|
27.1.2023 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 32/14 |
P9_TA(2022)0258
Genetisch gemodificeerde mais NK603 × T25 × DAS-40278-9 en de subcombinatie T25 × DAS-40278-9
Resolutie van het Europees Parlement van 23 juni 2022 over Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/797 van de Commissie van 19 mei 2022 tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais NK603 × T25 × DAS-40278-9 en de subcombinatie T25 × DAS-40278-9 daarvan, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (D080148/03 — 2022/2713(RSP))
(2023/C 32/03)
Het Europees Parlement,
|
— |
gezien Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/797 van de Commissie van 19 mei 2022 tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais NK603 × T25 × DAS-40278-9 en de subcombinatie T25 × DAS-40278-9 daarvan, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (D080148/03 (1), |
|
— |
gezien Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders (2), en met name artikel 7, lid 3, en artikel 19, lid 3, |
|
— |
gezien de stemming van 1 april 2022 in het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders als bedoeld in artikel 35 van Verordening (EG) nr. 1829/2003, die geen advies heeft opgeleverd, en de stemming van 26 april 2022 in het comité van beroep, die evenmin een advies heeft opgeleverd, |
|
— |
gezien de artikelen 11 en 13 van Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 tot vaststelling van de algemene voorschriften en beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop de lidstaten de uitoefening van de uitvoeringsbevoegdheden door de Commissie controleren (3), |
|
— |
gezien het advies dat op 29 oktober 2021 door de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) werd goedgekeurd en op 13 december 2021 werd gepubliceerd (4), |
|
— |
gezien zijn eerdere resoluties waarin bezwaar werd gemaakt tegen het toestaan van genetisch gemodificeerde organismen (ggo’s) (5), |
|
— |
gezien artikel 112, leden 2 en 3, van zijn Reglement, |
|
— |
gezien de ontwerpresolutie van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid, |
|
A. |
overwegende dat Pioneer Overseas Corporation op 12 december 2019 een aanvraag heeft ingediend voor het in de handel brengen van levensmiddelen, levensmiddeleningrediënten en diervoeders die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais NK603 × T25 × DAS-40278-9 (de “genetisch gemodificeerde mais”) overeenkomstig de artikelen 5 en 17 van Verordening (EG) nr. 1829/2003; overwegende dat de aanvraag tevens betrekking heeft op het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit de genetisch gemodificeerde mais voor andere toepassingen dan als levensmiddel of als diervoeder, met uitzondering van de teelt; |
|
B. |
overwegende dat de EFSA op 29 oktober 2021 een positief advies heeft goedgekeurd met betrekking tot de aanvraag voor het in de handel brengen van de genetisch gemodificeerde mais, en dat dit advies op 13 december 2021 werd gepubliceerd; |
|
C. |
overwegende dat de in drie transformatiestappen genetisch gemodificeerde mais geproduceerd is door conventionele kruising om drie afzonderlijke maislijnen te combineren: NK603, dat tolerantie oplevert voor glyfosaat bevattende herbiciden; T25, dat tolerantie oplevert voor glufosinaat-ammonium bevattende herbiciden; en DAS-40278-9, dat de afbraak katalyseert van de algemene klasse herbiciden die bekend staan als aryloxyfenoxypropionaten (AOPP) en dat tolerantie oplevert voor herbiciden die 2,4-D bevatten (6); |
|
D. |
overwegende dat de subcombinatie NK603 × T25 en de subcombinatie NK603 × DAS-40278-9 eerder door de EFSA zijn beoordeeld; overwegende dat door de aanvrager geen experimentele gegevens zijn ingediend voor de subcombinatie DAS-40278-9 × T25, die nog niet eerder door de EFSA is beoordeeld; overwegende dat de EFSA desondanks concludeerde dat deze subcombinatie geen veiligheidsproblemen zou opleveren; |
Ontoereikende beoordeling van de complementaire herbicide
|
E. |
overwegende dat krachtens Uitvoeringsverordening (EU) nr. 503/2013 van de Commissie (7) beoordeeld moet worden of de verwachte landbouwpraktijken van invloed zijn op de uitkomsten voor de onderzochte eindpunten; overwegende dat dit volgens de uitvoeringsverordening met name relevant is bij herbicidetolerante planten; |
|
F. |
overwegende dat in diverse studies is aangetoond dat de teelt van herbicidetolerante ggo-gewassen leidt tot een toename van het gebruik van complementaire herbiciden, voornamelijk vanwege het ontstaan van herbicidetolerant onkruid (8); overwegende dat er dan ook van moet worden uitgegaan dat de genetisch gemodificeerde mais zal worden blootgesteld aan meer en hogere doses op glyfosaten, glufosinaten, AOPP en 2,4-D gebaseerde herbiciden, waardoor er mogelijk meer residuen en afbraakproducten daarvan (hierna “metabolieten” genoemd) zullen achterblijven in de oogst; |
|
G. |
overwegende dat glufosinaat is ingedeeld als vergiftig voor de voortplanting, categorie 1B, en dus onder de uitsluitingscriteria valt van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad (9); overwegende dat de goedkeuring van glufosinaat voor gebruik in de Unie op 31 juli 2018 is verstreken (10); |
|
H. |
overwegende dat de EFSA in november 2015 tot de conclusie is gekomen dat het onwaarschijnlijk is dat glyfosaat kankerverwekkend is, en dat het Europees Agentschap voor chemische stoffen in maart 2017 heeft geconcludeerd dat het niet gerechtvaardigd is de stof als zodanig in te delen; overwegende dat het Internationaal Agentschap voor kankeronderzoek, het agentschap van de Wereldgezondheidsorganisatie dat gespecialiseerd is op het gebied van kankeronderzoek, glyfosaat in 2015 echter heeft ingedeeld als waarschijnlijk kankerverwekkend voor de mens; overwegende dat ook in een aantal andere recente, intercollegiaal getoetste wetenschappelijke studies wordt bevestigd dat glyfosaat mogelijk kankerverwekkend is (11); |
|
I. |
overwegende dat in een intercollegiaal getoetst artikel van een deskundige die betrokken is bij de ontwikkeling van genetisch gemodificeerde gewassen, de veiligheid in twijfel wordt getrokken van genetisch gemodificeerde gewassen die tolerant zijn voor 2,4-D, vanwege de afbraak hiervan in cytotoxische afbraakproducten (12); |
|
J. |
overwegende dat de beoordeling van residuen van herbiciden en hun metabolieten in genetisch gemodificeerde gewassen wordt beschouwd als een kwestie die niet binnen de bevoegdheid van het EFSA-panel voor genetisch gemodificeerde organismen valt en daarom geen deel uitmaakt van de vergunningsprocedure voor ggo’s; overwegende dat dit problematisch is, aangezien de genetische modificatie zelf invloed kan hebben op de manier waarop complementaire herbiciden door de genetisch gemodificeerde plant worden afgebroken en op de samenstelling en dus de toxiciteit van de metabolieten (13); |
Opmerkingen van de bevoegde autoriteiten van de lidstaten
|
K. |
overwegende dat de lidstaten tijdens de raadplegingsperiode van drie maanden bij de EFSA tal van kritische opmerkingen hebben ingediend (14); overwegende dat deze kritische opmerkingen onder meer inhouden dat de interactie tussen de herbiciden, hun residuen en metabolieten die op de genetisch gemodificeerde mais worden gebruikt, niet kan worden uitgesloten en dat deze chemische cocktail nooit eerder vanuit toxicologisch oogpunt is getest en gevolgen kan hebben voor de gezondheid van mens en dier en voor het milieu, en overwegende dat de genetisch gemodificeerde mais een van vectoren afgeleid bèta-lactamasegen bevat, een antibioticaresistentiegen dat uiterst belangrijke penicillinen inactiveert; |
|
L. |
overwegende dat volgens een bevoegde autoriteit van een lidstaat (15) de aanvrager weliswaar beweert dat de wetenschappelijke informatie in de aanvraag vertrouwelijk is, maar dat dit in strijd is met het Verdrag van Aarhus, waarin het recht van het publiek op toegang tot milieu-informatie is vastgelegd; |
Het nakomen van de internationale verplichtingen van de Unie
|
M. |
overwegende dat in een verslag uit 2017 van de speciale rapporteur van de Verenigde Naties (VN) voor het recht op voedsel werd vastgesteld dat gevaarlijke bestrijdingsmiddelen catastrofale gevolgen hebben voor de volksgezondheid, met name in ontwikkelingslanden (16); overwegende dat duurzameontwikkelingsdoelstelling (SDG) 3.9 van de VN erin bestaat om tegen 2030 het aantal sterfgevallen en ziekten als gevolg van gevaarlijke chemische stoffen en de vervuiling en besmetting van lucht, water en bodem in aanzienlijke mate te verminderen (17); overwegende dat het verlenen van een vergunning voor de invoer van genetisch gemodificeerd mais de vraag naar dit gewas, dat bestemd is om behandeld te worden met glufosinaat, glyfosaat, AOPP en 2,4-D, zou doen toenemen, waardoor het blootstellingsrisico van werknemers in derde landen en de gevaren voor het milieu zouden worden vergroot; overwegende dat het gevaar van een verhoogde blootstelling van werknemers en van het milieu bij herbicidetolerante, genetisch gemodificeerde gewassen zeer aanwezig is, gelet op de grotere hoeveelheden herbiciden die worden gebruikt; |
|
N. |
overwegende dat uit een collegiaal getoetste studie die in 2020 werd gepubliceerd naar voren kwam dat het gebruik van Roundup, een van de meest gebruikte herbiciden op basis van glyfosaat ter wereld, kan leiden tot achteruitgang van de biodiversiteit, waardoor ecosystemen kwetsbaarder worden voor verontreiniging en klimaatverandering (18); |
|
O. |
overwegende dat de Unie er als partij bij het VN-Verdrag inzake biologische diversiteit voor moet zorgen dat activiteiten die binnen haar rechtsgebied of onder haar controle worden verricht, geen schade veroorzaken aan het milieu van andere staten (19); |
|
P. |
overwegende dat in Verordening (EG) nr. 1829/2003 is bepaald dat genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders geen negatieve effecten mogen hebben op de menselijke gezondheid, de diergezondheid of het milieu, en dat de Commissie bij het opstellen van haar besluit rekening moet houden met eventuele relevante bepalingen van de communautaire wetgeving en andere ter zake dienende factoren; overwegende dat dergelijke ter zake dienende factoren de verplichtingen van de Unie in het kader van de SDG’s van de VN, de Klimaatovereenkomst van Parijs en het VN-Verdrag inzake biologisch diversiteit moeten omvatten; |
Niet-democratische besluitvorming
|
Q. |
overwegende dat het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders geen advies heeft uitgebracht, wat betekent dat de vergunningverlening niet door een gekwalificeerde meerderheid van lidstaten werd gesteund; overwegende dat de stemming op 26 april 2022 van het in artikel 6 van Verordening (EU) nr. 182/2011 bedoelde comité van beroep opnieuw geen advies heeft opgeleverd; overwegende dat 14 lidstaten (die 35,72 % van de EU-bevolking vertegenwoordigen) tegen hebben gestemd en 3 lidstaten (die 34,53 % van de bevolking vertegenwoordigen) zich van stemming hebben onthouden, en dat slechts 10 lidstaten (die 29,75 % van de bevolking vertegenwoordigen) voor hebben gestemd; |
|
R. |
overwegende dat de Commissie erkent dat het problematisch is dat besluiten tot vergunningverlening voor ggo’s nog altijd worden goedgekeurd door de Commissie zonder dat een gekwalificeerde meerderheid van de lidstaten zich daarvoor heeft uitgesproken, wat in het kader van de vergunningverlening voor producten uitzonderlijk is, maar in het kader van de besluitvorming over vergunningen voor genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders de norm is geworden; |
|
S. |
overwegende dat het Parlement tijdens zijn achtste zittingsperiode in totaal 36 resoluties heeft aangenomen waarin bezwaar wordt gemaakt tegen het op de markt brengen van ggo’s voor gebruik als levensmiddelen en diervoeders (33 resoluties) en tegen de teelt van ggo’s in de Unie (drie resoluties); overwegende dat het Parlement in zijn negende zittingsperiode reeds 27 resoluties heeft aangenomen waarin bezwaar wordt gemaakt tegen het op de markt brengen van ggo’s; overwegende dat bij geen van deze ggo’s een gekwalificeerde meerderheid van de lidstaten voor het verlenen van een vergunning was; overwegende dat de lidstaten de vergunningverlening voor deze ggo’s niet steunden omdat zij onder andere van mening waren dat tijdens de vergunningsprocedure het voorzorgsbeginsel niet werd nageleefd en omdat zij wetenschappelijke bedenkingen hadden in verband met de risicobeoordeling; |
|
T. |
overwegende dat de Commissie zich bewust is van de democratische tekortkomingen, het gebrek aan steun van de lidstaten en de bezwaren van het Parlement, maar desondanks vergunningen blijft verlenen voor ggo’s; |
|
U. |
overwegende dat er geen wetswijziging nodig is om de Commissie in staat te stellen af te zien van het verlenen van een vergunning voor ggo’s als in het comité van beroep geen gekwalificeerde meerderheid van de lidstaten voor vergunningverlening is (20); |
|
1. |
is van mening dat Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/797 de in Verordening (EG) nr. 1829/2003 bedoelde uitvoeringsbevoegdheden overschrijdt; |
|
2. |
is van mening dat Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/797 niet in overeenstemming is met het recht van de Unie, aangezien het niet verenigbaar is met het doel van Verordening (EG) nr. 1829/2003 om overeenkomstig de algemene beginselen die in Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad (21) zijn vastgesteld, de basis te leggen voor de waarborging van een hoog beschermingsniveau voor het leven en de gezondheid van de mens, de gezondheid en het welzijn van dieren, het milieu en de belangen van de consument, met betrekking tot genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders, waarbij de goede werking van de interne markt wordt gewaarborgd; |
|
3. |
verzoekt de Commissie Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/797 in te trekken; |
|
4. |
verzoekt de Commissie om geen enkele vergunning te verlenen voor de invoer van herbicidetolerante, genetisch gemodificeerde gewassen, vanwege het daarmee gepaard gaande toegenomen gebruik van complementaire herbiciden en bijgevolg de toegenomen risico’s voor de biodiversiteit, de voedselveiligheid en de gezondheid van werknemers; |
|
5. |
is ingenomen met het feit dat de Commissie in een schrijven van 11 september 2020 aan leden van het Parlement eindelijk heeft erkend dat het noodzakelijk is dat bij besluiten inzake vergunningverlening voor ggo’s rekening wordt gehouden met duurzaamheid (22); is echter zeer teleurgesteld dat de Commissie sindsdien is doorgegaan met het verlenen van vergunningen voor de invoer van ggo’s in de Unie, ondanks het feit dat het Parlement zich daar consequent tegen blijft verzetten en een meerderheid van de lidstaten ertegen stemt; |
|
6. |
dringt er nogmaals bij de Commissie op aan rekening te houden met de verplichtingen van de Unie krachtens internationale overeenkomsten, zoals de Overeenkomst van Parijs, het VN-Verdrag inzake biologische diversiteit en de SDG’s van de VN; roept er nogmaals toe op om ontwerpuitvoeringshandelingen vergezeld te doen gaan van een toelichting waarin wordt uiteengezet op welke manier aan het “geen schade berokkenen”-beginsel is voldaan (23); |
|
7. |
wijst erop dat in de amendementen op het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EU) nr. 182/2011 (24), die door het Europees Parlement op 17 december 2020 werden aangenomen als basis voor onderhandelingen met de Raad, staat dat de Commissie geen vergunning voor ggo’s dient te verlenen als de lidstaten geen gekwalificeerde meerderheid voor vergunningverlening kunnen bereiken; is van oordeel dat de Commissie zich hiernaar moet voegen, en verzoekt de Raad met zijn werkzaamheden door te gaan en ten aanzien van dit dossier zo snel mogelijk een algemene benadering vast te stellen; |
|
8. |
verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie, alsmede aan de regeringen en parlementen van de lidstaten. |
(1) PB L 141 van 20.5.2022, blz. 116.
(2) PB L 268 van 18.10.2003, blz. 1.
(3) PB L 55 van 28.2.2011, blz. 13.
(4) https://www.efsa.europa.eu/en/efsajournal/pub/6942
(5) Tijdens de achtste zittingsperiode nam het Parlement 36 resoluties aan waarin bezwaar werd gemaakt tegen het verlenen van vergunningen voor ggo’s. Bovendien heeft het Parlement tijdens de negende zittingsperiode de volgende resoluties aangenomen:
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 10 oktober 2019 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde mais MZHG0JG (SYN-ØØØJG-2), overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 202 van 28.5.2021, blz. 11). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 10 oktober 2019 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde sojabonen A2704-12 (ACS-GMØØ5-3) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 202 van 28.5.2021, blz. 15). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 10 oktober 2019 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais MON 89034 × 1507 × MON 88017 × 59122 × DAS-40278-9, en genetisch gemodificeerde maissoorten die bestaan uit een combinatie van twee, drie of vier van de transformatiestappen MON 89034, 1507, MON 88017, 59122 en DAS-40278-9, ingevolge Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 202 van 28.5.2021, blz. 20). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 14 november 2019 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerd katoen LLCotton25 (ACS-GHØØ1-3) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 208 van 1.6.2021, blz. 2). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 14 november 2019 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde sojabonen MON 89788 (MON-89788-1) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 208 van 1.6.2021, blz. 7). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 14 november 2019 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde mais MON 89034 × 1507 × NK603 × DAS-40278-9 en subcombinaties MON 89034 × NK603 × DAS-40278-9, 1507 × NK603 × DAS-40278-9 en NK603 × DAS-40278-9 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 208 van 1.6.2021, blz. 12). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 14 november 2019 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde mais Bt11 × MIR162 × MIR604 × 1507 × 5307 × GA21 en genetisch gemodificeerde maissoorten die bestaan uit een combinatie van twee, drie, vier of vijf van de “events” Bt11, MIR162, MIR604, 1507, 5307 en GA21, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 208 van 1.6.2021, blz. 18). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 14 mei 2020 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde soja MON 87708 × MON 89788 × A5547-127, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 323 van 11.8.2021, blz. 7). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 11 november 2020 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais MON 87427 × MON 89034 × MIR162 × NK603 en genetisch gemodificeerde maissoorten die bestaan uit een combinatie van twee of drie van de transformatiestappen MON 87427, MON 89034, MIR162 en NK603, en tot intrekking van Uitvoeringsbesluit (EU) 2018/1111 van de Commissie, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 415 van 13.10.2021, blz. 2). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 11 november 2020 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde sojabonen SYHT0H2 (SYN-ØØØH2-5), overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 415 van 13.10.2021, blz. 8). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 11 november 2020 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais MON 87427 × MON 87460 × MON 89034 × MIR162× NK603, en genetisch gemodificeerde maissoorten die bestaan uit een combinatie van twee, drie of vier van de transformatiestappen MON 87427, MON 87460, MON 89034, MIR162 en NK603, ingevolge Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 415 van 13.10.2021, blz. 15). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 17 december 2020 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde soja MON 87751 × MON 87701 × MON 87708 × MON 89788, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 445 van 29.10.2021, blz. 36). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 17 december 2020 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais MON 87427 × MON 89034 × MIR 162 × MON 87411, en genetisch gemodificeerde maissoorten die bestaan uit een combinatie van twee of drie van de transformatiestappen MON 87427, MON 89034, MIR162 en MON 87411, ingevolge Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 445 van 29.10.2021, blz. 43). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 17 december 2020 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais MIR604 (SYN-IR6Ø4-5) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 445 van 29.10.2021, blz. 49). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 17 december 2020 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais MON 88017 (MON-88Ø17-3) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 445 van 29.10.2021, blz. 56). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 17 december 2020 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais MON 89034 (MON-89Ø34-3) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 445 van 29.10.2021, blz. 63). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 11 maart 2021 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde katoen GHB614 × T304-40 × GHB119 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 474 van 24.11.2021, blz. 66). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 11 maart 2021 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde mais MZIR098 (SYN-ØØØ98-3), overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 474 van 24.11.2021, blz. 74). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 7 juli 2021 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde soja DAS-81419-2 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 99 van 1.3.2022, blz. 45). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 7 juli 2021 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde soja DAS-81419-2 × DAS–44406–6 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 99 van 1.3.2022, blz. 52). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 7 juli 2021 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais 1507 × MIR162 × MON810 × NK603 en genetisch gemodificeerde maisrassen die twee of drie van de afzonderlijke transformatiestappen 1507, MIR162, MON810 en NK603 combineren, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 99 van 1.3.2022, blz. 59). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 7 juli 2021 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde mais Bt 11 (SYN-BTØ11-1) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB C 99 van 1.3.2022, blz. 66). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 15 februari 2022 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde sojabonen GMB151 (BCS-GM151-6), overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (Aangenomen teksten, P9_TA(2022)0024). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 15 februari 2022 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlenging van de vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerd katoen GHB614 (BCS-GHØØ2-5) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (Aangenomen teksten, P9_TA(2022)0025). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 9 maart 2022 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met de genetisch gemodificeerde katoen GHB811 (BCS-GH811-4), overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (Aangenomen teksten, P9_TA(2022)0062). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 9 maart 2022 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerd koolzaad 73496 (DP-Ø73496-4) overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (Aangenomen teksten, P9_TA(2022)0063). |
|
— |
Resolutie van het Europees Parlement van 6 april 2022 over het ontwerp van uitvoeringsbesluit van de Commissie tot verlening van een vergunning voor het in de handel brengen van producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit of zijn geproduceerd met genetisch gemodificeerde soja MON 87769 × MON 89788, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad (Aangenomen teksten, P9_TA(2022)0115). |
(6) Advies van de EFSA, blz. 3.
(7) Uitvoeringsverordening (EU) nr. 503/2013 van de Commissie van 3 april 2013 betreffende vergunningaanvragen voor genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 641/2004 van de Commissie en (EG) nr. 1981/2006 van de Commissie (PB L 157 van 8.6.2013, blz. 1).
(8) Zie bijvoorbeeld Bonny, S., “Genetically Modified Herbicide-Tolerant Crops, Weeds, and Herbicides: Overview and Impact”, Environmental Management, januari 2016, 57(1), blz. 31-48, https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/26296738, en Benbrook, C.M., “Impacts of genetically engineered crops on pesticide use in the U.S. — the first sixteen years”, Environmental Sciences Europe, 28 september 2012, vol. 24(1), https://enveurope.springeropen.com/articles/10.1186/2190-4715-24-24
(9) Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PB L 309 van 24.11.2009, blz. 1).
(10) https://ec.europa.eu/food/plant/pesticides/eu-pesticides-database/active-substances/?event=search.as
(11) Zie bijvoorbeeld: https://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S1383574218300887, https://academic.oup.com/ije/advance-article/doi/10.1093/ije/dyz017/5382278, https://journals.plos.org/plosone/article?id=10.1371/journal.pone.0219610, and https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC6612199/
(12) Lurquin, P.F., “Production of a toxic metabolite in 2,4-D-resistant GM crop plants”, 3 Biotech 6, 82 (2016), https://doi.org/10.1007/s13205-016-0387-9
(13) Dit is inderdaad het geval voor glyfosaat, zoals vermeld in het met redenen omkleed advies van de EFSA getiteld “Review of the Existing Maximum Residue Levels for Glyphosate according to Article 12 of Regulation (EC) No 396/2005”, EFSA Journal 2018; 16(5):5263, blz. 12, https://www.efsa.europa.eu/fr/efsajournal/pub/5263
(14) Opmerkingen van de lidstaten, die toegankelijk zijn via het EFSA-portaal OpenEFSA: https://open.efsa.europa.eu/
(15) Id., blz. 75.
(16) https://www.un.org/sustainabledevelopment/health/
(17) https://indicators.report/targets/3-9/
(18) https://www.mcgill.ca/newsroom/channels/news/widely-used-weed-killer-harming-biodiversity-320906
(19) Verdrag inzake biologische diversiteit, artikel 3: https://www.cbd.int/convention/articles/?a=cbd-03
(20) De Commissie kan een vergunning verlenen, maar hoeft dat niet te doen, wanneer er in het comité van beroep geen steun van een gekwalificeerde meerderheid van de lidstaten wordt gevonden, overeenkomstig Verordening (EU) nr. 182/2011 (artikel 6, lid 3).
(21) Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2002 tot vaststelling van de algemene beginselen en voorschriften van de levensmiddelenwetgeving, tot oprichting van een Europese Autoriteit voor voedselveiligheid en tot vaststelling van procedures voor voedselveiligheidsaangelegenheden (PB L 31 van 1.2.2002, blz. 1).
(22) https://tillymetz.lu/wp-content/uploads/2020/09/Co-signed-letter-MEP-Metz.pdf
(23) Resolutie van het Europees Parlement van 15 januari 2020 over de Europese Green Deal (PB C 270 van 7.7.2021, blz. 2), par. 102.