|
29.6.2023 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 228/22 |
Advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité over 30 jaar eengemaakte markt — Verdere verbetering van het functioneren van de eengemaakte markt
(verkennend advies)
(2023/C 228/04)
|
Rapporteur: |
Felipe MEDINA MARTÍN |
|
Corapporteur: |
Angelo PAGLIARA |
|
Raadpleging |
Voorzitterschap van de Europese Raad, 14.11.2022 |
|
Rechtsgrond |
Artikel 304 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie Verkennend advies |
|
Bevoegde afdeling |
Interne Markt, Productie en Consumptie |
|
Goedkeuring door de afdeling |
4.4.2023 |
|
Goedkeuring door de voltallige vergadering |
27.4.2023 |
|
Zitting nr. |
578 |
|
Stemuitslag (voor/tegen/onthoudingen) |
137/1/0 |
1. Conclusies en aanbevelingen
|
1.1. |
Het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC) is van mening dat de eengemaakte markt nog steeds een van de grootste politieke en economische successen van de Europese integratie is, waarvan zowel burgers als bedrijven de vruchten hebben geplukt. Zij moet worden gezien als een dynamisch proces dat voortdurend wordt verbeterd en zich steeds aanpast aan nieuwe behoeften. Ondanks de vele verworvenheden van de eengemaakte markt de afgelopen 30 jaar blijven een kritische blik en verdere verbeteringen nodig; daarbij gaat het niet alleen om de doelstellingen, maar ook om nieuwe uitdagingen zoals de COVID-19-pandemie, de energiecrisis en de Russische invasie van Oekraïne. Het EESC wil een bijdrage leveren aan de versterking van de eengemaakte markt en stelt daartoe de volgende maatregelen voor. |
|
1.2. |
Het EESC hoopt dat het “programma voor de eengemaakte markt 2021-2027”, dat tot doel heeft de werking van de eengemaakte markt en het concurrentievermogen en de duurzaamheid van bedrijven te verbeteren, vergezeld zal gaan van degelijke controle- en beschermingsmechanismen met betrekking tot de kwaliteit van de werkomgeving, een gelijk speelveld voor alle bedrijven, burgerrechten en consumentenbescherming. Tegelijkertijd dringt het EESC erop aan dat al het nodige wordt gedaan om een einde te maken aan alle vormen van sociale en fiscale dumping, teneinde eerlijke concurrentie en een goede werking van de eengemaakte markt te waarborgen en verstoringen in welke vorm dan ook te voorkomen. |
|
1.3. |
De huidige geopolitieke uitdagingen zullen van invloed zijn op de werking van de eengemaakte markt, de voorzieningssystemen en de veerkracht van de Europese economie. Het EESC is ingenomen met het streven om de kritieke afhankelijkheid van derde landen te verminderen en verzoekt de Europese Commissie al het nodige te doen om het Europese industriebeleid te actualiseren door de eengemaakte markt en de voordelen voor consumenten, werknemers en bedrijven in stand te houden en te versterken. |
|
1.4. |
De recente crises hebben aangetoond dat de eengemaakte markt er op de eerste plaats op gericht moet zijn de levensstandaard en arbeidsomstandigheden te verbeteren door groei en eerlijke mededinging te bevorderen en een vanuit bedrijfs- en sociaal oogpunt gunstig klimaat te creëren. Het EESC beschouwt het vrije verkeer van personen en werknemers als een van de hoekstenen van de eengemaakte markt en dringt daarom aan op snellere erkenning van kwalificaties en diploma’s tussen de lidstaten. Ook moet bijzondere aandacht uitgaan naar ontslagen werknemers. |
|
1.5. |
Europese bedrijven krijgen te maken met problemen die het gevolg zijn van tekortkomingen van de eengemaakte markt, wat ernstige gevolgen heeft voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid. Ondanks enorme inspanningen voor de uitvoering van voorschriften inzake de eengemaakte markt blijft de regeldruk grotendeels afkomstig van nationaal niveau. Daartoe moeten de EU-instellingen, met inachtneming van hun hogere normen, streven naar volledige harmonisatie en moeten de lidstaten de mogelijke gevolgen van hun aanvullingen voor de integriteit en de goede werking van de markt voor ogen houden. Voorts moeten zij, indien mogelijk, maatregelen vermijden die tot aanzienlijke verstoring en versnippering zouden kunnen leiden en zou het EESC graag zien dat de EU-instellingen proactiever en sneller met wetgeving komen om zo de harmonisatie te bevorderen. Het is van cruciaal belang om nationale initiatieven die de eengemaakte markt en de gemeenschappelijke regels op de helling dreigen te zetten, zo veel mogelijk te beteugelen. In dit verband wijst het EESC erop dat het TRIS-mechanisme (informatiesysteem betreffende technische voorschriften) moet worden versterkt om de voorwaarden te scheppen voor een echte eengemaakte markt — in plaats van 27 verschillende markten. |
|
1.6. |
Er moet resoluut worden ingezet op de verbetering van de kwaliteit van de wetgeving in Europa en de lidstaten. Om Europese wetgevingsinitiatieven transparanter te maken en de doelstellingen te verbeteren moeten al in de eerste fase een verplichte voorafgaande effectbeoordeling en een openbare raadpleging worden gehouden. Zo ook moeten de agenda voor betere regelgeving en het Refit-programma gericht zijn op meer openheid en integratie van de markten voor goederen en diensten om de voordelen voor de burgers en de Europese economie te maximaliseren; daarnaast moet nagegaan worden of overbodige wetgeving bestaat en moet met name aandacht worden besteed aan de gebieden waar harmonisatie noodzakelijk is, terwijl tegelijk de bestaande regels inzake sociale bescherming worden aangescherpt. |
|
1.7. |
Er moet meer aandacht uitgaan naar uitvoering, vereenvoudiging en handhaving, met name wat de lidstaten betreft. Het EESC roept hen op om de gemeenschappelijke voorschriften strikt toe te passen en te handhaven en verdere nationale regelgeving te vermijden indien deze niet nodig is (1). |
|
1.8. |
De Europese Commissie zou alle regelgeving moeten beoordelen op haar bijdrage aan het concurrentievermogen van bedrijven en het welzijn van de burgers, en moeten nagaan welke belemmeringen systematisch zouden moeten worden weggenomen. |
|
1.9. |
De bestaande juridische instrumenten waarover de Europese Unie beschikt om haar eengemaakte markt te beschermen, zijn toereikend en stroken met de behoeften: de TRIS-procedure, de wederzijdse erkenning van wetgeving, SOLVIT, het 28e regime, de klachtenprocedure, CEN-Cenelec, normen enz. Hoewel deze instrumenten van vitaal belang zijn voor de bescherming van de eengemaakte markt wordt hun potentieel niet altijd benut; zij zouden nog efficiënter kunnen zijn en beter kunnen worden ingezet. |
|
1.10. |
De eengemaakte markt staat voor tal van nieuwe uitdagingen, maar het EESC meent dat prioriteit moet worden gegeven aan de bevordering van de open strategische autonomie van de EU op het gebied van voorziening en handel, in de energiesector, in de sector kritieke grondstoffen en, meer in het algemeen, waar het gaat om leiderschap op het gebied van innovatie, digitalisering en geavanceerd onderzoek. Het EESC pleit ervoor de samenwerking en overeenkomsten met gelijkgestemde landen te versterken. |
|
1.11. |
Wat goederen en diensten aangaat, erkent het EESC de positieve gevolgen van gezamenlijke aankopen in verschillende sectoren, zoals gas en de detailhandel. Dit soort Europese allianties heeft tal van concurrentiebevorderende effecten en duidelijke voordelen voor de consument, en moet dan ook de ondubbelzinnige steun van de EU-instellingen krijgen. |
|
1.12. |
De problemen waar de eengemaakte markt mee te maken krijgt als gevolg van de digitale transitie moeten worden aangepakt via sociale dialoog en EU-leiderschap; dit houdt ook in dat gedeelde wetgeving wordt toegepast om de meest kwetsbaren te beschermen en dat ervoor wordt gezorgd dat de nagestreefde efficiëntie de sociale, economische en territoriale cohesie en de politieke stabiliteit niet ondermijnt. |
|
1.13. |
De eengemaakte markt is niet perfect en moet voortdurend worden aangepast aan de veranderende omstandigheden, zodat zij ook in tijden van crisis blijft functioneren; ook moeten de met de eengemaakte markt gepaard gaande vrijheden actief worden bevorderd (de pandemie heeft aangetoond dat vrij verkeer niet als vanzelfsprekend kan worden beschouwd). Het jubileum zou dan ook moeten worden aangegrepen om dit beleid opnieuw op de Europese agenda te zetten en verbeteringen voor te stellen voor de nabije toekomst. |
|
1.14. |
Het EESC vreest dat de versoepeling van de staatssteunregels in reactie op de Inflation Reduction Act (IRA) de asymmetrieën tussen de lidstaten nog zal vergroten, waardoor de veerkracht van de eengemaakte markt op losse schroeven zou komen te staan. De beste manier om het Europese industriebeleid en investeringen in groene technologieën een nieuwe impuls te geven, is de oprichting van een Europees Soevereiniteitsfonds. |
|
1.15. |
De eengemaakte markt heeft een belangrijke bijdrage geleverd aan het voorkomen van protectionisme en het ontwikkelen van een gelijk speelveld binnen de EU. Het EESC is in dit verband van mening dat grondig moet worden nagedacht over de criteria voor de toekenning van staatssteun en de gevolgen, het nut en de veerkracht daarvan. Bepaalde economische sectoren hebben nooit toegang gekregen tot dit soort steun, die bovendien ongelijk verdeeld is tussen de verschillende lidstaten, wat leidt tot verschillen in concurrentievermogen binnen de EU. |
2. Inleiding
|
2.1. |
In 2023 is het 30 jaar geleden dat de eengemaakte markt, een van de grootste politieke, economische en sociale successen in de geschiedenis van de Europese integratie, het licht zag. Dit jubileum moet echter worden aangegrepen om de filosofie achter de eengemaakte markt fundamenteel aan te passen en af te stemmen op de huidige uitdagingen. De eerste stap op weg naar een eengemaakte markt werd in 1986 gezet met de Europese Akte, waarmee de grondslag werd gelegd voor de goedkeuring van gemeenschappelijke — in plaats van nationale — voorschriften op tal van gebieden, via de vaststelling van honderden strategische wetgevingsmaatregelen en de toepassing van het beginsel van wederzijdse erkenning. |
|
2.2. |
Niemand zal vandaag nog in twijfel trekken dat de eengemaakte markt positieve maar ook negatieve gevolgen heeft. De eengemaakte markt kan worden beschouwd als een essentieel onderdeel van het Europese model dat het vrije verkeer van goederen, personen, diensten en kapitaal in de hele Europese Unie mogelijk heeft gemaakt en zo bedrijven, instellingen en burgers in de meeste gevallen het leven gemakkelijker heeft gemaakt. |
|
2.3. |
De eengemaakte markt fungeert als hefboom voor economische, sociale én politieke vooruitgang, en heeft zo het integratieproces in een stroomversnelling gebracht. Het vrije verkeer van personen, dat te danken is aan de eengemaakte markt, heeft zijn stempel gedrukt op het leven van verschillende generaties Europeanen, die via programma’s zoals Erasmus al vanaf zeer jonge leeftijd het gevoel hebben deel uit te maken van Europa, de kans krijgen tal van mensen zoals zijzelf uit verschillende lidstaten te leren kennen en begrijpen, en een gemeenschappelijke Europese levenswijze delen. |
3. Algemene opmerkingen
|
3.1. |
De pandemie heeft duidelijk gemaakt dat de EU behoefte heeft aan een nieuw economisch en bedrijfsmodel. De recente crises, de huidige geopolitieke spanningen, de uitdagingen van de groene en de digitale transitie en de recente goedkeuring van de IRA in de VS laten zien dat de tijd gekomen is om de eengemaakte markt te actualiseren en een nieuwe impuls te geven, waarbij steeds voor ogen moet worden gehouden dat deze markt een instrument is ten dienste van de Europeanen, en geen doel op zich. |
|
3.2. |
Met het voortschrijden van de Europese integratie is ook de eengemaakte markt geëvolueerd. Terwijl de eengemaakte markt aanvankelijk gericht was op het wegnemen van niet-tarifaire belemmeringen en maatregelen met een vergelijkbaar effect op de intracommunautaire handel in goederen, alsook op de harmonisatie van wetgeving (de Europese eengemaakte markt), is het toepassingsgebied vervolgens uitgebreid tot nieuwe gebieden zoals diensten en de digitale economie, om te voldoen aan de politieke ambities en behoeften. |
|
3.3. |
Al deze successen zijn te danken aan de enorme inspanningen van alle belanghebbenden, overheden en economische en sociale actoren. De afgelopen jaren echter leek de eengemaakte markt niet langer een politieke prioriteit te zijn, en de openstelling en integratie van de goederen- en dienstenmarkten is van de agenda verdwenen. Eerste probleem in dit verband is het gebrek aan inzet van de lidstaten in de afgelopen jaren. De Raad heeft herhaaldelijk verklaard de eengemaakte markt te willen verbeteren en versterken, maar zijn conclusies zijn zelden omgezet in nationaal beleid. Het EESC roept de Raad en de lidstaten dan ook op in dit verband verdere actie te ondernemen. |
|
3.4. |
De eengemaakte markt moet helpen Europese bedrijven concurrerender te maken op de wereldmarkten. Het feit dat het om een voortdurend evoluerend proces gaat is een zwak punt en een risico, maar voordeel is wel dat de markt ook een nieuwe rol op zich kan nemen, zoals zorgen voor veerkracht. Deze nieuwe taak komt bovenop de traditionele taken, die niet mogen worden verwaarloosd en niet als vanzelfsprekend mogen worden beschouwd. |
|
3.5. |
Het EESC verzoekt de Commissie en de Raad alle nodige maatregelen te nemen om het Europese industriebeleid en het Europese bedrijfsleven te helpen de doelstellingen van de groene en de digitale transitie te verwezenlijken, door gebruik te maken van de bestaande EU-instrumenten en indien nodig gevolg te geven aan het voorstel om een Europees Soevereiniteitsfonds op te zetten. Wel herinnert het de lidstaten en de Commissie eraan dat het pas zin heeft nieuwe instrumenten in het leven te roepen als de vele bestaande financieringsprogramma’s en -instrumenten ten volle worden benut. Het verzoekt de Europese Commissie om te worden betrokken bij de discussies over staatssteunregels. |
|
3.6. |
Het EESC is het ermee eens (2) dat de EU behoefte heeft aan een robuust en ambitieus digitaal beleid, zodat de mogelijkheden die de digitale innovatie biedt kunnen worden benut om de EU concurrerender te maken. Het EESC wijst erop dat een daadwerkelijk eengemaakte markt en eenvoudige, grensoverschrijdende wetgeving tal van sectoren in staat zal stellen om in te spelen op de vraag van de consument en te concurreren in een wereldwijd competitieve, meer digitale omgeving. |
|
3.7. |
De digitalisering van de eengemaakte markt kan leiden tot verdere groei en meer welzijn voor Europese burgers en bedrijven. De Europese Commissie zou dan ook al het mogelijke moeten doen om de investeringen die erop gericht zijn de bestaande digitale kloof tussen de Europese regio’s te dichten, op te voeren. Het is van cruciaal belang voor de lidstaten dat meer wordt geïnvesteerd in onderwijs en opleiding om de digitale eengemaakte markt te ontwikkelen en efficiënter te maken. Doel moet zijn ervoor te zorgen dat er voldoende geschoolde werknemers en innovatieve bedrijven zijn, en een einde te maken aan onzekere arbeidsomstandigheden zodat er kwaliteitsbanen komen. |
|
3.8. |
De Europese Commissie zou zich moeten buigen over de risico’s in verband met de productie, de verspreiding en de opslag van persoonsgegevens en gevoelige gegevens die voortkomen uit digitaliseringsprocessen; daarnaast dient ook de nodige aandacht uit te gaan naar de risico’s in verband met het gebruik en de controle ervan. Tegelijkertijd verzoekt het EESC de Commissie alle nodige maatregelen te nemen om deze risico’s te voorkomen en bij de uitwerking van het regelgevingskader uit te gaan van de conclusies van de lopende onderhandelingen over de overeenkomst van de Raad van Europa inzake kunstmatige intelligentie, mensenrechten, democratie en de rechtsstaat (3). Het is zaak om persoonsgegevens, werknemers en consumenten te beschermen, maar tegelijk moet het vertrouwelijke gebruik van gegevens mogelijk worden gemaakt, zodat de voordelen van nieuwe technologieën kunnen worden benut. |
|
3.9. |
Het is van cruciaal belang om vaart te zetten achter de digitalisering en initiatieven voor sectorspecifieke pan-Europese dataruimten, om zo een betere analyse en een beter gebruik van gegevens ten behoeve van de Europese samenleving, de EU en het concurrentievermogen van haar bedrijven mogelijk te maken. Dankzij dergelijke dataruimten zouden nieuwe schaalbare industriële innovators en start-ups kunnen worden opgericht of ondersteund. Een goed functionerende eengemaakte markt voor data is ook van cruciaal belang omdat zij intrinsiek verbonden is met de eengemaakte markt voor goederen, diensten, kapitaal en personen, alsook met de energie- en vervoerssystemen. |
4. De eengemaakte markt voor goederen en diensten
|
4.1. |
Het is zaak de tekortkomingen van de eengemaakte markt te analyseren en maatregelen te treffen om de situatie recht te trekken; zo moeten met name onnodige regelgeving en administratieve lasten worden weggenomen teneinde het concurrentievermogen en de duurzaamheid van Europese bedrijven te bevorderen, terwijl tegelijk de bestaande regels inzake sociale bescherming moeten worden gehandhaafd en aangescherpt. |
|
4.2. |
Het EESC wijst op de problemen die de lidstaten kunnen veroorzaken wanneer zij vooruitlopen op de goedkeuring van gemeenschappelijke maatregelen op Europees niveau, en de manier waarop zij trachten hun stempel te drukken op de gemeenschappelijke oplossingen die de Europese wetgeving aanreikt. In sommige gevallen is dit te wijten aan het feit dat de Europese Commissie geen maatregelen heeft voorgesteld, maar het gebeurt ook dat de lidstaten vooruitlopen op het Europese voorstel (voorbeelden zijn de oorsprongsetikettering van vleesproducten, de etikettering van levensmiddelen op de voorzijde van de verpakking, het Ierse voorstel inzake gezondheidswaarschuwingen voor alcoholische dranken enz.), met als gevolg dat het harmonisatieproces en het vrije verkeer van goederen worden belemmerd. Het EESC verzoekt de Europese Commissie dan ook met klem om waar nodig sneller regelgevingsvoorstellen te doen, om te voorkomen dat een wildgroei aan nationale regelgeving de interne markt versnippert. |
|
4.3. |
De informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften en regels betreffende de diensten van de informatiemaatschappij waarvan de lidstaten gebruik kunnen maken is vastgesteld in Richtlijn (EU) 2015/1535 van het Europees Parlement en de Raad (4). Zo wordt bepaald dat een lidstaat kan worden verplicht om de vaststelling van een ontwerpverordening met 12 tot 18 maanden uit te stellen als er een EU-initiatief in de pijplijn zit dat door die nationale bepalingen in het gedrang zou kunnen komen, of als het gaat om een herziening. In de praktijk echter wordt niet vastgehouden aan dit prerogatief van de Europese Commissie en zijn het uiteindelijk de lidstaten die bepalen hoe de Europese wetgeving eruit komt te zien. |
|
4.4. |
Solvit is een ander instrument dat is ontworpen om maatregelen die in strijd zijn met de eengemaakte markt tegen te houden of terug te draaien. Dit is een procedure die wordt toegepast in gevallen waarin een overheidsinstantie van een andere lidstaat de Europese wetgeving niet correct uitvoert, waardoor burgers en bedrijven hun rechten op de eengemaakte markt niet volledig kunnen uitoefenen. Het gaat om een bemiddelingssysteem tussen nationale overheden, waarbij in de praktijk meer wordt gerekend op de vasthoudendheid van de overheden dan op hun juridische slagkracht. Het EESC is dan ook van mening dat dit systeem maar in beperkte mate kan helpen bij het rechtzetten van bepaalde situaties en moet worden verbeterd. |
|
4.5. |
Een ander instrument is de klachtenprocedure bij de Europese Commissie, die in de ogen van het EESC weliswaar flexibel en transparant en dus doeltreffend is, maar ook krachtige politieke steun vergt; bovendien zou de procedure doeltreffender en doelmatiger moeten worden. |
|
4.6. |
In 2018 is een strategie voor de openstelling en ontwikkeling van de verschillende Europese sectoren goedgekeurd. Toch zijn er nog problemen, onder meer op het vlak van discriminatie, en brengen niet alle lidstaten de Europese Commissie daarvan op de hoogte, zoals zij op grond van artikel 15, lid 7, van de dienstenrichtlijn zouden moeten doen. |
|
4.7. |
Het EESC wijst erop dat bijvoorbeeld de dienstensector en de detail- en de groothandel sterk versnipperd zijn, maar zich op Europees niveau hebben kunnen verenigen en sterker zijn geworden. De detail- en de groothandel handelen naar de geest van de eengemaakte markt en zijn overtuigd van de onmiskenbare voordelen ervan; zo slagen zij erin dankzij inkoopallianties en de eengemaakte markt de Europese consumenten elke dag weer beter van dienst te zijn. Wel is voor de detail- en de groothandel nog heel wat werk aan de winkel op het gebied van harmonisatie en effectieve tenuitvoerlegging van de vrijheid van vestiging; de strategie “Een Europese detailhandel die past bij de 21e eeuw” is namelijk nog steeds niet volledig ten uitvoer gelegd. Daarnaast is steun voor inkoopallianties in de detailhandel nodig als middel om het welzijn van de consument te verbeteren, aangezien hierdoor de concurrentie op Europees niveau kan worden bevorderd. |
5. De eengemaakte markt voor werknemers
|
5.1. |
Tot de uitdagingen voor de eengemaakte markt behoren de transformatie op het vlak van werk en de daarmee gepaard gaande veranderingen in de betrekkingen tussen de partijen en de risico’s in verband met flexibiliteit (uren, locatie en diensten), met name voor platformwerkers en, meer in het algemeen, digitale beroepen en “slimme” werknemers. |
|
5.2. |
Recente crises hebben aangetoond dat de eengemaakte markt van de EU er op de eerste plaats op gericht moet zijn de levensstandaard en arbeidsomstandigheden te verbeteren, en tegelijk groei en eerlijke mededinging te bevorderen en een vanuit bedrijfs- en sociaal oogpunt gunstig klimaat te creëren. Alle vooruitgang ten spijt loopt 21,7 % van de Europese bevolking nog steeds het risico op armoede of sociale uitsluiting (Eurostat, 2021). |
|
5.3. |
Het EESC beschouwt het vrije verkeer van personen en werknemers als een van de hoekstenen van de eengemaakte markt en dringt daarom aan op snellere erkenning van kwalificaties en diploma’s tussen de lidstaten. Bijzondere aandacht moet uitgaan naar een eerlijke behandeling van gedetacheerde werknemers wat betreft salarissen en arbeidsvoorwaarden. |
|
5.4. |
Tijdens de pandemie is gebleken dat het vrije verkeer van gezondheidswerkers de convergentie ten goede kwam en de EU in staat stelde zichzelf beter te beschermen. Toch is voor veel beroepen (bijvoorbeeld in de juridische en de onderwijssector) ook vandaag nog onduidelijk hoe ver die vrijheid reikt. Het EESC (5) pleit voor een herziening van de steunmaatregelen op het vlak van werkgelegenheid en vaardigheden en voor investeringen in de vaardigheden van toekomstige werknemers door het verbeteren van beroepsonderwijs en -opleiding en individuele leerrekeningen, om zo bedrijven te ondersteunen. Bijzondere aandacht moet uitgaan naar groene banen. |
|
5.5. |
Digitale infrastructuur is van cruciaal belang voor een succesvolle toepassing van de voordelen van de eengemaakte markt in alle Europese gebieden en regio’s, met name de gebieden die achterblijven bij het gemiddelde. De achterstand op het gebied van infrastructuur vergroot de ongelijkheid en verkleint de kansen van mensen en bedrijven. De Europese Commissie zou dan ook al het mogelijke moeten doen om de investeringen die erop gericht zijn de bestaande digitale kloof in de EU te dichten, op te voeren. Ondernemingen, met name kleine en middelgrote ondernemingen (kmo’s), verdienen extra aandacht. |
6. De te volgen koers Toekomstige uitdagingen voor de eengemaakte markt
|
6.1. |
De EU-instellingen moeten de eengemaakte markt verder versterken om het potentieel ervan voor groei, banen en een betere toekomstige samenleving ten volle te benutten. |
|
6.2. |
De EU-instellingen moeten streven naar een volledige harmonisatie van het EU-recht waar mogelijk en passend, om onnodige versnippering van de eengemaakte markt, bijvoorbeeld op het gebied van belastingen, te voorkomen; daarbij moet steeds worden ingezet op strengere normen. De eengemaakte markt krijgt te maken met verschillende uitdagingen: zo moet de harmonisatie van de nationale belastingsstelsels worden voortgezet, moet worden getracht dumping te voorkomen en moet worden ingezet op loonconvergentie op middellange termijn; voorts moet de strijd worden aangebonden tegen sociale dumping en/of oneerlijke mededinging, met name in verband met het aantrekken van investeringen, de vestigingsplaats van ondernemingen en het in dienst nemen van werknemers. |
|
6.3. |
Handhaving is cruciaal om van uitvoering en vereenvoudiging de prioriteit en het leidende beginsel van de eengemaakte markt te maken. De EU-instellingen moeten ervoor zorgen dat de rol van de Commissie als hoedster van de Verdragen overeind blijft in een sterk gepolitiseerde Europese omgeving. Als nationale wetgevers — met gebruikmaking van hun beoordelingsmarge — besluiten om op nationaal niveau vereisten toe te voegen, moeten zij dit op transparante wijze doen, de Commissie en andere nationale autoriteiten hiervan in kennis stellen en hun redenen toelichten, overeenkomstig hun toezegging in het Interinstitutioneel Akkoord over beter wetgeven. Bovendien moeten sancties binnen de EU met elkaar in overeenstemming zijn. |
|
6.4. |
Kwaliteit van de wetgeving betekent betere wetgeving. Tijdens de voorbereidende fase moet een concurrentievermogenstest worden uitgevoerd als onderdeel van de beleidsvorming, moet de modellering van effectbeoordelingen worden verbeterd en moet de manier waarop regelgeving van invloed is op de cumulatieve bureaucratische lasten van ondernemingen, met name kmo’s, grondiger worden bekeken. |
|
6.5. |
Onnodige nationale belemmeringen slechten: de Europese Commissie en de lidstaten moeten beoordelen of de nationale technische voorschriften nog steeds geschikt zijn voor het beoogde doel en of zij toekomstbestendig en evenredig zijn en het vrije verkeer van goederen en diensten kunnen verbeteren. |
|
6.6. |
De Commissie en de lidstaten moeten zorgen voor een gelijk speelveld voor alle marktdeelnemers, gebaseerd op een sterk rechtskader dat ervoor zorgt dat alle producten en diensten die op de EU-markt worden verkocht, EU-conform en veilig zijn, zodat het vertrouwen van de consumenten overeind blijft en hun veiligheid verzekerd is, overeenkomstig de nieuwe verordening betreffende de veiligheid van producten en diensten, die ook betrekking heeft op digitale producten en diensten. |
|
6.7. |
De EU-instellingen moeten protectionisme en discriminatie van de lidstaten doeltreffend aanpakken zodat de belangen van de consument zowel bij beleidsbeslissingen van de EU als van de lidstaten in gelijke mate worden behartigd. |
|
6.8. |
De beschikbare instrumenten om bedrijven en consumenten toegang te geven tot informatie over kennisgeving (éénloketsysteem voor kennisgevingen) moeten worden verbeterd en de procedures moeten bruikbaarder en flexibeler worden, bijvoorbeeld door het netwerk voor klachten van consumenten in verband met grensoverschrijdende transacties te versterken. Het EESC pleit voor het opzetten van netwerken van laagdrempelige regelingen voor geschillenbeslechting; consumenten zouden namelijk meer vertrouwen krijgen in de eengemaakte markt als zij vlot verhaal kunnen zoeken bij bedrijven die in andere lidstaten zijn gevestigd. |
|
6.9. |
Een eengemaakte markt voor overheidsopdrachten: op dit gebied gelden nationale beperkingen voor bedrijven in een andere lidstaat die de normale werking van de eengemaakte markt kunnen verstoren; de EU-instellingen moeten resoluut inzetten op voltooiing van het regelgevingskader dat bijdraagt tot de sociale vooruitgang van de burgers (6). |
|
6.10. |
De Europese Commissie, de lidstaten en andere belanghebbenden moeten samenwerken om duurzame gemeenschappen tot stand te brengen. De klimaatcrisis is een bedreiging maar houdt ook kansen in: de eengemaakte markt moet snel worden aangepast aan de gewijzigde prioriteiten in het kader van de Green Deal. Het gebruik van emissievrije technologieën moet worden bevorderd en de opleiding van werknemers moet snel worden aangepast. Groene investeringen zouden de opstap kunnen zijn naar een lange periode van groei op de eengemaakte markt en tegelijkertijd een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan de strijd tegen de klimaatverandering. |
Brussel, 27 april 2023.
De voorzitter van het Europees Economisch en Sociaal Comité
Oliver RÖPKE
(1) PB C 440 van 6.12.2018, blz. 28.
(2) PB C 152 van 6.4.2022, blz. 1.
(3) Besluit (EU) 2022/2349 van de Raad van 21 november 2022 houdende machtiging tot het openen van onderhandelingen namens de Europese Unie over een verdrag van de Raad van Europa inzake artificiële intelligentie, mensenrechten, democratie en de rechtsstaat (PB L 311 van 2.12.2022, blz. 138).
(4) Richtlijn (EU) 2015/1535 van het Europees Parlement en de Raad van 9 september 2015 betreffende een informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften en regels betreffende de diensten van de informatiemaatschappij (PB L 241 van 17.9.2015, blz. 1).