingsbedrag van de oproep, wat betekent dat er een tekort aan inschrijvingen voor die oproep bestond. De resterende begroting die niet werd gebruikt in één oproep, in dit geval “Explosieven”, werd overgedragen naar andere oproepen, “Kruit” en “Raketten”.
In een tweede fase werden de vereiste controles van de ontvankelijkheid en de subsidiabiliteit uitgevoerd.
Bij de ontvankelijkheidstoets werd gecontroleerd of het voorstel volledig was en of alle noodzakelijke en verplichte documenten tijdig en volgens de instructies waren ingediend. Er werden geen laattijdige aanvragen aanvaard.
Bij de subsidiabiliteitscontrole werd onder meer beoordeeld of het voorstel subsidiabel was volgens de vereisten van de verordening, waaronder of het voorstel binnen het toepassingsgebied van de oproep viel. Het toepassingsgebied van de oproep werd gedefinieerd in de oproeptekst die op de portaalsite voor financieringsmogelijkheden en aanbestedingen (“Funding and Tenders Portal”) werd gepubliceerd.
In een derde stap werden de voorstellen die de ontvankelijkheids- en subsidiabiliteitscontroles hadden doorstaan, beoordeeld aan de hand van de zes toekenningscriteria zoals gespecificeerd in de ASAP-verordening (artikel 11).
De voorstellen kregen een score per toekenningscriterium en de totale score was bepalend voor de rangorde van het voorstel. De ranglijst en de samenvattende evaluatieverslagen zijn opgesteld door een evaluatiecomité.
In overeenstemming met het dubbele comitologieproces dat is vastgelegd in de ASAP‑verordening, werd het programmacomité geraadpleegd over zowel het ontwerp van het ASAP‑werkprogramma als over het ontwerpbesluit inzake toekenning.
Het programmacomité kwam op 13 maart 2024 bijeen om over de resultaten van de evaluaties te stemmen. Vanwege de behandeling van RESTREINT UE/EU RESTRICTED-materiaal werd de vergadering ook gehouden op RESTREINT UE/EU RESTRICTED-niveau. Het programmacomité heeft een unaniem positief advies uitgebracht ter ondersteuning van de resultaten. Na de evaluaties van de oproepen werden 31 voorstellen voor financiering goedgekeurd. Na het positieve advies dat op 13 maart 2024 werd verkregen, werden de aanvragers op de hoogte gesteld en werden de resultaten op 15 maart online gepubliceerd.
ASAP richt zich op kruit en explosieven, die knelpunten vormen voor de productie van munitie. Het programma zal projecten ondersteunen waarmee de jaarlijkse productiecapaciteit met meer dan 10 000 ton buskruit en meer dan 4 300 ton explosieven wordt verhoogd. Daartoe zal de Unie 248 miljoen EUR in de productiecapaciteit voor buskruit en 124 miljoen EUR in de productiecapaciteit voor explosieven investeren.
Er zijn projecten die niet voor financiering zijn geselecteerd (waaronder die op de reservelijst) en waarvoor een verhoging van de ASAP-begroting met 240 miljoen EUR nodig zou zijn. Deze projecten, die goed zijn voor een totale investering van 660 miljoen EUR, zouden ongeveer 40 % van de productie van kruit, meer dan 100 % van de productie van granaten en granaathulzen en een aanzienlijke extra productiecapaciteit voor verschillende raketsystemen hebben kunnen toevoegen.
b.Opgedane ervaringen
De aard van de verordening en de reikwijdte van de oproepen vereisten dat vanaf het begin volledig gedetailleerde voorstellen werden ingediend. Voor de verwerking van technische voorstellen van (maximaal) 70 pagina’s is tijd nodig. De tijdsbeperkingen die voortvloeiden uit het spoedeisende karakter van het instrument, hebben gedurende het gehele proces zwaar gewogen op de beperkte beschikbare middelen.
Het aantal toekenningscriteria is relatief hoog. Hoewel dit aantal ervoor zorgt dat specifieke beleidsdoelstellingen worden nageleefd, kan het ertoe leiden dat de aanvragers minder aandacht hebben voor de voornaamste impact die met de verordening wordt beoogd. Een alternatief voor veel toekenningscriteria zou een duidelijker omschreven reikwijdte van de oproep kunnen zijn, waardoor dezelfde beleidsdoelstellingen worden bereikt. Het vertrouwelijke karakter van het programma vereiste de fysieke beschikbaarheid van personeel op quasi-permanente basis. Dankzij de inzet van alle lidstaten heeft de eindcontrole binnen de gestelde termijn kunnen plaatsvinden.
Ook moet worden opgemerkt dat, hoewel sommige voorstellen boven de drempelwaarde scoren, zij niet konden worden gefinancierd vanwege de beperkte omvang van de beschikbare begroting. Uit dergelijke voorstellen, die op de reservelijst moesten worden geplaatst, blijkt ook het concurrerende karakter van het programma. Deze voorstellen kregen het excellentiekeurmerk, waarmee werd aangetoond dat het project zelf, ondanks het feit dat het niet in het kader van ASAP werd gefinancierd, zou zijn gefinancierd als er extra begrotingsmiddelen beschikbaar waren geweest.
7.Aanbevelingen
Op basis van de lessen die tijdens het uitvoeringsproces zijn geleerd, kunnen voor de toekomst de volgende aanbevelingen worden gedaan:
Opstelling van de verordening
·Streven naar duidelijke verbanden tussen beleidsdoelstellingen en geplande activiteiten in de verordening. Elke actie in de ASAP-verordening moet worden gebruikt om de belangrijkste doelstellingen te bereiken, en alle potentiële aanvragers moeten inzicht kunnen krijgen in hoe een voorstel aan de hand van de toekenningscriteria moet worden opgesteld en wat de financieringsmogelijkheden zijn, met inbegrip van bonussen.
·Eenvoud moet zoveel mogelijk leidend zijn bij de opstelling van de verordening, met name wat betreft het aantal toekenningscriteria en de complexiteit van de financieringsmechanismen (verschillende financieringspercentages en verschillende mogelijke bonussen maken het moeilijker om de verordening toe te passen en voorstellen van topkwaliteit in te dienen).
·De vereisten inzake dubbele comitologie moeten zorgvuldig worden heroverwogen, rekening houdend met de mogelijke vertraging bij de vaststelling van zowel het werkprogramma als het toekenningsbesluit, alsook met de bijbehorende administratieve lasten in vergelijking met de toegevoegde waarde ervan en alternatieve coördinatiemiddelen.
Voorbereiding van het werkprogramma en de oproepen
·Een voorafgaand en diepgaand feitenonderzoek en grondige kennis van de productiecapaciteit van de bedrijfstak voor een bepaald defensieproduct zijn van cruciaal belang voor het vaststellen van de meest geschikte structuur in het werkprogramma om de beoogde investeringen zo efficiënt mogelijk te richten op knelpunten waar de impact het grootst is. De lidstaten en geassocieerde landen moeten echter actief en vooraf worden betrokken bij de vaststelling van de methode voor het verzamelen van kennis en voor de prioritering van de defensieproducten.
·In noodsituaties is een versnelde uitwerking van werkprogramma’s haalbaar, maar vormt voor de lidstaten een uitdaging in termen van de beschikbare tijd voor het programmacomité om de iteratieve versies van de documenten te onderzoeken.
·Het afstemmen van de selectie en weging van de toekenningscriteria op de verschillende onderwerpen van de oproepen is een uitdaging en kost veel tijd. Dit geldt ook voor de begroting per oproep en onderwerp en, indien van toepassing, de maximale EU-bijdrage per project.
·Toekenning met terugwerkende kracht kan nuttig zijn om beleidsdoelstellingen te bereiken. Dit leidt echter tot een extra behoefte aan verduidelijkingen en vergroot de complexiteit van de uitvoering, wat mogelijk resulteert in extra tijd die aan deze kwestie in het programmacomité wordt besteed.
Aanvraagproces en ondersteuning van aanvragers
·Voor noodmaatregelen moet een evenwicht worden gevonden tussen de tijd die wordt besteed aan het uitwerken van een werkprogramma en de tijd die de aanvragers beschikbaar hebben om hun voorstellen voor te bereiden. Er moet ook rekening worden gehouden met de ervaring die de potentiële aanvragers hebben met EU-financieringsmogelijkheden.
·Het identificeren van de meest complexe elementen van het aanvraagdossier, zoals financiële of beveiligingsaspecten, kan helpen bij het verstrekken van de vereiste begeleiding voor deze elementen, bijvoorbeeld in de vorm van opgenomen tutorials.
·Netwerk- en matchmakingmogelijkheden zoals die welke door de jaarlijkse EDF-infodagen worden aangeboden, lijken een frequent verzoek te zijn en kunnen een combinatie bieden van informatie over het werkprogramma, de aanvraagprocedures en de mogelijkheid om contact op te nemen met potentiële partners voor een voorstel.
·Er moet worden gecommuniceerd via alle beschikbare kanalen over al het beschikbare begeleidingsmateriaal om ervoor te zorgen dat zowel het werkprogramma als de aanvraagprocedures bekend zijn en begrepen worden.
Evaluaties en resultaten
·Hoewel begrotingsbeperkingen het niet mogelijk maken alle voorstellen die boven de drempel zijn beoordeeld, te financieren, biedt het excellentiekeurmerk een goede optie om het voorstel te certificeren voor elke alternatieve vorm van financiering.
8.Conclusie
De uitvoering van de ASAP‑verordening heeft aangetoond dat een noodinstrument voor werkzaamheden op het gebied van industriële defensie werkt, en dat concurrerende oproepen voor specifieke industriële behoeften kunnen worden opgezet met een volledige publicatie van oproepen tot het indienen van voorstellen en met inbegrip van het reguliere comitologieproces zoals gebruikt in andere soortgelijke programma’s.
De doelgroep van de industriële gemeenschap in de sector artilleriemunitie kon tijdig met volledige voorstellen reageren en gebruikmaken van alle mogelijkheden in de verordening en het werkprogramma, zoals het bonusstelsel, de verschillende in aanmerking komende activiteiten en de toekenning met terugwerkende kracht. De 31 projecten die voor ASAP‑financiering zijn geselecteerd, vormen een goede basis om de beleidsdoelstellingen van de verordening te bereiken en, nog belangrijker, de productiecapaciteit van artilleriegranaten en raketten en de respectieve toeleveringsketens daarvan aanzienlijk te vergroten.
Bovendien kan de gevoeligheid van het onderwerp, waarvoor deels een rubricering van de documenten en processen nodig is, in deze versnelde vorm van uitvoering worden gebruikt. Toch zijn er enkele beperkingen, met name wat betreft het tijdschema en de vertragingen voor zowel de besluitvormers als de aanvragers. De uitvoering van de ASAP-verordening heeft aangetoond dat deze beperkingen kunnen worden nageleefd door de processen te stroomlijnen en adequate, robuuste communicatiekanalen te gebruiken voor communicatie en interactie met belanghebbenden, met name via de portaalsite voor financieringsmogelijkheden en aanbestedingen (“Funding and Tenders Portal”). De aanbevelingen die in de ondersteuning ervan zijn opgenomen, zullen de uitvoering van noodmaatregelen in toekomstige programma’s voor industriële defensie in de EU verbeteren om de paraatheid van de defensie-industrie te waarborgen en te reageren op een snel evoluerend veiligheidsparadigma in Europa.
De ASAP-verordening vormt een zeer goed bewijs van het vermogen van de Commissie om met spoed en in volledige overeenstemming met het rechtskader te handelen.